Dit artikel is meer dan vijf jaar oud.
reizen

Als het aan de Somalilanders ligt is Somaliland een echt land

Zoals de folders van het consulaat benadrukken: het gaat hier niet om Somalië, maar om Somaliland. Geen enkel land erkent vooralsnog hun onafhankelijkheid, helaas.

door Mark Hay
06 juni 2013, 11:00am

In een uithoek van de bovenste verdieping van een klein kantoorgebouw in de Londense wijk East End bevindt zich het consulaat van Somaliland. Inderdaad: Somaliland, niet Somalië, zoals de posters in het kantoor op pijnlijke wijze benadrukken. In 1991 verklaarde het noordelijke deel van Somalië zich onafhankelijk – na 22 chaotische en gewelddadige jaren onder leiding van de militaire dictator Mohamed Siad Barre – als de Republiek Somaliland.

Er is alleen geen enkel land dat de onafhankelijkheid van Somaliland officieel erkend heeft, en er zijn ook maar weinig landen die het land steun verlenen. Feitelijk staan de meeste landen achter de overgangsregering van Somalië, een partij die de onafhankelijkheid van Somaliland blijft ontkennen.

Toch lijkt Somaliland sinds de onafhankelijkheidsverklaring minder onveilig en gewelddadig dan de rest van Somalië. Het lijkt zich ook effectiever ontwikkeld te hebben. Het grootste deel van de recente (en zeer beperkte) berichtgeving over de regio juicht de bemoedigende ontwikkelingen toe, zoals de presidentiële verkiezingen – die door internationale waarnemers vrij en eerlijk genoemd werden ­– waarin de oppositie de gevestigde partij met een krappe meerderheid versloeg.

Na de wisseling van de wacht werd Ali Aden Awale aangewezen als de nieuwe voorzitter van het consulaat van Somaliland in Groot-Brittannië – een diplomatenpost ter bevordering van internationale erkenning en voor de verstrekking van visa voor Somaliland. Toen ik het consulaat pasgeleden bezocht sprak ik met Awale om uit te vinden hoe hij een consulaat denkt te leiden in een wereld die het bestaan van zijn natie nog moet erkennen.

VICE: Hoe heb je in Groot-Brittannië een consulaat weten te verwezenlijken terwijl hun regering niet eens erkent dat jouw regio onafhankelijk is?
Ali Aden Awale: Laat ik je eerst eens corrigeren. We zijn nooit een regio geweest. We zijn een land dat Somaliland heet en we waren al onafhankelijk voordat Somalië ontstond. Op een zeker moment zijn die twee staten verenigd, en in 1991 hebben we de eenheid weer ontbonden.

Het kantoor hier in Londen is ontstaan omdat er hier een hechte gemeenschap uit Somaliland woonde. Tijdens de burgeroorlog in de jaren tachtig werd het land vanaf deze plek georganiseerd. Het was een belangrijk deel van onze strijd tegen de dictatuur van Barre.

Na de succesvolle omverwerping van die dictator kreeg ons kantoor een diplomatieke missie. Op 18 mei 1991 trokken we ons terug uit de eenheid en verklaarden ons opnieuw onafhankelijk [in 1960 was er nog een onafhankelijk Somaliland]. Op dat moment besloten we ook dat we een plek nodig hadden om onze dagelijkse activiteiten uit te voeren, en om onze boodschap aan de wereld te over te brengen.

Waarom hebben jullie toen voor Londen gekozen?
In Londen woonde onze grootste gemeenschap, en daar was ons belangrijkste communicatiekanaal met de buitenwereld al gevestigd. We zijn door de jaren heen flink gegroeid en we hebben nu dertien kantoren buiten Somaliland, onder anderen in België, Frankrijk, Ethiopië, Noorwegen en de Verenigde Staten, die stuk voor stuk de natie dienen en vertegenwoordigen.

Hoe ben je hier in verwikkeld geraakt? Hoe word je ambassadeur voor een jong en onerkend land als Somaliland? 
Tijdens de strijd tegen Barre was ik één van de leden uit de gemeenschap die de zaak steunde. Ik woonde toen in Saoedi-Arabië, en bemoeide me met de financiën voor de operaties in ons thuisland. Later werd ik lid van de partij die op dit moment de macht heeft. Dat was nog voordat we in 2010 de verkiezingen wonnen. Na de verkiezingen werd ik door de president tot voorzitter van het consulaat benoemd. 

Hoe ging de overgang van dit kantoor als het hoofdkwartier van de beweging tegen de dictatuur van Barre naar het consulaat van Somaliland? Hoe gingen jullie in praktische zin om met Somaliland – in de wetenschap dat het land zwaar getroffen was door de burgeroorlog? 

