Illustraties door Sander Ettema.

Fanfictie: Er is geen geluid op de maan

In de eerste aflevering van onze nieuwe reeks 'Fanfictie', weet André Rieu eindelijk André Hazes Jr. over te halen om met hem een concert op de maan te spelen.

door Tim Fraanje; illustraties door Sander Ettema
|
21 maart 2019, 1:15pm

Illustraties door Sander Ettema.

De waarheid is zelden zo leuk als onze verwrongen, wonderlijke, soms compleet absurde fantasieën. Je kan de Story of de Weekend openslaan als je saaie onwaarheden over de idolen van deze tijd wil lezen, of je laat je door ons meesleuren in een wereld waarin de sterren meer doen dan alleen vreemdgaan of in het geheim trouwen. In onze nieuwe reeks 'Fanfictie' laten we onze schrijvers hun fantasieën op papier zetten. In de eerste aflevering vertelt Tim Fraanje (fan van megalomane plannen) over een onverwachte, intergalactische samenwerking tussen André Rieu en André Hazes.

“Optreden met Maan?” vraagt André Hazes Junior. “Moet je me daarvoor uit bed bellen?”

De Limburger aan de andere kant van de lijn slaakt een wanhopige zucht. Dit telefoongesprek duurt nu al twintig minuten terwijl het concept juist zo simpel is, zo perfect; hij had niet gedacht dat iemand in staat was tot zóveel domheid. “Op de maan. Zou je met mij willen optreden op de maan?!” herhaalt hij nog maar een keer. Stilte.

Hoofdschuddend hangt Dré op en belt zijn manager om verhaal te halen. “Was je weer dronken?” briest hij. “Waarom geef je zomaar mijn nummer aan een gek?” Dré smijt zijn telefoon in de hoek, en doet dertig push-ups terwijl hij naar het portret van zijn vader, boven de schouw kijkt. “Hoe hield jij het vol, ouwe… hoe hield je het vol?” zegt hij tegen het portret. Dan gaat hij douchen.

De deal

Een week later. Dré is door zijn manager de kamer ingeduwd en staat net iets te ver van de Limburger af bij het handenschudden. De man, die zich voorstelt als “André Rieu” ziet er nog krankzinniger uit dan hij klonk aan de telefoon. Zijn haar is omhoog geföhnd, hij draagt een pandjesjas en een enorm verwijfde speld met diamantjes houdt zijn ruchesblouse dicht.

“De maan dus,” zegt Dré, als hij in zijn stoel zit met zijn armen over elkaar geslagen. “De maan,” knikt André Rieu. “Ik loop al sinds 2013 met dit plan rond. De meeste mensen aan wie ik het uitleg snappen wél meteen waar ik het over heb, maar er is altijd wel weer een ander slap excuus om het op de lange baan te schuiven. Te duur, te ver, geen stabiele ondergrond voor de pauken.” André Rieu rolt met zijn ogen en zet een zeurderig stemmetje op. “Er is geen zuurstof op de maan, er is geen zwaartekracht op de maan.” Hij slaat woedend op tafel. “Er is geen geluid in de ruimte!”

Dré schuift zijn stoel een stukje naar achteren terwijl André Rieu zich naar hem toebuigt. “Ik had gehoopt dat jij zou zien dat dit een enorme kans is. Je muziek klinkt zo… kordaat. Vooral dat ene nummer over het leven.” De man begint te neuriën en maakt dirigeerbewegingen met zijn hand, waarbij het kanten manchet koket heen en weer wuift.

Het irriteert Dré mateloos.

“Luister pik, al mijn nummers gaan over het leven,” zegt hij. Hij probeert op te staan om weg te gaan. Zijn manager, die achter hem staat, duwt hem terug in de stoel. Er staat een bedrag met zes of zeven nullen op het spel, de hele reis zou gesponsord worden door een Chinese investeerder.

