Ik zocht uit waarom ik niet lekker ga op blowen
Foto door David Meulenbeld

Ik zocht uit waarom ik niet lekker ga op blowen

Waarom is het mij niet gegund om onderdeel uit te maken van de chille vibes van de stonercultuur, in hemelsnaam?
Lisa Lotens
Amsterdam, Netherlands
15.9.17

Er is een persoon in mijn leven, Sara heet ze, en zij houdt ontzettend van de jonko. Ze is van zichzelf al een fantastisch mens, maar het moment dat ze een joint rookt wordt ze een ontspannen mens, een grappiger mens, creatiever, energieker, maakt verbindingen in haar hoofd die ze normaal niet zou maken. Ze straalt chille vibes uit, iets waar een stevig uurtje mindfulness, je omringen met vijftien kittens of een sessie acupunctuur niet aan zou kunnen tippen. Als ze naar een feestje gaat gebruikt ze geen pillen, maar draait ze een joint - en dan staat ze de hele avond te dansen. Ik zou haar willen zijn, maar ik kan het niet, want hoe vaak ik het ook heb geprobeerd: wiet is misschien gewoon niet 'mijn drug'.

En daar baal ik stevig van. Want over het algemeen zijn mensen waar ik tegenop kijk ook stoners - denk even aan de vrouwen van Broad City, Jenny Slate, Sarah Silverman, Rihanna. Allemaal zeer coole mensen, en allemaal blowers.

Niemand kan ontkennen dat Rihanna op deze bovenstaande foto het begrip 'cool zijn' overstijgt.

En het is niet alleen dat ik baal omdat ik dan misschien wat minder cool ben dan deze mensen, maar vooral omdat ik heel erg nieuwsgierig ben naar dat ultieme gevoel dat je gewoon heel erg lekker gaat als je stoned bent.

Dat schijnbaar teringlekkere gevoel beschrijven mijn vrienden als volgt:
"Een zoemende rust, gewoon lekker content zijn"
"Alsof je zo'n plastic hondje bent dat glimlachend met z'n hoofd wiebelt"
"Ik word er sociaal van, en als ik muziek luister raak in een soort trance waardoor ik veel beter kan opgaan in muziek."

Als ik een joint rook, dan word ik me juist extreem bewust van mezelf, en hoe ik me gedraag. Als ik bijvoorbeeld een opmerking maak over hoe lekker ik de kaasstengels vind op dat moment, dan gooi ik meteen een analyse erop los waarom dat nou zo suf klonk - terwijl ik daar normaal gesproken echt niet over na zou denken. Soms heb ik een lachkick, maar dan ga ik zweten van het lachen, en erger ik me tegelijkertijd aan hoe ik aan het lachen ben. Ik voel me hartstikke sociaal ongemakkelijk. Als ik de wc inga, hoop ik dat alles er nog hetzelfde uitziet als ik de wc weer uit kom. Ik verlies ook gelijk mijn connectie met degene die naast me zit, alsof de vriendschap afstandelijker is geworden, omdat ik het gevoel heb dat ik me niet meer normaal kan gedragen. Een beetje paranoïde, zou je kunnen zeggen. Hoewel ik deze dingen prima kan rationaliseren in mijn hoofd - hey joh dit denk je alleen maar omdat je stoned bent, gek ding! - zijn ze er wel. Als ik dronken ben, en ik rook een joint, moet ik kotsen. Viben met hasj of wiet doe ik in elk geval niet.

Maar waarom, in hemelsnaam? Waarom is het mij niet gegund om onderdeel uit te maken van een cultuur waar ik zo graag bij wil horen? Waarom maakt de ganja mij geen rustig mens? Waarom zou ik nooit, als ik bijvoorbeeld ben afgewezen voor mijn droombaan, een dikke vette joint kunnen opsteken om me te kalmeren? Ligt het aan mijn persoonlijkheid, heb ik gekke genen, zit ik toevallig altijd in een verkeerde omgeving of gebruik ik gewoon de verkeerde hasj of wiet? Ik zocht het uit.

Allereerst spreek ik Natasha Mason, die als neuropsycholoog aan het promoveren is aan de Universiteit van Maastricht en onderzoek doet naar hoe thc (het psychoactieve deel van cannabis, en de stof die je high maakt) effect heeft op de chemicaliën in je brein. Zij vertelt me dat er geen eenduidig antwoord is, aangezien drugsgebruik een subjectieve ervaring is en dus voor iedereen anders. Maar uit een onderzoek van de Universiteit van Chicago blijkt dat een lage dosis thc stressverlagend kan werken, maar een hoge dosis juist angst en een algeheel rotgevoel kan vergroten.

In wiet en hasj zitten een heleboel stoffen, waarvan thc en cbd er twee zijn. Cbd zorgt ervoor dat die psychotische effecten die thc aanwakkert juist verminderen. In nederwiet is het gehalte thc ontzettend hoog en het cbd-gehalte laag – in tegenstelling tot de gehaltes van deze stoffen in wiet en hasj in het buitenland.

