Advertentie
buitenspelen

Hoe kan je wielrennen zonder een lul te zijn?

Bespaar ons alsjeblieft die zweterige bobbel in je fietsbroek.

door Nils de Lange
01 juni 2018, 3:33pm

Foto door Johnny Hetfield via Getty Images

Welkom bij een nieuwe editie van onze zeer belangrijke column over hoe je het leven kunt leven zonder een lul te zijn.

Er is een bevolkingsgroep die bij een groot deel van de Nederlanders bijzonder veel woede opwekt. Ze verplaatsen zich vaak in groepjes, jagen nietsvermoedende passanten angst aan en hoewel het natuurlijk de rotte appels zijn die het voor de goedbedoelende rest verpesten, wordt de hele groep daar op aangekeken. Ja, er zijn weinig groepen die een slechtere naam hebben dan wielrenners.

Ik heb het niet over de Tom Dumoulins en Anna van der Breggens van deze wereld – profs die voor hun werk over bergen hoger dan de sneeuwgrens fietsen zijn helden die op een zo groot mogelijk voetstuk geplaatst moeten worden. Het gaat hier om de amateurwielrenner die op zondagochtend zijn of haar lijf in een spandex pak wringt om vervolgens te transformeren tot een totale lul (m/v).

Om er voor te zorgen dat het grote publiek de amateurwielrenner weer in de armen sluit als een vergeten zak chips die je achterin je keukenkastje vindt, zijn hier een paar tips voor wielerfanaten om wat minder uit de smaak te vallen bij het trager fietsende deel van de bevolking.

Kom niet vanuit het niets met z’n tienen als een gek langsrazen

Wetenschappers zijn er nog niet helemaal uit hoe het precies kan, maar groepjes wielrenners verschijnen vaak als een soort oerknal. Eerst was er helemaal niets… En toen was er opeens een groep keihard fietsende mannen die vanuit dat niets vlak langs je scheren en waardoor je je helemaal de touwtyfus schrikt. Het zou chill zijn als wielrenners hun komst zouden aankondigen, bijvoorbeeld door even te bellen voordat ze als een raket komen langs gesuisd, of door zoals vroeger een speelkaart tussen hun spaken te steken, waardoor de boel lekker gaat ratelen en nietsvermoedende fietsers niet compleet onverwacht van de weg worden geblazen door een orkaan van wielergeweld. In grote wedstrijden kondigt het peloton zijn komst vaak aan door zich vooraf te laten gaan door een toeterende reclamekaravaan die gratis petjes en blikjes Fanta uitdeelt. Dat is ook een optie, kijk maar wat je ermee doet.

Laat die gelletjes thuis

Dat de profs allerlei malle poedertjes en gelletejes gebruiken om nog harder die berg op de razen, betekent niet dat jij dat ook moet doen. Je bent namelijk geen prof. Als je honger hebt kan je ook gewoon een banaan eten. De belangrijkste reden om die gelletejes te laten liggen ken je zelf ook wel als je ze weleens hebt gebruikt: je gaat er scheten van laten die ruiken naar een ei dat al zijn hele leven op een vuilnisbelt woont.

Bespaar de wereld die gore zweterige bobbel in je wielerbroek

Kijk, ik begrijp ook wel dat je geen zin hebt in fistels, steenpuisten en dat soort smeerlapperij, en dat je daarom zo’n strak broekje met een lap zeemleer in het kruis aantrekt. Dat is helemaal prima, echt waar. Zolang je op de fiets zit tenminste. Als jij het als wielrenner in je behelmde hoofd haalt om ergens een café binnen te lopen in je zweterige pak, met die fietsschoentjes van je nog aan, zodat ik niet anders kan dan naar die gore bobbel tussen je benen te kijken, dan heb je een probleem met mij. Dat probleem bestaat er waarschijnlijk uit dat ik bozig naar je kijk en niets durf te zeggen, maar goed. Misschien kunnen jullie wielrenners rekening houden met mijn emoties en een iets losser zittende broek aantrekken over die wielerbroek, of zo? Please?

