Boekenweek

Vijf boeken uit de Black Archives die iedere Nederlander zou moeten kennen

"In dit land doen we vaak alsof racisme alleen in Amerika bestaat. Dit boek legt uit dat racisme in Nederland zo verweven is met ons dagelijks leven dat het haast ongrijpbaar wordt."

door Oscar Bouwhuis
28 maart 2017, 10:39am

De zolder van het Hugo Olijfveldhuis, een statig pand aan de Zeeburgerdijk in Amsterdam-Oost, staat vol met boekenkasten. Op de planken staan eindeloze rijen boeken en manuscripten over kolonialisme, racisme en zwarte geschiedenis. Veel van deze boeken zal je niet in de bieb vinden – het zijn ontbrekende puzzelstukjes van de Nederlandse geschiedenis.

De Black Archives bestaat voor een groot deel uit de persoonlijke boekenverzameling van de in 2009 overleden socioloog Waldo Heilbron. Een groep twintigers en dertigers heeft nu de taak op zich genomen om de collectie in kaart te brengen en open te stellen voor het publiek. Ze komen regelmatig bijzondere dingen tegen: flarden vaderlandse geschiedenis en verborgen verhalen, die de problemen van vandaag in een bredere context plaatsen.

In het kader van de Boekenweek vroegen we drie initiatiefnemers van de Black Archives – Miguel Heilbron (zoon van Waldo), Jessica de Abreu en Mitchell Esajas van New Urban Collective – om vijf boeken uit te kiezen waarvan zij vinden dat ze toegevoegd moeten worden aan de Nederlandse literaire canon.

Alle foto's door de auteur

Anton de Kom - Wij slaven van Suriname (1934)

Mitchell Esajas: Als we het hebben over zwarte geschiedenis, denken we direct aan Martin Luther King, Marcus Garvey, Malcolm X en Frantz Fanon. Anton de Kom past met zijn woorden én daden perfect in dat rijtje. Wij slaven van Suriname is een van de eerste grote kritieken op het Nederlandse kolonialisme vanuit het perspectief van iemand uit de koloniën. De man was een verzetsheld pur sang. Dertig jaar na de afschaffing van de slavernij werkten arbeiders in Suriname nog steeds onder zeer erbarmelijke omstandigheden voor Nederlandse bedrijven. De Kom wist verschillende etnische groepen – ongeacht geloof of kleur – te verenigen in een sterke vakbondsbeweging. Dat heeft tot grote opstanden geleid die door de Nederlanders met geweld de kop in werden gedrukt. De Kom werd gevangengenomen en naar Nederland gestuurd. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, sloot hij zich aan bij het Nederlandse verzet. Het is toch vrij bijzonder dat hij enerzijds onderdrukt werd door de Nederlanders, maar desondanks bereid was zijn leven te geven voor diezelfde Nederlanders.

Miguel Heilbron: De Kom is op verschillende manieren ook voor de Nederlandse canon relevant. Natuurlijk vanwege zijn rol in het verzet in Nederland. Maar wat vaak wordt vergeten: Nederland heeft door middel van kolonisatie gebieden in andere werelddelen (Nederlands-Indië, Suriname, Antillen) toegevoegd aan het Koninkrijk der Nederlanden. Tot op de dag van vandaag zijn er eilanden in het Caribisch gebied die onderdeel uitmaken van het koninkrijk. Onze ouders zijn in die zin allemaal geboren in Nederland. En Anton de Kom was in die zin ook een Nederlander.

Mitchell: Toen het boek uitkwam, geloofden veel mensen niet dat een zwarte Surinamer het had geschreven. Het was ook lange tijd verboden om het boek te drukken. Tot begin jaren vijftig werden er illegale kopieën van zijn werk verspreid.

Présence Africaine - 1st International Conference of Negro Writers and Artists (1956)

Mitchell: Nu we praten over Anton de Kom is het eigenlijk ook interessant om Otto en (zijn echtgenote) Hermina Huiswoud te bespreken. Otto Huiswoud was het kind van tot slaaf gemaakte Surinamers. Op jonge leeftijd belandde hij in de Verenigde Staten. Daar werd hij één van de oprichters van de Amerikaanse communistische partij (CPUSA). Hij heeft zelfs Lenin in Moskou opgezocht. Ook was hij betrokken bij de vroege Amerikaanse burgerrechtenbeweging. In de jaren dertig en veertig woonde hij in Nederland en werkte hij voor de Komintern, een wereldwijd samenwerkingsverband van communistische partijen. Wat ik interessant vind is dat Surinaams-Nederlandse schrijvers als Otto Huiswoud en Anton de Kom deel uitmaakten van een groot internationaal netwerk waar ook Frantz Fanon en Marcus Garvey tot behoorden. We weten in ieder geval zeker dat Huiswoud en Anton de Kom elkaar hebben ontmoet. Ze begaven zich in dezelfde kringen en zijn elkaar waarschijnlijk op een conferentie in Parijs tegengekomen. Ook weten we dat Otto heeft gedebatteerd met Marcus Garvey. Dit boek is een verslag van wat er op de conferentie in 1956 in Parijs werd besproken.

