locomia
Locomía met in het midden Joop Gard. Foto met dank aan Joop Gard Passchier. 

De dansgroep Locomía was de sensatie van Ibiza in de jaren tachtig

We spraken het Nederlandse ex-lid Joop Gard Passchier over hun gloriedagen, de broeierige intriges en hun extravagante puntschoenen die ook bij Freddie Mercury in de smaak vielen.
Tim Fraanje
Amsterdam, NL

Het zijn de jaren tachtig op Ibiza. De zon streelt de heuvels van het eiland met zijn eerste ochtendstralen terwijl flarden muziek en euforisch gejoel opstijgen uit openluchtdiscotheek Ku. Het zwembad puilt uit van de gebruinde lijven, een publiek van internationale celebrities drinkt cocktails. Op een verhoging dansen vier jonge mannen in breedschouderige kostuums die met grote waaiers duizelingwekkende trucs uitvoeren, hun haren wapperend in de zomerbries: Locomía. 

Advertentie

Het gelijknamige lied Locomía dat deze sensationele waaierboyband in 1989 zou uitbrengen staat steevast in mijn party-playlists sinds ik in de krochten van YouTube één van hun video’s tegenkwam. Ik dacht (ondanks de tientallen miljoenen views) dat het een nogal obscure vondst was, want ik hoorde verder eigenlijk nooit wat over de band. 

Totdat ik onlangs bij de opening van het vernieuwde schoenenmuseum in Waalwijk was. Daar viel mijn oog op een paar extreem lange puntschoenen in een vitrine, die door Freddie Mercury werden gedragen in de Queen-videoclip I’m going slightly mad

Op een videoscherm was de man te zien die de schoenen destijds aan de rockster cadeau gaf voor zijn verjaardag: Joop Gard Passchier, een ex-lid van Locomía dat uit Nederland bleek te komen. Hij runde in de jaren tachtig een boetiek waar de band zelfgemaakte podiumkostuums en schoenen verkocht. Toen ik Joop een mail stuurde om hier meer over te weten te komen, wees hij me erop dat er op de Spaanstalige streamingdienst Movistar Plus+ (zo’n vier miljoen abonnees) net een driedelige documentaire over Locomía is verschenen. Een mooie aanleiding voor een interview over buitenlandse roem, broeierige intriges en stappen met Patty Brard. 

Advertentie

Joop werkt nog altijd als kostuumontwerper en stylist en heeft samen met visagist Roberto Dresia modestudio Boccabacio in Den Haag. Ze ontvangen me in hun atelier, een grote hal met daarin een rode loper, spiegels en allerlei uitgestalde verzamelingen: barbiepoppen, Venetiaanse maskers en foto’s van Marilyn Monroe. Joop zet een kopje koffie voor me neer en een gouden etagère overladen met chocolaatjes. “Ach pak toch wat, joh,” dringt hij aan.

Onder mijn koffiekopje ligt een bierviltje waarop het logo van de Top 2000 staat, het televisieprogramma waar Joop in 2019 aanschoof om over zijn cadeau aan Freddie Mercury te vertellen. Presentator Matthijs van Nieuwkerk was zeer onder de indruk van de “ti-ta-tovenaar-schoenen”, maar Locomía zelf kwam niet aan bod. Dat is ergens jammer, want de schoenen die Mercury droeg vormen een onderdeel van een levensverhaal dat in de Spaanstalige wereld miljoenen mensen aan hun scherm kluistert. Daar staat Joop bekend als ‘Gard’, want “met de naam Joop trek je geen volle zalen.” 

Dat Locomía in Nederland niet zo bekend is, komt volgens Joop doordat hun muziek hier niet werd uitgebracht. “Locomía is destijds nummer 1 geweest in Spanje, er is een tournee door alle Spaanstalige landen en door Zuid-Europa geweest. En het bestaat nog steeds, met een jonge garde. Maar mensen uit Spanje brengen liever iets uit in Mexico of Argentinië dan in Nederland. Die landen zijn giga.” Andersom is Nederland volgens Joop niet zo geïnteresseerd in het buitenland. “Nederland is een te klein land en het wordt ook klein gehouden in de showbusiness. Kijk op tv… het is één kliek. Ik kijk niet meer, want ik vind er geen reet aan, het zijn allemaal dezelfde mensen. Kan mij het schelen of André Hazes een tosti eet of dat-ie ruzie heeft met zijn vriendin.” 

Advertentie

Terwijl Joop de documentaire opzoekt op zijn telefoon, begint hij te vertellen. “Begin jaren tachtig was ik geloof ik twintig. Ik woonde in Noordwijk en ging op vakantie naar Spanje. Daar ontmoette ik een Spaanse jongen, Xavier. Hij maakte die puntschoenen, dat was zijn ding. En ik was ook creatief bezig met kleding.” 