Het was heel zwaar en moeilijk. Het duurde vrij lang om in contact te komen met de mensen thuis. Ze hadden daar een paar satelliettelefoons, maar het was duur om daarmee te bellen. Verder was er geen postdienst, en zelfs geen telefoonsysteem. Het kostte ongeveer drie jaar om met een paar geïmporteerde satelliettelefoons het eerste telefonisch contact tot stand te brengen.

Hoe was het om eerst organisator van de verzetsbeweging, en dan ineens diplomaat te zijn?

We zijn nog steeds aan het vechten voor onze natie. We hebben ons eigen regeringssysteem opgericht maar, zoals je zelf al zegt: het is een leerproces. We zijn begonnen met het ontmantelen van de milities en daarna zijn we beetje bij beetje veranderd in een pluralistisch bestel. We hebben veel ups-and-downs doorstaan, en ik denk dat we goed zijn geworden in het omgaan met allerlei situaties.

Het belangrijkste nu is om goed te begrijpen hoe de wereld in elkaar zit, en met die kennis onze zaak in de rest van de wereld te kunnen bepleiten. Ook zijn de onderhandelingen begonnen om officieel een eind te maken aan onze band met Mogadishu, ook al is daar in 1991 eigenlijk al een eind aan gekomen.

Hoe is het om met de Somalische regering te praten, die nog in de eenheid van de natie gelooft en niet meegaat in jullie onafhankelijkheid? 
Vanaf hun kant gezien is de dialoog heel anders. Zij hebben hun eigen redenen om er zo over te denken. Maar wij vinden dat het ons land is, en dat de beslissing om de eenheid te beëindigen aan ons is. We weten dat ze daar niet blij mee zijn, maar dat is dan hun probleem.

Heeft de Britse regering geen problemen met jullie, aangezien jullie diplomatiek werk uitvoeren voor een land dat in haar ogen niet bestaat?
Nou eigenlijk hebben we in dat opzicht geen moeilijkheden gehad. We hebben al jaren een goede band met de Britse regering. Meestal hebben onze vertegenwoordigers ook de nationaliteit van het land waar ze werken. We hebben daarom geen problemen met visa. Bovendien zijn we niet het enige land met een bureau dat niet erkend wordt door Groot-Brittannië. Je hebt bijvoorbeeld ook Taiwan, dat een groot consulaat in en een sterke economische band met Groot-Brittannië heeft.

Jullie hebben gewoon een eigen staat ontwikkeld – met een eigen munteenheid, paspoorten, en dat soort dingen – allemaal zonder erkenning. Hoe heeft de rest van de wereld daarop gereageerd?
We hebben geen enkele tegenwerking gekregen van de rest van de wereld. De Somaliërs zeggen wel een hoop dingen die ons irriteren en die gewoon niet kloppen, maar daar zijn we inmiddels wel aan gewend. We weten hoe we daar mee om moeten gaan.

En hoe zit het met jullie diplomatieke band met Groot-Brittannië? Waarom steunen de Britten jullie onafhankelijkheid niet?
Ik denk niet dat dat het geval is, zeker als je kijkt naar de geschiedenis van Groot-Brittannië in Somaliland. Groot-Brittannië heeft problemen met piraterij en terrorisme, waar wij ze mee helpen. Zij willen Somalië helpen, en daar hebben wij als Somalilanders geen problemen mee. Wij geloven niet dat Groot-Brittannië aandringt op eenheid met Somalië, we hebben een goede verstandhouding met ze.

Dus jullie zijn wel tevreden met neutraliteit? Zolang Groot-Brittannië jullie niet tot vereniging dwingt zijn jullie daar al blij mee?
We zijn niet blij met neutraliteit, maar zo zit de situatie nu eenmaal in elkaar. Tot dusver zijn we blij dat we op die manier met Groot-Brittannië omgaan. Maar we zijn niet blij met hun huidige positie. We zouden willen dat ze meer voor ons konden doen, zoals de Amerikanen in Zuid-Soedan gedaan hebben, en de Portugezen in Oost-Timor.

Weet je, Somaliland heeft het de afgelopen 22 jaar goed gedaan, met weinig hulp van de internationale gemeenschap. We hopen dat de Britten, Amerikanen, en de rest van de wereld goed gedrag en mensen die hun best doen om hun land opnieuw op te bouwen, belonen. Want op dit moment besteden ze miljarden in Somalië, zonder resultaat.

