Slapen

Dit is hoe je met een slaapwandelaar moet omgaan

Het is een mythe dat je slaapwandelaars niet wakker zou mogen maken.
Twee vrouwen op bed waarvan een ligt en de ander overeind zit
Getty Images/Urilux

Mensen die ‘s nachts ronddwalen zonder zich daar bewust van te zijn, die uit ramen klimmen, rondlopen op straat, hun kledingkast onbedoeld als urinoir gebruiken, of meubels naar een andere plek schuiven: slaapwandelaars fascineren ons al sinds mensenheugenis. Er zijn een aantal gedragingen die op kunnen treden tijdens de diepe slaap (die ook wel bekend staat als de non-remslaap), en slaapwandelen is er daar één van. Andere gedragingen die voorkomen zijn praten, overeind zitten of vreemde lichamelijke bewegingen maken. Het is een relatief veelvoorkomend slaapfenomeen; maar liefst zeven procent van de mensheid slaapwandelt op een bepaald punt in hun leven. Slaapwandelen op zich wordt niet als slaapstoornis gezien, behalve als het herhaaldelijk gebeurt, er geheugenverlies optreedt (waarbij de persoon in kwestie geen idee heeft wat er gebeurd is terwijl hij of zij slaapwandelde), of de slaapwandelaar problemen dan wel schade veroorzaakt.

Advertentie

Slaapwandelen lijkt vaker voor te komen bij kinderen; in de afgelopen 12 maanden zal zo’n 5 procent van alle kinderen hebben geslaapwandeld, tegenover 1,5 procent van alle volwassenen. Voor die afname naarmate we ouder worden is nog geen verklaring, maar mogelijk is het het resultaat van het volwassen worden van de hersenen, een verminderde non-remslaap naarmate we ouder worden en dus minder gelegenheid om te slaapwandelen. Wat ook mee kan spelen, is dat de kans dat een volwassene betrapt wordt op slaapwandelen minder groot is dan bij een kind.

Het is nog niet duidelijk waarom sommige mensen slaapwandelen en anderen niet. Slaapwandelen gebeurt wanneer sommige delen van onze hersenen, en dan in het speciaal het limbische systeem (dat verantwoordelijk is voor emoties) en de motorische schors (verantwoordelijk voor complexe motorische bewegingen), wakker zijn, terwijl de rest van de hersenen in slaapstand zijn. Ook de onderliggende oorzaak voor slaapwandelen is niet bekend. Slaapwandelaars hebben hun ogen open, maar reageren doorgaans niet op wat er om hen heen gebeurt. Ze nemen hun omgeving anders waar en herkennen bekenden niet. Voor de meeste mensen veroorzaakt slaapwandelen geen problemen, en veel slaapwandelaars zien het dan ook vooral als een interessante rariteit. Toch zijn er ook mensen die verwondingen oplopen wanneer ze slaapwandelen; ze kunnen bijvoorbeeld vallen of tegen voorwerpen aanlopen. Kinderen die regelmatig slaapwandelen vinden het mogelijk lastig om op schoolkamp te gaan of bij iemand te blijven logeren, omdat de kans bestaat dat ze weer zullen slaapwandelen. Volwassenen kunnen reizen vermijden. In een aantal zeldzame gevallen zijn slaapwandelaars agressief geweest naar andere mensen toe, omdat ze dachten dat de ander hen bedreigde. Ook zijn gevallen bekend van seksueel overschrijdend gedrag door slaapwandelaars richting een ander, een fenomeen dat ook wel bekend staat als sexsomnia. En in een heel klein aantal gevallen zijn slaapwandelaars omgekomen, of hebben ze andere mensen omgebracht in hun slaap.

In onze onderzoeken die we binnenkort publiceren, observeerden we dat gewelddadig gedrag tijdens het slaapwandelen beïnvloed wordt door biologische, psychologische en sociale risicofactoren die een effect hebben op onze impulscontrole.

Als jij of iemand in je familie slaapwandelt, zijn er een aantal dingen die je kunt doen om het risico dat iemand gewond raakt te minimaliseren: laat alle meubels op een vaste plek staan, en laat geen dingen slingeren waarover iemand zou kunnen struikelen. Hangsloten op deuren en ramen kunnen voorkomen dat slaapwandelaars zich naar buiten begeven, maar het is belangrijk dat iedereen het huis nog uit kan, mocht er onverhoopt brand uitbreken. Slaapwandelaars met agressieve neigingen kunnen de kans dat ze schade toebrengen aan zichzelf of anderen minimaliseren, door geen objecten op de nachtkastjes te bewaren die mogelijk als wapen kunnen fungeren. Ooit werd gedacht dat je iemand die slaapwandelt niet wakker moet maken, omdat dat mogelijk schadelijk is voor de persoon in kwestie. Daar is echter geen bewijs voor. Maar omdat slaapwandelaars in de diepste slaapfase verkeren, zullen ze verward zijn wanneer ze wakker worden. Alhoewel slaapwandelen normaal gesproken niet leidt tot extra vermoeidheid de dag erna, kan iemand ontwaken diens slaap wél verstoren, wat vervolgens effect kan hebben op hoe hij of zij zich de volgende ochtend voelt. Als je iemand betrapt op slaapwandelen, is het het beste om diegene te vertellen dat ze terug naar bed moeten gaan, om ze vervolgens naar hun slaapkamer te begeleiden. Tot nu toe zijn er nog geen klinische proeven geweest die de effectiviteit van behandelmethoden voor slaapwandelen onder de loep genomen hebben, alhoewel er door de jaren heen een groot aantal psychologische en farmacologische behandelingen toegepast is. Als ouders bezorgd zijn om hun slaapwandelende kind, kunnen ze een van de meest veelbelovende behandelingen proberen die verder geen bijwerkingen heeft: wakker worden aan de hand van een schema. Hierbij wordt het kind zo’n twintig minuten voordat het normaal gesproken zou gaan slaapwandelen wakker gemaakt. Als hij of zij eenmaal wakker is, laten de ouders hun kind weer in slaap vallen. Deze methode moet gedurende drie weken iedere nacht toegepast worden. Voor oudere kinderen en volwassen kan hypnose positieve resultaten opleveren. Volwassenen die in hun jeugd nooit aan slaapwandelen hebben gedaan, beginnen daar op volwassen leeftijd maar zelden mee. Als dit toch gebeurt, is het raadzaam een arts te raadplegen; mogelijk wordt het slaapwandelen veroorzaakt door medicijngebruik of een neurologisch probleem. Helen Stallman geeft les in de klinische psychologie aan de University of South Australia. Dit artikel werd eerder gepubliceerd op The Conversation, lees het originele artikel hier. Volg TONIC op Facebook en Twitter.