Quantcast
Illustratie door Nanna de Jong

Hoe vertel je je baas dat je psychische problemen hebt?

Charlotte Simons

Charlotte Simons

“Als je je afhankelijk opstelt naar je leidinggevende toe, gaat die voor jou bepalen wat de volgende stap gaat zijn – terwijl jij dat zelf veel beter in kunt schatten.”

Illustratie door Nanna de Jong

Is een kantoorbaan echt zo kut als het klinkt? Hoe eerlijk moet ik zijn bij een sollicitatie? En ben ik kansloos zonder diploma? De komende drie weken kan je op VICE terecht voor alles wat je moet weten over hoe werken werkt. Lees alle artikelen uit de VICE Guide to Work hier.

Een gesprek aan moeten knopen met je baas en hem of haar vertellen dat het op geestelijk vlak niet zo goed met je gaat, kan doodeng zijn. Wat als diegene afkeurend reageert? Helemaal niet begrijpt waarom je met jezelf in de knoop zit, omdat er van de buitenkant niets mis lijkt te zijn? Of (mijn persoonlijke, grootste angst – al is deze vrij irrationeel) er heimelijk een beetje om moet lachen, en je naderhand belachelijk maakt bij je collega’s, terwijl ze tijdens de lunchpauze anekdotes aanhalen die stuk voor stuk uitwijzen hoe koekoek jij wel niet bent? Precies niemand heeft er behoefte aan op de werkvloer te boek te staan als ‘die ene depressieveling’.

Ik heb dit gesprek in het verleden zelf verschillende keren aan moeten gaan; mijn psychische problemen maken al zo’n vijftien jaar deel van me uit. Inmiddels gaat het een stuk beter, maar nog steeds is het lang niet altijd koek en ei: ook nu nog maak ik depressieve episodes door en moet ik mezelf regelmatig streng toespreken, om te voorkomen dat ik volledig terugval in mijn eetgestoorde, antisociale en depressieve gedrag. Die ongezonde neigingen worden voornamelijk getriggerd wanneer ik in mijn werk- en privéleven een hoop stress ervaar. Op zulke momenten is het van groot belang mijn leidinggevende in te lichten over mijn situatie, zodat ik aan kan geven dat het op sommige dagen essentieel is dat ik vanuit huis werk en er begrip getoond wordt voor mijn situatie.

De keren dat ik het gesprek met toenmalige leidinggevenden ben aangegaan, lag ik van tevoren altijd minstens twee nachten wakker van de zenuwen en liep ik alle mogelijke uitkomsten na in mijn hoofd. In de praktijk bleek het overigens altijd reuze mee te vallen; vrijwel al mijn voormalige leidinggevenden probeerden zo goed mogelijk met de situatie om te gaan – ook al begrepen ze natuurlijk lang niet altijd wat er precies in mijn hoofd omging. En dat is ook niet nodig.

Op de momenten dat ik dergelijke gesprekken aanga, improviseer ik eigenlijk altijd maar een eind weg. Ik probeer de ernst van de situatie zo goed als ik kan uit te leggen, en geef aan waar ik behoefte aan heb. Omdat het me waardevol lijkt de kennis van een professional erop na te slaan, neem ik contact op met Tosca Gort. Tosca is organisatie- en arbeidspsycholoog en staat aan het hoofd van haar eigen coachingbureau.

Ik bel Tosca op, en ze steekt meteen van wal over hoe belangrijk het is om de juiste setting te creëren: “Een setting waarin je rustig met elkaar gaat zitten, waarin je niet gebeld kan worden en niet gestoord zal worden door collega’s. Maak je leidinggevende duidelijk dat je een afspraak wil inplannen omdat je hem of haar iets belangrijks gaat vertellen. Benadruk dat je je verhaal in vertrouwen wil doen. Zo creëer je een situatie waarin iemand begrijpt dat hij of zij aandachtig moet luisteren.” Vlak voordat het gesprek daadwerkelijk plaats gaat vinden, is het zaak dit nog eens te herhalen: “Door het onderwerp nog eens extra in te leiden, weet de ontvanger dat er iets belangrijks aankomt.”

"Probeer erop te vertrouwen dat mensen om je geven, en je om die reden ook willen helpen. De kans is groot dat ze vanuit hun bezorgdheid reageren.”

Volgens Tosca gaan veel mensen met psychische problemen ervan uit dat een ander, in dit geval de baas, heel negatief op hun verhaal zal reageren. Aan de andere kant van de lijn knik ik bevestigend. “Maar probeer dat niet te doen. Probeer er in plaats daarvan op te vertrouwen dat mensen om je geven, en je om die reden ook willen helpen. De kans is veel groter dat ze vanuit hun bezorgdheid reageren.”

