Advertentie
mentale gezondheid

Youtube-ster Sophie Ousri vertelt openhartig over leven met borderline

Ze was verbaasd hoeveel positieve reacties ze kreeg toen ze een filmpje maakte waarin ze over haar ziekte vertelde.

door Roxanne Vis
18 januari 2019, 1:53pm

Roxanne Vis

Op Blue Monday, zogenaamd de meest deprimerende dag van het jaar, vindt voor het vierde jaar op rij het Depressiegala plaats: een feestelijke avond over een serieus onderwerp. YouTube-ster Sophie Ousri (20) heeft borderline en is deze editie een van de eregasten. De vlogger wil doorgaans haar kijkers aan het lachen maken, maar sinds vorig jaar praat ze meer over haar persoonlijkheidsstoornis.

Je bent op YouTube heel openhartig over het feit dat je borderline of in je eigen woorden: bi-ba-ba-borderline — hebt. Waarom?

“Vorig jaar heb ik impulsief een video opgenomen waarin ik erover vertelde. Ik had zo’n dag waarop ik alleen maar moest huilen en me waardeloos voelde. Als ik mijn vrienden een berichtje stuur, krijg ik steeds dezelfde reactie: ‘ga lekker naar buiten’, of: ‘denk er gewoon niet aan’. Ik wilde geen reactie, ik wilde gewoon kwijt waar ik mee zat. Toen ben ik maar gaan filmen. Op dat moment voelde dat fijn. In mijn omgeving zijn psychische klachten nooit afwijkend geweest, daardoor is voor mij geen taboe om erover te praten. Pas na die video vorig jaar kwam ik erachter dat veel mensen zich schamen voor psychische problemen, dat ze bang zijn dat anderen het niet begrijpen of het raar vinden. Voor mij is het altijd een normaal onderwerp geweest. Ik hou er niet van om voor zo’n groot publiek te doen alsof het altijd goed met me gaat. Mijn fans mogen weten dat ik ook gewoon een mens ben."

Hoe werd er op die video gereageerd?

“Ik werd overladen met positieve reacties. Dat verbaasde me. Op YouTube wordt vaak negatief gedaan, ik had verwacht dat mensen zouden zeggen dat ik gewoon aandacht zocht. Maar iedereen reageerde er begripvol en ook via de mail kreeg ik veel steunbetuigingen. Wekenlang stroomde mijn mailbox vol, allemaal mensen die zich in mijn verhaal herkenden, van jongens en meisjes van dertien jaar tot mannen en vrouwen van in de dertig. Zij begonnen ook hun verhaal te delen en sommigen zeiden dat ze dankzij mij de stap hadden gezet om ook hulp te zoeken. Dat vind ik wel mooi, dat ik op een bepaalde manier mensen kan inspireren met iets wat eigen is.”

Mensen met borderline zijn over het algemeen heel impulsief en hebben last van heftige stemmingswisselingen. Hoe uit de borderline zich bij jou?

“Eerder had ik veel last van stemmingswisselingen. Nu ik antidepressiva slik is dat iets minder, maar soms voel ik nog steeds óf helemaal niets, of voel ik iets veel te intens. Mensen denken dan al snel dat je je aanstelt of overdrijft, maar ik voel dat echt. Verder heb ik moeite met empathie. Als mensen ergens mee zitten, heb ik geen medelijden met ze. Ik voel me ook nooit schuldig over dingen. Daar baal ik van.”

Wanneer kreeg je de diagnose borderline?

“Toen ik vorig jaar tien weken in een kliniek verbleef. Ik liep er al mee vanaf mijn veertiende. Ik zat op school, en iets in mij wilde niet meer leven. Op die leeftijd heb ik ook een zelfmoordpoging gedaan. Dat was op mijn school niet eens afwijkend, ik heb het bij zeker vier anderen op de havo meegemaakt. Voor mijn gevoel was iedereen daar volgens mij depressief. Ik deed aan zelfbeschadiging, vriendinnen van mij ook. We vonden dat normaal. Als ik daar nu op terugkijk, denk ik: dat had anders gekund. Ik ben wel naar psychologen geweest toen, maar ik had er geen zin in. Ik wist niet hoe ik erover moest praten. Toen ik van de middelbare school afging, ben ik in een soort mini-burn-out beland. Ik ging naar het hbo, maar onthield niets, snapte niets, had geen zin om op te staan en op mijn werk kwam ik steeds vaker niet opdagen. Op een dag kon ik niets meer en lag ik alleen nog maar in bed. Tegen de tijd dat mijn moeder een verblijf in jeugdkliniek Yes We Can Clinics had geregeld (dit kan via de GGZ, red.), was ik zo wanhopig dat ik alleen maar blij was dat ik aan mijn situatie kon ontsnappen.”