De veiligheid van Somaliland is door het volk van Somaliland opgebouwd. Ook hebben we een regering opgericht met een volledig functionerend parlement, een centrale bank, een grondwet, politie en een militaire macht. We hebben alles wat een moderne natie nodig heeft, en dat hebben we zelf voor elkaar gekregen. Somaliland is één van de landen in de Hoorn van Afrika waar geen sprake is van piraterij. We gebruiken het leger en de veiligheidstroepen om de veiligheid te waarborgen en terrorisme in de gaten te houden. Somaliland doet wat het moet doen. Het lijkt nu alsof al die dingen die Somaliland goed doet genegeerd worden door de rest van de wereld.

Je zei wel dat de Britten steun verleend hebben. Wat hebben ze precies gedaan?
Groot-Brittannië steunt ons land op bepaalde gebieden, zoals de training van onze veiligheidstroepen, volksgezondheid, en onderwijs. Maar wij vinden dat niet voldoende.

Maar wanneer denk je dan dat jullie erkend zullen worden door andere landen?
Ik wil geen namen noemen, maar er zijn veel landen die onder de indruk zijn van de vooruitgang die we geboekt hebben, en dit binnen hun eigen landsgrenzen ter sprake gebracht hebben. Ik denk dat het dus om de zeer nabije toekomst gaat.

Waarom moeten jullie zo lang wachten op erkenning?
Ik weet het niet. Ik denk dat die vraag door de rest van de wereld beantwoord moet worden. Maar ik zie het zo: we hebben nog geen steun gekregen van die landen waarvan we dachten dat ze ons zouden steunen.

De onafhankelijkheid van Somaliland is wettelijk gezien geen probleem. We hebben gewoon de eenheid ontbonden, net zoals Syrië en Egypte dat ook gedaan hebben.

Feit blijft dat we hadden verwacht dat Groot-Brittannië en de Verenigde Staten meer zouden doen, dat ze tegen de rest van de wereld zouden zeggen dat de tijd rijp is om het volk van Somaliland datgene te geven waar ze recht op hebben: politieke erkenning. Dat hebben ze voor Zuid-Soedan en Oost-Timor gedaan. Wat heeft Zuid-Soedan bewezen wat wij niet kunnen bewijzen? Niets. Ze zijn nooit onafhankelijk geweest. Wij wel.

Het wordt tijd dat ze inzien dat het ook in hun belang is om ons te geven waar we recht op hebben.

Waar denk je dat mensen in moeten investeren?
Het is vooral belangrijk dat er geïnvesteerd wordt in onze infrastructuur. Dat zou de groei van onze economie ten goede komen. Het is nu erg slecht gesteld met de infrastructuur in Somaliland, en dat beperkt de verplaatsing van mensen en goederen. Er zijn ook een heleboel grondstoffen die nog niet ontgonnen zijn, en daarom hebben we internationale organisaties uitgenodigd om te zien of ze mogelijk interesse hebben in onze olie en mineralen.

Er zijn veel plekken in Afrika die zo’n soort ontwikkeling hebben doorgemaakt, bijvoorbeeld door deals te sluiten met China. In ruil voor de aanleg van wegen kregen de Chinezen toegang tot grondstoffen. Hebben jullie dat soort opties onderzocht?
Volgens mij is China een heel voorzichtig land, dat met veel dingen rekening zal houden voor het zo’n besluit neemt. En vanwege Taiwan zal ze ook niet zo snel in staat zijn om op Somaliland te reageren – maar dat is mijn persoonlijke kijk op de zaak. We zijn wel met een aantal andere landen in gesprek.

Hoe moe en gefrustreerd moet jij wel niet zijn, na een missie van 22 jaar die nog steeds geen erkenning heeft opgeleverd?
Dat is een goede vraag, maar laat ik dit zeggen: het volk van Somaliland heeft het moeilijk en zwaar gehad, vooral met de onderdrukking onder Barre in de jaren zeventig en tachtig. Dat was een helse tijd die we nooit meer willen meemaken. Een paar maanden geleden heeft de president van Somaliland in een jaarlijkse toespraak voor het parlement gezegd dat het land bereid is om te wachten, hard te werken, en haar best te doen om te krijgen wat ze verdient, al duurt het honderd jaar. Dat is de mindset van de Somalilanders. In ons land is er democratie, persvrijheid en een eerlijk rechtssysteem. We voeren onze dagelijkse zaken beter uit dan Somalië, en ook beter dan veel andere landen.

Tagged:
Somalie
land
Vice Blog
somaliland
Mohamed Siad Barre
Ali Aden Awale
Ahmed Mahamoud Silanyo
onafhankelijkheid