Advertentie
Music by VICE

Ik bleef feesten terwijl ik depressief was en dat zette mijn leven op z’n kop

Hoe is het als je psychisch niet in orde bent en de club je enige ontsnapping lijkt te zijn?

door anoniem, illustraties door Sarah Schmitt
26 december 2017, 10:54am

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op THUMP.

Iedere clubganger heeft wel eens het shitgevoel ervaren dat twee dagen na een feest komt aanwaaien. Soms is het gewoon een slecht humeur of een slechte kater, maar soms is het een vreselijk gevoel van verdriet. Dit gevoel wordt ook wel een 'post-party depressie' genoemd. Sommige mensen beweren dat dit gevoel vanzelf wel weer weggaat, anderen adviseren je om gewoon te stoppen met feesten en zo het hele gevoel te vermijden. Maar wat als dit gevoel van verdriet blijft hangen? Wat doe je als je niet kunt praten over dat gevoel, omdat er geen duidelijke reden voor lijkt te zijn? Hoe is het als je echt depressief bent en de club je enige ontsnappingsmogelijkheid lijkt te zijn?

Depressies komen vaak voor – ongeveer 350 miljoen mensen ter wereld lijden eronder. In klinische termen wordt mijn geval dysthymie genoemd, wat volgens Wikipedia "een stemmingsstoornis is met dezelfde cognitieve en lichamelijke problemen als bij depressie, maar met minder langdurige symptomen". Omdat de symptomen bij dysthymie – die vaak worden ervaren in periodes – minder intens zijn dan bij een depressie, lopen velen er jaren mee rond voordat ze hulp zoeken en een diagnose krijgen. Ik was daar één van. De symptomen van mijn eigen conditie konden gemakkelijk toegeschreven worden aan mijn persoonlijkheid: ik was overgevoelig, pessimistisch en negatief. Deze gevoelens ervoer ik al tijdens mijn jeugd. Veel kinderen gingen zonder tegenslagen door het leven, maar ik voelde me al snel verloren.

Mijn vrienden waren niet echt behulpzaam, en door de gebruikelijke uitspraken – zoals "iedereen voelt zich wel eens zo" – voelde ik me vaak alleen maar slechter. Ik pushte mezelf om alles toch voor elkaar te krijgen, maar zelfs mijn goede resultaten op de universiteit hielpen niet om de innerlijke kritiek te stoppen. Uiteindelijk greep ik naar alcohol, dat leek de enige uitweg, maar het drinken leidde vaak tot agressie, emotionele uitbarstingen of urenlang huilen. De volgende dag voelde ik alleen maar schaamte voor wat er de vorige avond was gebeurd, waardoor ik weer in een cyclus van zelfhaat en kritiek belandde. Ik studeerde eerst in een klein stadje, maar verhuisde uiteindelijk naar Berlijn – het epicentrum van de clubcultuur – om mijn studie af te maken.

Illustraties door Sarah Schmitt

De neiging tot destructief escapisme werd in Berlijn alleen maar groter. Ik kon dagen doorbrengen in een andere en troebele staat – iets waar ik een stuk gelukkiger van werd dan van mijn eigen benauwde, nuchtere toestand. Al snel begon ik aan drugs. Ik deed het niet altijd, maar als ik het deed dan voelde ik me sterker en positiever. Misschien snap je wat ik bedoel: als je drugs op hebt ben je jezelf niet, maar tegelijkertijd ben je eigenlijk wel helemaal jezelf. De uren dat er chemicaliën door mijn lichaam stroomden, leken mijn belastende en verlammende psychische mechanismen te zijn uitgeschakeld.

Na de eerste keer mdma realiseerde ik me dat mijn oude, negatieve denkpatronen intenser werden dan ooit tevoren. Mijn goede vrienden wezen gelijk naar de drugs als schuldige, die je serotoninelevel verlagen. Ik dacht dat het allemaal wel weer goed zou komen en dat ik na een paar dagen weer de oude zou zijn, en ik dacht dat ik beter mdma kon nemen dan alcohol, omdat dat me alleen maar meer in gevaar bracht.

Ik nam steeds vaker mdma. Op het moment dat de maandag aanbrak, keek ik al uit naar het weekend. Regelmatig ging ik op stap, nam ik drugs en voelde me voor een korte tijd ontzettend goed; alleen maar om me de volgende dag nog depressiever te voelen. Er waren meerdere periodes dat ik mijn bed niet eens uit kwam. Het werd zelfs zo erg dat ik alleen colleges inplande die aan het eind van de week plaatsvonden. Ik ging ermee door omdat ik dacht dat dit de enige manier was om me in zekere mate gelukkig te voelen. Toen ik een keer op de dansvloer stond, draaide een vrouw zich om en zei: "Je bent zo blij. Volgens mij heb ik nog nooit iemand zo blij gezien." Ze stond een tijdje naar me te kijken terwijl haar vriendje haar bleef proberen weg te trekken. Uiteindelijk ging ze met hem mee.

