brandwonden

Hoe een brandwondenslachtoffer de schoonheid van haar littekens leerde inzien

“Stel dat ik morgen wakker word en mijn littekens op magische wijze zijn verdwenen, dan zou ik me echt heel rot over mezelf voelen.”

door Thom van der Wal
04 februari 2019, 12:57pm

Foto's door Pip Maarschalk.

Jaarlijks gaan zo’n 92.000 Nederlanders naar de huisarts of huisartsenpost vanwege een brandwond, volgens het meest recente rapport van de Nederlandse Brandwonden Stichting. Ook worden er ieder jaar ongeveer duizend mensen opgenomen in een brandwondencentrum, waarvan meer dan 25 procent kinderen tot vier jaar zijn. Brandwonden bij kinderen worden vrijwel altijd veroorzaakt door een ongeluk thuis, vaak met hete thee, water of koffie.

Derdegraads brandwonden kunnen de rest van het leven van een kind letterlijk en figuurlijk tekenen; ze laten zowel fysieke als mentale littekens achter. Omdat ik wilde weten hoe het is om sinds jongs af aan met brandwonden te leven, sprak ik Tessa. Zij is achttien jaar en liep bijna tien jaar geleden ernstige brandwonden op. Ik vroeg haar naar de fysieke gevolgen van het ongeluk, hoe ze haar littekens wist te accepteren, en hoe ze over schoonheid denkt.

Tonic: Hoi, Tessa. Kun je vertellen hoe het ongeluk gebeurde?
Tessa: Het gebeurde op 6 april 2009. Ik was acht jaar oud. Mijn vader vroeg mij of ik de waterkoker met koud water wilde vullen en aanzetten; de rest zou hij doen. Hij werkte destijds veel nachtdiensten en hij was erg moe, dus ik wilde een handje helpen. Maar ik had de waterkoker veel te vol gedaan, waardoor-ie te zwaar was geworden. Ik begon te trillen en toen is er kokend water over mijn bovenlichaam, arm en bovenbeen heen gekomen.

Ik moest zo snel mogelijk naar een brandwondencentrum gebracht worden, maar er moest eerst een tussenstop gemaakt worden bij het Juliana Kinderziekenhuis in mijn eigen stad. Daar werden mijn kleren verwijderd en werd ik geprikt om vocht toe te dienen. Dat heb ik op het nippertje overleefd, omdat ik bijna niet geprikt kon worden.

Ik heb hierna bijna een maand in het brandwondencentrum van Beverwijk gelegen, waar ik twee operaties heb gehad. Ik had het daar eigenlijk best leuk, los van de ochtenden waar mijn verband werd verwisseld; dit moest er namelijk elke dag af worden getrokken om ontstekingen te voorkomen – samen met de verse huid. Na de twee huidtransplantaties die ik daar kreeg, ging het fysiek goed. Ik heb alleen jarenlang hierna pijn en ontstekingen gehad aan mijn tepels. Na een onsuccesvolle operatie heb ik in december besloten om (wat er nog over was van) mijn tepel te laten amputeren.

Wat waren de directe mentale gevolgen van het ongeluk?
Ik was natuurlijk heel bang geworden voor water in het algemeen, dat heeft ook daarna nog lang geduurd. De waterkoker moest meteen weg. We kochten een fluitketel, wat eigenlijk precies hetzelfde is, maar alleen al het beeld van de waterkoker vond ik heel eng. Helemaal aan het begin durfde ik mijn handen niet eens te wassen of te douchen. Mijn moeder moest met mij mee onder de douche en mij stapje voor stapje dichter bij het water helpen te krijgen. Op een gegeven moment ben ik eroverheen gegroeid. Ik besef nu ook dat water niet eng is, maar dat heeft me wel erg lang geduurd. En het is ook wel logisch, denk ik, om bang te worden van hetgeen dat je pijn heeft gedaan.

Dus je durft nu gewoon weer een waterkoker vast te pakken?
Ja, ik kan gewoon alles. Ik heb alleen wel een tijdje in de horeca gewerkt, en daar liep ik liever niet met een vol dienblad met hete thee of iets, dat liet ik door anderen doen.

Foto's van Tessa - credit Pip Maarschalk
Tessa gefotografeerd door Pip Maarschalk.

Hoe ging je tijdens je puberteit om met je wonden?
Op jonge leeftijd, toen de wonden nog heel vers waren, liep ik altijd met korte shirtjes. Dat vond ik geen probleem en ik was ook niet heel bewust van mijn wonden. Pas op de middelbare school werd ik erg onzeker — zoals de meeste mensen op die leeftijd. Ik zag er anders uit dan anderen. Ik vond dat niet per se lelijk, maar ik had wel het gevoel dat ik voor mijn brandwonden moest compenseren. Destijds dacht ik, ik moet wel heel dun zijn om toch nog mooi te zijn. Hierdoor begon ik een lichte vorm van een eetstoornis te ontwikkelen, dat zo’n twee en een half jaar aanhield. Veel mensen weten dat niet van mij. Gelukkig gaat alles nu weer helemaal goed en heb ik nergens meer last van.

Bedekte je destijds je brandwonden met kleding?
Nee, dat eigenlijk helemaal niet. Ik heb nooit mijn brandwonden bedekt. Ik ben altijd al heel positief geweest, denk ik. Mijn ouders en iedereen om me heen zijn heel positief, en daarom heb ik nooit gedacht dat mijn brandwonden iets heel ergs waren, of als iets dat ik niet mag laten zien aan de buitenwereld. De dag dat ik het ziekenhuis uit kwam, was het warm weer en droeg ik een mouwloos shirtje. Er zijn ook foto’s gemaakt toen, en daar was mijn arm heel erg rood en dik. Als ik die foto’s nu bekijk denk ik wel, dat zag er echt heel heftig uit, maar destijds realiseerde ik me dat niet zo. Ik droeg diezelfde zomer ook gewoon een bikini, en ik had daar verder geen moeite mee, ook al staarden er wel heel veel mensen naar me.

