klimaatverandering

Volgens Australiërs komen hun bosbranden niet door klimaatverandering

Terwijl wetenschappers bevestigen dat de extreme bosbranden door mensen zo erg zijn geworden, blijven slachtoffers stug herhalen dat er “altijd al droogte” was.

door Gavin Butler
27 september 2019, 10:04am

De brandweer probeert een brand te bestrijden in New South Wales, op 10 september 2019. Foto: Jason O’Brien via APP en Reuters

Meld je aan voor onze Climate Coverage Now-nieuwsbrief als je onze klimaatverhalen van over de hele wereld wil ontvangen. Als je geen zin hebt om te wachten: lees hier wat we tot nu toe hebben geschreven over de klimaatcrisis .

Toen Len Archer, de greenkeeper van recreatievereniging Guyra, door golfers werd opgebeld omdat de negende hole in de fik stond, was hij in eerste instantie sceptisch. De golfbaan van Guyra is namelijk gebouwd op een drooggelegd stukje van de Mother of Ducks Lagoon in Australië, waar normaal gesproken veel mensen op forel vissen of vogels spotten in het drassige land.

De afgelopen maanden is er echter nauwelijks regen gevallen. Toen Len bij de negende hole aankwam, zag hij de aarde smeulde: het uitgedroogde veen had vlam gevat, en bleef daarna nog “een goede drie weken” branden, zei hij tegen The Australian.

“Het is duidelijk erg heet onder de grond, maar we weten niet precies hoe diep en ver dit reikt, dus we moeten het bestrijden op ons gevoel,” zei de vicepresident van de vereniging, David Wilcox, destijds tegen de krant The Guyra Argus. “We hopen dat het op een natuurlijke manier weer over gaat, we zullen zien wat Moeder Natuur gaat doen.”

Sommigen noemen het Moeder Natuur, anderen een teken dat het klimaat verandert. Maar iedereen is het erover eens dat Guyra, dat onlangs “ground zero” werd genoemd omdat er zo weinig water meer was, wat het weer betreft een historische fase doormaakt. In 99 procent van de deelstaat Nieuw-Zuid-Wales is er officieel sprake van droogte. Stanthorpe en Tenterfield, twee plaatsen ten noorden van Guyra, staan op het punt om als eerste van het land volledig zonder water te zitten en de leidingen dicht te draaien. De laatste plaats heeft volgens schattingen nog nauwelijks enkele honderden dagen aan watervoorziening over.

“Het is allemaal gewoon verdord,” vertelde Mary Hollingworth uit Tenterfield een paar weken geleden aan de telefoon. “De bomen gaan dood. Er zijn nog wel wat bloesems die dapper weerstand bieden: wat narcissen en wilde appelbomen hier en daar. Maar over het algemeen is het heel droog en somber.”

Stonehenge in drought
Door de extreme droogte zijn de dammen in Stonehenge, ten zuiden van Tenterfield, helemaal uitgeput. Foto: David Gray via Reuters

Nadat we haar spraken vatte het landschap vlam. De vuren woedden vraatzuchtig door het land, en lieten stukken grond waar eerst nog gewoon gegraasd werd, verkoold achter. Huizen brandden af, en inwoners kregen te horen dat het “te laat was om weg te gaan”.

Sindsdien is meer dan 50.000 hectare aan grond in Australisch New England door branden verwoest. In de deelstaat New South Wales zijn minstens negen huizen in de as gelegd, en in Queensland zeventien. Honderden mensen moesten worden geëvacueerd om te ontsnappen en honderden brandweermannen werden ingezet om het vuur terug te dringen. In sommige gemeenschappen, waar sowieso al veel droogte heerste, heeft het vuur hele stuwmeren uitgedroogd.

Hulpverleners moesten met bulldozers en handgereedschap stukken grond uitgraven om de brand in te dammen. In Tenterfield werd rioolwater ingezet, om de al steeds schaarser wordende waterbronnen niet te hoeven aanspreken. “Het is heel belangrijk dat we geen leidingwater gebruiken,” zegt burgemeester Peter Petty. “Dat kunnen we ons niet veroorloven.”

