Shin Seung-ho portret
Shin Seung-ho gefotografeerd door Chanhee Ki

Het loodzware traject dat aanstormende K-popsterren moeten afleggen

In Zuid-Korea volgen tieners een lang programma vol zang- en danslessen, hoge schoonheidseisen en strenge diëten, waarna slechts een handjevol doorbreekt. “Je moet het risico willen lopen dat je depressief raakt.”
Therese Reyes
San Juan, PH
Junhyup Kwon
Seoul, KR
12.4.21

Ahn Ga-young ging op haar zestiende het huis uit. Ze vertrok vanuit haar thuisstad Daegu naar de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoel, en ze had grootse plannen: ze wilde over hiphop en jazz leren, danslessen volgen, audities doen – en dat allemaal om een grote K-popster te worden.

“Op de middelbare school vond iedereen al dat ik goed kon dansen,” zegt Ahn. “Dat gaf me het zelfvertrouwen om hier vol voor te gaan.” Ze was fan van Taemin, van de boyband SHINee, en van Hyoyeon van Girls’ Generation, omdat dat K-popsterren waren die ook nog eens heel goed konden dansen. “Mijn dromen ontwikkelden zich door naar hen te kijken.”

Ze volgde een muzikantenopleiding die veel bekende K-popsterren van tegenwoordig ook hebben gedaan. Binnen een paar maanden kreeg ze al een trainee-contract, maar ze kwam nauwelijks dichter bij haar doel. Nu is ze 23, choreograaf en dansdocent – het begin van een nieuwe carrière, maar het einde van haar kinderdroom.

Tijdens haar jeugd was K-pop vooral groot in Zuid-Korea, maar inmiddels is het een wereldwijde miljardenbusiness. BTS werd in 2020 de eerste K-pop-act die op nummer 1 kwam van de Billboard Hot 100, en ook de eerste met een Grammy-nominatie. Maar in de schaduw van dit soort groepen staan duizenden anderen die hun stinkende best te doen om door te breken, maar tevergeefs.

Advertentie

K-popgroepen als BTS en Blackpink zijn ontstaan door speciale bureaus die aan de lopende band talenten binnenhengelen, en ze een lang traineeship laten doorlopen zodat ze uiteindelijk – heel misschien – aan een carrière als K-popartiest kunnen beginnen. Uiteindelijk moeten daar dan artiesten uit komen rollen die niet alleen briljant kunnen zingen en dansen, maar waar fans zich ook in kunnen herkennen.

Voor de industrie zelf is dit systeem een bodemloze bron aan talent waar eindeloos uit getapt kan worden. Het publiek krijgt er het idee van dat iedereen beroemd kan worden, als je er maar hard genoeg voor werkt. En hoe meer groepen er zijn, hoe meer fans er zijn die hun dromen najagen om ook zelf een idool te worden. En nu K-pop steeds populairder wordt, belanden ook steeds meer aspirant-artiesten in dit traineesysteem – ondanks dat er nogal wat haken en ogen aan zitten.

A selfie of Ahn Ga-young.

Foto met dank aan Ahn Ga-young

Het is namelijk écht een flinke kluif om K-popster te worden – hard werken is eigenlijk niet genoeg. Je wordt gemiddeld zo’n tweeënhalf jaar gedrild om goed te kunnen zingen, dansen, acteren, instrumenten bespelen en zelfs om vreemde talen te leren. Dat staat in een rapport uit 2019 van het Korea Creative Content Agency (KOCCA), een overheidsorgaan dat de Koreaanse contentindustrie promoot. Maar het kan ook veel langer duren – sommige mensen zijn er gerust acht jaar mee bezig.

Meisjes moeten – veel meer dan jongens – aan strenge schoonheidseisen voldoen. Plastische chirurgie is vrijwel vanzelfsprekend en het dieet is streng. Ahn weet nog dat ze alleen door mocht gaan als ze maximaal 39 kilo zou wegen – ze is ongeveer anderhalve meter lang. Ze werd voor elke training gewogen en de werkdag zat er pas op als ze ’s avonds was afgevallen.

