FYI.

This story is over 5 years old.

Trippen op absint zit tussen je oren

Hooggeplaatste 19e eeuwse romantici sloegen graag absint achterover omdat ze geloofden dat het hen onsterfelijk maakte. Maar helaas, de hallucinerende trip speelde zich geheel in hun hoofd af.
16.11.14
Photo via Flickr user CucombreLibre

Op mijn negentiende verjaardag kreeg ik een fles van het sterke botanische brouwsel absint. Nadat mijn vriend en ik die achterover hadden geklokt, dansten we een paar verloren uren in slowmotion op Jimi Hendrix terwijl we lachten als krankzinnige hyena's in ingebeelde zonnestralen die door mijn raam naar binnen kwamen. We vonden onszelf erg cool. Sindsdien ben ik hooked, maar ik weet nog steeds niet zeker of het de absint zelf was of de enorme hoeveelheid waardoor we begonnen te trippen die avond.

Absint verschijnt tegenwoordig nog zelden op de dranklijst, waardoor het lastig is tot de bodem van zijn krachten te komen, maar ooit was 't hét drankje van de Bohemiaanse elite. Je stelde niks voor als je niet aan het groene drankje lurkte. Door Edgar Degas' sombere absintdrinkers op zijn schilderij L'Absinthe – blijkbaar zo genoemd door een handelaar die inspeelde op de arty status van het drankje – tot Gaughins overvloedige gebruik van de kleur groen (zogezegd geïnspireerd op het drankje), kreeg absint al gauw een mythische status. Het stond bekend als 'het groene elfje' en beloofde je mee te nemen naar schimmige nieuwe werelden.

Wie drinkt het goedje tegenwoordig nog, behalve de wereld van steampunk en die van sociëteiten die het Victoriaanse gedachtegoed eren? Heeft het groene goedje van weleer een plek in onze moderne wereld? En nog belangrijker, heeft absint echt de macht om je naar een Alice in Wonderland-wereld te vervoeren? Brian Robinson – van de California's Wormwood Society – zegt: "Duizendmaal 'nee'. Er zit niets psychedelisch in absint. De enige drug die erin zit is alcohol. Helaas zullen mensen die hopen te kunnen trippen op authentieke absint zwaar teleurgesteld worden."

Shit. Maar er is me keer op keer verteld dat thujon – een actief ingrediënt in het brouwsel, afkomstig van planten in de alsemfamilie – hallucinaties kan veroorzaken. Robinson legt uit dat laat in de achttiende eeuw een aantal "pseudowetenschappelijke studies" deze mythe ondersteunden, omdat ze absint wilden laten verbieden. Net als onze langgekoesterde opvattingen over vet, bleven deze zogenaamde wetenschappelijke feiten hangen. De vermeende hallucinogene kwaliteiten waren aantrekkelijk voor creatieve types uit het begin van de negentiende eeuw, maar al die next level-trips zaten waarschijnlijk tussen de oren.

Volgens Robinson bestaat de meest extreme high die je krijgt van grote hoeveelheden thujon uit "stuiptrekkingen en nierfalen", dus tenzij je idee van een goed feestje gaat over je nier verliezen en op de eerste hulp belanden, kun je maar beter wat research doen. "Studies hebben herhaaldelijk aangetoond dat zelfs de absint die werd geproduceerd tijdens de belle époque zeer weinig thujon bevatte," zegt Robinson. "Producten die opscheppen over hoge levels van thujon staan bekend als fakers. Als je op zoek bent naar authentieke absint van hoge kwaliteit, zou je elk product moeten vermijden dat adverteert met enorme hoeveelheden thujon."

Dus als je niet high wordt van absint, wat is er dan nog over om van te houden? De smaak is oké, maar als je niet van anijs houdt ben je de sjaak. Volgens Robinson is de aantrekkingskracht dat "het teruggrijpt naar een tragere tijd", omdat de belle époque een tijd van romantiek en innovatie was. Hij gelooft dat het vooral om het rituele karakter en de subtiele smaakveranderingen (de anijssmaak is veel smoother als het met water vermeng is) gaat dat absint zo geweldig maakt. Absint is zonder twijfel een connaisseurs drankje. Maar je bestelt het niet gewoon eventjes.