Firefighter
EEr zijn meer dan honderd branden uitgebroken in de gebieden in het noorden van Nieuw-Zuid-Wales en het zuiden van Queensland (dat op de foto te zien is). Foto: John Park, via APP en Reuters

Eigenlijk vinden er twee milieurampen tegelijkertijd plaats: een vuurstorm in een gebied dat al enorm droog is, en een gebrek aan water om daar wat tegen te doen. Jackie Trad, de plaatsvervangend premier van Queensland, zei begin september dat “er geen twijfel is dat, als de temperatuur verder blijft stijgen, dit soort gebeurtenissen vaker zullen plaatsvinden en nog heftiger zullen zijn”. Andrew Sturgess, die namens de brandweer van Queensland onderzoekt waar bosbranden mogelijk kunnen ontstaan, voegde daar nog aan toe dat dit alles “een voorteken lijkt, een waarschuwing”.

Het afgelopen jaar heeft Australië al meerdere voortekens gezien. In december vielen er duizenden vleermuizen dood uit de lucht, vanwege een subtropische hittegolf. Een maand later stierven er honderdduizenden baarsen en kabeljauwen omdat er in het Murray–Darling basin een algenbloei was ontstaan. Bij beide gebeurtenissen speelden meerdere factoren een rol, maar wetenschappers noemden de opwarming van de aarde als voornaamste oorzaak.

Afzonderlijk kunnen dode vleermuizenkolonies of een moerasland dat uit zichzelf in de fik vliegt als botte pech overkomen, maar als je alles bij elkaar optelt lijkt er toch wat meer aan de hand. Voor veel Australiërs is klimaatverandering ineens iets heel voelbaars. Levensechte horror, die je kunt ruiken, aanraken en zien met je eigen ogen. En plekken als Guyra, Tenterfield en Stanthorpe zijn de stoelen op de eerste rij.

Opvallend genoeg hebben de mensen die zich midden in deze droogte bevinden helemaal niet het idee dat er iets verandert, en het belangrijk is om daar wat tegen te doen. Er heerst veel klimaatontkenning onder conservatieve stemmers in het binnenland. Barnaby Joyce, die in New England opgroeide en deze regio sinds 2013 in het parlement vertegenwoordigt, trekt regelmatig uitspraken van milieudeskundigen in twijfel en noemt klimaatverandering een “zorg van de elite”. En hij is lang niet de enige die er zo in staat.

“Het idee dat we iets tegen klimaatverandering kunnen doen is idioot,” schreef hij onlangs op Facebook, waarbij hij de Nieuw-Zeelandse geoloog David Shelley citeerde. Hij zei ook dat onze aarde beter kan opwarmen dan dat we in een nieuwe ijstijd terechtkomen. “Het zeeniveau stijgt al duizenden jaren, maar als de volgende ijstijd weer intreedt gaat dat gewoon weer omlaag – en die komt er ook gewoon weer aan. En als je mag kiezen tussen deze twee problemen, dan lijkt een hogere temperatuur me toch het minst erg.”

Joyce formuleert het overdreven, maar dit sentiment is alomtegenwoordig. Ook burgemeester Petty, die weliswaar zei dat hij de situatie in Tenterfield “vreselijk” vindt, en je niet zou geloven “hoe erg de bosbranden zijn totdat je het met je eigen ogen ziet,” denkt niet dat dit komt door klimaatverandering. “Soms heb je een goed jaar, soms een slecht jaar. Ze zeggen dat het weer heftiger wordt en de droger langer en ernstiger, maar dat moet nog maar blijken. Ik ben verder geen klimaatscepticus, maar ik geloof wel dat het in cycli verloopt.”

In een bepaald opzicht heeft Petty ook gelijk: ontwikkelingen in het weer verlopen cyclisch, en als het een jaar veel slechter is betekent dat niet automatisch dat het door klimaatverandering komt. Maar dat is niet het hele verhaal, zegt professor Mark Howden, de directeur van het Climate Change Institute aan de Australian National University. De extreme situatie die we tegenwoordig zien, zijn gevolg van de temperatuurstijgingen – een ontwikkeling die ons op “onbekend terrein” brengt.

