Sport

Zo pakte de scorende taxichauffeur na angstaanvallen zijn leven weer op

"Zlatan wilde dat ik achter hem op tien zou komen te spelen. Zo is het niet gelopen, helaas."

door Dave Aalbers
18 april 2019, 1:45pm

Foto's door auteur of via Pro Shots.

“Beloof je dat er een foto van mij met mijn jongens bij het artikel komt?”, vraagt Jamal Akachar (36). We zitten op het terras van amateurclub Atletico Club Amsterdam in de wijk Geuzenveld. Hier is Akachar bijna dagelijks te vinden om trainingen te verzorgen namens zijn voetbalschool.

Bij veel mensen zal er niet direct een belletje gaan rinkelen bij de naam Akachar. Nadat de aanvaller in de jeugdopleiding van Ajax speelde, kreeg hij geen profcontract. Hij ging werken als taxichauffeur en spelen bij de amateurtak van Ajax. Door zijn goede prestaties werd hij in 2003 alsnog door Ronald Koeman bij de selectie gehaald. ‘De scorende taxichauffeur’ mocht zelfs als invaller debuteren in de Arena. Het zou uiteindelijk bij 33 minuten in het eerste elftal blijven.

Akachar stapte later over naar Cambuur, maar in die periode kreeg hij last van angstaanvallen. Dat werd zo ernstig, dat hij voor zijn gevoel niet meer in staat was om te trainen. Voor hij het doorhad, was zijn carrière alweer voorbij. Terwijl de kinderen op het veld druk bezig zijn met allerlei oefeningen vertelt Akachar over zijn huidige leven, een nacht in de cel en de angst die zijn leven jarenlang beheerste.

1555588585412-fullsizeoutput_168c
Jamal Akachar met de jongens van zijn voetbalschool.

VICE Sports: Ha Jamal, hoe gaat het met je?
Jamal Akachar: Het gaat goed. Ik ben wel wat kilootjes zwaarder. Dat komt omdat ik met mijn voetbalschool Akachar Sports tegenwoordig meer uitleg dan zelf beweeg. Ik geniet er elke dag van om met die jonge kinderen op het veld te staan.

Ben je nog steeds taxichauffeur?
Haha, nee dat was tijdelijk. Toen ik na de jeugd van Ajax geen contract kreeg, ben ik een half jaar gaan werken. Toen ik later via een omweg alsnog bij de selectie van Ajax kwam, vroeg een journalist wat ik in de tussentijd had gedaan. Ik vertelde dat ik weleens taxi reed voor het bedrijf van mijn oom en al snel werd ik gebombardeerd tot de scorende taxichauffeur. Dat is blijven hangen bij veel mensen. Door gezondheidsklachten moest ik op mijn 23ste stoppen met voetballen.

Je had als jonge voetballer last van angstaanvallen. Hoe gaat het daar nu mee?
Op dit moment gaat het gewoon goed. Maar wat ik echt het liefst deed, heb ik door mijn angstaanvallen na mijn 23ste nooit meer echt gedaan. Rond mijn 26ste heb ik het nog heel even geprobeerd als voetballer in Marokko, maar toen had ik al niet meer de gretigheid die ik daarvoor wel had. Dat heilige vuur zit nog wel in me, maar dan voor de jonge voetballers die ik train. Daar haal ik nu mijn voldoening uit.

1555588663010-Copyright-ProShots-16329
Jamal Akachar tijdens zijn debuut voor Ajax in de Arena tegen RBC.

Wanneer kreeg je voor het eerst last van die angstaanvallen?
In mijn periode bij Cambuur was ik op vakantie in Marokko. In de auto voelde ik ineens druk op mijn borst en een deel van mijn gezicht trok weg. Toen ik uit de auto stapte, ging mijn hartslag flink omhoog. Sinds dat incident heb ik ongeveer drie jaar last gehad van angstklachten. Ben ik ziek? Is er iets met mijn hart aan de hand? Ik heb me compleet laten onderzoeken, maar uit alle testen bleek dat er met mijn hart niks mis was. Maar ik had sinds dat moment in Marokko wel last van een paniekstoornis. Chronisch hyperventileren noemen ze het. Dat schrikmoment heeft mijn carrière een beetje stopgezet.

