Drugs

Hoe parkeerproblemen in Maastricht leidden tot de totaal geflopte wietpas

Lege coffeeshops, een explosie van straatdealers en een woedende Belgische regering – het begon allemaal met buurtbewoners die hun auto niet kwijt konden door de wiettoeristen.

door Thijs Roes; illustraties door Dymphie Huijssen; foto's door Roos Pierson
06 augustus 2019, 8:07am

Europa is een unie, maar het is ook een rommelige verzameling van landen met allemaal hun eigen wetten, talen, waarden, drugsbeleid, minimumloon, streekgerechten, en moppen over buurlanden. Je leven kan totaal anders zijn, afhankelijk van aan welke kant van een grens je bent opgegroeid - zelfs binnen de EU. Op VICE publiceren we deze week verhalen die laten zien welke invloed de landsgrenzen die Europa verdelen en omringen hebben op de levens van de mensen die er wonen. Lees hier meer.

De medewerker van de Maastrichtse coffeeshop Maxcy’s vraagt de drie zenuwachtige Fransen in de rij geroutineerd om hun gegevens. De ogenschijnlijke leider van het drietal overhandigt een paspoort en een brief, terwijl zijn twee vrienden vanaf de drempel snel hun ogen de kost geven aan de binnenkant van de coffeeshop. Het lijkt hun eerste keer.

Nadat de securityman de brief heeft bekeken wordt de voorste jongen doorgelaten. De achterste twee zijn nu aan de beurt om te bewijzen dat binnen mogen: ze moeten niet alleen boven de achttien zijn, maar ook in Nederland wonen.

De coffeeshopmedewerker van de Maxcy's steekt zwijgend z'n hand uit, wachtend op een brief met adres die niet komt. De twee Fransen proberen verbaasd te reageren, maar ze weten eigenlijk allang hoe laat het is: als je niet kan bewijzen dat je in Nederland woont, mag je in Maastricht niet een coffeeshop in.

"We zijn voor het weekend op bezoek bij onze vriend," legt Jacques uit, die liever niet eens zijn echte naam wil geven. "We dachten: we proberen het even. Hij gaat nu gewoon even wiet halen en dan gaan we die joint maar ergens buiten oproken."

De voorste jongen haalt wat wiet terwijl de andere twee buiten wachten, en ze druipen af.

1564569798066-30_07_2019_Vice_Toermalijn_Coffeeshop_Fotos_door_Roos_Pierson_5
Coffeeshop Toermalijn in Tilburg.

Voor wietminnende toeristen is het de afgelopen jaren verwarrend geweest waar ze wel en niet terecht kunnen in Nederlandse coffeeshops. Niet zonder reden. Het zogeheten ingezetenencriterium - zoals de toeristenverbannende maatregel heet - is tal van keren veranderd. Het is een maatregel die nationaal werd ingevoerd nadat een lokaal probleem uitgroeide tot een internationale rel.

Maastricht ligt in het zuidelijkste puntje van Nederland en grenst in het westen aan België. Daar liggen een aantal Vlaamssprekende dorpjes. De snelweg A2 brengt Maastrichtenaren binnen een paar minuten naar goedkope benzine toe. Duitsland, Frankrijk en Luxemburg liggen allemaal op rijafstand. Het is een van de oudste steden van Nederland en trekt mede daardoor veel toeristen. Dat zijn vooral Duitse pensionado’s en wat vlaai-etende stelletjes, maar de toeristenstroom die het gemunt had op het inslaan van kush en haze, werd niet op prijs gesteld.

“Er was enorm veel overlast rondom die coffeeshops,” legt Gerd Leers uit. Hij was destijds de burgemeester van Maastricht en zag rond 2007 hoe problemen rond de coffeeshops een lokaal politiek issue waren geworden.

Hij was lid van de conservatieve partij het CDA, maar stond zelf vrij nuchter in de discussie rond het gedogen van wiet in Nederland - waarbij cannabis produceren verboden is maar de verkoop ervan in een ‘coffeeshop’ wordt toegestaan. “Hypocriet vind ik dat,” zegt Leers. “Coffeeshops moeten daarom per definitie hun wiet in de illegaliteit halen, en het is als bestuurder enorm lastig om daarmee om te moeten gaan.”

Het imago van de coffeeshops blijft in Nederland daardoor altijd iets grimmigs hebben voor mensen die er nooit binnen komen. Bewoners in de buurt van coffeeshops konden hun auto niet kwijt en waren het gedoe op straat zat - mede veroorzaakt door dealers die rondom de shops hingen. “Moedeloos werden we ervan,” verzucht Leers. “Bezoekers van die coffeeshops werden soms al vanaf de grens achtervolgd om door die gasten lastig gevallen te worden. Om ze niet alleen wiet, maar van alles aan harddrugs te kunnen verkopen.”

