FYI.

This story is over 5 years old.

Ook in de literaire wereld voelt Henk van Straten zich nog altijd dat punkgastje

Zijn hardcoreband was punker dan punk, en zijn plaats in de schrijverswereld is dat eigenlijk ook.
27 maart 2014, 8:44am

Henk van Straten behoort tot het soort dat wordt uitgenodigd voor het boekenbal. Hij schrijft, is een welbespraakt man en stond op de longlist voor de Libris Literatuur Prijs. Maar de tatoeages die onder zijn shirt uitkomen en zijn nek versieren, geven aan dat hij geen typische Tommy Wieringa of Hans Dorrestijn is. Ooit, in een vrij recentelijk verleden, was Henk zanger van de hardcore punkband Maypole. Met die band bracht hij twee albums uit en deed hij regelmatig shows door heel Europa.

Henk is zeker niet de enige schrijver die ooit muziek maakte, maar voor zover ik weet is hij wel een van de weinige bekende schrijvers die tien jaar lang dronken rondliep in de backstage kelders van obscure podia in Engeland. Daarnaast getuigt zijn boek Superlul van een nog altijd aanwezige punk attitude richting de maatschappij.

Dus was ik wel benieuwd naar het punkverleden van Henk en hoe dat invloed heeft op zijn schrijven. In Eindhoven in de kringloopwinkel van een van zijn oude bandleden vertelde hij daarover, zittend op een basisschoolstoeltje tussen de antieke voorwerpen.

Noisey: Ha Henk, als ik de karige info op het internet moet geloven was je band Maypole best succesvol, klopt dat?
Henk: Nou, eigenlijk niet. We begonnen toen ik veertien was, dat was vooral een beetje aankloten en covers spelen. Na ongeveer vijf jaar wilde ik het serieuzer aan pakken en hebben we het eerste album opgenomen. Bij het tweede album Burning in Water, Drowning in Flame werd het pas echt serieus, met geplande tourtjes en het bijhouden van inkomsten en uitgaven. Dat album werd ook best goed ontvangen, maar uiteindelijk was de ambitie groter dan de band.

Is dat ook de reden dat jullie in 2004 uit elkaar zijn gegaan?
We waren eigenlijk een beetje een bij elkaar geraapt zooitje mensen en hadden ook allemaal een ander idee van waar de band naartoe moest. We waren niet hip genoeg voor de hippe punkscene uit de Randstad, maar we waren ook niet stoer genoeg voor de echte hardcorescene uit het zuiden van het land. Doordat we zelf niet precies wisten wat we wilden is het ons nooit gelukt om een kant te kiezen en daar echt helemaal voor te gaan.

Heb je weleens heimwee naar de band? Zou je het nog een keer doen?
Het leukste was natuurlijk het touren. Dat we dan met z’n allen naar Portugal gingen, daar op de grond moesten slapen en op elkaar waren aangewezen. Dat was eigenlijk het leukste aan alles, gewoon met je vrienden op stap zijn en lol trappen. Dat mis ik zeker wel. Maar de optredens en het muziek maken mis ik niet. Ik ben ook helemaal niet muzikaal. Ik zou dolgraag muziek maken, en ik bewonder mensen die dat kunnen, maar ik kan het echt niet. Het is gewoon niet voor mij weggelegd.

Nu ben je schrijver. Wat kan je met je schrijversoog zeggen over de teksten die je toen schreef.
Die waren niet zo goed. Er zat soms misschien wel een zaadje van talent tussen, maar waarschijnlijk was het vooral erg pretentieus. Ik denk dat er ook best wat tussen zat wat de moeite waard was, maar ik heb er eigenlijk nooit echt meer naar durven luisteren.

Dacht je er dan wel over na?
Eigenlijk schreef ik maar gewoon wat op. Ik las toen ook nog geen boeken, ik was een hele nihilistische puber. Ik hield me alleen maar bezig met blowen, zuipen en muziek luisteren. Die teksten kwamen waarschijnlijk vooral voort uit mijn puberale ontevredenheid.

Heeft je hardcore leven invloed gehad op je schrijverschap?
Mijn eerste boek, Kleine Stinkerd, bevat veel verwijzingen naar de punkscene, en een belangrijk personage is een zwaar getatoeëerde punker. Daarnaast voel ik me ook nu altijd nog wel ‘dat gastje’ die vanuit een soort onzekerheid zich tegen de maatschappij verzet, dat ik er alleen voor sta en het zelf moet doen. Dat was toen met Maypole in de punkscene al zo, en nu als schrijver in de schrijverswereld voel ik dat weer. Alleen heb ik er nu geen last meer van, en kan ik mijn draai daar wel in vinden.

Als persoon ben je dus nog steeds vrij punk, luister je er ook nog naar?
Ja, ik luister zeker nog wel naar die oude hardcorebands, maar mijn smaak is in de loop der tijd wel veel breder geworden. Ik luisterde vroeger al hip hop, dat is tegenwoordig nog meer geworden. En ik luister naar americana en country, of klassiek als ik aan het werk ben.

Haal je tekstueel gezien dan ook inspiratie uit muziek?
Ja, ik vind The Hold Steady een hele goede band, die hebben hele goede teksten. De zanger heeft ook een punkverleden en daar zingt hij veel over. Verder zijn The Weakerthans, The Mountain Goats, en I Am Oak artiesten die ik ook tekstueel bewonder. Maar ook rappers als Pusha T of Kendrick Lamar.

Zou je het leuk vinden om als ghostwriter voor muzikanten te schrijven?
Nee, ten eerste kan ik helemaal niet dichten, en daarbij vind ik het heel nep als een artiest niet zijn eigen tekst schrijft. Als iemand een tekst van een ander staat te zingen vind ik het al gelijk niet meer geloofwaardig. Wat dat betreft ben ik nog altijd wel echt punk gebleven, het moet echt en oprecht zijn, anders hoeft het van mij niet.

Bedankt Henk!

Mocht je nog niet bekend zijn met Henk, lees dan in ieder geval Salvador en Superlul, twee boeken die hij tegelijkertijd schreef en bijna exact het tegenovergestelde van elkaar zijn. Salvador is een prachtig verhaal over een ex-gedetineerde die een zoontje blijkt te hebben van een oude vakantieliefde in Spanje. Superlul gaat over een superlul, een BN’er met een supergrote lul. Naast boeken schrijft Henk ook columns in Volkskrant Magazine, en doet hij onder de noemer ‘literair cabaret’ momenteel een theatertour door Nederland, samen met cabaretier Karin Bruers en ex-PSVer/muzikant Björn van der doelen.

Advertentie