En heb je daar ooit wel moeite mee gehad, met mensen die naar je kijken?
Ik had er wel last van, en nog steeds, maar het heeft me nog nooit ergens van weerhouden. Als je daaraan toegeeft, dan hebben die mensen dus gelijk en kan je eigenlijk niets meer doen. Kinderen zeggen echt van alles; die komen weleens naar me toe en zeggen: “Iel, dat is vies!” Ze bedoelen het niet zo, maar ze hebben het nog nooit eerder gezien. Ik zat bijvoorbeeld afgelopen zomer in de tram op weg naar mijn werk, vlak nadat ik mijn oksel had laten opereren. Ik had een mouwloos shirtje, waardoor je kon zien hoe mijn oksel alle kleuren van de regenboog had en helemaal beurs en bloederig was van de operatie. Er zaten allemaal kinderen in die tram en ze deden echt heel lelijk tegen me. Normaal gesproken denk ik: Ach, het zijn maar kinderen, laat gaan – maar ze bleven echt tien minuten doorgaan. Uiteindelijk ben ik naar de moeder gestapt en verteld dat dit echt niet kan; zo kan je niet met iemand omgaan. Ik kan er dan wel tegen, maar iemand die erg onzeker of emotioneel is, zou echt in huilen zijn uitgebarsten.

Ook reageren mensen weleens door te zeggen: “Ah, wat zielig voor je!” als ze mijn arm zien of wanneer ik kort mijn verhaal vertel. Dan stellen ze zich vaak ook heel zacht en zorgzaam op, maar dat vind ik eigenlijk heel irritant. Ik zie mezelf niet als zielig en ik wil ook niet dat anderen zo naar me kijken.

Dat is voor veel mensen meer dan genoeg reden om zichzelf te bedekken. Niet omdat het gerechtvaardigd is, maar puur om die reactie te voorkomen.
Klopt, misschien wel. Maar er zijn ook mensen die in hun gezicht zijn verbrand. Het is vanuit mijn perspectief dan oneerlijk om mijzelf te bedekken, terwijl er mensen zijn die zichzelf niet eens kunnen bedekken.

Erger je je weleens als iemand anders zich heel druk maakt om een puistje of iets dergelijks, of kan je er ook wel om lachen?
Ja, soms denk ik wel, waar maak je je druk om. Ik maak me zelf ook heus soms druk om een puistje, maar als anderen daar helemaal overstuur van raken dan irriteer ik me daar wel aan. Maar ik kan er ook wel om lachen, natuurlijk.

Je hebt foto’s van jezelf laten maken, wat wilde je daarmee laten zien?
Onder andere om te laten zien dat het allemaal niet zo gek is. Er zijn meer mensen dan alleen de zogenaamde ‘perfecte vrouw’. Ik volg zelf ook veel mensen die bijvoorbeeld vitiligo, brandwonden of wat dan ook hebben, dat vind ik zelf juist ook heel erg mooi; ik vind het mooi wanneer mensen dat niet bedekken. Sommige dingen kun je niet veranderen aan jezelf, en dat moet je ook gewoon accepteren.

Foto van Tesse - credits Pip Maarschalk

Denk je dat je een ander beeld van schoonheid hebt door je brandwonden?
Ja, dat denk ik wel. Ik vind heel veel littekens echt oprecht mooi. Veel mensen zien het als imperfectie, en dat is het ook, maar ieder litteken is anders, net zoals ieder gezicht anders is. Ik vind inderdaad veel dingen mooi, juist omdat ik iets ‘lelijks’ heb volgens het standaard schoonheidsbeeld.

Vind jij ook je eigen wonden mooi?
Ja. Ik zei dat ook laatst tegen mensen. Zij dachten dat ik dat alleen maar zei omdat ik wil dat anderen daar zo over denken, of omdat ik het 'maar geaccepteerd heb,' maar de waarheid is dat ik mijn brandwonden oprecht heel mooi vind. Dat is ook wel heel bijzonder, dat besef ik. Ik ben trots op mijn littekens.

Ik had toevallig laatst nog een gesprek met mijn ouders hierover. Ik zei: 'Stel dat ik morgen wakker word en mijn littekens op magische wijze verdwenen waren — ik zou me dan echt heel rot voelen over mezelf.' Het is gewoon deel geworden van wie ik ben, en het zou heel raar zijn om dat ineens kwijt te raken. Ik geloof in God, en in de bijbel staat dat je een verheerlijkt, perfect lichaam krijgt als je naar de hemel gaat. Dat zou dus betekenen dat ik geen littekens meer zou hebben, bedacht ik, en dat wil ik niet. We kwamen hierna tot de conclusie dat de mensen die hun littekens willen houden, het ook houden. Dat zou ik willen, in ieder geval.

Je geeft aan dat je eigenlijk compleet vrede hebt met je brandwonden. Heeft je geloof hier veel aan bijgedragen?
Doktoren zeiden dat ik minstens vier maanden in het ziekenhuis moest blijven, maar ik was er al na een maand uit, en dat kon niemand verklaren. Voor mij is dat een wonder. God betekent alles voor mij, en mijn geloof heeft mij door moeilijke tijden erg veel geholpen.

Bedankt, Tessa!

Volg ons op Facebook voor meer gezondheidsverhalen en advies voor onvolmaakte mensen.