Advertentie
Drugs

Stoned rijden is niet zo gevaarlijk als de overheid het doet lijken

Niemand gaat beter rijden van wiet, maar medische cannabisgebruikers mogen nu in principe nooit meer de weg op, en dat is sterk overdreven.

door Tom Kiel
17 februari 2018, 6:00am

Screenshot uit Still Smokin, via YouTube-gebruiker Eddie Guevara

Politieagenten kunnen sinds vorig jaar juli controleren of mensen wiet hebben gerookt dankzij een speekseltest. Een man in Amsterdam had de twijfelachtige eer een van de eersten te zijn bij wie de test werd toegepast. Twee agenten zagen hoe hij op het dak van zijn auto een joint zat te roken. Toen hij daarna achter het stuur kroop, werd hij direct aan de kant van de weg gezet. De agenten duwden een speekseltest in zijn mond, en jawel, de man bleek stoned te zijn.

De straffen zijn fors als je nu stoned gaat rijden. Het verschilt een beetje per geval, maar volgens strafrechtadvocaten moet je rekening houden met een rijontzegging van negen maanden en een boete van duizend euro. Als er vermoedens bestaan dat je dagelijks blowt dan word je ook nog aangemeld voor een psychische keuring bij het CBR, waar wordt gekeken of je überhaupt nog wel een rijbewijs mag hebben.

Het staat vast dat cannabis een negatieve impact heeft op de rijvaardigheid, vertelt professor Toxicologie en Psychofarmacologie Johannes Ramaekers aan de telefoon. “Cannabis vermindert de motoriek. Je gaat daardoor meer slingeren, wat een belangrijke indicator is voor de kans op een ongeval.” Blowers zeggen weleens dat ze rustiger gaan rijden als ze hebben geblowd, maar volgens Ramaekers bewijst dat juist dat wiet in het verkeer gevaarlijk is. “Blijkbaar hebben ze in de gaten dat ze minder controle hebben over het voertuig. Het corrigerende gedrag is niet voldoende om het gevaar van slingeren op te heffen.”

Tot zover is het duidelijk: wiet heeft invloed op je stuurkunst. Maar als je kijkt naar hoeveel groter de kans op een ongeval is, is enige relativering op z’n plaats. Voor het zogeheten DRUID Project, van het Europese onderzoeksinstituut EMCDDA, zochten wetenschappers uit achttien landen vijf jaar lang naar antwoorden. Onderdeel van dat project waren vijftig wetenschappelijke rapporten die onafhankelijk van elkaar werden gepubliceerd. Al die onderzoeken bij elkaar werden uiteindelijk gebundeld in één onderzoeksverslag. Daaruit bleek: wiet heeft een negatieve impact op de rijvaardigheid. Maar cannabis viel in de laagste van de vier opgestelde risicocategorieën: 1 tot 3 keer zoveel kans op een ongeval. Daarmee is stoned rijden ongeveer net zo gevaarlijk als één of twee glazen bier drinken, je radio instellen, onderweg iets eten, of langdurig kijken naar reclameborden langs de weg.

Stoned rijden is ongeveer net zo gevaarlijk als je radio instellen of onderweg iets eten.

Wat de kwestie bovendien nogal moeilijk maakt, is dat het heel moeilijk te zeggen is hoe lang je precies niet mag rijden na een joint (of twee of drie), wat onder meer afhankelijk is van hoe vaak je blowt. Als je nooit blowt dan daalt de hoeveelheid thc heel snel – twee tot vier uur na een joint zit je weer onder de grenswaarde. Maar als je gedurende lange tijd blowt, dan wordt de hoeveelheid thc in allerlei lichaamsweefsels opgebouwd, waardoor je lang na die vier uur nog boven de wettelijk vastgestelde bloedwaarde uit kunt komen. Mensen die vaker blowen, bijvoorbeeld elke dag, zijn sinds vorig jaar juli dus flink de pineut. De maximale hoeveelheid thc die automobilisten in hun bloed mogen hebben is zo streng, dat stevige stoners soms dagenlang na hun laatste joint nog steeds strafbaar zijn.

Er zijn in Nederland ongeveer 150.000 mensen die dagelijks een beetje cannabis nemen, schat het Trimbos-instituut. Een groot deel van die mensen rookt ’s avonds twee of drie jointjes. Ze doen dat bijvoorbeeld om stress te verminderen, eventjes te ontspannen of om lekker te slapen. Slechts een klein deel van die cannabisten gebruikt vanwege door de overheid erkende medische redenen zoals misselijkheid en zenuwpijn. Al die blowers mogen nu dus in principe nooit meer een auto of een fiets besturen, omdat thc heel lang in hun lichaam blijft hangen.

Sommige blowers kunnen vanwege de nieuwe verkeersregels niet meer op tijd bij hun werk komen. Neem bijvoorbeeld Peter, een goede vriend. Hij wil om voor de hand liggende redenen niet met zijn echte naam genoemd worden. Na meer dan een half jaar solliciteren heeft Peter eindelijk een baan als wetenschappelijk medewerker voor een onderzoeksinstituut gevonden. Maar zijn nieuwe werk is helemaal aan de andere kant van Nederland. “Daarom moet ik wel met de auto gaan”, vertelt hij.