Miguel: Na de Tweede Wereldoorlog werd Huiswoud voorzitter van de Vereniging Ons Suriname. De vereniging is nog steeds gevestigd in het gebouw waar wij ook in zitten. Een deel van de boeken in het archief is ook afkomstig uit de boekenkast van Otto en Hermina Huiswoud.

Jessica de Abreu: Toen we de dozen met boeken aan het uitpakken waren, viel mijn oog op een boek van de beroemde Afro-Amerikaanse dichter en activist Langston Hughes. In de kaft van het boek staat een persoonlijke boodschap van Hughes aan Otto Huiswoud. Het ontdekken van dit soort dingen is super interessant. De anti-racismebeweging in Nederland heeft een lange en rijke geschiedenis met een internationale dimensie. Het idee dat de antiracismebeweging in Nederland iets nieuws is, is dus complete kolder.

Mitchell: In de Engelstalige en Franstalige wereld hebben antikoloniale schrijvers wél erkenning gekregen. In het Nederlandse curriculum is vaak geen spoor van deze schrijvers te vinden. Een jaar geleden had ik bijvoorbeeld nog nooit van Huiswoud gehoord.

Jessica: Wellicht heeft dat ook te maken met het feit ze door hun banden met het communisme in de gaten werden gehouden door de FBI. Voor hun werk moesten ze nagenoeg onzichtbaar zijn. Daarom schreven ze onder verschillende schuilnamen. Zo was Helen Davis bijvoorbeeld één van de schuilnamen van Hermina.

Angela Davis - Women, Race and Class (1981)

Jessica: Hoewel dit boek door een Amerikaanse schrijfster is geschreven, denk ik dat we er nu in Nederland veel van kunnen leren. Een andere reden dat ik Angela Davis op het lijstje heb gezet, is dat ik dit boek niet kon vinden in de openbare bibliotheek. Women, Race and Class gaat voornamelijk over de opkomst van zwarte vrouwen in de burgerrechtenbeweging. Daarnaast beschrijft Davis de frictie tussen het witte feminisme en de zwarte burgerrechtenbeweging in Amerika. Na de afschaffing van de slavernij zagen witte vrouwen uit de middenklasse zichzelf ook als tweederangsburgers. Zij zagen een overeenkomst tussen de slavernij en hun positie ten opzichte van de man. In het begin sloten ze daarom een bondgenootschap met de zwarte beweging. Later vreesden ze dat zwarte mannen meer rechten zouden krijgen dan witte vrouwen. Uiteindelijk werd 'gender' voor deze feministen belangrijker dan 'ras'. 

Als we denken aan vrouwenrechten en 'de vrouw' hebben we vaak het stereotype van de witte middenklasse heteroseksuele cisgender vrouw in gedachten. Maar niet iedere vrouw is hetzelfde, er is sprake van verschillende realiteiten. De positie van de 'zwarte vrouw' kwam in het feministische verhaal totaal niet aan bod. Dit boek legt goed uit waarom het in Nederland soms nog steeds wringt tussen witte feministen en zwarte feministen. Bij het maken van beleid worden 'ras' en 'gender' meestal niet met elkaar verbonden. Zwarte vrouwen vallen tussen wal en schip, en zijn daardoor onzichtbaar in de statistieken. Ook Gloria Wekker refereert hieraan in haar publicaties.

Mitchell: De minister van Onderwijs Jet Bussemaker stelde vorig jaar vast dat er sprake is van ongelijkheid in het onderwijs en dat ze extra geld wilde vrijmaken om honderd tot honderdvijftig extra vrouwelijke hoogleraren aan te stellen. Als we kijken naar het beleid van de laatste tien à twintig jaar, kunnen we haast voorspellen dat het overgrote deel van de honderdvijftig extra promoties naar witte vrouwen zal gaan. Zwarte vrouwen worden meestal geschaard onder het label 'etnische minderheden'.