Joop en Xavier werden verliefd. Joop schreef een tijdlang brieven naar zijn eerste liefde en ging af en toe met de bus naar Barcelona, waar Xavier woonde. Totdat ze samen met twee andere Spanjaarden, Luis en Manolo, naar Ibiza vertrokken om daar te dansen in de clubs. “Ik werkte in Den Haag in een kledingzaak, en heb alles opgezegd. Ik dacht... het is voor een paar weken, een zomertje. Toen zijn we Locomía begonnen, met die kleding, en schoenen, en waaiers. Een beetje de dandy glam-look. Zo dansten we in de Ku, de grootste openluchtdiscotheek van Europa.” 

Joop laat me het eerste kwartier van de documentaire zien, die begint met beelden uit de begintijd van Locomía. “Kijk, dit ben ik. Wat was ik knap vroeger, hahaha. Luis, Manolo, Xavier… dat is hoe hij er toen uitzag.” Als Xavier voor het eerst in beeld komt, inmiddels kaal, moet Joop weer lachen. “En dat is hoe hij er nu uitziet, met al die tattoos op zijn hoofd.” 

Xavier schetst de situatie met zware stem in de voice-over, Joop voorziet in vertaling en commentaar. “Het gaat ook over Spanje hè? Dat ze het heel moeilijk hadden. Zo begint het. Hij zegt: ik was heel kleurrijk, en Spanje was grijs. Ze moesten stiekem uitgaan en homo zijn mocht helemáál niet. En toen had je die revolutie, met schieten en alles.” Op Joops telefoon komen beelden voorbij van brandende gebouwen. “Toen werd Franco eruit gedonderd.” 

Advertentie

Het vrijheidsvuur dat volgde op het afzetten van de dictator werd door Locomía al wapperend met hun waaiers verder aangewakkerd. “Wij kleedden ons hoe we wilden, met make-up, met dat haar. Veel Spanjaarden kunnen dat waarderen. Hele fanclubs hebben we. Ze zeggen: jullie hebben ons bevrijd, jullie zijn een voorbeeld. En niet alleen in Spanje, maar ook in Spaanstalige landen. Argentinië, Peru, Mexico, noem maar op.”

Joop Gard passchier

Joop (Gard) in de boetiek in Ibiza. Foto met dank aan Joop Gard Passchier

Naast hun nachtelijke dansoptredens runde Locomía een boetiek, met op de benedenverdieping een bar. “We deden maar wat, lekker op zijn Spaans zal ik maar zeggen. Kleding die we 's avonds aanhadden met optreden, die hingen we de volgende dag in de boetiek, en dat werd dan verkocht. Het waren gordijnachtige stoffen, zware stoffen, meubelstoffen. Bloedheet, maar het zag er wel mooi uit. Veel mensen vonden het wel een leuk souvenir om een gewaad van Locomía te hebben. Later hebben we allemaal merchandise gemaakt, glazen asbakken, weet ik het allemaal. Om vijf uur ging die boetiek open, tot twaalf, en dan gingen we in vol ornaat dansen in de club.” 

Brak was Joop eigenlijk nooit, zegt hij. “Op die leeftijd kun je blijkbaar een hoop hebben. Nou moet ik er niet aan denken hahaha. We dronken altijd coco loco, een cocktail met veel rum en kokos. Líters gingen erdoorheen.” Er kwamen geregeld sterren over de vloer. “Harrison Ford, de celebrities van toen. Grace Jones, Kid Creole and the Coconuts. Duran Duran. En Freddie Mercury, natuurlijk.” 

Advertentie

Ook Locomía zelf werd zo langzaamaan beroemd. Ze dansten tijdens een paar optredens van David Bowie en in een Italiaans programma met Tracy Spencer, de Britse Italo-zangeres. “We kwamen aan in Verona, en op het vliegveld stond een heel grote limousine. Wij gingen er gelijk in zitten en zeiden tegen de chauffeur in welk hotel we moesten zijn. Later hoorden we dat die limo voor Tracy was, natuurlijk. Wij hadden gewoon met de taxi gemoeten. We waren in Ibiza al wel bekend, maar we hadden ook kapsones. Maar ze vond het niet erg, hoor.” 