“Hoe heb je me eigenlijk gevonden?” vraagt Dré dan maar, om het zakendoen nog even uit te stellen. “Ik was mezelf aan het googlen, en toen kwam ik per ongeluk op jou. Ik zocht een optreden terug met André van Duin, dat was een idee van Joop van de Ende. Daar was ook een coverartiest van je vader bij.” Dré’s gezicht verstart. “Mijn vader?” André Rieu laat zijn stem zakken tot fluisterniveau. “Even tussen jou en mij, ik vind jou beter,” knipoogt hij. “Dus, wat zeg je ervan? Jij, ik, op de maan?” Dré zegt niks en staart uit het raam. “Zou Senior niet trots zijn? Een Hazes in de ruimte? Als je wil kun je zelfs dat hologram van hem meenemen!” Dré loopt weg, maar draait zich om in de deuropening. “Godverdomme, prik maar een datum.”

1553172705110-Andre2

3-2-1

Het is winderig op het lanceerplatform. André Rieu houdt zijn wapperende manen vast, alsof hij bang is dat ze wegwaaien en Dré loopt een beetje gebogen. Net als ze in hun spaceshuttle willen stappen om alvast de locatie te gaan verkennen, schalt er een gnuivende lach over het lanceerplatform. Er komt een astronaut naar hen toegelopen. “De heren gaan zichzelf naar de maan schieten. Eén André in de ruimte was niet genoeg zeker.” De cynische astronaut is André Kuipers, die toevallig net terugkomt van een missie.

“Elke idioot met geld moet tegenwoordig de ruimte in. Elon Musk, Jeff Bezos, Richard Branson en al die andere pannenkoeken, uit China. Nou, wacht maar jongens, je gaat wat beleven. Beseffen jullie je wel dat de aanblik van het heelal alles in perspectief plaatst? Jullie denken dat je heel wat voorstelt, maar dat is hier op aarde. Het universum is groot! Allemachtig groot! Oneindig groot! Vergeleken daarbij zijn jullie onderkruipsels, tussen jullie insectenbeentjes bungelen microscopisch kleine…” Het luik van de spaceshuttle wordt dichtgeslagen en door het raampje in het luik zien ze André Kuipers nog verder tieren voordat hij door een lanceermedewerker wordt weggevoerd. Ze verdwijnen tussen de rookpluimen. “Laat die zuurpruim maar kletsen!” zegt André Rieu. “Daar gaan we!" Hij begint af te tellen en Dré doet mee, hij is licht in zijn hoofd en het enthousiasme van André Rieu is aanstekelijk. “Drie, twee, één.” roepen ze in koor, en dan komt de shuttle los van de grond.

Al die leegte

Gierend hapt André Rieu in het luchtledige om de bel Darjeeling te vangen die uit de tuit van de barokke theepot gezweefd is. Dré komt niet verder dan een sip glimlachje. Hij is een beetje misselijk en heeft zichzelf vastgegespt in zijn stoel. Pas na uren in de ruimte durft hij voor het eerst zijn blauwe ogen open te slaan en de peilloze blauwe diepte in te turen. “Al die leegte om ons heen…”

“Hé, gaat het wel, Dreetje?” vraagt André Rieu. Hij maakt zwembewegingen om dichterbij te komen en slaat zijn arm om Dré’s schouder. Afwezig vleit Dré zich tegen hem aan. “Ik zeg je eerlijk, André, toen ik je voor het eerst zag vond ik je maar een rare, met je pakkies, je viool en die plannen van je. En nu zitten we samen in de ruimte.” Zwijgend kijken ze naar de aarde, een steeds kleiner wordend stipje in de verte. Dré zucht. Zijn geld, zijn imago, zijn vaders imago en al die groupies, lichtjaren ver weg, alsof het allemaal nooit bestaan heeft. “Ik voel me zo raar,” zegt Dré. “Minder…” Hij zoekt naar het woord voor dat gevoel dat hij altijd heeft gehad maar nooit écht heeft onderkend. “Het klinkt misschien vreemd, maar ik voel me minder eenzaam dan normaal.”

“Zullen we dat optreden dan ook gewoon maar skippen?” zegt André Rieu monter. “Ik heb het ook allemaal wel gezien, eigenlijk. We maken er gewoon een leuke vakantie van.” Hij begint zachtjes te neuriën. Een wals-versie van Dré’s nummer over het leven. Een traan biggelt over Dré’s wang, André streelt hem, buigt naar hem toe. “Laat je maar gaan, houd je toch niet in jongen,” lispelt André Rieu in zijn oor. “Niemand kan ons horen.”

“Er is geen geluid in de ruimte.”

Volg Noisey op Facebook, Instagram en Twitter.