Zijn sint-jakobsschelpen niet gewoon veganistisch?

De grens tussen plant en dier is veel vager dan mensen denken.
8.4.18

De regels van veganisme lijken op het eerste gezicht vrij duidelijk: veganisten eten geen dingen die van dieren komen. Dat betekent dus niet alleen vlees, maar ook geen dierlijke producten zoals gelatine. De reden om veganist te worden, is voor iedereen weer anders: sommige vinden dierenwelzijn belangrijk, andere doen het voor het milieu, weer andere mensen kiezen voor een plantaardig dieet vanwege hun gezondheid of religie, en natuurlijk kan iemand meerdere redenen hebben om veganistisch te eten. Daarnaast bestaan er verschillende ideeën over de uitvoering van veganisme. Sommige veganisten hebben er totaal geen moeite mee om honing te eten of tweedehands leer te dragen, terwijl andere dat echt niet vinden kunnen.

Advertentie

Om het allemaal nog ingewikkelder te maken, is er nu ook de seagan-beweging. Zij vinden dat zeevruchten gewoon thuishoren in een veganistisch dieet. De beweging vraagt zich af: nu de maatschappij op vrijwel alle manier aan het veranderen is en we steeds meer van de wereld ontdekken en begrijpen, waarom zouden we dan zomaar accepteren dat schelpdieren niet in een veganistische manier van leven thuishoren?

In het geval van veel tweekleppige schelpdieren – zeebeesten als oesters, kokkels, mosselen en sint-jakobsschelpen – blijft de grens tussen plant en dier erg onduidelijk, vooral als het gaat om eten. “Maar ze leven!” zou iemand kunnen zeggen, die de oesters langzaam hun schelp op en dicht heeft zien doen. Maar dat geldt ook voor planten: elke peen en appel die je eet was ooit levend en begon te sterven toen hij van zijn stengel of wortel werd verwijderd. En hoewel bijvoorbeeld sint-jakobsschelpen, hun schelpen kunnen openen en sluiten met een adducor-spier, kunnen veel planten ook zelfstandig bewegen.



Ik, een voormalig vegetariër, hoorde kortgeleden voor het eerst dat sint-jakobsschelpen voor veganistisch door konden tijdens een recente bij Greenpoint Fish & Lobster Co., een duurzaam visrestaurant in Brooklyn. Hoewel een plek met vistaco’s en oesters op het menu misschien niet de eerste keuze van een veganist is, vertelde mede-eigenaar Vinny Milburn me dat het restaurant veel veganistische stamgasten heeft. Volgens hem rechtvaardigen zij hun keuze om sint-jakobsschelpen en andere schelpdieren te eten met wetenschap. “Ze voelen zich er oké over, omdat de tweekleppigen geen centraal zenuwstelsel hebben,” zegt Peter Juusola, manager van het restaurant.

Advertentie

Tweekleppigen als oesters en sint-jakobsschelpen zijn filtervoeders, wat betekent dat ze water zuiveren door fytoplankton, algen en afval te eten. Oesters worden over het algemeen gekweekt in plaats van gevangen. En als je het Milburn vraagt, is er nauwelijks verschil tussen iemand die oesters kweekt en een boer die cranberry’s plant. Hij zegt dat ze beiden hun product uit zaden kweken (ja, de larven worden echt ‘oesterzaad’ genoemd), ze oogsten uit het water en verkopen het aan consumenten.

Sint-jakobsschelpen verschillen iets van oesters. Zij zuiveren ook het water waarin ze leven, maar de manieren waarop ze worden geoogst van de bodem van de oceaan – door duikers of door dreggen – kunnen wel heel schadelijk voor ecosystemen zijn. Dat zou een ethische reden kunnen zijn voor veganisten om geen sint-jakobsschelpen te eten. Maar het opent ook een discussie over hoe het kweken van bepaalde plantgewassen ook schade kan toebrengen aan de natuur. Maar gelukkig leidt het ‘vangen’ van sint-jakobsschelpen niet noodzakelijk tot schade aan het milieu.

“Producten eten uit goed beheerde visserijen is op veel manieren goed voor het milieu,” zegt Togue Brawn, van sint-jakobsschelpenleverancier Downeast Dayboat. “Sint-jakobsschelpen kosten veel minder om te produceren dan rund-, kippen- of varkensvlees, want ze produceren zichzelf. Daarnaast laten ze ook niet continu schadelijke methaanscheten, zoals vee. Ze zitten gewoon lekker op de zeebodem en filteren plankton. En al het eten van de sint-jakobsschelpen komt gewoon uit het water, en ze hoeven niet gevoerd te worden.”

Advertentie

Meerdere chefs die ik voor dit stuk heb gesproken vertelden me dat ze het eten van sint-jakobsschelpen en andere tweekleppigen niet anders vinden dan een plant plukken. Maar ze wilden veganisten ook niet vertellen wat ze wel en niet moeten eten. Er is geen sluitend bewijs dat tweekleppigen, of zelfs kreeftachtigen, wel of geen pijn voelen. “Maar om te beginnen hebben ze geen hersenen,” zegt Juusola. Hij vertelt dat wanneer een sint-jakobsschelp opent en sluit, dat wel een reactie is van een neuraal stelsel, maar dat het zenuwstelsel niet reageert op pijn of gevaar. Brawn kan niet met zekerheid zeggen dat ze geen pijn voelen (en er ontbreekt voldoende wetenschappelijk onderzoek), maar ze zegt wel dit: “De dood van een sint-jakobsschelp is verdomd snel.” Ze leven wel degelijk zeker, maar ze zijn zich daar vrijwel zeker niet bewust van.