Hoe uit zoiets zich?
Ik ben destijds bij een psycholoog geweest voor cognitieve gedragstherapie. Daar leerde ik dat het iets is wat uit de hersenen komt. Er gaat een alarmbel af in je lichaam, waardoor je in paniek raakt, terwijl er eigenlijk niks aan de hand is. Voor mijn gevoel ging op sommige momenten mijn hart ineens enorm tekeer. Als ik bijvoorbeeld duizelig was, dacht ik ook meteen dat er iets met me aan de hand was. Waarschijnlijk kwam het doordat ik slecht gegeten had, maar op dat moment dacht ik dat ik doodging. Die angst was in mijn lichaam geslopen. Het is moeilijk te begrijpen als je het niet kent.

Had je er tijdens het voetballen ook last van?
Ik kan me nog een wedstrijd herinneren met Cambuur in de Amstel Cup tegen WKE. Ik maakte een mooie goal van dertig meter, maar tegelijk worstelde ik met die klachten. Ik dacht constant over mijn lichaam na, en mijn polsen aan het controleren. Het was een lastige periode en op een gegeven moment heb ik gezegd: ik trek dit niet meer. Ik kon voor mijn gevoel niet meer trainen en gaf aan dat ik me niet goed voelde. Bij Cambuur dachten ze dat ik weg wilde en op deze manier een transfer probeerde te forceren. Door die situatie wilden ze mijn contract laten ontbinden en me twee of drie maanden salaris meegeven. Maar ik wilde helemaal mijn contract niet laten ontbinden. Ik was ziek en wilde terugkomen als voetballer.

Dat verschil in inzicht heeft ervoor gezorgd dat je door de politie bent opgepakt.
Ik had een lease-auto van de club. Volgens mijn advocaat had ik nog recht op alles wat in mijn contract stond totdat het werd ontbonden. Bij Cambuur vonden ze dat ik de auto had verduisterd, dus stond de politie ineens bij me op de stoep. Ik moest met ze mee en een nacht in de cel blijven.

Een jonge voetballer met angstaanvallen, in een politiecel. Waar denk je tijdens zo’n nacht aan?
Ik ben gewoon gaan liggen en gaan nadenken. Die nacht was ik vrij rustig. Op zo’n moment moet je sterk zijn. Ik besefte ook dat er mensen zijn die ergere dingen hebben meegemaakt. Het was op dat moment heel frustrerend, maar de volgende dag werd ik gelukkig weer vrijgelaten en kon ik mijn auto ergens in Amsterdam ophalen. Uiteindelijk, na een arbitragezaak, werd mijn contract ontbonden en is alles netjes afgehandeld. Maar mijn naam is natuurlijk wel geschaad doordat het zo is gelopen. Slecht nieuws verkoopt. Dat ik uiteindelijk gelijk had, heb ik nergens meer gelezen.

Daarna was je klaar als voetballer in Nederland. Wat heb je in die periode gedaan voordat je het ging proberen in Marokko?
Ik ben twee jaar lang niet veel buiten geweest. Af en toe ging ik naar familie, maar daarna ging ik meteen weer naar huis. Ik voelde me niet lekker, dus ik genoot ook niet. Ik heb in die tijd heel veel boeken gelezen. Ik las veel over mijn klachten en vond rust door de Koran te lezen. Ik ben ook vroeg getrouwd en kreeg in die periode mijn eerste zoon. Ik haalde rust uit af en toe met hem voetballen. Ook al voelde ik me niet goed, toch ging ik met hem mee om een balletje trappen. Door afleiding te zoeken ging het langzaam steeds beter met me.