In de hoek van het atelier laat Joop me de vitrine vol Locomía-memorabilia, posters en een bedrukte crop-top zien. “Het is een oud kreng, het is allemaal oud. Ik zelf ook.” We bladeren door mappen Ibiza-flyers, waarop evenementen als de Miss Waterfall-verkiezing en de Mister Tanga-avond worden aangeprezen. Joop wijst de celebs aan op de feestkiekjes uit de clubs. “Dit is Patty Brard in die tijd, ze was net uit Luv’. Ze kwam bij ons thuis, voor kleding, en we raakten een beetje bevriend. In die tijd ging ze nog met Carlo Nasi (Fiat-erfgenaam en producer, red.), maar in Ibiza ging ze los in het nachtleven, zal ik maar zeggen. Hahahaha.”

Hij pakt een boek waarin een Top 50 met fenomenen van Ibiza is samengesteld. “Hier, de Full Moon Party, het Pikes Hotel. Atlantis, dat is een heel apart strandgebied. Maar wie staat er op de elfde plek? Locomía. We staan nog boven de Café del Mar-CD’s, doei! Bora Bora, doei! Hippies. Het is de Top 50 en wij staan op de elfde plaats. Is toch grappig?” 

Advertentie
New Project (83).png

De molen en een goudgeschilderde Joop tijdens de Miss Fantasy-verkiezing. Foto met dank aan Joop Gard Passchier.

Maar voordat Locomía écht doorbrak en een eerste plaat uitbracht, was Joop er al mee gestopt. “In 1990 ben ik eruit gegaan. Vanwege intriges.” Hij vertelt hoe heel Locomía in een molen woonde: hijzelf, Xavier, Manolo en Xaviers broer Luis. “Het was één grote familie.” Maar toen bleek dat de familie nog hechter was dan hij dacht, begonnen er spanningen te ontstaan. “Xavier zei tegen mij dat Manolo zijn ex-vriend was, en tegen Manolo zei hij dat ik een gewone vriend was. Hij heeft ons toen al belazerd, want hij ging met ons allebei.”

“In de documentaire zegt Xavier ook dat hij zich in allerlei bochten moest wringen. Ik werkte in de boetiek natuurlijk, vanaf vijf uur was ik de deur uit.” Doordat er in de molen verschillende talen werden gesproken, lukte het Xavier om de driehoeksverhouding lang in stand te houden. “Manolo kon amper Engels, en mijn Spaans was toen ook nog niet echt goed. Xavier sprak wel een beetje Engels, maar we konden niet echt goed praten. Soms waren het moeilijke tijden. Ik vermoedde wel iets, maar was er niet zo mee bezig. Ik dacht: we doen gewoon ons ding, met Locomía. Maar toen kwam er een derde geliefde bij, Carlos. Dat ging gewoon echt niet meer, toen ben ik weggegaan.” 

joop gard passchier

Joop in het Boccabacio-atelier met de plaat van Harenah. Bovenop de vitrine een foto van hem en Grace Jones.

Joop vertrok naar Italië, waar hij een solo-carrière begon onder de naam Harenah. Hij pakt de elpee uit de vitrine, waarop hij zwoel de camera in kijkt. “Get Horny, heet-ie. Nou ja, whatever. Roberto! Kun jij mijn elpee even opzetten?” Als Roberto de naald op de plaat legt klinkt er al snel een mysterieuze stem door de studio. Joop verwerkte zijn gevoelens in broeierige italo, clubknallers en ballads vol pathos. “Dit heet Who’s Wrong, je voelt al aan waar dat over gaat, haha. Ik heb al die nummers zelf geschreven en gezongen, en ik had twee dansers erbij. Ik trad op in clubs, in Rimini en door heel Italië.” Na zijn Italo-carrière runde Joop nog een tijdlang een kledingwinkel in Miami, waarna hij terugkeerde hij naar Nederland. Hij bracht nog een plaat uit, waarbij de hoesfoto gemaakt werd door Erwin Olaf. “Maar dat is geflopt, dus daar hebben we het maar niet over.” 

Joop Gard Passchier

Joop (rechts) tijdens een feest in Ibiza.

Op Ibiza is hij alweer even niet geweest. “Ik heb er niet zo'n behoefte aan. Vijftien jaar geleden was ik er nog, maar toen vond ik het al vreselijk. Het is zo commercieel geworden... al die Hollanders die er zitten joh, hou op.” Ik vraag of hij en Patty Brard destijds dan de enige waren. “Ja... hahaha. Bij wijze van.”   

Dan haalt hij een waaier tevoorschijn. “Dit is die waaier, de originele. Het logo heb ik met de hand ontworpen. Het bestaat nog steeds, maar ik heb het nooit vast laten leggen. Xavier natuurlijk wel, daarom wilde ik hem op een gegeven moment ook niet meer zien,” zegt hij somber. Maar terwijl hij de waaier uitklapt en er rondjes mee begint te draaien klaart zijn gezicht meteen weer op. “Kijk... dan doe je zo, en zo.... ik kan het nog wel!”