Advertentie
wiet

Ik was 15 en kreeg een wietpsychose

Ik zat gevangen in een onherkenbare realiteit en niemand had het door – tot ik met de televisie ging gooien.

door Gwen van der Zwan
20 april 2018, 7:30am

Ik als 15-jarige rebel.

De avond dat ik een psychose kreeg waren mijn ouders de hort op. Ik was thuis met mijn dertienjarige broertje en mijn vriend Kip, een punker met een hanenkam waar hij iedere ochtend behanglijm in deed. Ik had al een fles wijn achter de kiezen en twijfelde dan ook geen moment toen mijn broertje een dikke joint opstak en hem doorgaf aan mij. Ik was stoer, ik was 15 en mijn prefrontale kwab was nog niet ontwikkeld. Risico's nam ik bij de vleet.

Van de joint die werd doorgegeven nam ik een paar flinke trekken. Mijn broertje ging iets anders doen, Kip en ik bleven muziek luisteren op mijn kamer. Al vrij snel ging het mis. Ik voelde me niet zo lekker, liep naar de spiegel en zag daar iets wat niet bepaald op mij leek. Mijn spiegelbeeld had nog het meest weg van een stuk boomschors. Geschrokken voelde ik aan mijn gezicht. Maar wat ik zag werd daardoor alleen maar bevestigd. Ik zag er niet alleen uit als boomschors, ik voelde ook als boomschors.

Dit was het moment waarop stoned zijn overging in een psychose, vertelt Albert Batalla Cases me, jaren na die avond. Hij promoveerde op de relatie tussen cannabis en psychotische stoornissen en is werkzaam als psychiater. Ik belde hem op om meer te begrijpen van wietpsychoses. “Psychoses bestaan vaak uit hallucinaties en waanideeën. En boomschors zien op plekken waar anderen dat niet zien, is een hallucinatie.”

Geschrokken draaide ik me weg van de spiegel, en toen ging het pas echt mis. De realiteit zoals ik die kende was nergens meer te bekennen. Als je nooit hebt meegemaakt hoe het is om de wereld volledig anders waar te nemen, is het moeilijk voor te stellen dat dit kan. Maar het kan wel degelijk. Het valt nog het beste te vergelijken met de scènes in Stranger Things waarin Will de ‘Upside Down' binnengaat. In die scènes zie je het groepje vrienden in de realiteit zoals ze die gewend zijn, als Will die ineens verliest. Hij is alleen, hij is ergens anders, het is beangstigend en hij heeft geen controle over of en wanneer hij weer normaal wordt. Alleen was aan mijn realiteit – in tegenstelling tot die van Will – echt geen touw meer vast te knopen. Ik kwam terecht in de waan dat ik zat opgesloten in een seconde. Natuurlijk kun je niet opgesloten zitten in secondes. Maar toch zat ik het.

Na een tijdje raakte ik bewusteloos, maar toen ik wakker werd begon het van voren af aan.

Batalla Cases zegt dat je de wereld inderdaad anders waarneemt tijdens een (wiet)psychose. “Wetenschappelijk gezien heeft dat te maken met gebieden in de hersenen die aangetast worden. De volgende stap is dat deze beleving je emoties en gedrag gaan beïnvloeden.”

En dat deed het.

Kip lag nog steeds in bed te zappen en had niets in de gaten. Dat veranderde toen ik plots de televisie – en we spreken over 2005, televisies waren nog groot en zwaar – oppakte, boven mijn hoofd tilde en in zijn richting gooide. Dit verstoorde zijn ‘chillsessie’, zoals hij dat graag noemde, nogal. Maar hier bleef het niet bij. Ik trok alles van de muren en begon ermee te gooien. Dit onder begeleiding van keihard gegil.

Omdat ik ervan overtuigd was dat ik een stuk boomschors was en opgesloten zat in een seconde was ik behoorlijk ongelukkig. Luid krijsend, gillend en kermend trok ik mijn hele kamer overhoop. Punkvriend Kip stond inmiddels huilend op de gang. Mijn dertienjarige broertje was een stuk dapperder en probeerde me te kalmeren. Dit lukte maar mondsjesmaat. Ik was totaal doorgedraaid. Op een gegeven moment ben ik bewusteloos geraakt. Toen ik weer wakker werd begon het van voren af aan. Zo ging het uren door. Het maakte niet uit wat anderen tegen me zeiden. Ik zag ze niet eens. Vaag nam ik een soort op Duplo lijkende figuren waar die iets zeiden dat niet strookte met mijn realiteit. Dit klinkt krankzinnig, maar dat was ik in zekere zin ook.

Uiteindelijk heeft mijn broertje mijn ouders gebeld. Ik heb toen ook nog even met mijn vader gesproken. Dat wil zeggen: ik heb hem verteld dat hij dood was. Ik was niet in staat een zinnig gesprek te voeren. Mijn ouders zijn naar huis gekomen en hebben me met fysieke dwang gekalmeerd. Nadat ik flink gekotst had ben ik van pure uitputting uiteindelijk knock-out gegaan in hun armen. Toen ik de volgende dag wakker werd was de psychose voorbij.

