Ron Meyer
politiek

Kun je 'Het Systeem' slopen of veranderen als je er zelf onderdeel van uitmaakt?

We vroegen het Ron Meyer van de SP, een activist én een politicus. Tegelijk!
15 juli 2017, 5:00am

Als je aan activisme denkt, denk je waarschijnlijk al snel aan protesten, brullen, bivakmutsen, dingen bezetten, fakkels, en misschien een door de lucht vliegende baksteen. Dingen om van buitenaf zo hard mogelijk tegen een verderfelijk systeem – vaak de politiek – te schoppen.

Ron Meyer (35) bezet alleen wc's en gooit hooguit met bakstenen als hij zijn tuin opnieuw aan het bestraten is – verder is hij als partijvoorzitter van de SP bijna dagelijks op het Binnenhof te vinden. Toch profileert hij zichzelf als activist, in interviews en publieke optredens, en zelfs zijn WhatsApp-status is strijdlustig: Roda & Revolutie staat er, geflankeerd door emoji's van hamers en pikhouwelen. Hiervoor was hij campagneleider van de FNV, waar actievoeren natuurlijk sowieso de kernactiviteit is.

Toch zou je je kunnen afvragen of Meyer zich met recht activist mag noemen. Kan je van binnenuit het systeem überhaupt activistisch zijn? Het systeem kapot maken, of in elk geval veranderen? En hoe ziet dat er dan uit? Dat wilde ik hem eens vragen.

VICE: Hoi Ron. Je wordt gezien als het activistische hart van de SP. Waar is dat gevoel voor politieke strijd precies ontstaan?
Ron Meyer: Nou, activistisch hart. Dat valt allemaal wel mee. Ik kom uit Heerlen, uit een mijnwerkersfamilie, hoewel ik zelf nooit een levende mijn in Heerlen heb meegemaakt. Ik kom uit 1981 – de laatste mijnen daar werden in 1974 dichtgegooid. Ik heb de ellende gezien die erna kwam. Er gingen 100.000 banen verloren en de overheid en het kapitalisme lieten mensen in de steek. De kinderen van de mijnwerkers – de generatie van mijn ouders dus – kregen te maken met een enorm armoedeprobleem, en daarbij ook nog een heroïneprobleem. In een stad van 90.000 inwoners waren er 2000 verslaafd. Als ik 's ochtends naar school liep kwam ik een hele rits aan heroïnehoertjes tegen, en die stonden er op de terugweg nog steeds.

Ik begreep toen niet hoe je als samenleving toe kan staan dat deze vrouwen in feite misbruikt worden. De meest vreselijke dingen moeten doen om bij wijze van spreken een pakje sigaretten te kopen. Dat heeft me gepolitiseerd.

Hoe heb je deze ervaringen omgezet in daadwerkelijke actie?
Door in actie te komen, me te verzetten tegen misstanden die ik zag.

Ik heb gezien hoe mijn buurt in Heerlen zich organiseerde tegen de overlast van de tippelzone, de pooiers en de junks, en tegelijkertijd iets heel concreets heeft kunnen regelen voor die heroïnehoertjes, namelijk een dag- en nachtopvang waar ze terecht konden. Ik zag dat je op lokaal niveau met de kracht van de samenleving dingen voor elkaar krijgt. Hoe klein ook. Het gaat niet om in een keer grote aardverschuivingen teweeg te brengen – met kleine concrete stappen komt het einddoel vaak sneller in zicht.

Is dat activisme?
Voor mij is een activist niet iemand die zelf allemaal radicale dingen doet, maar iemand die weet hoe je mensen achter je krijgt; hoe je gemeenschappen organiseert. Hoe je mensen dingen laat doen die ze zelf niet voor mogelijk hielden. In je eentje de boel ontregelen kan op korte duur spectaculair zijn, maar het is niet duurzaam. Als niemand je volgt heb je er niks aan. Ik heb een hekel aan mensen die iets doen voor hun eigen morele zelfbevlekking – alleen de massa kan een verschil maken.

Wat is het doel van jouw huidige activisme?
Volgens mij is het doel heel simpel gezegd het leveren van twee zaken voor zoveel mogelijk mensen: brood en vrijheid. Brood is materiële vooruitgang. Genoeg te eten, gratis en goede zorg en betaalbare woningen. Vrijheid als zelfbewustzijn. Voor de meeste mensen is dit alleen te bereiken met een sterke gemeenschap. In je eentje kom je er simpelweg niet.

Wat zijn nou eigenlijk precies de dingen die je doet om dat doel te bereiken? Verandering is alleen mogelijk als veel mensen het willen. Daarom organiseren we grote campagnes met tienduizenden mensen in ons land. Van ons Nationaal ZorgFonds zonder eigen risico waaraan meer dan 250.000 mensen meedoen, tot een buurtencampagne om meer dan 300 buurten te verbeteren. We betrekken komend jaar een miljoen mensen bij verbeteringen in ons land. Van de buslijn tot goede betaalbare woningen, van de nieuwe speeltuin tot de onveilge kerncentrale.

Toch denkt bijna iedereen bij het woord 'activisme' volgens mij aan schoppen tegen het systeem. Jij bent onderdeel van het systeem. Is wat jij doet eigenlijk wel activisme te noemen?
Het maakt mij eerlijk gezegd niet zo uit hoe je het noemt. Ik heb eigenlijk niet zoveel met het woord activisme. Als het maar effectief is. Als je maar de samenleving voortdurend jouw kant op probeert te krijgen. De theorie van Joseph Overton en de naar hem genoemde Window of Overton vind ik interessant. Je moet met één been binnen het raamwerk staan – dus binnen de macht – en met een been buiten het raamwerk. De vraag is niet of activisme binnen of buiten het systeem werkt, je hebt wat mij betreft beide nodig, want je moet het hele raamwerk opschuiven om succes te hebben.