Er kwam een idee op tafel om coffeeshops het centrum uit te verplaatsen, en ex-burgemeester Leers werd daar voorstander van: “We dachten aan industrieterreinen in de buurt van de snelweg. Op die manier zou je de boel goed kunnen doseren en zouden we er in het centrum geen last meer van hebben. Het zou controleerbaarder worden op deze manier.”

Een ingehuurd onderzoekbureau maakte vast een gephotoshopt plaatje van de toekomstige bewegwijzering op de A2: “Coffeecorner” - hier over 300 meter de snelweg af. Een paar kilometer van Maastricht, over de grens met België, konden de collega’s van Leers hun ogen niet geloven.

“Het idee was dat die coffeecorners een soort McDrive werden voor cannabis,” zegt Mark Vos, ook in 2007 al burgemeester van het Vlaamse Riemst. “Hup, de A2 af, even wiet halen en weer terug de autostrada op. Op die manier zou Maastricht het gedoogbeleid exporteren naar z’n buurgemeentes en daar hadden we geen zin in.”

De burgemeester verenigde zich met twee Belgische gemeentes en ook een Nederlandse, en spanden gezamenlijk een rechtszaak aan: die Maastrichtse coffeecorners wilden ze niet hebben.

Op dat moment werd de gemeentelijke burenruzie een internationaal conflict, er liep immers een landsgrens tussen Maastricht en de dorpen door. De regering van Nederland in Den Haag schaamde zich tegenover de Belgische regering in Brussel, die zich altijd negatief heeft uitgelaten over het liberale Nederlandse beleid. De minister ging zich ermee bemoeien, en opeens werden de parkeerproblemen van de Maastrichtenaren landelijk nieuws.

Er heerst bij het Nederlandse bestuur vaak een vorm van allergie voor buitenlandse kritiek op het Nederlandse drugsbeleid, dat grijs ziet van compromis op compromis en voornamelijk erop is ingericht om zo min mogelijk mensen boos te maken. De Belgen waren helder in hun aanklacht: “Wij vonden het gedoogbeleid mislukt en wilden het gewoon niet hebben,” aldus Vos.

De minister van Justitie van Nederland destijds, belde Leers op en vroeg of er niet een ander plan mogelijk was: een clubpasje voor de coffeeshops, waar je alleen nog naar binnen zou mogen als je geregistreerd stond. Eerst alleen een proef, in het zuiden van het land, daarna zou deze ‘wietpas’ landelijk beleid worden. Hij zou een einde maken aan de anonimiteit in een coffeeshop, maar het zou in ieder geval de buitenlanders buiten houden.

Leers stemde in, want “alle ideeën waren bespreekbaar”, zegt hij nu. Kort erna vertrok hij als burgemeester en zou opvolger Onno Hoes zijn beleid voortzetten.

Het duurde even voor de wietpas werd ingevoerd door de landelijke regering, maar op 1 mei 2012 was het zo ver. Als eerste in Zeeland, Brabant en Limburg. Maastricht probeerde met een campagne de Fransen en de Walen te vertellen over het nieuwe beleid. Er werd gekozen voor punkrock en een youtube filmpje onder de naam ‘New rules no drugs Frans.mp4’.

Aragon Verhaaren, toen en nu bedrijfsleider bij coffeeshop Toermalijn in Tilburg in de provincie Brabant: “We moesten een heel scansysteem invoeren, er werd een foto van je gemaakt. Mensen wilden dat helemaal niet. Sommige zijn helemaal weggebleven, anderen zijn naar de straat gegaan”.

“Binnen een dag ging ik van honderden klanten naar drie. Drie!” Eigenaar Lisa Lankes van coffeeshop Pink in Eindhoven is er nog steeds kwaad om. “Het aandeel Belgen in onze shop was 8 tot 9 procent. Er waren geen grote problemen hier. En toch moesten wij die pas ook invoeren.”

De wietpas bleek al voor de zomer een faliekante mislukking. Opeens was de coffeeshop een soort middelpunt geworden van een krioelende straatmarkt die niet alleen door toeristen maar ook door de lokale bevolking werd gemeden. Hasj, coke, wiet en pillen - ze waren in alle steden door heel Brabant en Limburg opeens eenvoudig te verkrijgen in de buurt van een coffeeshop. Terwijl er binnen zich nauwelijks een levende liet zien.

