Photograph by Brittany Wright.

Het hele internet jat foto’s van deze voedselfotograaf

“Ik krijg de hele dag te horen dat iemand weer eens mijn werk heeft gebruikt.”

|
11 december 2017, 2:44pm

Photograph by Brittany Wright.

In 2012 verdiende fotograaf Brittany Wright nog haar geld met het repareren van computers. Ze groeide op bij haar grootouders, die haar dag in dag uit gerechten uit de cajunkeuken voorschotelden. Voor haar waren dingen als gumbo en okra dus vrij normaal, maar haar klasgenoten hadden er nog nooit van gehoord. Daardoor realiseerde ze zich dat er waarschijnlijk ook voor haarzelf nog een hoop onbekend voedsel te ontdekken was. Die zoektocht bracht ze in beeld, en het fotograferen van eten werd haar werk. En dat werk wordt aan de lopende band van haar gejat.

Brittany kwam er in 2013 voor het eerst achter dat haar werk gestolen werd. Ze uploadde wat van haar foto’s naar Google Images, en zag dat veel van haar beelden werden gebruikt zonder bronvermelding. Ze werden veranderd in memes, en mensen maakten goede sier op Pinterest door haar foto’s te voorzien van inspirerende teksten. Zelf schat Brittany in dat ze grofweg de helft van de keren als bron wordt vermeld. Als dat niet het geval is, ziet ze dat haar foto’s zich vrijwel meteen als een lopend vuurtje over het internet verspreiden.

Photograph by Brittany Wright.

Afgelopen september nam ze een account op Pixsy, een dienst waarmee je als fotograaf kan bijhouden of je werk wordt gestolen. Ze kreeg gelijk meer dan 18.000 internetpagina’s terug waarop haar beeld gebruikt werd. “Dat was overweldigend en ik voelde me er een beetje claustrofobisch door,” vertelt ze. “Ik zakte diep weg in mijn stoel.”

Doordat haar werk zo vaak gejat werd, was ze een stuk minder gemotiveerd om nieuwe foto’s te gaan maken. Het leidde haar af, en haar humeur werd er ook niet bepaald beter op. Ze besloot een advocaat in te huren.

Photograph by Brittany Wright.

“In mijn foto’s probeer ik te vangen wat er in mijn hoofd gebeurt als ik naar eten kijk,” legt ze uit over haar manier van werken. Ongeveer twee weken geleden bracht ze haar boek Feast Your Eyes uit, dat vol staat met foto’s van bieslookbloemen, cactusvijgen en frambozen die allemaal nauwkeurig op kleur gesorteerd zijn. Brittany ziet dit boek als haar eerste poging om haar werk terug te claimen.

“Iedere dag, ieder uur, het stopt nooit,” zegt ze over de foto’s die van haar worden gestolen. “Ik krijg continu links doorgestuurd, en mensen laten me in een comment weten wanneer iemand weer eens mijn werk heeft gepost. Honderden van mijn foto’s zijn overal te zien, zonder dat mijn naam er ook maar een klein beetje aan verbonden is. De foto’s van de bananen, het geroosterd brood en de citrusvruchten krijgen het meest te verduren.”

Photograph by Brittany Wright.

De foto’s die ze noemt lijken ook bijna gemaakt om viral te gaan, en je zal ze vast ook weleens gezien hebben: verschillende soorten citrus die een kleurverloop laten zien, bananen die de spaken van een wiel vormen en zestien stukjes toast die op volgorde liggen van totaal verkoold naar licht geroosterd. Deze specifieke foto’s zijn werkelijk over het gehele internet geslingerd.

In oktober plaatste de populaire facebookpagina Money Saving Mom bijvoorbeeld de foto van het geroosterde brood. Op ieder stukje toast hadden ze een nummertje gezet, met daarboven de vraag of je even wil reageren met hoe je zelf je toast het liefst ziet. Brittany was boos dat de pagina niet even toestemming voor deze actie had gevraagd. Wij hebben de pagina zelf om een reactie gevraagd, maar niets ontvangen, zoals ook het geval was bij de meeste andere bedrijven die we hebben benaderd omdat ze werk van Brittany hebben gebruikt.

Photograph by Brittany Wright.

We kregen wel een reactie van Real Junk Food Project Leicester, een Britse non-profitorganisatie die meer dan tien van Brittany’s foto’s zonder toestemming heeft gebruikt – zowel online als offline. Bobby Hawkins, die het project leidt, zegt dat Brittany nooit contact met hen heeft opgenomen over het beeldmateriaal. Volgens Hawkins zijn de afbeeldingen ooit van een website voor stockfoto’s gedownload, en waren ze daarom in de veronderstelling dat ze de beelden ook mochten gebruiken. De foto’s zijn op dit moment niet meer op de desbetreffende stockfoto-site te vinden, maar dat sluit natuurlijk niet uit dat ze daar nooit gestaan hebben.

“Als we een gegronde klacht binnenkrijgen,” zegt Bobby, “dan verwijderen we de beelden uiteraard direct. Onze organisatie wordt gedreven door goede bedoelingen, en we zullen nooit proberen om geld te verdienen aan andermans werk.” Brittany zegt dat ze inderdaad nog geen direct contact heeft gehad met Real Junk Food Project Leicester.

Photograph by Brittany Wright.

Wat Brittany meemaakt is een steeds groter probleem voor fotografen die hun werk online zetten. En dat zijn er een hoop. Het is op het internet misschien wel te normaal geworden om ergens zomaar een plaatje vandaan te trekken, en het vervolgens zelf te gebruiken. Nu het makkelijker is geworden om erachter te komen dat je werk gejat wordt, wordt het ook opeens duidelijk op wat voor schaal beeldrechten op internet worden geschonden.

Advocaat Scott Burroughs legt uit dat copyright onder andere het doel heeft om het maken van kunst te bevorderen. “Als samenleving vinden we dat onze cultuur zo veel mogelijk stemmen zou moeten hebben,” zegt hij. “Dat betekent ook dat, als je een kunstwerk ziet en daarmee geld wil verdienen, je aan de maker moet vragen of dat mag. En je moet compensatie betalen als daarom gevraagd wordt.”

Photograph by Brittany Wright.

Scott zegt dat hij juist voor foto’s van voedsel steeds vaker in actie moet komen. “Voedselfotografie is nu heel erg populair – er zijn ontzettend veel foodblogs en andere websites die dat soort foto’s publiceren – en we zijn al voor talloze van dit soort zaken benaderd.”

Voor de omslag van haar boek heeft Brittany een foto van citrusfruit in een kleurverloop gekozen – deze foto wordt het meest van haar gejat. “Als mensen mijn boek zien, zou ik het leuk vinden als mensen denken: hee, dat plaatje ken ik van het internet!”

Dit artikel verscheen eerder op Munchies USA