Ook je omgeving is belangrijk, vertelt Natasha. Onderzoek bij ratten heeft aangetoond dat angst en overmatig rationaliseren - dat wordt aangewakkerd door thc - juist versterkt door in een stressvolle, of nieuwe omgeving te zijn. Het is bovendien zo dat mensen die vaker blowen, minder negatieve effecten van wiet ervaren - maar, merkt ze op, het kan ook gewoon zo zijn dat mensen die nooit negatieve ervaringen hebben gehad met wiet of hasj, vaker blowen.

Foto door David Meulenbeld.

Leuk en aardig allemaal, maar dit verklaart nog niet waarom ik verander in een sociaal ongemakkelijke, paniekerige angsthaas, en mijn vrienden daarentegen alleen maar achterover geleund zitten en chille vibes uitstralen. Vooral niet als je je bedenkt dat ik altijd dezelfde joints rook als mijn vrienden, met hetzelfde thc-gehalte, in dezelfde vertrouwde omgeving. Hierover zegt Natasha dat het best zo zou kunnen zijn dat het met mijn persoonlijkheid te maken heeft. Ze legt uit: "De algemene gedachte is dat, zoals ik al zei, thc symptomen van angst aanwakkert. En dat heeft te maken met bepaalde chemicaliën in het brein, namelijk serotonine (geluksstofje), noradrenaline (een stofje waar je opgewekt door raakt), GABA (downer) en glutamaat (een stofje dat helpt om het brein normaal te laten functioneren, vooral als het gaat om geheugen en kennis opdoen). Als je zegt dat je zeer analytisch bent of een beetje onrustig en angstig, dan kan het zijn dat die chemicaliën in je brein anders werken dan bij meer ontspannen mensen - en dat resulteert in een gevoeligere, heftigere reactie op thc."

Volgens Floor van Bakkum van Jellinek zou het te maken kunnen hebben met het feit dat ik – inderdaad – angstig ben aangelegd, situaties nogal overdenk en misschien graag controle hou over dingen. Kortom, ik zit te veel in mijn hoofd. "Als jij er in het dagelijks leven van houdt om dingen te analyseren en in de hand te hebben, dan is het waarschijnlijk moeilijker voor jou om de controle los te laten als je een jointje hebt gerookt. Juist omdat je het tegenhoudt, ben je minder ontspannen." Als ik haar vraag hoe ik wel een stoner zou kunnen worden, vertelt ze me dat ik beter hasj- of wietjoints met een hoger cbd-gehalte kan roken, omdat volgens haar het hoge thc-gehalte bij mij - waarschijnlijk - een van de redenen, óf de boosdoener is. Maar ze drukt me vooral op het hart dat ik moet accepteren dat het zo is. En dat ik nooit en te nimmer onderdeel uit zal maken van de stonercultuur. Hè, geds.

Waarschijnlijk is dit allemaal waar, maar kan ik die angstgevoelens niet gewoon de kop indrukken? Er zal vast wel iets te buigen zijn in mijn persoonlijkheid, en bovendien: valt blowen niet te leren, zoals je leert om alcohol te drinken, bijvoorbeeld? Met die vraag bel ik Daan Keiman, van het Trimbos-instituut. Hij vertelt me dat alle effecten die ik beschrijf kenmerkend zijn voor heel veel mensen die cannabis gebruiken, en dat het heus mogelijk is voor sommige blowers om "het te leren waarderen." Want, volgens hem, weten ervaren blowers vaak precies wat de juiste omgevingsfactoren zijn die voor hen goed werken, en wat hun grenzen zijn - bijvoorbeeld lekker thuis op de bank met mensen die je vertrouwt. Maar ook hij drukt me op het hart: cannabis en jij zijn gewoon niet zulke goede vrienden.

Ik wil hem ten slotte ook nog graag vragen of het zo is dat ik gevoeliger ben voor psychosen, omdat wanneer ik tijdens het blowen naar het toilet ga, ik soms hoop dat ik er nog wel uitkom. "Nou," vertelt hij, "aanleg hebben voor psychoses is wel echt wat anders dan angstige gevoelens. Je moet vooral voorzichtig zijn als bijvoorbeeld iemand in je familie psychotisch is. Maar zelfs als je geen aanleg hebt, kun je in een psychose raken."

Mijn laatste soelaas vind ik bij mijn vriendin Anne, die me opbelt om het er even over te hebben. Als het niet per se prettig is, zou ik dit dan wel moeten willen, vraagt ze zich terecht af. Mijn verlangen om het echte stonergevoel te ervaren is hardnekkig. Anne stelt me gerust. "Weet je, je kan wel denken dat mensen die blowen het superchill hebben in het leven, maar dat is niet zo. Dat jij niet blowt, is misschien wel gewoon een hartstikke grote zegen ." Misschien moet ik dit eindelijk eens loslaten. Niet bang zijn om geen onderdeel te zijn van de stonercultuur, en me ook niet vervelend voelen over het feit dat jonko gewoon niet bij me past. Na dit vreselijk opluchtende besef voel ik me even dat plastic hondje dat met zijn hoofd op en neer beweegt: content.