Op landelijk niveau was het inmiddels dermate een politiek prestigeproject geworden tegen “overlast en criminaliteit”, dat de toenmalige minister Ivo Opstelten met de camera’s van de nationale televisie in zijn rug naar Maastricht toog, om ‘inzicht te krijgen in de drugsproblematiek’. Het onderwerp coffeeshops - en in het verlengde het hele wietbeleid - stond na lange tijd van obscuriteit weer definitief op de nationale agenda. Opstelten kwam, en zag dat zijn beleid een puinhoop was.

Opstelten besloot de wietpas af te schaffen en te vervangen met een zachtere vorm: het ingezetenencriterium: je moest kunnen aantonen dat je in Nederland woonde, maar je gegevens worden niet meer opgeslagen. Buitenlandse studenten en expats waren ook weer welkom. Maar als je niet in Nederland woonde, zou je niet meer de coffeeshop in mogen. Er zou begonnen worden in de grensgemeentes, maar uiteindelijk zouden alle steden van Nederland eraan moeten geloven.

Wereldwijd verschenen inmiddels koppen dat dus ook Amsterdam binnenkort zijn coffeeshopdeuren zou gaan sluiten voor toeristen - zoals het kabinet het wilde. Dat gebeurde uiteindelijk niet. Toenmalig burgemeester Eberhard van der Laan sloot een deal met de minister en sloot tientallen coffeeshops in de buurt van scholen - om te bewijzen ‘dat hij drugsproblemen serieus nam’.

Dat was in principe flauwekul, maar hij voorkwam daarmee dat hij dezelfde chaos als in Maastricht zou gaan zien als hij alle toeristen in Amsterdam uit de coffeeshops moest gaan weren.

In België waren ze enorm tevreden. “Heel goed dat het toen een nationaal issue is geworden,” zegt buurburgemeester Vos. “Dit zou eigenlijk een Europees issue moeten zijn. Nederland is een supermarkt voor drugs, en het gedoogbeleid heeft gefaald.“

Over het algemeen is het I-criterium een succes: Gemeentes in Nederland mogen tegenwoordig zelf kiezen of ze wel of niet toeristen toelaten in hun shops. In Rotterdam, Amsterdam en Groningen kunnen toeristen gewoon in de coffeeshop terecht, in Brabant en Limburg is het per gemeente anders. Sittard koos er bijvoorbeeld een tijdje voor om dat niet te doen, maar toen het overspoeld werd met wiettoeristen die voorheen naar Maastricht gingen werden ook daar de toeristen verbannen.

1564410923243-Kaart_Icriterium_engels
Steden in Nederland die aan het I-criterium voor "coffee shops" voldoen in het rood, en wat voorbeelden van steden waar toeristen wiet mogen kopen in het groen. Illustratie door Dymphie Huijssen.

In de linkse steden Eindhoven en Tilburg hebben de gemeenteraden er tegenwoordig voor gekozen om toeristen weer binnen te laten, daar leidt het niet tot veel nieuwe overlast en de toeristen zijn blij dat ze er weer terecht kunnen. Zoals Achmed uit Lille. “Ik vind het fijn om gewoon open en niet zo bezwaard dit te kunnen doen,” zo wijst-ie naar z’n jointje. “Waar ik vandaan kom wordt er heel moeilijk over gedaan, in Nederland voel ik me gewoon niet zo gediscrimineerd.”

In sommige gemeentes klagen de coffeeshops dat het I-criterium nog steeds ervoor zorgt dat toeristen die niet naar binnen kunnen hun wiet op straat halen. Maar volgens de Belgische burgemeester Vos is het I-criterium geslaagd. “Het is heel succesvol geweest. We zien een stuk minder drugsrunners, en wij kunnen onze politiecapaciteit nu inzetten om drugsgebruikers en -handelaren in onze eigen gemeentes aan te pakken.”

De rechtszaak die het conflict landelijk op de kaart had gezet werd in 2014 overigens verloren. De Vlaamse gemeentes werd door de rechter niet-ontvankelijk verklaard omdat het om een lokaal Maastrichts issue zou gaan. In de rest van Nederland stond het cannabisbeleid inmiddels bovenaan de politieke agenda.

Na jaren discussie wil de huidige Nederlandse regering nu tot het compromis gekomen om een ‘experiment’ met legale wiet uit te rollen in tien kleinere gemeentes. Het verbannen van toeristen is als vast onderdeel opgenomen in het concept van de wet.