“Om af te vallen nam ik medicijnen die je normaal gesproken tegen verstopping gebruikt,” zegt Ahn. “Ik slikte twaalf pillen per dag. En ik leerde om zelf over te geven; zelfs het lichaamsvocht kwam eruit.”

Dit dieet was nog niet eens het moeilijkste voor haar – dat zat hem eerder in de stress die ze kreeg door de grote concurrentie en het feit dat het maar niet wilde lukken om door te breken. Het gaat niet bij elk bureau precies hetzelfde, maar bij die van haar werd iedereen tegen elkaar opgezet om zichzelf altijd maar te verbeteren. In het begin was ze nog gemotiveerd, maar na een tijd werd het echt te veel.

Advertentie

“Niemand hield in de gaten hoe ik me mentaal voelde,” zegt ze. “Op dieet gaan en fysieke trainingen volgen kon ik best hebben, maar de stress vond ik lastig om mee om te gaan. Ik kon er slecht tegen om andere mensen jaloers op elkaar te zien zijn. En ik was boos op mezelf, omdat ik ook zelf onbewust jaloers begon te worden. Het was lastig om mijn emoties de baas te blijven.”

Ahn is uiteindelijk bij zes verschillende bureaus geweest en heeft in totaal zes jaar over haar training gedaan. Toch is ze nooit uitverkozen om in een band te komen, waarna ze vorig jaar besloot er maar een eind aan te breien. “Je moet het risico willen lopen dat je depressief wordt. Ik wil niemand valse hoop geven, dus ik zeg het maar gewoon zoals het is.”

De jonge Zuid-Koreanen zijn vaak nog tiener als ze auditie doen voor zo’n trainingsprogramma en blijven er vrijwel altijd mee doorgaan totdat ze allang in de twintig zijn. In 2020 waren er volgens het KOCCA 1671 deelnemers in Zuid-Korea, maar er zijn ook schattingen die veel hoger uitvallen en erop wijzen dat er maar liefst miljoenen mensen trainingen krijgen – zowel in het formele als in het informele circuit. En ondertussen maken er ieder jaar maar een paar honderd hun debuut, wat niet per se betekent dat je bent doorgebroken.

Shin Seung-ho (27) heeft ook op een soortgelijke school gezeten en zat gedurende vier jaar bij twee bureaus. Net zoals Ahn werd hij op zijn zestiende getekend en spijbelde hij regelmatig van school om K-pop-training te volgen. “Ik ging dan in de middag naar het bureau om te zingen, te dansen, gitaar en piano te spelen, te acteren en Engelse en Japanse lessen te volgen, en was dan rond tien uur ’s avonds klaar,” zegt hij. “Eigenlijk ging ik alleen nog maar naar school als er evenementen of examens waren.”

Advertentie

Elke K-popband begint met een bepaald concept. Je hebt bijvoorbeeld ‘the girls next door’ zoals Twice, of de wat masculienere variant à la 2PM. Trainees moeten dus ook binnen een bepaald plaatje passen, waardoor ze van meet af aan te horen krijgen wat ze precies voor kleding moeten dragen, hoe ze moeten zingen en hoe ze zich moeten gedragen.

“Wat ik het meest haatte was dat ik ‘schattig’ moest zijn,” zegt Shin. “Jongensgroepen met een schattig concept waren toen erg populair. Ik heb veel respect voor K-popgroepen, maar ik moest eigenlijk weinig hebben van dat idolate gedoe en wilde mezelf niet in een keurslijf forceren.”

Shin verliet zijn bureau kort nadat hij het aanbod kreeg om zich bij een groep te voegen, in plaats van als solo-artiest door te breken, en dat was niet waarvoor hij had getekend. “Als je alleen naar BTS kijkt lijken Koreaanse artiesten best vet, maar de wat minder populaire groepen zijn al vrij snel een beetje zielig. Dan worden ze na een paar albums verlaten door hun bureaus en kunnen ze vaak nog moeilijk aan een ander baantje komen, omdat hun gezichten al zo bekend zijn.”

Nu is Shin zangcoach, doet hij wat modellenwerk en brengt hij zelf liedjes uit. Maar zijn dromen zijn nog altijd niet vervlogen. “Ik zou graag beroemder willen worden dan nu, zodat ik kan doen waar ik van hou en daar ook nog geld aan verdienen,” zegt hij. “Ik heb veel bekende vrienden die hun debuut al hebben gemaakt en ben wel een beetje jaloers op de aandacht die zij krijgen. Het zou fijn zijn als ik meer erkend zou worden.”

