FYI.

This story is over 5 years old.

Franse media en de wetenschap zijn het eens: geen foto's meer van terroristen

Franse media willen geen foto's meer publiceren van terroristen. Het idee dat aandacht voor de gewelddadige dader alleen maar geweld kan aansporen, wordt ondersteund door de wetenschap.

Een paar weken geleden hebben een paar grote Franse kranten besloten om foto's van terroristen niet meer te publiceren. Dit was dagen de wrede aanslag in Nice, toen de hele wereld zocht naar meer informatie over de dader die verantwoordelijk was voor tientallen doden.

Kranten en tijdschriften als Le Monde en La Croix weigerden toen mee te doen aan wat zij een "haatstrategie" noemden. Terroristische organisaties zoals ISIS en Boko Haram kikken juist op media-aandacht. Ze claimen verantwoordelijk te zijn voor aanslagen en verspreiden hun boodschap op sociale media en YouTube. Ze zijn alleen maar trots op een krantenkop met hun naam er in.

Advertentie

Maar het besluit van de Franse media kwam op mij over als iets meer dan een reactie op de gruweldaden – deze verhalen kunnen een effect hebben op onze hersenen en de manier van denken. Als consument en producent van media, denk ik dat de media in Frankrijk hiermee juist een poging doet om extreem geweld tegen te gaan. Er is veel bewijs te vinden voor deze strategie.

Spiegeltje, spiegeltje

In de jaren 80 was er een Italiaanse neurowetenschapper van de Universiteit van Parma, Giacomo Rizzolatti, die voor het eerst een bepaald soort hersencellen ontdekte – spiegelneuronen, zoals hij ze noemde. Deze neuronen stimuleren onze na-aperij en soms ook empathie, wanneer ze activiteiten van iemand anders observeren.

Zo zitten de spiegelneuronen vaak ook achter het gevoel dat je krijgt wanneer je iemand pijn ziet lijden. Je kan jezelf in hun schoenen plaatsen, dus hun pijn is jouw pijn. In een experiment vonden onderzoekers dat wanneer de spiegelneuronen worden geactiveerd, terwijl andere delen van de prefrontale cortex worden onderdrukt, mensen sneller geld geven aan een goed doel, en dus guller worden.

Maar spiegelneuronen zijn ook een van de redenen dat mensen gewelddadig gedrag dat ze zien gaan imiteren. Of het nou gaat om pesten op school, of het oppakken van een pistool om als een gek om je heen te schieten. "Je kunt kiezen. Je kunt er voor kiezen om een slachtoffer te imiteren of een agressor," zegt Marco Iacoboni, een neurowetenschapper aan de Universiteit van Californië in Los Angeles, die onderzoek doet naar spiegelneuronen.

Advertentie

In zijn boek, Mirroring People, zegt Iacoboni dat imitatie van geweld, die wordt aangedreven door de spiegelneuronen, duidelijk naar voren komt bij kinderen die naar geweld kijken in de media. Laat kinderen naar een gewelddadige film kijken en ze laten gelijk daarna agressief gedrag zien. (Dit betekent niet dat ze ook echt gewelddadige volwassenen zullen worden).

"Je kunt kiezen. Je kunt er voor kiezen om een slachtoffer te imiteren of de agressor."

In volwassenen is het effect van gewelddadige films en mediaberichten moeilijker te bepalen. We hebben meer tijd gehad om ook andere factoren te ontwikkelen, waarmee we onze reactie kunnen sturen. Veel andere delen van de hersenen zijn gevormd door een combinatie van "nature" en "nurture", zoals de amygdala, een hersengebied dat is betrokken bij het verwerken van emoties en motivatie. En die hebben volgens Iacoboni ook weer invloed op de "controle" op het referentiekader van onze spiegelneuronen: Het zijn de krachten die ons kunnen weerhouden van het opvolgen van het spiegelneuronimpuls.

"De spiegelneuronen zijn een beetje de snelle jongens – ze zijn automatisch. Als ik jou een actie zie ondernemen, dan worden mijn hersenen gelijk gestimuleerd. Maar vervolgens wordt er nog een soort controlesysteem opgestart, die kan zeggen: "Nee, dit wil ik niet doen," vertelt hij.

