Dit filmfestival wil dat queer moslims in Nederland zich minder eenzaam voelen

We spraken Chris Belloni, die het Queer & Migrant Film Festival oprichtte, over queer zijn in Nederland en lhbtq+'ers in Azerbeidzjan.

|
05 december 2018, 11:28am

Chris Belloni – foto door Frederieke van der Molen

How to be Gay is een nieuw programma op NPO 2, waarin presentator Margriet van der Linden onder andere naar Rusland, Libanon, China en Engeland reist om antwoord te vinden op de vraag hoe het is om gay te zijn anno 2018. Een terechte vraag, want gelijke rechten voor lhbtq+’ers zijn in een heel aantal landen nog altijd niet gerealiseerd – met uitsluiting, discriminatie en soms geweld tot gevolg.

Nog ingewikkelder kan het leven zijn voor lhbtq+’ers van kleur. In het Verenigd Koninkrijk ervaart 51 procent van deze groep racisme vanuit de gemeenschap zelf, en in Nederland zijn lhbtq+’ers met een migratieachtergrond nog erg onzichtbaar, waardoor ze te maken krijgen met uitsluiting door hun eigen etnische gemeenschap, en met racisme en fetisjering door andere lhbtq+’ers en hetero’s.

Representaties in de media van lesbiennes, queer en transgender personen en homo’s worden in Nederland wel steeds talrijker, maar vaak nog vanuit een wit perspectief. Zo niet op het Queer & Migrant Film Festival (IQMF) in Amsterdam, Den Haag, Haarlem, Rotterdam en Utrecht. Daar zie je vanaf vandaag films, exposities en debatten over seksuele diversiteit, gender-identiteit en diversiteit, met een focus op migrantengemeenschappen en niet-westerse culturen. We spraken festivaldirecteur Chris Belloni over queer-emancipatie in Nederland, en over zijn film Queer in Azerbaijan, die in première gaat op het festival.

1544007933071-Queer-1
Still uit Queer in Azerbaijan van Ramil (28) – beeld via IQMF

Broadly: Hey Chris. De films die jullie programmeren gaan voornamelijk over de struggles van lhbtq+’ers van kleur. Waar krijgt deze groep in Nederland mee te maken?
Chris Belloni: Deze groep krijgt vaak te maken met uitsluiting van twee kanten: zowel door de etnische gemeenschap waar ze bij horen, als door de lokale lhbtq+-gemeenschap zelf. Hierdoor hebben lhbtq+’ers met een migratieachtergrond vaak het gevoel dat ze nergens bij horen. Dat kan vrij eenzaam zijn, en daardoor lopen er nog altijd veel queer jongeren rond met mentale problemen en zelfs suïcidale gedachten – helaas ken ik dat ook uit mijn directe omgeving. Ook kreeg ik dit terug van de mensen in Azerbeidzjan die ik interviewde voor mijn nieuwe film, en eerder van de lhbtq+’ers die ik sprak voor mijn project I am Gay and Muslim .

Hoe kwam je voor je nieuwe film in Azerbeidzjan terecht?
Voor I am Gay and Muslim had ik contact met een vrouw die nu op de Nederlandse ambassade in de hoofdstad Bakoe werkt, en zij vroeg me om dit onderwerp te behandelen in Azerbeidzjaanse context. Azerbeidzjan is een overwegend islamitisch land, waar lhbtq+’ers niet strafbaar zijn maar zeker niet worden geaccepteerd. In mei 2017 was ik er voor het eerst, en vier maanden later hield de Azerbeidzjaanse overheid razzia’s tegen lhbtq+’ers. Hierdoor veranderde de vorm van de documentaire die ik in eerste instantie wilde maken – sommige mensen konden opeens hun verhaal niet meer doen, anderen wilden dit nu juist wél. Ze wilden uitleggen waarom ze het land wilden ontvluchten.

Dat klinkt heftig.
Ja dat was het. Ik ging om de zes weken naar Azerbeidzjan en heb van dichtbij gezien wat de impact was. Ik hoorde zelfs van sommige lhbtq+’ers dat ze tijdens de razzia’s in de gevangenis zijn verkracht. Dat is vreselijk schrijnend en verdrietig, maar toch wilde ik in mijn documentaire niet alleen maar focussen op de razzia’s.

