Gabber
Foto's door Basile Rabaey

Een middagje hakken bij de meest iconische gabbercultshop van de Benelux

In het Belgische stadje Kortrijk ontmoette ik hardcorefans, ravemoeders en rolstoelgabbertje. “Mop mop mop, gas erop!!!”
12.4.18

Wat je moet weten over het stadje Kortrijk, in het westen van België, is dit: er is een fijn winkelstraatje, zaterdagavonden staan in het teken van flessen Grey Goose bestellen in een danscafé, en als er ergens een pleintje wordt vernieuwd is dat het grootste nieuws van de maand. In de ogen van de grootstedelijke buitenstaander is Kortrijk een stad waar de meeste edge ‘m zit in het feit dat er een reusachtige sculptuur van een vrouw met een ontblote tiet aan het water staat.

Advertentie

Maar twee keer per jaar wordt de burgerlijkheid ontwricht: dan denderen meer dan honderd jonge en oude gabbers in Thunderdome-vestjes en Australian-broeken uit het station, richting DC’s Special, een van de laatste en meest iconische gabbercultshops van de Benelux. Eigenaar Dimitri Christiaens (36) organiseert er al sinds 1999 gabbermeetings. Wat begon met tien vrienden die samen een biertje dronken, groeide uit tot een bijeenkomst waar mensen vanuit heel Europa op afkomen, om te laten zien dat ze nog lang niet van plan zijn om de handdoek in de ring te gooien als het op gabberen aankomt.

Als tiener maakte zo’n plotselinge stoet van kaalgeschoren koppen in mijn stad indruk. Als ik ze tegenkwam had ik op mijn bovenlip prompt een snor van angstzweetdruppels. Later maakte die schrik plaats voor fascinatie: wat maakt dat kleine, gekke winkeltje zo bijzonder dat aanhangers van het hardste en grootste rave-fenomeen binnen de dance-industrie uren reizen om hierheen te komen? Afgelopen zaterdag was er weer zo’n meeting en deze keer was ik erbij.

Voor de winkel, die verstopt zit achter een zuil in het hoekje van een plein, verzamelen zich mannen en vrouwen die voor de gelegenheid hun Air Max hebben gepoetst, een felroze 100% Hardcore-vest uit de kast hebben getrokken, en er niet voor terugdeinzen om bretels in te zetten als mode-accessoire.

Gabbermoeders met kinderwagens vallen oude feestvrienden in de armen, jongens in A.C.A.B.-shirts hakken in de zon, de tong vrolijk uit de mond wapperend, er zijn pitbulls in alle soorten en maten, en vanaf het terras van café Onder de Olijfboom tien meter verderop fronsen theedrinkende dames in pastelgele mantelpakjes de boel toe. Er wordt Frans gesproken, Nederlands en een enkeling brult iets in het Engels, zoals “Once hardcore, always hardcore!”

Het grootste groepje gezelligheid bestaat uit een gezin: gabbermoeder Antilla met haar zeven zonen. Haar haren zijn blauw geverfd en een paar jaar geleden was ze nog dusdanig hard aan het hakken dat ze door haar achillespees ging. Ze wrijft over de bol van haar oudste, die 17 is. “Vanochtend heb ik met heel veel traantjes in de ogen de zijkanten van zijn hoofd geschoren. Kleine kindjes worden groot,” zegt ze met ogen bol van trots. Bij haar andere kinderen zijn de haren strak naar achter gekamd met een flinke klodder gel. Een filmpje op haar telefoon laat zien hoe haar jongste zoon – een peuter – zijn kleine vuistje balt en op muziek in de lucht pompt. “Je ziet: het zit in de genen.”

Met haar vrienden praat ze over de laatste Masters of Hardcore, waar ze niet heen kon omdat ze thuisbleef voor de kinderen. “Toen ik vanochtend deze kleding aantrok zei mijn zoon: “Wow, mama, het is lang geleden dat we elkaar zo gezien hebben.” De kinderen zien me niet zo vaak meer in mijn gabberelement.”

“Hier zijn enkel de diehard gabbers die er al in de beginjaren bij waren,” vertelt een Fransman die vanochtend drie uur in de auto heeft gezeten om hier te komen. “Sommigen gaan nog maar één keer per jaar uit, anderen nog elke week. Sommigen gaan altijd met een groepje, anderen gaan alleen de deur uit. Dat is het mooie aan het hardcoremilieu: als gabber kom je nooit alleen. Je bent één familie – voor het leven.”

Iedereen die zijn beste herinnering aan het uitgaansleven deelt, haalt unaniem het totaalplaatje aan: elk feest, elke zweetdruppel, elke aan gort gedanste sneaker, elke keer “mop mop mop, gas erop!!!” roepen. Af en toe worden gesprekken onderbroken omdat de dj een klassieker draait. Of omdat iedereens lievelingsmens langskomt: rolstoelstoelgabbertje.

De bijnaam die Nederlanders ooit aan de Belgische Bjorn gegeven hebben, staat in potsierlijke letters op de wielen van zijn rolstoel geschreven. “Ik was twaalf jaar toen ik naar mijn eerste feest ging: Thunderdome in Antwerpen, 1997. Hier kom ik nog mensen tegen die ik toen heb leren kennen,” vertelt hij. Mensen die plots terug zijn van nooit helemaal weggeweest.

