De nieuwe documentaire ‘Playing Hard’ laat zien dat games maken hels kan zijn

Helaas richt de film, die nu op Netflix te zien is, zich enkel op de leidinggevenden in de ontwikkeling van ‘For Honor.’

|
12 april 2019, 9:01am

Beeld: Playing Hard

Twee maanden voordat Ubisoft het langverwachte online vechtspel For Honor zou uitbrengen, besloot producent Stéphane Cardin onaangekondigd uit het project te stappen.

Cardin vluchtte met een burn-out naar een hutje in het bos, voor wat de nieuwe documentaire Playing Hard “een intensieve therapie-retraite” noemt. In de documentaire, die nu op Netflix te zien is, wordt de ontwikkeling van For Honor vier jaar lang gevolgd. Het begint bij de pitch van het allereerste idee en eindigt met de lancering van het spel.

“Een project van vier of vijf jaar speelt op de achtergrond altijd een rol. Maar uiteindelijk wordt het je leven. Het neemt je hele levensstijl over,” zegt Cardin, terwijl we hem uitgeput naar een open haard zien staren. “Op een bepaald moment raak je het overzicht kwijt.”

Verderop in de documentaire keert Cardin terug naar het kantoor, waar hij aan het team van For Honor uitlegt wat er met hem is gebeurd. “Mijn besturingsmechanisme stopte er gewoon mee,” zegt hij. “Ik werd wakker en kon niet meer nadenken. Toen dacht ik: ik ga hulp zoeken. Dat wilde ik even met jullie delen.”

Het is een kort en krachtig moment in Playing Hard, een documentaire die een dramatische maar belangrijke blik levert op de ellende die de makers van videogames soms moeten doorstaan. Aan de ene kant lukt het de film goed om het verwoestende effect van een burn-out op leidinggevenden als Cardin te laten zien, maar tegelijkertijd wordt er amper aandacht besteed aan de rest van de werknemers, die er ongetwijfeld ook onder lijden.

Aan een videogame werken (met name aan een grotere titel als For Honor) kan stressvol en soms zelfs destructief zijn. De werknemers en hun families krijgen jarenlang te maken met alle moeilijkheden die komen kijken bij het maken van de spellen waar miljoenen mensen uiteindelijk plezier van zullen hebben. Gelukkig komen ze nu eindelijk voor zichzelf op, door te praten over vakbonden en een betere balans tussen werk en privé te zoeken.

Een van de manieren waarop werknemers in de game-industrie worden uitgebuit is ‘crunch’, waarmee het standaard overwerk dat verwacht wordt in de laatste maanden van de ontwikkeling. De medewerkers van BioWare werkten overuren om Anthem in de laatste paar maanden af te maken, wat door het bedrijf “BioWare Magic” werd genoemd. Om Gears of War 4 op tijd af te krijgen, werkten de kwaliteitsborgingwerknemers een maand lang twaalf uur per dag – soms zelfs in het weekend. Kwaliteitsborgingwerknemers zijn de mensen die het spel testen op bugs, en staat bekend als een onderbetaalde positie met veel overwerk.

Hoewel er in Playing Hard niet specifiek over crunch wordt gesproken, wijst alles erop dat er wel degelijk sprake van is. Het team maakt lange uren, heeft problemen met hun psychische gezondheid en gaat er ook fysiek op achteruit.

De film richt zich op de opvallende persoonlijkheden binnen het bedrijf die, net als Cardin, allemaal hogere functies bekleden. Playing Hard is vooral de show van Jason VandenBerghe, de creative director van For Honor. De bebaarde man die met een wandelstok in zijn hand rond paradeert, is aan het begin van het project nog een brok energie. Maar gedurende de ontwikkeling zien we hem steeds verder in een depressie afglijden.

Het was de enorme passie van VandenBerghe die Ubisoft er in eerste instantie van overtuigde om For Honor een kans te geven. Zo kreeg VandenBerghe de kans om een spel te maken wat hij naar eigen zeggen al van jongs af aan had willen spelen. Maar als het spel bijna klaar is, is VandenBerghe depressief en overwerkt.

Het is verhelderend hoe de situatie van Cardin en VandenBerghe in beeld wordt gebracht. Het is moeilijk om te zien, maar hun problemen zijn herkenbaar voor iedereen die zich weleens overwerkt heeft gevoeld. Desondanks richt de documentaire zich slechts op een paar bevoorrechte personen binnen een gigantisch miljardenbedrijf. Er werkten honderden mensen aan de ontwikkeling van From Honor, en de leidinggevenden zijn echt niet de enigen die last hebben van een burn-out. Je vraagt je af waar de verhalen van de overwerkte codeerders en het uitgeputte kwaliteitsborgingsteam zijn.

In Playing Hard horen we Cardin klagen over het aantal werknemers dat is opgestapt. De medewerkers verlaten het project en werden nooit vervangen, waardoor het team in de laatste maanden een aantal functies binnen het spel niet heeft kunnen uitwerken. Toch krijgt het publiek die werknemers nooit te zien. Door zich enkel te richten op de leiders van Ubisoft, negeert Playing Hard de verhalen van de ‘normale’ medewerkers die aan het spel hebben bijgedragen.

Cardin vertelt tegen zijn team dat hij het niemand toewenst om dezelfde hel door te maken. Op dat moment vroeg ik me af wat er zou gebeuren als iemand uit het kwaliteitsborgingsteam zijn hand had opgestoken om te vragen of hij even naar een hutje in het bos mocht. Zouden zij, tijdens de ontwikkeling van zo’n grote titel, er ook gewoon een tijdje tussenuit mogen gaan?

Volgens Ubisoft wel: iedere werknemer kan weggaan als-ie zich gestrest voelt.

“Onze bedrijfscultuur heeft zich ontwikkeld op basis van wat alle projecten en teams ons hebben geleerd,” vertelt een woordvoerder van Ubisoft me in een e-mail. "Het HR-beleid van Ubisoft Montreal met betrekking tot gezondheid, zowel fysiek als mentaal, is van toepassing op alle werknemers. Wij nemen geestelijke gezondheidskwesties zeer serieus en bieden ondersteuning via een partnerbedrijf en een verzekeringsplan.”

Als er medewerkers van Ubisoft zijn die me hier meer over willen vertellen, stuur me dan vooral een berichtje op Twitter.