Na verloop van tijd nam het positieve effect van feesten af en namen de bijna-breakdowns toe. De emotionele hoogtepunten gingen gepaard met de ergste dieptepunten – emotionele uitbarstingen die onderdrukte jeugdherinneringen weer naar boven haalde. Ik vond het moeilijk om na een feest naar huis te gaan, omdat ik wist dat de dip weer voor de deur zou staan. Er was een lange nacht in Club Visionaire die ik doortrok naar de top van hedonistisch clubben, de Berghain. De uitsmijters zeiden tegen me – zonder grappen – dat ik beter naar huis kon gaan en een paar uur moest gaan slapen. Daarna zouden ze me naar binnen laten. Ik volgde het advies op, maar belandde bierdrinkend ergens achter de club op een bank. Daar ontmoette ik een dakloze man die mij zijn hele levensverhaal vertelde. Hij vertelde hoe erg hij zijn dochter miste die hij al vijf jaar niet had gezien. Ik vroeg me af hoe ik überhaupt kon lopen klagen over mijn eigen situatie. Voordat ik wegging gaf ik hem tien euro; vijf euro voor alcohol en de rest voor een telefoontje naar zijn dochter. Hij accepteerde het aanbod.

Ik ging terug naar de Berghain en mocht deze keer wel doorlopen, maar na drie uur voelde ik me vervreemd tussen de mensen. Het was drie uur 's middags toen ik wegging. Ik liep met tranen in mijn ogen naar East Side Gallery, terwijl ik naar een album van Austra luisterde. Toen ik ergens in het gras ging liggen, begon ik te huilen. Ik werd omringd door zichtbaar gelukkige mensen – iemand vroeg of ze kon helpen, maar ik schudde mijn hoofd van niet.

Illustraties door Sarah Schmitt

De spiraal van zelfhaat werd in de tijd die volgde alleen maar erger. Ik realiseerde me dat ik hulp moest zoeken, maar ik kreeg het niet voor elkaar om het ook daadwerkelijk te doen. Als ik erop terugkijk was het niet in staat zijn om hulp te zoeken onderdeel van mijn ziekte. Ik ging nog steeds veel uit. Mijn vrienden adviseerden me om in therapie te gaan en na weken van proberen om de telefoon op te pakken, maakte ik eindelijk een afspraak met een therapeut. Na het eerste gesprek was gelijk duidelijk dat ik hulp nodig had. Allereerst moest ik van alle legale en illegale drugs afstappen, wat ik op dat moment echt niet kon. Ik besloot om er gewoon mee door te gaan, en bleef op zoek naar iets wat ik niet kon vinden in de club. Mijn studie leed eronder, net als de relatie met mijn toenmalige geliefde. Hoe hard je partner het ook probeert, hij of zij kan zich niet inleven in de situatie. Het is niet zo simpel als permanent verdrietig of treurig zijn – het enige wat je kunt voelen is machteloosheid.

Toen ik mijn huidige vriendin ontmoette, ging het al beter. Maar een relatie kan niet alles redden en na verloop van tijd wordt het steeds lastiger als één van de twee lijdt aan een depressie. Je kan je geen toekomst voorstellen met iemand als je je eigen toekomst niet rooskleurig ziet. Ik voelde me vaak onbegrepen wanneer ik hulpeloos probeerde uit te leggen dat dit gewoon was hoe ik was.

Ik gebruikte mijn laatste beetje energie, dat werd aangewakkerd door financiële druk van buitenaf, en haalde mijn diploma. Veel mensen hebben het over het zwarte gat in de periode na je diploma, maar ik had die leegte al een keer meegemaakt. Na het afronden van mijn scriptie ging ik alleen maar meer feesten. Niet omdat ik gelukkig was, maar het was toen echt routine. De maanden erna waren hetzelfde en mijn mentale staat verslechterde alleen maar.

Illustraties door Sarah Schmitt

Nu zie ik dat mijn leven veel beter had kunnen zijn. Dit inzicht kwam van buitenaf, bijvoorbeeld toen mijn vriendin mij de telefoon aanreikte met een nummer dat mij zou kunnen helpen. "Ik ga niet weg voordat je hebt gebeld," zei ze. Ze had gelijk. Ik vond een therapeut die mij diagnosticeerde, wat op zich al als een opluchting voelde. Erachter komen dat sommige dingen je anders maken dan anderen, en dat je je daarom af en toe gewoon niet goed voelt, betekende veel voor me. Dat gevoel van opluchting verdween natuurlijk weer, maar door de wekelijkse therapiesessies kreeg ik inzicht op hoe je gelukkig kunt worden. Zelfs als sociale situaties dit af en toe moeilijk maken.

Ik ga nog steeds uit, maar dan zonder mdma of soortgelijke drugs. Want ondanks de onderzoeken naar mdma en ketamine in psychotherapie, is de dip na een flinke avond stappen op xtc moeilijker te overkomen voor mensen met een depressie. Elke therapeut zal je adviseren om geen drugs te nemen tijdens je behandeling. En omdat ik voor de rest van mijn leven in behandeling zal zijn, moet ik dit soort stoffen permanent vermijden.

Het nachtleven is vooral of juist aantrekkelijk voor mensen die lijden onder een psychische stoornis. Als je problemen hebt met slapen – net als ik – kun je dit oplossen door uit te gaan, helemaal in een nachtstad als Berlijn. Inmiddels zijn er veel dj's die praten over hoe het nachtleven hun leven heeft veranderd; hoe die levensstijl hun mentale toestand heeft vormgegeven en wat de gevolgen daarvan zijn.

Het beeld van iemand met een depressie wordt vaak gedomineerd door het cliché van een triest persoon die in een hoekje verscholen zit en niet meer in staat is om plezier te maken. Maar als je zelf niet depressief bent, denk dan hieraan: misschien is de persoon met de depressie niet de persoon met de strakke gezichtsuitdrukking op de dansvloer – het kan ook de persoon naast je zijn, die met die glimlach om zijn mond.

Tagged:
Music
mental health
house
Noisey
MDMA
clubs
techno
Berghain
berlijn
depressie
feesten