Hij gaat al twintig jaar lang naar alle grote feesten, van Duitsland tot Nederland, en wordt overal als een gabberkoning met stoel en al de lucht in gehesen. Iedereen kent en respecteert hem, ook artiesten. Dat maakt van hem de gast die met de vrouwen van Rotterdam Terror Corps op het podium mag.

Advertentie

“De vriendschap, liefde en aanvaarding die in deze scene hangt trekt je overal doorheen!”, vertelt rolstoelgabbertje. Hij was negentien toen een mysterieus virus hem in de stoel dwong. “Dit is de enige plek waar mensen me niet anders zijn gaan bekijken. Ik bleef erbij horen.”

Rolstoelgabbertje Bjorn met Dimitri, de eigenaar van de shop en een meid in een puik trainingspakkie die de muziek erg serieus neemt.

Samen met rolstoelgabbertje is shopeigenaar Dimitri een van de eerste gabbers van België. Toen hij 13 was leerde hij op een camping in Zeeland van Nederlanders wie Rob G was en hoe je erop moest bewegen. Hij werd verliefd, begon alle mogelijk denkbare feesten af te struinen en opende toen hij 18 werd dit winkeltje. Toen nog twee rekjes met een paar petjes, schoenen en trainingspakken, nu een schaamteloze viering van de gabbercultuur.

“Als er in hier of in Nederland een groot festival als Dominator of Defqon is, vliegen mensen uit het buitenland op Brussel om eerst hierheen te komen. We krijgen bezoekers uit Zwitserland, Chili en Japan en leveren tot in Australië. Deze winkel is een paradijs voor een liefhebber.”

Dat komt deels door het gigantische aanbod merken en artikelen, deels omdat Dimitri als een van de eersten met grote merken begon samen te werken om in plaats van enkel unisex ook collecties voor vrouwen te maken. Maar de shop heeft vooral een cultstatus bereikt door wat er aan de muren en het plafond hangt: zijn persoonlijke verzameling flyers en posters van legendarische gabberfeesten uit de jaren negentig. Van alle feesten waar hij heen is gegaan sinds hij 13 was.

Advertentie

Een flyer van Thunderdome in Leeuwarden in 1998 bijvoorbeeld, of Mysteryland in Utrecht in datzelfde jaar. En ook van feesten in legendarische clubs die de gabbermuziek en -cultuur in België op de kaart hebben gezet. Een flyer van een feest in La Bush in Doornik, in 1998. Of van Shadowlands on Tour in Cherry Moon in Lokeren in 1997. Die blaadjes aan het plafond zijn samen duizenden euro’s waard.

“Verzamelaars worden gek als ze dit plafond zien. De oude garde heeft het gevoel weer in hun jeugdslaapkamer te staan en de nieuwe generatie gabbers is enorm gefascineerd. Ze willen alles horen over de feesten van vroeger en de clubs waar we elk weekend opeengepakt in een autootje of partybus naartoe reden.’

Dimitri toen hij als jonge knaap na een feest op de bus naar huis in slaap viel vs. Dimitri nu. “Elke gabber die deze oude foto ziet, ziet direct aan mijn kleren: dit is terror!” (linkerfoto met dank aan Dimitri)

Er hangt ook een flyer van Dimitri’s eerste feest: ‘Global Hardcore Nation in het Sportpaleis van Antwerpen, 1997. Twintigduizend hoofden gingen als een dansend tapijt op en neer. Om de zoveel tijd ging het dak open om te verluchten zodat we konden blijven ademen. Zodat we konden blijven rechtdoor gaan.” Dat is de bekendste Vlaamse gabberuitdrukking. Het ‘uit je dak gaan’ van België: “Gewoon feesten en je op niets anders focussen. Niet in fucking zijweggetjes liggen kloten!” Ook zijn allereerste kledingstuk heeft hij nog: een bomberjack van Thunderdome, met een hoge kraag die je kunt omvouwen. “Dat is nu een verzamelstuk en meer dan 700 euro waard.”

Dat deze shop een van de laatste fysieke hardcorewinkels in de Benelux is, komt doordat veel winkels zijn overgeschakeld naar online verkoop. Daar valt meer winst uit te halen. Maar Dimitri doet er alles aan om ervoor te zorgen dat DC’s Special kan blijven bestaan.

“Als er nieuwe collecties komen, houden we met het personeel een modeshow en gaan we live op facebook. We vragen dj’s als Noisekick en dj Bass om in de shop te komen draaien. We zorgen voor een collectie Nike Air Max Classic BW, de gouden gabberschoen, die zo indrukwekkend is dat mensen er een foto van willen komen nemen. En we blijven bijeenkomsten organiseren. Een winkel als deze is een belangrijk onderdeel van de gabbercultuur. Mensen komen thuis. Er heerst samenhorigheid. En ik zal er alles aan doen zodat-ie blijft bestaan.”

Volg VICE op Facebook, Instagram en Twitter.