Advertentie

Voor Ahn geldt het tegenovergestelde, aangezien zij haar aspiraties opzij heeft gezet. “Ik heb me gerealiseerd dat het niet altijd het beste is om je dromen na te jagen,” zegt ze. “Nu wil ik gewoon in het moment leven en van de kleine dingen genieten, met vrienden en familie om me heen. Ik heb geen spijt dat ik de K-popwereld heb verlaten. Maar ik heb wel spijt dat ik zo weinig heb gedatet, met mijn vrienden heb rondgehangen en van de wereld heb gezien.”

K-Pop group BGYO preforming in a parking garage.

BGYO met dank aan Nelson Ocampo en Miko Cestina

K-pop is steeds meer onder een vergrootglas komen te liggen, aangezien er steeds meer zelfmoord plaatsvindt onder artiesten. Voormalige trainees delen ook steeds vaker online hun ervaringen, die zowel negatief als positief zijn. En dit alles speelt zich lang niet alleen meer in Zuid-Korea af. Er zijn meer plekken waar uitputtende trainingsessies, onmogelijke schoonheidsstandaarden en systematisch seksisme voorkomen. 

In 2020 waren er zelfs twee landen waarin meer over K-pop getweet werd dan in Zuid-Korea: Indonesië en Thailand, met de Filipijnen als nummer vier. In alle drie de landen worden nu ook zelf bands opgericht, op basis van het trainee-model uit Zuid-Korea.

De Filipijnse boyband BGYO was voor hun debuut in januari jaar lang in training bij ABS-CBN, het grootste mediabedrijf van het land. Ze woonden samen en zagen hun familie alleen in het weekend – totdat ze vanwege de pandemie negen maanden in lockdown moesten. Ze trainden elke dag, eerst aan de hand van online sessies, daarna met een coach die hun gemeenschappelijke verblijf veilig kon bezoeken. Ze zagen hun familie pas weer met kerst, en zelfs toen stuurden ze de hele tijd filmpjes naar hun coaches om te laten zien dat ze wel genoeg bleven dansen, zingen en in beweging bleven.

Advertentie

De concurrentie is niet mals in dit land, waarin overal talentenjachten worden georganiseerd en schoonheidswedstrijden een nationale sport zijn. Een paar weken nadat BGYO zijn eerste single had uitgebracht, maakte ook een andere band zijn debuut: Alamat. Dan is er ook nog SB19, de eerste Zuidoost-Aziatische act die in de top 10 eindigde van de eindejaarslijst van de Social 50 Chart van Billboard. Allemaal is het P-pop – het Filipijnse antwoord op K-pop.

Mylene Quintana-Mallari, het hoofd van de talentenacademie van ABS-CBN, zegt dat meer dan 250 mensen auditie deden voor hun eerste boyband en meidengroep. Slechts twee daarvan haalden het uiteindelijk tot BGYO – de andere drie werden hier los van gescout. “Het is lastig om geschikte jongens voor zo’n groep te vinden,” zegt Mallari. “Er zijn niet veel die echt bereid zijn om de uitdaging aan te gaan.”

Akira, Gelo, JL, Mikki en Nate – de vijf leden van BGYO – dromen nog altijd van het sterrendom. “Ik hoop dat er geen stoel onbezet is als we op wereldtour gaan en iedereen onze liedjes van A tot Z mee kan zingen, zegt Nate, die met zijn zeventien jaar de jongste van de groep is – de meeste andere leden zijn negentien. Nate is opgegroeid in Chicago en danst al sinds zijn zesde. Hij danste in 2016 nog mee in een concert van Justin Bieber en kwam in aanraking met K-pop toen zijn moeder vroeg of hij Growl van Exo kon doen. In 2019 verhuisde hij naar de Filipijnen, om zich volledig op optreden te richten.

Ook de andere bandleden hebben wilde dromen. Mikki stelt zich voor hoe fans hun namen scanderen in stadionconcerten, JL zegt in de charts van Billboard terecht te willen komen en Gelo wil een “icoon” worden. En Akira wil “levens redden” met hun muziek.

