Anita Steckel

[NSFW] Erotische, feministische kunst krijgt een welverdiende tweede kans

De tentoonstelling Black Sheep Feminism viert de kunstenaars die altijd tegen de geldende stroming in zijn gegaan.
13 januari 2016, 9:35am
Cosey Fanni Tutti, The Kiss, 2003. Tweeluik. Met dank aan Dallas Contemporary

Het feminisme heeft, net als andere politieke bewegingen, aan de basis gestaan van een hoop veranderingen in ons leven. Een positieve houding ten opzichte van seks is vandaag de dag een gegeven binnen het mainstream feministische discours, en porno is geen vies woord meer. Toch is dat niet altijd zo geweest. Voor eerdere generaties feministen lag de (heteroseksuele) erotiek namelijk een stuk gevoeliger. Voor hen was erotiek en pornografie onlosmakelijk verbonden met het patriarchaat. Sterker nog: het hield het in stand. De viering van heteroseks en pornografie werd als gevolg als een soort feministische godslastering gezien. Andersom werd het werk van feministische kunstenaars die hier tegenin gingen terzijde geschoven. In tweevoud, zelfs. Het werd afgezwezen door de samenleving als geheel, die geschokt was door hun openlijke statements, maar ook door de feministenbeweging zelf.

Betty Tompkins, Fuck Painting #4 1972.

Black Sheep Feminism, de nieuwe tentoonstelling in het Dallas Contemporary, schenkt aandacht aan de feministische kunstenaars die destijds buitenspel werden gezet vanwege de erotische inhoud van hun werk. Je ziet de kunstwerken van vier kunstenaars die actief zijn sinds de jaren zeventig: de schilders Joan Semmel en Betty Tompkins, performancekunstenaar Cosey Fanni Tutti en schilder en fotomontagekunstenaar Anita Steckel.

“Er bestaat een gapend gat tussen echte politieke vooruitgang en de culturele sfeer, en de kunstwereld kan soms verrassend conservatief zijn,” zegt Alison M. Gingeras, de adjunct-conservator van het Dallas Contemporary. Black Sheep Feminism is haar eerste tentoonstelling voor het museum. “Hoewel het de algemene opvatting is dat de kunstgemeenschap in sociaal-politiek opzicht altijd heel progressief is, is er ook veel sprake van zelfbeheer en –censuur, in de zin dat de keuze voor welke werken tentoon worden gesteld nog altijd bij de curator en het museum liggen." Niet altijd de meest vooruitstrevende lui, lijkt ze erbij te willen zeggen.

Joan Semmel, Hold, 1972. Met dank aan Alexander Gray Associates

Daarnaast is er ook sprake van een diepgewortelde dubbele standaard in de kunstwereld wanneer het aankomt op het naaktheid in de kunsten. “In een commerciele kunstgalerie is mannelijk naakt vaak moeilijk te verkopen, terwijl de kunstmarkt altijd al warm liep voor het vrouwelijke naakt,” vertelt Gingeras. “Het is al eeuwen het geval, en wordt inmiddels beschouwd als een klassiek paradigma waar niemand meer omheen kan.”

Het erotische oeuvre van deze vier kunstenaars heeft moeten strijden voor erkenning. “Ik hoop dat we nu eindelijk in een positie zitten waarin we de waarde van deze kunstenaars kunnen inzien, en dat wij ze daarbij kunnen helpen door ze een podium te bieden,” zegt Gingeras. “Ook door ze in de canon van naoorlogse kunst te plaatsen – dus niet als zomaar een deelverzameling van feministische kunstgeschiedenis."

Anita Steckel, New York Landscape (Woman pressing fingerdown), c.1970-1980. Met dank aan Anita Steckel Estate/Suzanne Geiss, New York

Cosey Fanni Tutti, Szabo Sessions, 2010

Black Sheep Feminism is in het Dallas Contemporary te zien van 17 januari tot 20 maart. Klik hier voor meer informatie