Omarm Zwift

Zwift is een computerprogramma dat de wielrenner in staat stelt om te wielrennen vanuit het comfort van zijn eigen huis. Dit is hoe het werkt: je zet je fiets op een soort standaard, sluit die aan op je computer, start Zwift en zo kun je virtueel fietstochten maken terwijl je écht trapt. Iedereen wint: de wielrenner omdat-ie niet meer gehinderd wordt door langzaam fietsende mensen, stoplichten, auto’s, overstekende kinderen, overstekende dieren, overstekende bejaarden en andere dingen waarvan wielrenners vaak onredelijk kwaad worden, en de rest van de wereld omdat die niet meer gehinderd wordt door wielrenners.

Ren alleen wiel op daarvoor geschikte plekken zoals niet midden in een drukke stad

Er zijn bepaalde plekken die meer geschikt zijn om heel hard te fietsen dan andere. Plekken die zeer geschikt zijn om te wielrennen zijn bijvoorbeeld een velodrome of een verlaten buitengebied waar verder alleen sporadisch een dorsmaaier rondrijdt. Plekken die minder geschikt zijn om zo hard mogelijk over de weg te knallen zijn alle andere plekken, en in het bijzonder stadscentra waar ook bussen, scooters en kinderen door elkaar vliegen. Maar wat nou als je als wielrenner in de stad woont en op weg ben naar dat buitengebied waar je het over hebt? Nou, dan wacht je maar even. Ik begin toch ook niet in de tram vast aan m’n pik te trekken als ik onderweg ben naar een peepshow?

Oefen goed met je flitsende pedalen voor je op pad gaat

Het is natuurlijk frustrerend als je net je cadans had gevonden, en er springt opeens een stoplicht op rood. Je kunt doorrijden, maar dan ben je sowieso een lul. Je kunt ook stoppen, maar dan moet je wel met je wielerschoen op tijd uit dat handige kliksysteem zien te komen, anders val je om en dat doet minstens zoveel pijn aan je ego als aan de heup en schouder waarop je valt. Oefen dus voor je de weg op gaat heel goed op het in en uit je pedalen klikken. Als je dat niet doet ben je niet per se een lul, maar je ziet er wel extreem lullig uit.

Doe niet alsof je ergens heel nodig naartoe moet

Je kan als wielrenner wel doen alsof je heel veel haast hebt, maar iedereen weet dat je eigenlijk alleen je rondjes rijdt omdat je heel even geen zin hebt om te dealen met je leven – soms heb je gewoon even geen zin om wéér het fruithapje dat je schattige zoontje Jayden over zijn rompertje heeft uitgekotst op te ruimen, en dan ga je maar een stukje fietsen. Even lekker al die frustratie eruit trappen. Maar als je dan een keer in de remmen moet omdat er iemand anders is die het in zijn hoofd heeft gehaald om ook deel te nemen aan het verkeer, botvier die frustratie dan niet op deze onschuldige verkeersdeelnemer. En ben je nu een wielrenner die denkt: maar als ik in de remmen moet is mijn Strava-uitslag straks minder goed dan ik hoopte, en vinden mijn wielervrienden me straks minder goed, laat me je dan een ding vertellen: no one cares.

Doe niet stoer over je dure materiaal

Als jij zin hebt om twee maandsalarissen te besteden aan een fiets waar je een keer in de week een rondje mee door de polder tuft, is dat helemaal je goed recht. De fietsenmaker moet ook ergens van leven. Maar er zijn verder zeer weinig mensen geïnteresseerd in welke carbon zadelpen je nu weer hebt aangeschaft, door welk Japans merk je fiets is afgemonteerd, of hoe duur je nieuwe hartslagmeter was. Ga toch fietsen!

Onthoud dat het leven, net als de koers, een teamsport is

Dit klinkt misschien als het grootste cliché ooit, maar blijkbaar is het nodig om dit nog een keertje te herhalen: hou gewoon een beetje rekening met andere mensen. Als jij lekker kop over kop wil rijden, stoempen, linkeballen, aan het elastiek wil hangen of een van die andere dingen wil doen waar Maarten Ducrot het de hele zomer lang over heeft, doe je ding. Maar fiets daarbij geen andere mensen van de weg. De koers is misschien een teamsport, het leven is dat ook.

Volg VICE via Facebook, Instagram en Twitter. Wil je van nog meer dingen weten hoe je ze moet doen zonder een lul te wezen? Klik hieronder!

Tagged:
lul
Nederland
Nils de Lange
fietsen
verkeer
Wielrennen