Het is hoopgevend dat er een miljard uitgegeven wordt aan test-evenementen

Als bezoeker van zo'n evenement kan ik alleen maar betogen dat het geld goed besteed is. Hopelijk blijft de overheid ook na de pandemie zo in cultuur investeren.
Tim Fraanje
Amsterdam, NL
13.4.21
F
Sander van Dalsum

Sinds afgelopen maand zijn we beland in de zogenaamde ‘testsamenleving’. Door vooraf te testen op de ziekte waarvan ik de naam niet meer kan horen, werd het voor sommige geluksvogels mogelijk om een dagje naar de Keukenhof te gaan, of mee te doen aan een handboogtoernooi in Ysselsteyn. De komende weken staan er nog veel meer van dit soort evenementen gepland: zo gaan in een aantal steden de casino’s een avondje open, konden poppodia een aantal concerten organiseren en zijn er testdagen in musea. De testevenementen dragen een belofte in zich: als blijkt dat ze niet leiden tot excessieve virusuitbraken, zal er steeds meer vertier komen. Geef het volk brood en spelen, en ze houden zich rustig. Al sinds de Romeinse tijd is het de ijzeren succesformule van machthebbers. 

Advertentie

Toch klinkt er sinds dit weekend steeds meer gemor rondom de testsamenleving, nadat de Volkskrant wist te melden dat er de komende vijf maanden 700 miljoen euro aan belastinggeld voor is uitgetrokken, exclusief de prijs per test. Als het volk mag kiezen tussen brood en spelen of efficiënt bestede belastingcentjes, gaat de voorkeur blijkbaar toch uit naar dat laatste.

Ikzelf hoop dat de regering in dit geval niet naar het mopperende volk luistert en het exorbitante uitgavenpatroon vasthoudt. Hier is waarom. 

De testsamenleving kost veel geld, laat daar geen misverstanden over bestaan. De 700 miljoen euro waarover de Volkskrant schreef, is namelijk nog lang niet alles. Vandaag deed Follow The Money er nog een schepje bovenop: in totaal zou er door het ministerie Volksgezondheid, Welzijn en Sport 925 miljoen euro zijn gestort op de rekening van Stichting Open Nederland, de stichting die de testsamenleving mogelijk moet maken. Die slordige miljard die met schijnbaar gemak gelapt wordt voor de testsamenleving is ongeveer evenveel als de totale geraamde kosten van het vaccinatieprogramma. 

Advertentie

Een cynicus zou zeggen dat Hugo de Jonge het dus blijkbaar erg belangrijk vindt om de aandacht af te leiden van zijn falende vaccinatiebeleid, want als dat een beetje opschoot zou al dat gedoe met die testen helemaal niet nodig zijn. 

Dat klopt natuurlijk, maar ik ben milder gestemd. Deels heeft dat er waarschijnlijk mee te maken dat ik daadwerkelijk een feestje heb kunnen vieren vanwege mijn privilege als party-journalist. Ik bezocht één van de festivals in Biddinghuizen, en ervoer eindelijk weer het heerlijke hedonisme van voor (en hopelijk ook na) de pandemie. Bedankt daarvoor, iedereen. Het komt sindsdien niet meer in me op om kritisch te zijn op het beleid, en ik gun die selecte groep uitverkoren gokkers hun uitzonderlijke bezoekje aan Jack’s Casino in Sassenheim. Die kleine sprankjes plezier maken de pandemie daadwerkelijk een stukje minder ellendig, en mogen best wat kosten. 

Het ruimhartige beleid van de regering voelt bovendien als een verademing na tien jaar van keiharde bezuinigingen. Rutte hield de cultuurportemonnee een decennium lang angstvallig dicht, en opeens is het wél mogelijk om rücksichtslos geld te pompen in het mogelijk maken van (culturele) evenementen, die bovendien ook nog eens betaalbaar zijn voor de bezoeker. Voor het testfestival in Biddinghuizen was de entree 25 euro, ongeveer een zevende van de prijs van Lowlands. De programmering was misschien niet zo vooruitstrevend, maar dat lag niet per se aan het budget. Als je Chef’s Special en Maan kan betalen, moet er ook ruimte zijn voor wat meer spannende undergroundacts. 

Een volgend positief punt is dat de testevenementen worden betaald uit de pot van het ministerie van Volksgezondheid. Cultuur ís namelijk gezond volgens de WHO, zo stelde de cultuursector, die tot voor kort altijd zelf met dit soort argumenten moest komen aanzetten om wat schamele subsidiecentjes te kunnen schrapen. De overheid heeft haar eerdere gierige houding (hopelijk voorgoed) laten varen. Waar eerst uitgebreid het nut en het belang van een cultureel evenement moest worden aangetoond, geeft Hugo de Jonge zijn geld nu in blind vertrouwen aan Stichting Open Nederland. Normaal gesproken worden dit soort belangrijke opdrachten aanbesteed, waardoor ze naar de beste en goedkoopste aanbieder gaan. Dat is nu niet gebeurd. Bovendien schijnt het moeilijk te controleren te zijn hoe Stichting Open Nederland het geld uitgeeft. Ze werken samen met commerciële testaanbieders en niemand heeft er zicht op of die een beetje concurrerende prijzen hanteren. Het is wrang dat er een pandemie voor nodig is, maar eindelijk lijkt de regering niet meer te kijken op een euro meer of minder voor wat plezier. 

Vooralsnog kleeft de royale geldinjectie voor de testsamenleving helaas vooral aan de wattenstaven van commerciële testbedrijven. Ik hoop oprecht dat Hugo de Jonge écht de intrinsieke waarde van kunst heeft ingezien, en dat de evenementen niet alleen maar een afleidingsmanoeuvre zijn. Dan blijft er straks misschien ook wat hangen aan de strijkstokken van obscure viooltrio’s.