Advertentie
Music by VICE

Thomas Azier brengt in één keer drie projecten uit op zijn eigen label

In de tussentijd werkt hij non-stop aan zijn nieuwe album – niet langer vanuit Berlijn, maar in Parijs.

door Fiona Fortuin
01 maart 2016, 12:53pm

Toeval of niet, precies twee jaar na de release van zijn debuutalbum Hylas laat Thomas Azier weer van zich horen; niet als songwriter, maar als producer en labelbaas. En niet meer vanuit Berlijn, waar hij negen jaar geleden vanuit Friesland naartoe verhuisde, maar vanuit zijn nieuwe woonplaats Parijs waar hij sinds vorig jaar aan zijn nieuwe album werkt.

En dat is nog niet alles: ook heeft hij in de tussentijd aan drie tamelijk bijzondere projecten gewerkt in de rol van producer. Zo werkte hij samen met de uit Niger afkomstige Mdou Moctar, LYAM uit een klein dorpje in Frankrijk, en de Engelse Marquis. Hoewel op het eerste gehoor een beatmaker (LYAM), een Tom Waits-achtig type (Marquis) en een Toeareg-muzikant weinig met elkaar gemeen lijken te hebben, hoor je in de donkere, gespannen productie duidelijk de hand van Thomas Azier terug.

De drie projecten brengt hij uit op zijn eigen label, ook Hylas genaamd, en kun je hieronder voor het eerst beluisteren. We spraken met Thomas over de samenwerkingen, over zijn werk als producer, en over zijn leven in Parijs.

Noisey: Lange tijd heb je niets uitgebracht op je label, nu kom je in één klap met drie projecten. Waarom?
Thomas Azier
: In eerste instantie ben ik het label gestart om mijn eigen muziek op uit te kunnen brengen, en op die manier onafhankelijk te kunnen zijn. Maar ik wilde met Hylas Records ook een platform bieden aan muziekvrienden en toffe projecten. Toen ik stopte met touren aan het begin van 2015 had ik echt zin en behoefte om met andere mensen te werken. Dat doe ik al wel vaker, maar met de artiesten waar ik nu mee heb samengewerkt heb ik meer de rol van producer op me genomen. Mdou Moctar, Marquis en LYAM zijn compleet verschillend van elkaar, maar hebben toch ook veel gemeen – daarom besloot ik om de drie projecten tegelijkertijd uit te brengen.

Over die artiesten: wie zijn ze?
Mdou Moctar komt uit Niger en woont in Agadez in de zuidelijke Sahara. Ik vond zijn muziek online op de prachtige compilatie Music from Saharan Cellphones. Op mijn lievelingsnummer van hem, Tahoultin, lijkt zijn stem regelrecht uit de toekomst te komen. Hij is naar Berlijn gekomen, waar hij J'ai pas les choix zong, een soort van hypnotiserende soft-spoken jam. Het feit dat hij met zijn zachte stem zowel in het Frans als in zijn eigen Tuareg-taal zingt, maakt het voor mij heel bijzonder.


Marquis is een Engelse zanger met een diepe stem die je niet zo veel meer hoort. Zijn opnames heb ik via via gekregen. De eerste track waar ik aan heb gewerkt, One-eyed King, moest voor mij klinken als een voodoo-achtige Johnny Cash. Op dat nummer hoor je trouwens synths en geluiden terug die ik ook heb gebruikt voor mijn debuutalbum Hylas.


LYAM is een jonge jongen uit een gehucht in Frankrijk. Zijn muziek klinkt super spannend: roekeloos en voornamelijk geïnspireerd op videogames. Er zitten heavy afwisselingen in zijn muziek waar ik erg fan van ben– luisteren naar zijn muziek voelt als een constante verrassing. Ik heb hem naar Berlijn gehaald, waar we samen aan zijn EP hebben gewerkt. Eerder hebben we hem op Bittorrent gezet en binnen één dag hadden we 30.000 downloads. Niet slecht voor muziek die niet echt gemakkelijk is.


De een komt uit Afrika, de ander uit Frankrijk. Hoe ben je met ze in contact gekomen?
Ik heb ze alle drie per toeval leren kennen, via internet contact gezocht of via via ontmoet. Als ik iets hoor dat ik tof vind, zoek ik vaak contact met de maker. Gewoon om te zeggen dat ik het cool vind. Zo vond ik LYAM op SoundCloud; hij had een aantal tracks waarvan ik onder de indruk was, maar voordat ik zou voorstellen om samen te werken, wilde ik eerst weten of die paar nummers geen vergissing waren. Uiteindelijk stuurde hij me twee albums die echt heel goed waren. LYAM is het voorbeeld van dat het niet meer uitmaakt waar je woont, zelfs als je afgelegen woont van de bewoonde wereld kun je je in de voorhoede begeven. Ik zie hem in de toekomst makkelijk als producer hele relevante muziek maken.

Marquis ken ik via vrienden uit Amsterdam die met hem hadden gewerkt. Ik hoorde het materiaal en dat klonk best oldschool maar ook bijzonder. Vooral zijn stem is speciaal. Ook Mdou ontdekte ik via internet, en lange tijd probeerde ik met hem in contact te komen. Uiteindelijk ontmoette ik hem op een festival in Nederland waar ik ook speelde. Niet lang daarna maakten we plannen om samen muziek op te nemen.