Het is inmiddels twaalf jaar geleden en ik heb het sindsdien nog één keer in mijn hoofd gehaald om te blowen. Toen ik een jaar of 19 was rookte ik weer een flinke toeter, kreeg weer een wietpsychose (zij het in mindere mate) en ben toen de hele nacht door een vriend met flinke spierballen in een houdgreep in bedwang gehouden. Hierna heb ik nooit meer geblowd en ik heb ook niet de minste behoefte om dit te doen. Ook met andere drugs ben ik voorzichtig. Maar omdat ik weet dat het niet gebruiken van drugs een psychose niet uitsluit, ben ik lange tijd bang geweest dat ik er spontaan een zou krijgen.

“Sommige mensen hoeven maar een keer te blowen om terecht te komen in een psychose die nooit meer overgaat.”

Volgens Batalla Cases is dit een reële angst. “Als je door het roken van cannabis een psychose krijgt, impliceert dat een zekere gevoeligheid voor psychoses. Deze gevoeligheid is vaak moeilijk te voorspellen. Sommige mensen krijgen nooit een psychose, hoeveel drugs ze ook gebruiken. Anderen hoeven maar een keer te blowen om terecht te komen in een psychose die nooit meer overgaat.”

Batalla Cases drukt me daarom op het hart voorzichtig te zijn op momenten dat ik word blootgesteld aan stressoren die erom bekend staan psychoses te triggeren. “Hieronder valt het gebruik van drugs, problemen thuis, het overlijden van een dierbare, maar ook sociale isolatie en de periode tijdens en vlak na de zwangerschap. Naast dit soort stressoren, en genetische aanleg, vergroot blowen op jonge leeftijd het risico op een psychose enorm.”

Op basis van een onderzoek concludeert het Instituut voor Psychiatrie, Psychologie en Neurowetenschap van het Londense King’s College dat het risico op een psychose driemaal zo groot is bij gebruikers van wiet. Bij dagelijkse gebruikers is dat risico zelfs vijf keer groter. 24 procent van de gevallen van psychose houdt verband met het roken van cannabis. Ook Hannelore Ehrenreich van het Duitse Max Planck Institute of Experimental Medicine vond soortgelijke resultaten in een recente studie onder 1200 mensen met psychoses. Hieruit bleek dat mensen die cannabis roken voor hun achttiende een veel grotere kans hebben om op jonge leeftijd een psychose te ervaren. Uit haar studie bleek ook dat alcoholgebruik en genetische aanleg geen invloed hebben op het risico, maar wiet wel. “Cannabisgebruik tijdens de puberteit vergroot het risico op een psychose enorm,” zegt Ehrenreich.

Waarom mijn psychose over boomschors en secondes ging is moeilijk te zeggen. Wel weet Batalla Cases te vertellen dat psychoses vaak tijd- en cultuurgebonden zijn. “In 1815 waren er veel mensen die zich Napoleon waanden. Tegenwoordig hebben veel psychoses te maken met chips en computers. Psychoses zijn dus duidelijk gelinkt aan wat mensen dagelijks bezighoudt. Het thema van de psychose maakt overigens niet uit voor de behandeling. Die is meestal hetzelfde en erg effectief: een antipsychoticum met therapie.”

De vriendschap tussen mij en Kip heeft na mijn psychose niet lang meer geduurd. Of dat kwam doordat hij bang voor me was of dat ik hem een lafaard vond weet ik niet. Waarschijnlijk allebei. Om te voorkomen dat ik zelf ooit huilend op een gang sta, vroeg ik Batalla Cases tot slot nog wat tips om te kunnen dealen met iemand die een wietpsychose doormaakt.

“Als je aan het blowen bent met wat vrienden en een van hen krijgt een psychose, plaats diegene dan in een rustige omgeving met zo weinig mogelijk prikkels. Als het escaleert kun je de huisarts bellen en eventueel kiezen voor een tijdelijke opname. Maar bijna altijd gaat een kortdurende psychose die ontstaat naar aanleiding van drugs vanzelf weer over na een paar uur.”

Als het langer duurt ben je volgens Batalla Cases waarschijnlijk een van de pechvogels die er een psychotische stoornis aan overhoudt, maar niet getreurd. Alhoewel zo’n stoornis extreem ingrijpend is, is dit over het algemeen dus prima te behandelen. Het hoeft niet het einde van de wereld te betekenen. Ik spreek uit ervaring als ik zeg dat je, ook als je meerdere psychoses hebt gehad, alsnog een normaal leven kan leiden, kan studeren, werken en verliefd kan worden. Daarnaast ben je net ietsje wijzer dan de rest. Want het zien van de ‘Upside Down’ leert je veel over de kwetsbaarheid van de menselijke psyche en het gebrek aan een objectieve werkelijkheid. Ik weet als geen ander dat werkelijkheid niet aan de gewaarwording vooraf gaat, omdat ze elkaars bestaansvoorwaarde zijn. Of zoals de natuurkundige Niels Bohr zei: “Er is geen objectieve werkelijkheid los van onze waarneming, dus die kunnen we nooit kennen.”