“Ja, dit soort dingen hebben ook in het verleden plaatsgevonden,” vertelt hij VICE aan de telefoon. “Maar als je dat als argument gebruikt ga je voorbij aan iets cruciaals: er verandert écht iets. Als we er alleen van uitgaan dat het iets is dat schommelt, in plaats van dat het definitief verandert, dan onderschatten we het risico en kunnen we er niet doeltreffend op reageren. Dan zullen we de gevolgen ondervinden: branden krijgen die amper te bedwingen zijn, en enorme schade.”

Scott Morrison after a bushfire
De Australische minister-president Scott Morrison bij de restanten van een huis, tijdens een bezoek in Queensland op 13 september 2019. Foto: Dave Hunt via APP en Reuters

Strikt genomen zijn de branden in New England ook niet direct ontstaan door klimaatverandering. Volgens burgemeester Petty is het vuur bij Tenterfield ontstaan door “harde wind vanuit het westen en hoogspanningslijnen die elkaar in het droge land hebben geraakt”. Maar dat het land zo droog is, komt doordat er te weinig regen is gevallen – en dat is wel degelijk in verband gebracht met de recent gestegen broeikasgasuitstoot.

Zoals professor Howden het zegt: “Je kunt niet zeggen dat klimaatverandering deze branden heeft veroorzaakt, maar wat zeker wel klopt is dat zodra ze ontstaan, ze dankzij klimaatverandering heviger worden en ze zich sneller verspreiden. Dus klimaatverandering speelt wel degelijk een belangrijke rol.”

Dat de extreme weersomstandigheden over de hele wereld het gevolg van klimaatverandering zijn is op zich geen radicaal standpunt. Wetenschappers, activisten en mensen als Leonardo DiCaprio vertellen ons al jaren dat dit soort dingen gebeuren als we de broeikasgassen hun gang maar laten gaan. Toch blijft er veel klimaatscepsis heersen – zelfs nu er ijskappen smelten, eilanden in de zee verdwijnen en regenwouden afbranden.

Het is een feit dat zowel de wereldwijde temperatuur als het zeeniveau stijgt, en dat de mens daar sterk aan heeft bijgedragen. Maar feiten zijn niet genoeg om mensen van gedachten te doen veranderen. Als iemand oprecht gelooft dat we klimaatverandering niet serieus moeten nemen, is er wel wat meer nodig om diegene te overtuigen dan een paar wetenschappers en peer-reviewed papers.

In 1975 toonde een psychologisch experiment aan hoe moeilijk mensen het vinden om nieuwe informatie te accepteren die in strijd is met hun eigen overtuigingen. Onderzoekers gaven studenten een aantal zelfmoordbrieven, en vroegen ze een onderscheid te maken tussen brieven die echt en nep waren – een onderzoeksmethode die tegenwoordig trouwens waarschijnlijk een stuk minder snel geaccepteerd zou worden. Sommige studenten bleken er goed in, anderen minder. Maar later kregen ze te horen dat ook deze uitslagen zelf waren verzonnen.

Vervolgens moesten ze inschatten hoeveel zelfmoordbrieven ze éigenlijk goed hadden, en hoeveel ze dachten dat de gemiddelde student er goed zou hebben. De studenten die eerst dachten dat ze goed hadden gescoord, geloofden nog steeds dat ze het goed hadden gedaan, terwijl de studenten met een lage score nog steeds dachten dat ze er vooral naast zaten – zelfs als er gewoon bewijs was dat dit helemaal niet klopte. “Zodra we ergens een indruk van hebben, zijn ze heel hardnekkig,” aldus de onderzoekers.

De cognitiewetenschappers Hugo Mercier en Dan Sperber borduurden voort op dit idee in hun boek The Enigma of Reason, en keken vooral naar het fenomeen ‘confirmation bias’. Dat houdt in dat mensen geneigd zijn om informatie die hun eigen overtuigingen bevestigt te omarmen, en informatie die daar haaks op staat juist af te wijzen. Mercier en Sperber noemden dit een ernstige tekortkoming in het menselijke denken, en stelden het voor als “een muis die stug vol blijft houden dat er geen katten in de buurt zijn” – terwijl er in werkelijkheid een hongerige poes in de kamer zit die wel trek heeft in een hapje muis.