Hoe doe je dat?
Je moet het paradigma veranderen, ten behoeve van jouw idealen. Rechts Nederland heeft dat de afgelopen decennia uitmuntend gedaan. Rutte en Wilders hebben, samen met een harde kern van rechtse denkers van buiten het systeem, dat raamwerk kunnen verschuiven. Hoe wij nu bijvoorbeeld over vluchtelingen en het asielbeleid nadenken is in de afgelopen jaren daadwerkelijk veranderd en het collectieve gedachtegoed is opgeschoven naar de rechterkant. Ik snap dan ook nooit als mensen zeggen dat Rutte geen ideologie heeft. Dat is totale onzin. De man heeft ontzettend veel ideologie – hij doet het alleen lijken alsof hij pragmatisch is, terwijl hij alsmaar dat raamwerk naar rechts probeert te slepen.

Toch denk ik dat de meeste mensen het activisme traditioneel gezien als een links ding zien. Waar is het op de linkerkant misgegaan?
Als jij nauwelijks iets hebt om aan vast te houden en onzeker bent over je toekomst, dan ga je je vastklampen aan wat je wel hebt. Dat is een van de verklaringen van de winst voor de identiteitspolitiek van rechts. Dat je achtergrond ertoe doet, waar je vandaan komt en hoe je eruitziet, in plaats van je ideeën en wat je doet. Je ziet ook dat gemeenschappen in elkaar gestort zijn. Mensen trekken zich steeds meer terug en zoeken medestanders die net zo zijn als zij. Je valt terug op wat je al kent.

Je zou zeggen dat dit juist ruimte biedt aan links, om die onzekerheid om te zetten in een sterkere beweging.
Er zijn volgens mij twee dingen nodig voor sociale verandering. De brandende vlam van woede of verontwaardiging en de brandende vlam van hoop - van verandering. Wat links het afgelopen decennia te veel gedaan heeft is het één of het ander. Je hebt beide nodig. Je spreekt verontwaardiging uit - kijk maar naar het pleidooi van Bernie Sanders om de hoge kosten van collegegeld in de VS terug te dringen - maar dit moet je combineren met hoe het morgen beter kan.

Hoe kijk je aan tegen activisten die wél helemaal in onherkenbaar zwart gekleed gaan en stenen gooien?
Ik heb niks met activisten die zich in Nederland achter bivakmutsen of iets anders verschuilen. Ik vind dat je strijd altijd met volle verstand en open ogen tegemoet gaat en daar hoort niet bij dat je je vermomt en dingen doet die door 95% van de mensen verworpen worden. Maar strijd is wel essentieel. We hebben have and have nots in het systeem. Als je gelijkwaardigheid opeist, of simpeler gezegd een goed leven opeist en een klein groepje wil alle rijkdom en middelen voor zichzelf houden, dan schuurt het.

Ik heb nog nooit meegemaakt of gezien dat er zonder strijd – of de dreiging ervan – vooruitgang is geboekt. Kinderarbeid, het algemeen kiesrecht, noem maar op. En dat is tegenwoordig natuurlijk net zo. Of het nu gaat om het tegengaan van klimaatverandering of de strijd om vaste contracten.

Maar vaak gaan strijd en vooruitgang ook gepaard met geweld toch? Zeker als je kijkt naar grote politieke veranderingen, zoals de afschaffing van de Apartheid en de burgerrechtenbeweging in de VS.
Ik ben een vreedzaam activist. In onze samenleving vindt verandering via democratische middelen plaats. Daar is ook strijd voor nodig. Sociale strijd. Maar wie ben ik om te oordelen over mensen die in oorlogssituaties zitten? Of over situaties waarin fundamentele rechten van mensen worden bedreigd? Dan heb je volgens mij een hele andere situatie.

Zijn Nederlanders een activistisch volk?
Eigenlijk vind ik dat altijd een kutvraag, of in ieder geval het antwoord dat daar vaak op gegeven wordt. Er bestaat niet zoiets als 'een volkswil', laat staan 'een onveranderlijke volkswil'. Er bestaat denk ik de perceptie dat we over ons heen laten lopen. Dat we te nuchter zijn en niet zo passievol als de Zuid-Europeanen. Dat is onzin. De omstandigheden maken de mens. We hebben in Nederland een sterke verzorgingsstaat; die kwam niet uit de lucht vallen, daar is sociale strijd voor geleverd. Klein en groot.

Ben je hoopvol over de toekomst van jouw activisme, het linkse activisme?
Zeker. Kijk nogmaals maar naar de opkomst van Bernie Sanders en Jeremy Corbyn. Onze generatie ziet de gevolgen van doorgeslagen individualisering die vanaf begin jaren tachtig ingezet is. De lonen zijn gedaald, veel jongeren moeten gedwongen in een flexcontract. Wij ervaren de negatieve gevolgen van het idee dat je alles maar in je eentje op moet lossen.

We hebben nooit gehoord dat het anders kan, maar als iemand geloofwaardig vertelt dat dat wél kan, dan kan er veel enthousiasme ontstaan. Ik zag dat bij Young & United, de actiegroep van jongeren in de vakbond die voor het eerst in veertig jaar iets aan het jeugdloon voor jonge volwassenen wist te veranderen. Ik heb het idee dat veel jonge mensen nu aanslaan op het gemeenschapsverhaal. Dat biedt kansen.

Bedankt!