Zelfs experts, mensen die hun hele leven hebben gewijd aan het bestuderen van de innerlijke werking van zeedieren, kunnen niet volledig bewijzen of sint-jakobsschelpen en andere tweekleppigen pijn ervaren, omdat het niet of nooit goed onderzocht is. “Het probleem met veel tweekleppigen is dat ze ze niet zoveel kunnen en pijn dus geen nut heeft,” zegt dr. Robert Elwood, emeritus hoogleraar diergedrag aan de Queen’s University in Belfast. Met andere woorden: er is geen evolutionair voordeel voor sint-jakobsschelpen en andere tweekleppigen om pijn te ervaren. “Als sint-jakobsschelpen achterna gezeten worden door bloeddorstige zeesterren vluchten ze, maar dat is een reactie op geur. Ik weet niet of ze reageren op weefselbeschadiging, maar als ze dat doen, duidt dat niet op pijn. Het zou gewoon nociceptie kunnen zijn. Het is niet nodig om energie en middelen te spenderen om het zenuwstelsel pijn te laten ervaren, als het geen voordelen oplevert.”

Advertentie

Misschien niet verrassend, maar PETA keurt het eten van alle soorten tweekleppigen niet goed. “We weten niet hoeveel pijn en lijden tweekleppigen kunnen voelen,” zegt Ben Williamson, International Media Director van PETA. “Bij PETA sporen we mensen aan om de kant van mededogen te kiezen. Omdat we niet zeker kunnen weten dat deze wezens niet kunnen lijden, kiezen we ervoor om ervan uit te gaan dat ze het doen en ernaar handelen.”

Iedereen die ooit een vis heeft gevangen, weet hoe het eruitziet: een spartelend beest met een haak in z’n pek dat vecht voor z’n leven. Het is een beeld waarmee pescotariërs bereid zijn te leven, aangezien zij wel vis eten. Tweekleppigen reageren echter niet op deze manier. Ze hebben geen centraal zenuwstelsel en door hun gebrek aan hersenen kunnen zij het soort fysieke pijn dat wij begrijpen niet ervaren. Speculeren over hun fysieke of emotionele leed is vergelijkbaar met speculeren over hetzelfde bij de grapefruit die je vanochtend hebt gegeten. We weten niet of die geleden heeft, maar het lijkt onwaarschijnlijk.

Jaren geleden bood Greenpoint Fish een plantaardig zeewiergerecht in Thaise stijl aan, maar uiteindelijk werd het van het menu verwijderd, omdat niet-seagan-veganisten het restaurant niet meer bezochten. Het brengt wel iets anders ter tafel in de discussie over sint-jakobsschelpen. Als je geen wilde tweekleppigen eet vanwege de bijvangst (wat PETA een essentieel probleem vindt bij het eten van zeevruchten), wat is dan de rechtvaardiging voor het eten van zeewier en andere zeeplanten, die worden geoogst uit onze overbeviste oceanen?

Advertentie


“Zeewier is lekker, voedzaam en de perfecte manier om een ‘visachtige’ smaak toe te voegen aan soep en ‘visfilet’, zonder alle cholesterol, haken, netten, het ontvinnen en de verminking die bij echte vissen komt te kijken,” schrijft Williamson namens PETA in een e-mail, toen ik hem vroeg over het standpunt van de organisatie over het eten van zeewier – wat trouwens ook van de oceaanbodem wordt gedregd.

Alicia Kennedy, schrijver over eten en voormalig veganist, eet nog steeds geen vlees (omdat ze dat slecht voor het milieu en landbouwgrond vindt en tegen dierenleed is), maar is onlangs wel schelpdieren gaan eten, met het argument dat oesters duurzaam worden ingekocht en vol voedingsstoffen zitten. Bovendien is een hoop verse oesters eten volgens haar milieuvriendelijk. “Ze hebben geen bewustzijn, dus het zijn eigenlijk zeegroenten,” zegt ze over sint-jakobsschelpen. Omdat ze die eet, noemt ze zich niet langer veganist.

“Oesters zitten vol vitamine B12, een vitamine die veganisten meestal in pilvorm binnenkrijgen,” zegt Kennedy. “In plaats daarvan zou je gewoon oesters kunnen eten, waarvan de kweek daadwerkelijk een positieve invloed op hun omgeving heeft en zelfs economische voordelen heeft, aangezien veel oesterkwekers kleine bedrijfjes zijn.”

Kennedy vindt dat mensen wel doorschieten in hun labels voor wat ze zijn. Ze noemt als voorbeeld de ‘veggan’, een veganist die eieren eet. “Dat is gewoon dom. Je bent gewoon een vegetariër, en dat is prima.”

Ze vervolgt: “Ik denk dat de definities en regels hetzelfde kunnen blijven, wat betreft de labels. Belangrijker is dat mensen die deze diëten om ecologische redenen aannemen, beter geïnformeerd moeten zijn over de impact van bepaalde voedingsmiddelen hebben op het milieu en hoe dat ook positief kan zijn.”