Die poes is in dit geval een dreigende klimaatramp, waarvan mensen over de hele wereld denken dat het uiteindelijk wel meevalt; zoals ook de Australiërs die in deze uitgedroogde gebieden wonen zich vasthouden aan hun eigen (en misschien zelfs gevaarlijke) overtuigingen.

Amanda Harrold, secretaris van de Kamer van Koophandel van Stanthorpe en Granite Belt, staat ook sceptisch tegenover de stedelingen en hun onheilspellende klimaatretoriek. Als ik haar vraag naar de extreme droogte en bosbranden rondom Stanthorpe, zegt ze dat het gewoon de overmacht van de natuur is.

“We hebben altijd al branden, overstromingen en perioden van droogte gehad,” zegt ze. “Ik ben er niet van overtuigd dat de mens dit allemaal veroorzaakt heeft. Ik vind het nogal makkelijk om het altijd maar weer op klimaatverandering af te schuiven.”

Bushfire in Queensland
Een bosbrand in het zuiden van Queensland. Foto: Regi Varghese via APP en Reuters

Zowel Harrold als burgemeester Petty blijven erbij dat de recente milieuproblematiek hun scepsis niet heeft weggenomen. “Denk je dat het helpt als je tegen mensen die hun huis zijn kwijtgeraakt gaat zeggen: ‘Sorry, het is klimaatverandering?’ We hebben altijd droogte gehad, altijd overstromingen gehad en altijd branden gehad,” zegt Harrold.

Tot op zekere hoogte is dat natuurlijk waar: al die dingen hebben ook plaatsgevonden voordat de mens er überhaupt was. Maar zoals professor Howden het zegt, maken mensen vaak de fout door ervan uit te gaan dat het alleen maar fluctueert: dat de temperatuur stijgt, maar ook weer daalt, en we droge, maar ook weer vochtigere periodes krijgen. “Dat klopt ook, maar wat we nu zien is dat het gemiddelde ook verandert,” zegt hij. “De gemiddelde temperatuur stijgt, en daarmee ook het brandrisico.”

“Dat het gemiddelde en de variabiliteit verandert is heel belangrijk om te beseffen,” gaat hij door. “Het zit veel complexer in elkaar dan ‘dat het een keer eerder is gebeurd’. Want wat er nu gebeurt is nog nooit eerder voorgekomen – dit is onbekend terrein.”

Zoals het er nu naar uitziet, blijven we dat onbekende terrein nog wel even verder verkennen. Deskundigen verwachten dat de temperatuur om verschillende redenen nog zal blijven stijgen – vooral redenen waar mensen verantwoordelijk voor zijn. En volgens een recent rapport van de Verenigde Naties gaat de wereldwijde natuur in een sneller tempo achteruit dan de mensheid ooit heeft meegemaakt, en zal dit grote gevolgen hebben voor het levensonderhoud van mensen over de hele wereld.

Sir Robert Watson van het Intergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en Ecosysteemdiensten (IPBES) zei dat dit rapport een “onheilspellend beeld” laat zien. “De ecosystemen waar wij en andere soorten zo afhankelijk van zijn, gaan sneller achteruit dan ooit. We zagen aan de stoelpoten van onze economieën, voedselveiligheid, gezondheid en kwaliteit van leven.”

Ondertussen blijven de branden op de kurkdroge vlaktes van Guyra, Tenterfield en Stanthorpe maar voortwoeden. Niets wijst erop dat het op korte termijn gaat regenen, en als het zo door blijft gaan kan er in meerdere gemeenschappen in deze regio binnen een jaar niemand meer leven.

Gemeenten proberen andere oplossingen te bedenken: vrachtwagenladingen vol water transporteren vanuit andere plekken (wat zo twee miljoen dollar per maand kan kosten), een pijpleiding bouwen om water rond te pompen, of gewoon heel diep naar water graven.

“We zijn hier nu putten aan het boren,” zegt burgemeester Petty. “Met de eerste boring is het al goed gegaan, dat heeft ook water opgeleverd. Maar we weten dat als dat op is, we nog maar tweehonderd dagen over hebben.”

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij VICE AU.