Over Mdou Moctar wordt momenteel veel geschreven – van The Guardian tot in de Rolling Stone. Dat jij met hem bij jouw thuis aan zijn muziek hebt gewerkt is best bijzonder toch?
Hij kwam samen met zijn groep naar Berlijn waar we een paar dagen lang muziek hebben uitgewisseld en gemaakt. Ik merkte dat het eigenlijk weinig uitmaakt of je uit Friesland of uit de Sahara komt. Ze waren enorm geïnteresseerd in technologie. Hoe lijper de effecten op de zang, hoe beter. We hebben veel van elkaar geleerd. Hij vertelde mij bijvoorbeeld dat als hij een energiek, snel liedje heeft geschreven, hij kiest voor zachte zang. Bijna als Curtis Mayfield. Als het liedje rustig is, zingt hij met veel intensiteit. Een paar maanden later kwam hij naar Parijs waar we in studio Ferber samen een elektronisch album hebben opgenomen, waar ik nu de laatste hand aan leg. Volgens mij gaat het heel mooi worden.


Thomas met Mdou Moctar

Je hebt bij alle drie de artiesten de rol van producer op je genomen. Hoe was dat?
Het begint voor mij bij het ontwikkelen van een visie. Bij LYAM was er bijvoorbeeld al veel muziek, dus daar ging het meer om het mixen en de art direction. Zo is de video voor zijn track Al Cheikh Mat door Sander Houtkruijer gemaakt, een Nederlandse filmmaker die in Berlijn woont, en die ook de laatste Floating Points en al mijn video's heeft geregisseerd. Bij Marquis heb ik verschillende werelden gecombineerd op een manier die de stem en songwriting niet verstoorde. In het algemeen zoek ik naar een soort van spanning en contrast in muziek. Ik kan je niet precies vertellen wat het goed maakt, maar ik moet iets van spanning voelen.

Ook voor mijn eigen muziek was het inspirerend om aan andermans muziek te werken. Ik werk veel aan nieuwe eigen nummers, en dat kan een soort vacuüm creëren. Naast het schrijven en produceren van mijn eigen album, had ik behoefte aan wat meer lucht in mijn hoofd. Op het moment dat je bij jezelf patronen gaat herkennen is het belangrijk om ze te doorbreken. Door van rol te veranderen – van songwriter naar producer bijvoorbeeld – leer ik veel over mezelf en blijf ik scherp. Ook moest ik mezelf echt leren om te zeggen: fuck it, ik ben producer. Door de leiding in een project te nemen en in een teamverband te werken, en niet alleen na te denken over sound maar over de hele ervaring, leer je ook om honderd procent te staan voor wat je maakt.

Hoe gaat het sowieso met je album?
Heel goed, ik werk momenteel eigenlijk non-stop aan mijn album in Parijs, en ik heb het gevoel dat ik grote stappen aan het maken ben. Ik heb een mooie plek gevonden in studio Ferber, een gebouw uit de jaren zeventig in het 20e arrondissement, waar bijvoorbeeld Jacques Brel en Serge Gainsbourg ook muziek hebben opgenomen. Vorig jaar heb ik veel materiaal geschreven en veel geëxperimenteerd met sound en mijn stem. Nu zit ik in de productiefase – elke dag zie ik meer licht aan het einde van die lange tunnel.

Hoe is het leven in Parijs?
Parijs is best een moeilijke stad, vooral als ik het vergelijk met Berlijn. Berlijn is redelijk 'numb', je kunt je ogen gemakkelijk sluiten en een comfortabel leven leiden. Het is goedkoop en het voelt soms als een stad waar mensen even vakantie nemen, of met pensioen gaan of zo. Parijs is bijna het tegenovergestelde: het is oncomfortabel, overbevolkt en heel erg duur. Deze combinatie zet me op scherp, de contrasten tussen rijk en arm zijn extreem en elke dag word ik hiermee geconfronteerd. Ik fiets elke dag naar mijn studio en zie dan wat er aan de hand is aan de rand van Parijs. Het dwingt mij om op een bepaalde manier over dingen na te denken.

Waarom ben je uit Berlijn vertrokken?
Mijn debuut is in Frankrijk goed opgepakt. Sinds 2014 heb ik er veel getourd en veel mensen ontmoet, waardoor Parijs op een gegeven moment mijn uitvalsbasis is geworden. Ik merkte dat ik veel aansluiting vond bij Franse producers en ik leerde al snel mensen kennen in de muziek- en kunstwereld waar ik een sterke connectie mee voelde. Daarom was het een logische beslissing om na negen jaar Berlijn in Parijs mijn tweede album te maken. En ik moet ook zeggen: ik ben best een sucker voor het dramatische, de emoties en de melodie die je in veel Franse muziek terughoort.

Je debuut kwam later uit dan gehoopt, dus ik kan me voorstellen dat je geen releasedatum durft te noemen.
Als het aan mij ligt, komt-ie nog dit jaar uit. Maar inderdaad, zoals altijd neem ik de tijd – totdat ik echt voel dat het goed is.

Dank Thomas!