Hoe was je verblijf in die kliniek?

“Zwaar, maar ook heel fijn. De eerste vijf weken ben je afgesloten van de buitenwereld. Daarna mag je post ontvangen en een paar keer per week bellen met familieleden, maar dan alleen om te praten over de dingen waar je nooit over gepraat hebt. Dat is niet per se leuk. Wat wel rust geeft, is dat alles voor je wordt geregeld, van het eten tot de was. Het enige waar je over na hoeft te denken zijn je eigen gedachten en waar je mee zit. Het is een veilige omgeving, iedereen die daar zit herkent iets bij elkaar. In die zin is het heel fijn om daar even te zitten.”

Wat heb je gedaan in die tien weken?


“Om 06.45 uur word je letterlijk uit bed gehaald, dan doe je ochtendgym – echt een ramp – en daarna drie uur lang sporten of spelletjes. Dan drie uur therapie, drie keer in de week één-op-één met je eigen behandelaar en de andere keren met de hele groep. ’s Avonds zijn er meetings of lezingen, kijk je een documentaire of komen er ervaringsdeskundigen spreken. Je hebt elke dag dezelfde routine.”

Wat heb je eraan gehad?

"Sinds mijn verblijf daar is vooral mijn gedrag heel erg veranderd. Als ik ergens mee zit of ik heb een episode, weet ik nu hoe ik daar het beste mee om kan gaan en wat ik vooral niet moet doen. Eerder kropte ik alles op en dan kwam alles er in één keer uit. Sorry zeggen wanneer ik fout zit kon ik voorheen ook nooit, nu wel. Ik kan dingen nu vanuit beide perspectieven zien en ook mijn eigen aandeel erkennen. Eerder vond ik altijd dat iedereen mij iets aandeed en dat ik zelf nooit iets fout deed. Uiteindelijk zat ik lekkerder in mijn vel. Maar dat thuis volhouden viel niet mee. Dat vroege opstaan bleek al snel te veel gevraagd. Je krijgt nog wel tien weken nazorg, maar daarna sta je er weer alleen voor.”

Hoe gaat het nu met je?

Het gaat, met ups en downs. Nog steeds kan ik maar maximaal twee dingen op een dag plannen, anders word ik gek, dan is het gelijk te veel. Stom vind ik dat. Ik moet een vervolgtraject in voor therapie, maar je kunt niet gelijk overal terecht. Ik sta al sinds maart vorig jaar op de wachtlijst voor MBT, (Mentaliseren Bevorderende Therapie, waarin je leert om je eigen acties, gevoelens en die van anderen te begrijpen, red.). Daar hoop ik ergens in de komende vier maanden aan te kunnen beginnen.”

Wat raad je mensen met borderline en hun omgeving aan?

“Als iemand in je omgeving het heeft, lees je dan in, google het. Anders ga je heel vaak denken: what the fuck gebeurt hier nou? Dat heb ik soms ook bij mezelf. Het is vooral belangrijk dat mensen begrijpen dat je gevoelens valid zijn, dat je dingen echt iets intenser voelt. Ik krijg vaak de reactie: ‘er zijn zoveel mensen die jou willen zijn, je hebt zoveel fans, waarom overdrijf je zo, maak het niet zo groot.’ Dat zijn dingen die je beter niet kan zeggen. Als de borderline het woord voert in mijn hoofd denk ik een paar uur later ook: wat was ik aan het doen? Maar op zulke momenten ben je niet jezelf. Daar ben ik me nu heel bewust van. Eerder niet, en dan is het allemaal een stuk moeilijker. Zit je zelf ergens mee, dan hoop ik dat je de stap naar hulpverlening durft te zetten. Zodat het niet zo ver komt als dat het bij mij is gekomen.”

Als jij of iemand uit je omgeving worstelt met een depressie, angst of andere psychische problemen, neem dan contact op met
MIND voor informatie of om te chatten of te appen met een medewerker.

Denk jij aan zelfdoding? Of ken jij iemand die aan zelfdoding denkt? Neem contact op met
113 Online of bel 0900-0113.

Volg ons op Facebook voor meer gezondheidsverhalen en advies voor onvolmaakte mensen.