Als je leidinggevende in het ergste geval toch negatief of niet op de gewenste manier reageert, geef diegene dan even te tijd om een nieuwe reactie te formuleren. Tosca legt uit: “Meestal volgt zo’n ongewenste reactie vanuit iemands onwetendheid, maar dat betekent niet dat diegene ook daadwerkelijk die intentie had.” Als je je directe baas echt niet vertrouwt, is het volgens Tosca de beste oplossing een andere leidinggevende op de werkvloer in te lichten over je situatie, in wie je meer vertrouwen hebt.

Daarna is het van belang je baas de tijd te geven adequaat te reageren. “Op zo’n moment ben je natuurlijk erg met jezelf en de spanning van de hele situatie bezig, en kun je blind worden voor hoe de ander reageert. Misschien was de eerste reactie nogal hard, maar geef de ander de tijd daar nuance in aan te brengen," vertelt Tosca. Ze raadt ook ten zeerste aan een dergelijk gesprek met je baas niet te lang uit te stellen. “Als je er tegenaan zit te hikken, wordt het vooruitzicht alleen maar vervelender. En als jouw psychische problemen van grote invloed zijn op je functioneren, zullen mensen na een tijdje toch wel doorhebben dat er iets niet helemaal goed zit. Dan word je misschien wel gedwongen je verhaal te doen, en dat wil je voorkomen." Want wanneer je met je rug tegen de muur staat, heb je veel minder controle over de situatie dan wanneer je zelf je verhaal kunt doen.

"Als je psychische problemen geen invloed hebben op je functioneren, ben je echt niet verplicht iemand op je werk in te lichten."

Ook is het belangrijk, voor jezelf af te wegen of je psychische problemen überhaupt wel consequenties hebben voor hoe goed je functioneert. “Als ze geen invloed hebben op je functioneren, ben je echt niet verplicht iemand op je werk in te lichten. Als we de DSM erop naslaan, zit veertig procent van de mensheid op het stoornisspectrum. Dat is een erg grove schattig, en puur een kwestie van definiëren. Het betekent weinig meer dan dat de mensheid op psychisch vlak veel diverser is dan je op het eerste gezicht misschien zou denken, en dat hoeft niet van invloed te zijn op hoe goed of slecht jij je werk doet.”

Ten slotte raadt Tosca aan om van tevoren zelf met een plan van aanpak te komen. “Als je je afhankelijk opstelt naar je leidinggevende toe, gaat die waarschijnlijk voor jou bepalen wat de volgende stap gaat zijn.” Terwijl hij of zij (waarschijnlijk) geen ervaringsdeskundige, psycholoog of arts is – en dus ook niet in kan schatten wat jij de komende tijd nodig hebt. Tosca vertelt: "Je kunt bijvoorbeeld aangeven dat je twee weken de tijd voor jezelf moet nemen, en je daarna weer aan de slag gaat. Of geef aan dat je twee maanden met een psychotherapeut aan jezelf gaat werken, en daarna naar verwachting weer gemotiveerd bent weer aan de slag te gaan. Denk na over waar jíj behoefte aan hebt.”

Jaap van den Broek, die als arbeidspsycholoog werkzaam is voor Arbeids Psychologie Amsterdam, vult Tosca aan: “Vaak spreken wij mensen pas nadat ze hebben aangegeven ziek te zijn, of rust nodig te hebben. In eerste instantie gaan de werkgever en werknemer met elkaar in gesprek en bespreek je met elkaar wat wijsheid is. Jouw directe leidinggevende moet je eventuele gedeeltelijke afwezigheid namelijk ook weer kunnen verantwoorden naar degene die boven hem of haar staat.” Jaap zegt dat er bij hoger gekwalificeerde beroepen vaak meer begrip is vanuit de werkgever. “Mensen zeggen dan makkelijker tegen elkaar: ‘Ik heb teveel hooi op de vork genomen en nu wat rust of ruimte nodig.’ Dan wordt de kwestie intern opgelost en hoeft er geen externe bedrijfsarts of arbeidspsycholoog aan te pas te komen.”

Jaap is, net als Tosca, van mening dat je er als werknemer goed aan doet van tevoren een stappenplan op te stellen, zodat jij degene bent die de touwtjes in handen heeft. Maar natuurlijk komt het ook voor dat je mentaal helemaal geen ruimte of energie hebt om zo’n plan voor jezelf in elkaar te zetten. “Dat kan voorkomen wanneer je bijvoorbeeld al middenin een burn-out zit,” zegt Jaap. “Geef dit dan ook aan bij je leidinggevende, en die zal jou waarschijnlijk doorverwijzen naar de bedrijfsarts. Die kan dan bijvoorbeeld bepalen om je zes weken uit de running te halen, zodat je weer op krachten kunt komen.”