1555589187545-fullsizeoutput_168a

Zo goed dat je het nog wel een keer wilde proberen in Marokko.
Een zaakwaarnemer vroeg me in die periode ineens: “Wil je niet bij MAT Tétouan voetballen?” Ze hadden een voorzitter met veel geld en ik voelde me weer wat beter. Ik was wel iets te zwaar, maar ik wilde het best proberen. Tijdens mijn vakantie ben ik mee gaan trainen en de trainer zei gelijk: “Ik wil hem.” Ik kreeg meteen een groot bedrag, bijna een ton. Ik heb nog voor veel toeschouwers op bezoek bij Raja Casablanca gespeeld en nog een paar mooie potjes in de Afrikaanse Champions League. Het was leuk, maar na anderhalf jaar was het mooi geweest. Die echte wil was er niet meer en ik ben niet meer de oude geworden.

Was het een moeilijke beslissing om al zo te vroeg te stoppen?
Ik baal natuurlijk wel dat het zo is gelopen. Ik ben gelovig, dus ik geloof dat het zo moest zijn. Als iets is voorbestemd is, is dat nou eenmaal zo. Dat moet ik accepteren. Mijn voetbalschool zit nu sinds een jaar op het complex van Atletico Club Amsterdam, en daar hebben ze ook een eerste elftal. Een van de jongens uit dat team ken ik goed en hij vraagt weleens of ik een potje mee kom voetballen. Alleen dat motiveert me niet. Ik ben 36, waarom zou ik nog meedoen aan zo’n potje in de vierde of derde klasse? Ik heb vroeger gevoetbald omdat iets in me zei dat ik kon slagen. Dan liep ik op mijn veertiende langs de Arena en dacht ik: daar ga ik ooit spelen. Dat is me uiteindelijk gelukt. Maar heel kort, helaas.

Weerhoudt angst je tegenwoordig nog om te voetballen?
Nee, dat is het niet. Het gaat echt om het vuur dat na mijn angstaanvallen niet meer terug is gekomen. Ik hou me daarom veel liever bezig met die kleintjes. Er lopen jongens van mij stage bij Ajax, FC Utrecht en een oudere jongen waar ik mee heb getraind speelt momenteel in het tweede van Borussia Dortmund. Ik train ook veel met Amine Ennali, die bij Lazio heeft gespeeld en momenteel wacht op een nieuwe uitdaging. Met mijn contacten kan ik soms nog ergens een stage voor ze regelen, maar een echte zaakwaarnemer ben ik niet. Het allermooiste blijft voor mij die allerkleinsten trainen. Er loopt hier zelfs een mannetje van drie rond. Als-ie zo doorgaat, speelt hij over een paar jaar bij Ajax.

Kom je zelf nog weleens bij Ajax?
Ik heb nog intensief contact met de coördinator jeugdscouting van Ajax, Peter Musters. We hebben van Ajax een paar doelen en kaatsborden gekregen. Vier jaar geleden was ik nog in de engelenbak. Op die dag nodigt Ajax alle oud-spelers uit om een wedstrijd te komen kijken in een vak op de tribune. Ik was de jongste van het gezelschap. De meeste voetballers van mijn leeftijd voetbalden toen natuurlijk nog. Zat ik daar met Piet Keizer, Sjaak Swart en al die gasten.

Kijk je ondanks de tegenslagen positief terug op je carrière?
Ik heb ook zeker mooie momenten gehad. Ik weet nog een keer dat Zlatan Ibrahimovic terugkwam van een blessure en met het tweede elftal mee moest naar FC Twente. Ik heb heel de busreis zitten lachen met die Ibra. Hij noemde me altijd ‘brother nosey’, omdat we allebei een grote neus hebben. Hij zei altijd: “Ik ben tenminste 1 meter 95, daar past een grote neus beter bij.” Hij vroeg ook altijd wanneer ik nou naar het eerste zou komen. “Maar jij bent toch de spits?”, vroeg ik. Hij wilde dat ik achter hem op tien zou komen te spelen. Zo is het niet gelopen, maar die herinneringen zullen altijd blijven.

1555589483844-fullsizeoutput_1688