Als fervent liefhebber leek het me een goed idee om naar een paar Londense bars te gaan om uit te vinden hoe je het 't beste kan doen. De eerste stop was Sketch. Het surreële decor – eiertoiletten en een in David Shrigley-stijl gedecoreerd restaurant dat eruitziet als de binnenkant van een grote, fluwelen vagina – leek me de perfecte setting. Blijkbaar zijn het vooral vrouwen die absint bestellen, en niemand bestelt er slechts één. Ik besloot dat een absintcocktail een rustige manier was om te beginnen, en ging voor een Incognito – een mix van vlierbloesemsiroop, Hendrick's Gin, lycheesap, passievrucht, komkommer, en handgeplukte (hoe pluk je het anders?) rucola. Dit werd allemaal afgeblust met een fijne scheut La Fee-absint. De geur van absint komt direct je neus binnen, maar de smaak is zachter dan dat. Dit was in feite een gin-tonic met ballen, maar ik betwijfel of de bijzondere drinkers van absint – Baudelaire, Rimbaud, Picasso of Van Gogh – onder de indruk zouden zijn geweest.

Toen ik eenmaal een beetje aangeschoten was, besloot ik absint te proberen op de manier waarop god het bedoeld had – over een suikerklontje gegoten en dan laten smelten in een glas voordat er geleidelijk aan water aan wordt toegevoegd. Het zag eruit als troebel badwater en smaakte naar warme anijscrème – op deze manier is het makkelijk te vergeten dat je iets van 68% aan het drinken bent.

De volgende cocktail was een Death by Morning – een mix van champagne, absint, sinaasappelschil en bruine suiker. Ook hierbij werd de kracht van de absint verzacht waardoor het makkelijker was om naar de bodem van de karamel te drinken. Na dit punt werden mijn notities een beetje wazig. "Spannend!!!!!" stond er, en "Michael Fassbender". Geen idee. Vervolgens kwam een absint Old Fashioned, wat zeven minuten duurde om te mixen, terwijl het alleen maar bestond uit dezelfde ingrediënten die in de Death by Morning zaten, minus de champagne. Mijn aantekeningen zeggen hierover alleen maar: lamgeslagen.

absinthecontraption

Het absint-gevaarte van Brasserie Blanc. Foto door de auteur

Mijn volgende bestemming, Covent Garden's Brasserie Blanc, heeft blijkbaar het grootse assortiment absint in Londen. Toen ik aankwam hadden ze alleen maar La Fee. De andere flessen waren al leeg gezopen. Top! Een enorme gevaarte werd mijn kant op gebracht: een grote ijswatermachine die druppel voor druppel op een suikerklontje lekte. Elke druppel voegde zoete siroop aan mijn absint toe. Op dit punt voelde mijn tong aan alsof hij was bedekt met derdegraads brandwonden.

Omdat ik dacht dat dit is hoe Degas' drinkers het moeten hebben ervaren, hield ik vol en dronk mijn glas leeg voordat ik naar Kingsland Road's Prague Bar ging. Toen ik daar aankwam, bestelde ik een zure absint, een bittere aanslag op mijn zintuigen. Ik wankelde naar de bar en vroeg enigszins beschaamd om meer suiker. De zoetheid verzachtte alles een beetje, ook het feit dat ik nog altijd geen groene fee zag of water dat veranderde in limegroen. De nacht was geen goed moment voor reflectie. Mijn tong smeulde nog na, en het was duidelijk bedtijd.

De volgende dag realiseerde ik me dat ik door de absint op een andere manier dronken was geweest dan met welke andere drank dan ook. Misschien doordat de grote hoeveelheid alcohol snel aanslaat. Hoe het ook komt, het maakte van mij een vrolijke, energieke dronkaard, net zoals een tiener die net begint met drinken. Voor een nostalgische, draaierige, dronken high, is dit je drankje. Hou gewoon suiker bij de hand en verwacht geen trip. Zoals Robinson het subtiel verwoordt: "Er zit meer thujon in je kruidenkastje dan in absint."