Advertentie

Ze snappen wel dat ze hier veel voor moeten doen. Akira zit in het eerste jaar van zijn studie en moest een keer een onderzoekspaper en een presentatie afmaken terwijl ze een paar uur later een groot optreden hadden. “En ik heb een keer mijn tentamens gemaakt tijdens een fotoshoot,” zegt hij. De jongens zijn allemaal met hun opleiding bezig, die ze online volgen, en combineren dit met dans-, zang-, vlog- en acteerlessen. Ze ademen K-pop.

“We hebben ook de hulp ingeschakeld van Koreaanse trainers, omdat we echte K-pop-training wilden,” zegt Mallari. “We wilden die Koreaanse discipline.” In de Filipijnen trainen artiesten meestal niet voordat ze debuteren, dus het was best een risico om die K-pop-model toe te passen. “Wat tijd, geld en energie betreft was het een grote investering,” zegt Mallari. Ze moesten er geld in steken voordat ze ook maar waren begonnen met optreden of op tv waren gekomen, en dus nog geen enkele cent verdienden.

Dan is er nog het visuele plaatje. De eerste single van BGYO, The Light, is in het Engels en Filipijns, de twee officiële landstalen. Hun outfits in de videoclip zijn geïnspireerd op de Filipijnen, maar verder is de Koreaanse invloed onmogelijk te negeren. Ze dragen meerkleurige trenchcoats en Gucci-riemen, bungelende oorbellen en parelkettingen. Ze dansen synchroon en wisselen zang af met rap.

Advertentie

Filipijnen staan bekend als entertainers. Veel van hen zijn als muzikant actief in Japan of Hongkong, maar slechts een handjevol zijn internationaal doorgebroken. “We willen niet de indruk wekken dat Filipino’s alleen maar cover-artiesten of na-apers zijn,” zegt Mallari. “We zijn beïnvloed door K-pop, maar geen K-pop-wannabe’s. Dat zal dit soort groepen waarschijnlijk nog wel even blijven achtervolgen.”

Mallari zegt dat ze ook proberen om de minder leuke kanten van K-pop te vermijden. Hoe het zich in de rest van de Filipijnen ontwikkelt valt nog te bezien, maar BGYO doet in ieder geval niet aan strikte diëten, en de jongens werken samen met lifecoaches. “We hechten bewust veel waarde aan onze geestelijke gesteldheid,” zegt Mallari. “Toen we hiermee begonnen waren we zelf wat op onderzoek uitgegaan, en het viel ons nogal op hoe vaak er zelfmoord werd gepleegd.”

Voor de pandemie hadden de jongens weleens “creatieve pauzes” om even een film te kijken, een concert te bezoeken of uit eten te gaan. Ook gingen ze elk weekend naar hun familie. “Hun leven moet niet uit balans raken,” zegt Mallari. “Je haalt ze wel op jonge leeftijd uit hun veilige omgeving, als ze zo’n langdurig traject aangaan.”

De leden van BGYO hechten dan ook veel waarde aan hun familie. “Ik wil mijn gezin helpen,” zegt JL. “Ik wil dat mijn zus naar school kan gaan en mijn vader niet in het buitenland hoeft te werken.”

Ze weten ook dat ondanks alle moeite die ze erin hebben gestopt, hun dromen van uitverkochte concerten en joelende fans hun net zo goed zou kunnen ontglippen. Want uiteindelijk zullen er slechts een paar acts écht beroemd worden. Verreweg de meeste mensen wachten hetzelfde lot als Ahn en Shin, en zullen uiteindelijk in de vergetelheid raken.

Dat weerhoudt ze er niet van om door te gaan. “Ik denk dat iedereen zijn dromen beter wél dan niet na kan jagen,” zegt Mikki. “En als het dan niet lukt, weet je ook zeker dat het ‘m niet gaat worden,” voegt Gelo toe.

“Ook als we niet op wereldtournee gaan, ben ik nog steeds blij dat we gewoon BGYO hebben kunnen zijn,” zegt Nate.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij VICE Azië.

Volg VICE België en VICE Nederland ook op Instagram.