Quantcast
queer

Vijf queers vertellen over wat vrouwelijkheid voor hen betekent

Vrouwelijk zijn in het queerspectrum - ook wel ‘femme’ genoemd - kan zowel bevrijdend als beperkend voelen.

Cassie Donish

Foto via Maurice Tracy.

Net voordat ik opsta, heeft mijn partner de douche al aangezet. De badkamer is mistig door het hete water. Hen scheert hun benen, zoals elke morgen. Als hen klaar is met het scheermes probeer ik het te pakken. Maar dan twijfel ik. Moeten mijn benen glad zijn vandaag?

Ik ben een queer cisgender vrouw en mijn partner is geboren met het mannelijke geslacht, maar een non-binair transfemme persoon. We zien onszelf allebei als ‘femme’, maar het woord heeft verschillende betekenissen en implicaties voor ons. Sinds mijn partner uit de kast is gekomen als non-binair persoon, houdt hen van make-up, scheren, vrouwenkleding en het kopen van accessoires — dat vindt hen bevrijdend. Het zorgt ervoor dat hen hun gender meer kan omarmen en uiten. Ik, daarentegen, heb een problematische relatie met dingen als scheren en make-up. Ik vraag me af of ik dat dan wel echt uit eigen wil doe. Geef ik dan niet gewoon toe aan de druk van de schoonheidsidealen die vrouwen worden opgelegd? Het is een vraag waar ik mee worstel. Maakt het me minder queer, of minder feminist, als ik femme ben?

De term ‘femme’ betekent niet simpelweg ‘vrouwelijk’, het wordt in de queerwereld gebruikt om queervrouwelijkheid te beschrijven. Het is zelfbewust en subversief. Het is zowel een viering als een herdefiniëring van vrouwelijkheid. De term dekt de lading van de onzichtbaarheid die queerfemmes kunnen voelen in bepaalde lesbische kringen, maar ook de grote kwetsbaarheid die inherent is aan het zijn van een transvrouw. Geen enkele femme heeft hetzelfde idee van wat het betekent om femme te zijn. Ik vroeg mensen met verschillende genderidentiteiten hoe zij femme-zijn definiëren, en wat het voor hen betekent.

Joss Barton
St. Louis

Ik ben schrijver, kunstenaar en transvrouw. Ik ben opgegroeid in een wit en christelijk gezin. Mijn ouders hebben me uit Guatemala geadopteerd toen ik een maand oud was. Mijn leven is een soort plakboek van verschillende identiteiten: ik ben gekleurd, queer, femme en kom uit een arme, witte en dogmatische, christelijke wereld. Ik begreep al van jongs af aan dat ik femme was. Ik was iemand die niet voldeed aan de normatieve genderstereotypen die bij mannelijkheid horen, iemand die zachter was, en dat ook verlangde te zijn.

Ik hou ervan mezelf een ‘femmy’ of ‘tranny’ te noemen, of zelfs ‘transseksueel,’ omdat ik de absurditeit van taal geweldig vind en ik in de kracht van radicale uitingen geloof. Femme betekent voor mij dat ik leen van het binaire: ik heb mijn tieten gedrapeerd in zijde en ik draag stiletto’s, mijn favoriete felgele string of mijn lipgloss van Fenty.

Mijn familie steunt mijn transidentiteit niet. Toen ik kind was probeerden ze mijn femme te ontkennen door me als jongen op te voeden. De meeste opvoeding over femme heb ik gehad van gekleurde queer- en transfemmes, oudere transvrouwen, en homoseksuele zwarte femmemannen. Zij leerden me om gelukkig te zijn, het te omarmen en te vieren. Ik heb jarenlang te maken gehad met angst en depressie. De wereld is nog steeds heel vijandig naar femmes en transvrouwen. Mijn angsten zijn niet weg, maar ik ben in eenendertig jaar niet zo gelukkig geweest als nu.

Maurice Tracy
St. Louis

Toen ik kind was kreeg ik te horen dat ik “niet zo moest lopen” of “niet zo moest praten.” Ze bedoelden dat ik praatte of liep als een meisje. Niet als een gewoon meisje, maar een meisjesachtig meisje. Ik heb nooit begrepen waarom dat verkeerd was. Ik begrijp het nog steeds niet.

