Het ADM-terrein bestaat 20 jaar, maar er is weinig reden voor feest
kraken

Het ADM-terrein bestaat 20 jaar, maar er is weinig reden voor feest

De ruim honderd bewoners van het gekraakte stuk grond in de Amsterdamse haven moeten waarschijnlijk begin volgend jaar vertrekken.
14.10.17

Het ADM-terrein, in een uithoek van het Westelijk Havengebied in Amsterdam, is een van de laatste vrijplaatsen van de randstad. Op het gekraakte stuk land, dat vol staat met zelfgebouwde huizen en enorme kunstwerken, wonen ruim honderd mensen, die er een eigen dorp hebben opgebouwd, op hun eigen manier.

Dit weekend vieren de ADM'ers hun twintigjarig bestaan, met een driedaags festival. Maar behalve het twintigste jubileum is er weinig reden tot feest. Het terrein wordt namelijk met ontruiming bedreigd. De gemeente weigerde jarenlang om het terrein te ontruimen, omdat de eigenaar van de grond er geen duidelijke plannen mee had, maar die zijn er nu wel. Er is een huurder gevonden voor de grond, en de rechter besliste in juni dat de krakers uiterlijk in februari volgend jaar weg moeten zijn.

Als we aan de vooravond van het festival langsgaan om de sfeer te peilen, zijn tientallen mensen druk in de weer met het opbouwen van podia, het verslepen van kunstwerken en andere, onduidelijke dingen waarvoor je heftrucks nodig hebt.

In een grote loods treffen we Maik ter Veer. Hij bezig met het opzetten van een tentoonstelling over zijn project Robodock, een festival voor robotica, spektakeltheater, vuurshows, multimedia, design en industriële installaties dat hij jarenlang organiseerde op de NDSM-werf. Nadat hij van de werf moest vertrekken kwam Maik op het ADM-terrein terecht. In de loods hangen foto's, schetsen en krantenknipsels. Voor de deur van de loods staat een gigantische robotische arm, waarmee auto's fijngeknepen kunnen worden.

De robotarm van Maik

Hay (l) en Maik (r) in de Robodock-loods

Op het terrein worden regelmatig concerten, workshops en lezingen georganiseerd. Alles dat op het terrein staat is door de bewoners gebouwd, met hulp van elkaar.

In zijn zelfgebouwde woonkamer zitten we met Hay Schoolmeesters, een van de grondleggers van het ADM-terrein. Twintig jaar geleden bezette hij het gebied met een groep vrienden. Twintig jaar later woont hij er nog steeds, en dat had hij toen eigenlijk ook niet verwacht. Hay ziet ook dat de zaken er voor hem niet goed uitzien, maar heeft nog hoop. Er loopt namelijk nog een beroepsprocedure.

Volgens Hay mag de huurder die nu is gevonden, een scheepsreparatiebedrijf, namelijk helemaal niet op het terrein werken. In het bestemmingsplan staat namelijk dat op het terrein alleen een scheepswerf gevestigd mag worden, een klein verschil. Daar ziet Hay nog een kans. "Na flinke debatten de afgelopen zomer gaat de gemeente nu een onderzoek instellen, om uit te zoeken of het plan dat de eigenaar nu heeft binnen die beperking past," vertelt hij. "Mocht dat niet zo zijn, dan mag de gemeente de ontwikkeling die de eigenaar hier wil tegenhouden. Als dat gebeurt, dan betekent dat dat de eigenaar hier nooit wat kan, behalve een scheepswerf openen. Niemand gaat hier meer een scheepswerf bouwen, dat gebeurt allemaal in lagelonenlanden. Dan zal de eigenaar maar één ding kunnen doen: de grond terug verkopen aan de gemeente."

De opbouw voor het jubileum

Dat betekent trouwens niet dat de krakers mogen blijven, want de gemeente kan dan doen met de grond wat ze zelf wil. Daar gaat het Hay en de andere ADM'ers ook niet om. Volgens hen is het belangrijk dat de gemeente Amsterdam het terrein koopt, omdat de gemeente anders veel geld misloopt – geld dat volgens hem naar de Amsterdamse burgers zou moeten gaan. "De bedrijven waar de eigenaar nu mee bezig is zijn eigenlijk geen scheepswerven. Als dat toegestaan wordt, en de gemeente doet niets, dan wordt het bestemmingsplan opgerekt. Daardoor wordt de grond meer waard. De huidige grond ongeveer 20 miljoen euro waard. Haal je die bestemmingsbeperking eraf, dan is de prijs tussen de 80 en 120 miljoen euro. Met één handtekening van de gemeente kan de huidige eigenaar tussen de 60 en 100 miljoen euro verdienen. Daar heeft hij niets voor hoeven doen, behalve twintig jaar wachten. Dat kan niet, moreel gezien," vindt Hay.

"De gemeente heeft dit terrein in 1970 voor 1,5 miljoen gulden overgedaan aan de ADM-werf. Het ging slecht met de werf, dat was een soort verkapte subsidie van de gemeente om de werf gaande te houden. De meerwaarde die nu ontstaat, die de huidige eigenaar zou opstrijken, daarvan vinden wij dat het publiek geld is. Dat moet terug naar de burgers van Amsterdam. Van dat geld, van honderd miljoen euro, daar kan je als je zou willen het stedelijk museum van verdubbelen. Of je legt een metro aan naar Zaanstad. Of je geeft 10.000 mensen die op een minimum leven een basisinkomen."

Voor de krakers maakt dat verder niet zo heel veel uit. "Als de gemeente het koopt zitten we er misschien wat langer, maar ook dan moeten we over twee of drie jaar weg. Maar dan hebben wij moreel en sociaal gezien ons punt wel gemaakt, dan is het eerlijk

Naast dit financiële verhaal gaat er met het ADM-terrein volgens Hay een unieke culturele broedplaats verloren. "Amsterdam verliest een uitvindplek voor een heleboel makers en creatievelingen die in het centrum van de stad niet meer terecht kunnen. Filmmakers, theatermakers, kunstenaars. Dit zijn mensen die ook een bepaalde levensfilosofie hebben waarin geld geen primaire rol speelt. Amsterdam verliest een andere manier van kijken op het leven en hoe je je leven vormgeeft, en de ruimte die je daarvoor nodig hebt. Dat is een visie die zwaar onder druk staat," zegt hij. "We voelen ook heel erg dat het gedachtegoed dat hier heerst op de een of andere manier bewaard moet blijven. Het laat zich misschien goed samenvatten in de term 'vrijplaats'. We zijn nu aan het kijken of het begrip vrijplaats ook bij het culturele erfgoed van Nederland kan komen te horen, net als carnaval."

Met zijn eigen toekomst is Hay nog niet bezig. "Het voelt een beetje raar om daaraan te gaan werken terwijl je nog niet gelooft dat de gemeente hier een blunder zou maken." Wel is hij met de gemeente in gesprek over een eventuele vervangende locatie voor het terrein, maar die gesprekken lopen verre van soepel. "Het eerste gesprek was anderhalf jaar geleden. Toen zei de gemeente in de openingszin: we komen praten over een vervangende plek, maar er is 0 euro en er is geen plek voor jullie in Amsterdam. Een fantastische wijze om een gesprek te beginnen," zegt hij cynisch.

Ondanks de tegenslagen houdt Hay de moed er in. Hij is vooral trots op wat het ADM-terrein de afgelopen twintig jaar is geworden. "We hebben hier iets geweldigs gedaan," zegt hij. En dat wordt dit weekend gevierd.