Rampenrecept

Ons controlesysteem is zwaar afhankelijk van onze ervaringen en onze kijk op de wereld. Zonder twijfel heeft de maatschappij en de ideologie om ons heen hier een grote invloed op, zegt Douglas Gentile, die de psychologische impact van geweld in de media onderzoekt aan de Universiteit van Iowa State.

Advertentie

"Online hebben we helden van hen gemaakt. We noemen ze een lonewolf – dat klinkt cool."

Dit gaat niet om de vraag of het bekijken van een gewelddadig filmpje of het spelen van een videospel leidt tot agressie. Er zijn een paar factoren die bijdragen aan ons gedrag, bijvoorbeeld onze omgeving en de stress waar we onder leiden. Dus iemand die kijkt naar de terrorist van de aanslag in Nice zou kwetsbaarder zijn voor afwijkend gedrag als hij zich meer identificeert met de dader dan met de slachtoffers.

Gentile heeft gezworen om nooit in een van zijn presentaties of lessen de naam van een massamoordenaar te noemen, maar zegt ook dat de media daarin een verantwoordelijkheid heeft.

"Online hebben we helden van hen gemaakt. We noemen ze een lone wolf – dat klinkt cool. Terrorist – dat klinkt cool voor mensen die dat ook willen zijn," zegt Gentile. Het is een recept voor geweld. Je creëert zo een recept voor geweld.

Ik vraag hem of hij vindt dat mensen het recht hebben om de namen en achtergrond van mensen te weten die haat spreiden en aanslagen plegen. Hij zegt dat het niet duidelijk is of die transparantie productief is – het zou juist kunnen zorgen voor stereotypering. Ook zou het mensen tegen mensen met dezelfde achtergrond als de dader kunnen opzetten. "Helpt het jou nou echt? Heeft het jouw leven enigszins veranderd?" vraagt hij.

Een andere weg inslaan

Onderzoek uit zowel de neurowetenschappen als de gedragspsychologie ondersteunt het meest optimistische deel van de discussie: dat onze hersenen en ons gedrag aanpasbaar is. Niemand heeft een aangeboren neiging tot geweld, maar handelt alleen vanuit een impuls van hun spiegelneuronen wanneer ze geweld voor zich zien. Aan de andere kant is het niet nodig om het lezen en het leren over massa-executies en terroristische aanslagen helemaal af te zweren.

Advertentie

Empathie is heel belangrijk als je geweld wil voorkomen

Iacoboi zegt dat het nog niet duidelijk is wat bijdraagt aan de controle over onze spiegelneuronen en gewelddadige impulsen, maar het wordt steeds duidelijker dat een verbintenis met mensen en mediteren kan helpen. "Je moet proberen om je gelijk te stemmen met anderen, en letten op wat zij doen," zegt hij.

Empathie is heel belangrijk als je geweld wil voorkomen. Gentile wees op de Japanse media die zicht bewust voornamelijk richten op de slachtoffers, en niet op de daders. Wanneer iets verschrikkelijks gebeurt, publiceren ze foto's van mensen die er onder lijden en geen foto's van de dader. Mensen identificeren zich dan met het leed, en niet met de geweldpleging. Japan is een van de landen met de minste criminaliteit ter wereld.

Amerika heeft een vergelijkbare media aanpak doorgevoerd toen bleek dat foto's en verhalen van zelfmoord mensen juist zou kunnen aansporen om zelfmoord te plegen.

Franse media wil nu een ook zo'n aanpak instellen voor foto's en namen van terroristen. Als we ons vooral richten op het publicaties die empathie bevorderen, dan zou er binnen de maatschappij iets kunnen veranderen. We moeten misschien ook meer benadrukken wat we vaak vergeten: Dat er veel meer vredige dan gewelddadige mensen zijn op de wereld.

"Vandaag zijn er zeven miljard mensen die elkaar ontzettend goed gaan behandelen; morgen ook en overmorgen ook," zegt Gentile. "Maar dat is niet hoe we tegen de wereld aankijken."