Jessica: Ik heb een tijdje geleden bij de diversiteitscommissie van de Universiteit van Amsterdam onderzoek gedaan naar vrouwen in academia. Wat ik merkte was dat gender een veel hogere prioriteit heeft in Nederland dan etniciteit. Het is algemeen bekend dat universiteiten erg 'wit' zijn. Dat heeft onder meer te maken te maken met structurele achterstelling en een koloniale erfenis. Als er vervolgens wordt besloten dat er meer vrouwen topfuncties op universiteiten moeten bekleden, over welke vrouwen hebben we het dan? En voor wie is het genderbeleid dan bedoeld?

Philomena Essed - Alledaags Racisme (1984)

Mitchell: Op Nederlandse universiteiten wordt weinig tot geen kritisch onderzoek gedaan naar racisme, en dit boek werd binnen de academische wereld niet bepaald met open armen ontvangen.

Jessica: Dit is één van de beste teksten over racisme in Nederland. In dit land hebben we vaak de neiging om te praten over racisme in het buitenland. Racisme wordt doorgaans gezien als iets wat uitsluitend in Amerika bestaat. Over racisme in Nederland werd haast niet gesproken. Philomena Essed legt in dit boek uit dat racisme in Nederland zo verweven is met ons dagelijks leven dat het haast ongrijpbaar wordt. Het boek gaat over de dagelijkse realiteit.

Mitchell: Vaak gaat het dan om leuk bedoelde grapjes of opmerkingen, die een racistische ondertoon hebben. Dit boek geeft mensen inzicht in zulke situaties. Als iemand zo'n opmerking maakt, is je eerste reactie vaak emotioneel of je houdt het voor jezelf en kropt het op. Als je het herkent, kun je beter beslissen hoe je ermee omgaat. Je kunt dan beslissen om de confrontatie aan te gaan en het bespreekbaar te maken. Als je racisme niet herkent, kun je er ook niets tegen doen. Ik denk dat het essentieel is om dit boek op te nemen in het curriculum van middelbare scholen.

Miguel: Omdat er in de Nederlandse academische wereld weinig interesse en aansluiting was, heeft Philomena Essed zich na het uitkomen van dit boek min of meer gedwongen gevoeld om in het buitenland te gaan werken. In de Verenigde Staten is zij toen verder gegaan met haar werk als wetenschapper.

Jessica: In het buitenland is Essed wel geroemd om haar werk. Ze wordt ook vaak geciteerd door buitenlandse wetenschappers. Tot voor kort in de Nederlandse academische wereld weinig tot niet. Een andere belangrijke reden dat wij het boek in het lijstje hebben gezet is dat het nu pas, na meer dan twintig jaar, is herdrukt.

Miguel: Het is belangrijk om te realiseren dat zwarte wetenschappers in Nederland al generaties hiermee bezig zijn. Nu komt Philomena af en toe weer eens naar Nederland. Het is mooi om te zien dat de nieuwe generatie in gesprek gaat met de oudere generatie.

O.a. Scotty Gravenberch, Lulu Helder - Sinterklaasje kom maar binnen zonder knecht (1989)

Miguel: Dit boek uit 1989 toont aan dat discussie over Zwarte Piet niet iets is van de laatste jaren. Verschillende prominente schrijvers hebben aan dit boek meegewerkt. Ook mijn ouders schreven elk een hoofdstuk. Nadat dit boek uitkwam is er ook een debat geweest in het programma van Sonja Barend met een aantal schrijvers. Barend liet na afloop weten dat dit het heftigste debat was dat zij ooit had meegemaakt. Dit is overigens niet de eerste keer dat er kritiek werd geuit op Zwarte Piet. Door de jaren heen zijn er diverse kritieken geschreven. Bijvoorbeeld het boek Al is hij zo zwart als roet van Rahina Hassankhan uit de jaren tachtig. Je kunt zelfs zover teruggaan als de jaren veertig. Toen werd er al over gepubliceerd in de Groene Amsterdammer.

Jessica: Dit was wél de eerste keer dat er een groot manifest werd geschreven. Net als het boek van Philomena Essed werd dit boek ook niet herdrukt. Het is bijna niet meer te vinden. We hebben hier twee exemplaren, that's it.

Miguel: Nu de discussie in een stroomversnelling lijkt te komen is het belangrijk te onthouden dat dit onderwerp een lange weg heeft afgelegd.

Mitchell: Het archief is een fysieke getuigenis van een verleden dat heel lang verzwegen en verborgen is gebleven. Er is nog veel meer dat we niet hebben laten zien.