1544007193756-Sequence-020
Still uit 'Queer in Azerbaijan' – beeld via IQMF

Ik merkte namelijk dat iedereen heel anders met de situatie daar omgaat, en de verhalen van de geïnterviewden zijn daarom ook enorm verschillend. De ene woont samen met z’n vriendje en trekt zich weinig aan van sociale verwachtingen, een ander vertelt dat ze zich op haar achttiende realiseerde dat ze alleen gelukkig zou worden met een vrouw, terwijl haar familie al aan het sparen was voor een uithuwelijking aan een man. Weer een ander verhaal gaat over een sekswerker die betaald wordt door zowel mannen als vrouwen.

Waar komt jouw interesse voor dit onderwerp vandaan?
In 2012 maakte ik de documentaire I am Gay and Muslim. Dit was in de periode van Kabinet-Rutte I [een minderheidscoalitie van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV], en ik voelde toen een urgentie om een film te maken over lhbtq+-moslims. Op dat moment kwamen homonationalistische sentimenten namelijk erg op; Wilders en veel anderen riepen constant dat migranten en moslims de oorzaak waren van seksisme, homofobie en geweld jegens lhbtq+’ers in Nederland.

1544008206849-IMG_1139-Edit-2
Chris Belloni – foto door Frederieke van der Molen

Queer moslims waren toen ook nog vrij onzichtbaar, en er was weinig aandacht voor lhbtq+’ers met een migratieachtergrond. Inmiddels hebben we een Turkse en Marokkaanse boot gehad tijdens Pride en wordt er steeds meer bekend over biculturele lhbtq+’ers in Nederland en de problemen waar zij mee te maken krijgen. Zoals uitsluiting door hun familie en omgeving, geen plek kunnen vinden in de lokale lhbtq+-gemeenschap door racisme en fetisjering, of uitbuiting door witte lhbtq+’ers.

Is dat waarom je vier jaar geleden begonnen bent met het filmfestival?
Het is belangrijk dat óók lhbtq+’ers met een migratieachtergrond zichzelf terug kunnen zien op het witte doek. Toen ik in 2014 op het International Queer & Migrant Festival in Wenen was [tegenwoordig het Transition International Queer & Minorities Festival], viel me op dat er een programmering was waarin verschillende perspectieven aan bod kwamen. De zalen waren gevuld met een divers en jong publiek – in tegenstelling tot Nederland, waar ik op conferenties en filmfestivals zoals De Roze Filmdagen vaak alleen maar witte mannen van boven de 50 zag.

Krijg jij zelf ook te maken met racisme of uitsluiting doordat je queer bent?
Mijn vader zei altijd dat je als persoon van kleur altijd hard zal moeten rennen om als volwaardig Nederlander gezien te worden. Hij is van Indonesische origine, en hoewel ikzelf niet veel met direct racisme te maken heb gehad, heb ik van mijn vader altijd meegekregen hoe het is om met alledaags en institutioneel racisme te maken te krijgen. Hierdoor kan ik, naast het feit dat ik queer ben, me inleven in deze groep en in de problemen waar zij mee te maken hebben.

Welke stappen moeten er gezet worden om de positie van queer personen met een biculturele achtergrond in Nederland te verbeteren?
Ik hoop dat er binnen gevestigde instituten zoals het COC Nederland en Amsterdam Pride snel een intersectionele en inclusieve manier van denken komt. Ik vind het tijd dat dit soort organisaties Nederlanders met een migratieachtergrond een waardige plek geven in hun besturen en in andere lagen van de organisatie. Ik zie wel dat lhbtq+-organisaties mensen met een migrantenachtergrond zoeken om voorlichting over seksuele diversiteit en genderidentiteit te geven op scholen, maar dat is niet genoeg. Je moet mensen niet alleen onderop toelaten, maar in alle lagen van een organisatie een plek geven – daardoor wordt hun perspectief onderdeel van de organisatie.

Heb je hoop voor de toekomst?
Ik zie een nieuwe generatie van intersectionele denkers in Nederland die vaste patronen en denkbeelden doorbreken – kijk maar naar initiatieven als Kick Out Zwarte Piet, die ons als land wezenlijk anders laten denken over bepaalde aspecten van onze cultuur. De queergemeenschap en de zwarte gemeenschap zijn altijd voortrekkers geweest van emancipatiebewegingen, en je ziet dat deze stemmen nu ook de mainstream bereiken. Ik denk erover na om het stokje op korte termijn aan iemand over te geven, en ik hoop dat IQMF ooit niet meer nodig zal zijn doordat andere filmfestivals inclusief zijn geworden.


Kijk hier voor meer info over de programmering van het festival, en bezoek tot en met 12 december een van de films, debatten of exposities.

Hieronder zie je een film die VICE maakte over hoe het is om gay te zijn in Albanië.