Als iemand die dagelijks blowt tegen een paaltje fietst en zijn of haar nek breekt, moet diegene alle kosten zelf betalen. En dagelijks wiet roken is al zo duur.

Peter rookt elke avond wat cannabis om even te ontspannen en lekker te slapen. “Daar ga ik niet mee stoppen. Volgens mij kan ik ’s ochtends weer prima rijden. Maar ik loop wel het risico mijn rijbewijs, en daardoor ook mijn baan, kwijt te raken.”

Een bijkomend probleem voor dagelijkse blowers is dat als ze een ongeval krijgen, ze niet verzekerd zijn, omdat ze (zeer waarschijnlijk) de grenswaarden voor thc in het bloed overschrijden. Als je dus tegen een paaltje fietst en je nek breekt, moet je de kosten daarvan zelf betalen. En dagelijks wiet roken is al zo duur.

Extra lullig is het dat mensen die vaak cannabis gebruiken nou juist een tolerantie voor de drug ontwikkelen. Daardoor worden dagelijkse blowers minder stoned van dezelfde joint dan mensen die niet gewend zijn aan blowen. De invloed van wiet op hun stuurkunst wordt daardoor ook minder groot.

Toch wordt iedereen even streng behandeld.

Een speciaal opgerichte adviescommissie van de Tweede Kamer had nog vóór het instellen van de nieuwe verkeersregels gezegd dat je niet zomaar alle cannabisgebruikers over één kam moet scheren. De betrokken ministers kregen in maart 2010 het Advies Grenswaarden voor Drugs voorgelegd. De commissie maakt in dat advies onderscheid tussen gewende en niet-gewende gebruikers. Een van hun aanbevelingen is een uitzondering voor mensen die om medische redenen drugs nemen en daar geen of weinig nadelige effecten van ondervinden.

Maar in de nieuwe Verkeerswet is het onderscheid tussen gewende gebruikers en niet-gewende gebruikers ineens verdwenen. Er is ook geen uitzondering voor patiënten.

Naast medicinale blowers zijn ook mensen die andere drugs als medicijn nodig hebben de sjaak. Het kabinet heeft namelijk in één klap het gebruik van cannabis, (dex)amfetamine, sterke pijnstillers en slaapmiddelen in het verkeer aan banden gelegd. Bij al die middelen is geen rekening gehouden met mensen die zulke middelen als medicijn nodig hebben. Terwijl er honderdduizenden mensen zijn die dergelijke drugs dagelijks gebruiken zonder dat ze daar echt last van hebben.

Voor apothekersvereniging KNMP was dat afgelopen december reden om een brandbrief naar de Tweede Kamer te sturen. De vereniging stelt dat mensen die om medische redenen drugs gebruiken eerst een gewenperiode van twee weken moeten ondergaan. Binnen de gewenperiode mogen ze niet rijden. Maar na die twee weken zou er voor patiënten een uitzondering moeten gelden. De apothekersvereniging plaatst daarbij wel de kanttekening dat medische gebruikers niet knetterstoned achter het stuur moeten kruipen.

Tweede Kamerlid Vera Bergkamp stelde vorig jaar zomer al vragen over de nieuwe grenswaarden voor drugs in het verkeer. Stef Blok, die toen minister van Justitie was, antwoordde dat “de Gezondheidsraad het standpunt heeft ingenomen dat gebruik van deze middelen iemand ongeschikt maakt”, tenzij het in therapeutische hoeveelheden wordt ingenomen door mensen die last hebben van ADHD, narcolepsie of chronische slapeloosheid.

De Tweede Kamer heeft niet ingestemd met andere uitzonderingen voor medisch gebruik, vervolgde Stef Blok zijn antwoord. “Een belangrijke reden daarvoor was dat [...] de verkeersveiligheid centraal staat en niet de reden van gebruik.” Stef Blok benadrukte daarbij dat de speekseltest pas wordt toegepast als politieagenten vermoedens hebben van drugsgebruik, bijvoorbeeld wanneer er een halve joint in de asbak van een auto ligt.

Toch is Stef Blok de minste niet. Hij gaf aan het einde van zijn antwoord toe dat er een uitzondering moet komen voor medische gebruikers. “De betrokken ministeries zullen met een verkeersveilige en medisch verantwoorde oplossing komen”, beloofde hij. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Justitie is het onderzoek naar die oplossing nog altijd gaande. Wat de minister bedoelde met een ‘verantwoorde oplossing’ blijft voorlopig dus nog even gissen.

In de tussentijd vrezen naar schatting tienduizenden blowers voor hun rijbewijs of zelfs hun baan, omdat ze ’s avonds werkgerelateerde stress verminderen met een jointje. De kans is groot dat mensen niet als medische gebruiker erkend worden als ze vanwege stress dagelijks wiet roken. ‘Recreatieve’ blowers kunnen daarom bij controles keihard de sjaak zijn, terwijl zulke maatregelen Nederland nauwelijks veiliger maken.