Volgens Jaap kan het dan nog wel even duren voordat alles geregeld is, en je ook daadwerkelijk thuis je rust kunt nemen. “Dan zijn er trucjes die we als arbeidspsycholoog toe kunnen passen, waardoor het autonome zenuwstelsel van de werknemer minder heftig reageert op prikkels vanuit de omgeving. Denk bijvoorbeeld aan ademhalingsoefeningen. Voor sommige mensen helpt het ook om meditatietechnieken toe te passen, al zal dat minder snel werken wanneer je bijvoorbeeld middenin een zware burn-out zit.”

"Werk kan ook heel veel afleiding bieden, en deel uitmaken van de oplossing."

En wat nou als jouw werkgever, ondanks jouw herhaaldelijke uitleg, je situatie echt niet serieus lijkt te nemen? Jaap: “Dan is het wijsheid om een bedrijfsarts in te schakelen. Onthoud ook dat je, wanneer je heel moe gestreden bent, vaak overmatig gevoelig bent voor dat soort signalen uit je omgeving – signalen dat je niet serieus genomen zou worden. Samen met de bedrijfsarts en mogelijk een arbeidspsycholoog ga je dan een proces in waarin je je geleidelijk aan meer serieus genomen voelt.” Tosca voegt hieraan toe dat het slim kan zijn een andere leidinggevende in te lichten: “Het is zeker een optie iemand anders bij de situatie te betrekken. Blijf te allen tijde rustig, probeer je situatie nog eens uit te leggen en bedenk dat de reactie van je baas voortkomt uit onwetendheid.”

Tosca benadrukt dat het lang niet altijd een goed idee is om je werk op een lager pitje te zetten. Ze legt uit: “Werk kan ook heel veel afleiding bieden, en deel uitmaken van de oplossing. Als je bijvoorbeeld een angststoornis hebt, kan werk ervoor zorgen dat je toch de deur uitgaat, en wanneer je depressief bent kan werk je de motivatie geven toch uit bed te komen. Dat is voor iedereen anders.” Dit geldt ook wanneer je een burn-out hebt, geeft Tosca aan: “Vóór het burn-outtijdperk werden we ook niet supergelukkig van alleen maar thuis zitten – het tegenovergestelde zelfs, veel mensen worden daar juist heel gedeprimeerd of zelfs depressief van.”

En stel je voor dat je baas uiteindelijk wel goed reageert, maar daar zakelijk gezien toch niet helemaal naar handelt? Je contract wordt bijvoorbeeld uiteindelijk niet verlengd, je beoordelingsgesprek is negatief, of er is geen begrip voor het feit dat je niet snel genoeg beter wordt. Tosca vertelt: “Het gaat uiteindelijk allemaal om het normaliseren van menszijn, en het is kwalijk als je baas daar niet goed op reageert. Ik kan me voorstellen dat je door zulke reacties de volgende keer toch je mond maar niet opentrekt.” Toch is het zaak om te bedenken, vervolgt ze, dat het echt het beste is om al je professionele onzekerheden tijdens dat gesprek met je leidinggevende bespreekbaar te maken. "Dan weten beide partijen waar ze aan toe zijn. Mocht de uitkomst uiteindelijk toch negatief zijn, dan is dat natuurlijk heel jammer – maar dan heb jij in ieder geval gedaan wat je kon.” En, zegt Tosca, in bepaalde gevallen kán een leidinggevende ook gewoon weinig anders dan je contract niet verlengen: “Als je echt langere tijd totaal niet meer functioneert en er is geen verbetering zichtbaar, is dat natuurlijk een logisch gevolg. De werkgever moet uiteindelijk in het belang van het bedrijf denken.”

Zorg er dus voor dat je tijdens het gesprek – voor zover dat mogelijk is – de touwtjes in handen hebt, en kom beslagen ten ijs. De kans dat jouw leidinggevende positief op het nieuws reageert, is veel groter dan een negatieve reactie. Of zoals Tosca concludeert: “Bedenk zelf ook: als je van mens tot mens met elkaar in gesprek gaat en de ontvanger reageert negatief op zo’n mededeling, heeft diegene weinig empathisch vermogen – en dat is niet iets waar je jezelf de schuld van moet geven.”

Kan jij wel wat hulp gebruiken in je carrière? Dat komt goed uit, want wij geven een jaar lang loopbaancoaching weg. Kijk hier hoe je dit kan winnen.