Music by VICE

Een festival is altijd beter naast een middeleeuws kasteel

Op Horst Festival dans je bij Young Marco en Egyptian Lover in een conceptueel kunstwerk en rust je uit aan de oever van een slotgracht.

door Koen van Bommel
11 september 2017, 11:09am

Zelden was ik op een festival waar de setting zoveel deed voor de algehele ervaring als op Horst, een tweedaags festival voor muziek en kunst. Dat zal te maken hebben met het feit dat het festival rond een kasteel plaatsvindt. En niet zomaar een kasteel: het Kasteel van Horst is namelijk ook de plek waar de strip De Rode Ridder van Willy Vandersteen zich afspeelt. Spannend!

Het kasteel is in de veertiende eeuw omgebouwd van een hoeve tot een waterburcht door ridder Pynnock. Terwijl ik er rondloop, probeer ik me voor te stellen hoe grote feesten en festivals er in die tijd uitzagen. Waarschijnlijk werden er lekkere zwijnen geroosterd, denk ik, terwijl ik iets uitkies van het volledig vegetarische festivalmenu. Ach, de tijd, wat kan die toch veranderen.

Horst wordt gehouden in Holsbeek, in de buurt van Leuven. Dit jaar is de vierde editie. Of het met de recente terreurdreiging te maken heeft of niet is moeilijk te zeggen, maar het wemelt er van de politie. Bij de ingang staan een stuk of acht agenten en zelfs op het terrein wordt vrolijk gepatrouilleerd met honden. En dan reken ik de beveiligers nog niet mee. Niet per se bevorderlijk voor de feestvreugde, maar goed.

Dat Horst een zeer sympathiek festival is, wordt door het volgende bewezen: iedereen die op de camping verblijft, krijgt elke dag een gratis brunch en soep. Die worden gezamenlijk genuttigd aan lange, houten tafels. Dat zal ongetwijfeld gezellig zijn geweest, maar het barre weer heeft deze slapjanus van een festivalganger doen besluiten om onderdak te vinden via Airbnb.

Zoals gezegd is Horst een tweedaagse viering van muziek en kunst. Dat is een zin die ongetwijfeld op tachtig procent van alle festivals slaat, maar op dit festival hebben kunstenaars onder andere de pragmatische taak gekregen om de podia te ontwerpen. Zoals het goede kunst betaamd, is het nogal conceptueel. Omdat het kasteel op instorten staat, en dus niet toegankelijk is, zijn de kunstwerken annex podia ontworpen als surrogaatkastelen. Het ene podium wordt omringd door pallets vol bakstenen, het andere is een groot bouwwerk van steigers omwikkeld met blauw gaas. Vooral dit laatste podium is geweldig. Het staat op een open plek en steekt prachtig af tegen het groen van het bos. Bovendien kun je op twee verdiepingen rond de dansvloer staan. Die dansvloer wordt er knus en intiem door, een beetje alsof je in een hele vette club staat. Thanks, kunst!

Muzikaal gezien is Horst een droom. Op vrijdag staan onder andere Nosedrip, WWWater, Baba Stiltz, Tako en Helena Hauff op het programma, op zaterdag Kornél Kovács, Call Super, Young Marco en Egyptian Lover. Maar de grootste verrassing voor mij is DTM Funk, een Vlaamse dj die geboren is in Rwanda. Hij draait zo ziekelijk goed en breed – van traditionele Afrikaanse volksmuziek naar footwork – en mixt alsof hij ter plekke zijn eigen beats aan het maken is. De ritmes zijn soms moeilijk te volgen, maar ik ben stoned en een beetje dronken en precies tijdens deze set breekt de zon door de wolken en het leven is fucking fantastisch.

DTM Funk

Iets minder fantastisch is het eten, dat zoals eerder gezegd allemaal vegetarisch is. Dat is uiteraard prima, maar als je nog niet in staat bent om fatsoenlijke friet te bakken, ga dan vooral niet in de weer met gepocheerde eieren met hummus (ik heb dit niet besteld omdat hummus met een gepocheerd ei extreem ranzig klinkt). De vegetarische burger is klef en smaakloos en de bao-bun met gefrituurde paddenstoelen is oké maar niet bijzonder. De friet is slap en volgens een jongen die voor me staat zijn het "puur patatten," aka zetmeel met mayo.

Een ander klein verbeterpuntje zijn de bonnetjes – en dan vooral de prijs ervan. Een bon kost een euro en tien cent, en een biertje kost tweeënhalve bon. Het is ongetwijfeld handiger om het zo te prijzen dat één bon = één bier.

Maar fuck eten, fuck bonnetjes en kijk rond: er is bos, een kasteel, een gek stenen bruggetje, een snelstromend beekje, een podium dat net zo goed een kunstwerk is als een stage, een impromptu vogue-optreden ergens verstopt in het bos, bij de toiletten klinkt Orinoco Flow van Enya door speakers, er zijn lieve mensen en vuurkorven. Maar bovenal: het is sympathiek en kleinschalig. Ik ga volgend jaar weer. Hopelijk met dertig graden en een lekker zonnetje.



Tagged:
Music
Noisey
Festivals
Egyptian Lover
horst
young marco
Kastelen