Ik maak me eerlijk gezegd niet zo druk om voornaamwoorden. Ik reageer op hij/hem, maar als ik met mijn beste vrienden ben, noemen ze me meisje/zij/haar. Dat vind ik heerlijk.

Femme-zijn gaat over zoveel meer dan jezelf mooi maken. Dat is namelijk duur en tijdrovend, en je stelt je op die manier sneller open voor het oordeel van anderen. Heb je je make-up wel goed gedaan? Zie je er sexy en mooi uit? Heb je de juiste kleding? Dit is allemaal onderdeel van de femmecultuur, en ik haat het. Ja, ik hou van mascara. Ik hou ervan mijn volle lippen te benadrukken met lippenstift, en ik heb zelfs een tijdje lang foundation gebruikt. Maar ik doe dit niet altijd, en als ik het niet doe, ben ik nog steeds femme.

Ik ben femme omdat ik altijd meer gemeen had met vrouwen dan mannen of mannelijke mensen. Toen ik klein was, hadden mijn ouders vaak vrienden op bezoek. Dan stond ik in de keuken met de vrouwen. Mijn broers leerden over sport, ik was op de hoogte van familiegeheimen. Wij geven de familiegeschiedenis mondeling en via eten door. Vaak zijn het de vrouwen in de familie die alles weten.

Onze cultuur houdt niet van vrouwelijkheid en noemt het zwak. In onze cultuur zijn we niet vaardig in opvoeding en zorg. We zijn doodsbang voor kwetsbaarheid en tederheid - allemaal dingen die in de vrouwelijke handtas thuishoren. Om je over te geven aan de femmecultuur is eigenlijk dapper en je moet er sterk voor zijn. Als ik zeg dat ik femme ben, zeg ik eigenlijk dat ik moedig ben.

Artemisia FemmeCock

Ik ben queerfemme. Ik draag misschien wel donkere lippenstift, maar ik heb een zacht innerlijk. Ik werd ‘femme’ genoemd omdat ik een relatie met een mannelijkere vrouw had. Ik kon me niet echt identificeren als femme. Totdat ik andere queers ontmoette die me hielpen inzien dat femme haar eigen identiteit heeft. Femme is dapper. Je draagt je vrouwelijkheid uit, en tegelijkertijd omarm je het. Femme erkent dat ik me identificeer met aspecten van vrouwelijkheid. Het bevestigt dat ik me niet herken in heteronormativiteit, die vrouwelijkheid als minder belangrijk ziet en juist demoniseert.

Ik ontdek mijn femme-zijn op allerlei soorten manieren — in het zorgvuldig lakken van mijn nagels, als mijn vrienden zeggen dat er lippenstift op mijn tanden zit, als ik op een comfortabele manier een voorbinddildo omdoe, in de wederzijdse interesse als je aan elkaar vraagt hoe het gaat, en in het gevoel van harige benen onder een zachte rok. Het gaat om de kleine dagelijkse dingen die je op je gemak laten voelen.

Ik worstel met onzichtbaarheid, zoals de meeste femmes die cisvrouw zijn. Zelfs in queergemeenschappen worden femmes vaak over het hoofd gezien. Over mijn queer-zijn worden grappen gemaakt door andere queers. Daar word ik onzeker van. Ben ik wel queer genoeg? Kan ik praten over queer-zijn terwijl ik niet als queer word gezien? Het kost ontzettend veel energie om mensen te verbeteren en te onderwijzen over iets, terwijl je zelf ook je eigen ervaringen probeert te rechtvaardigen. Dat geldt al helemaal voor non-binaire femmes, transfemmes en donkere femmes. Ik denk dat deze energie en gemeenschappelijke ervaringen ons helpen om andere femmes te ontmoeten. Op die manier kunnen we een sterkere gemeenschap vormen die om bevestiging en ondersteuning draait.

Joanna Valente
New York City

Ik ben ongeveer een jaar geleden uit de kast gekomen als non-binaire femme. Ik was daarvoor al queer op het gebied van mijn seksuele identiteit, maar dit was een grote stap voor me. Omdat ik ben geboren met het vrouwelijk geslacht en eruitzie als een klassiek ‘vrouwelijke’ vrouw, hebben sommigen het idee dat ik niet genderfluïde ben. Dat vind ik best frustrerend want genderidentiteit is niet gebaseerd op uiterlijk en kan altijd veranderen. Hoewel ik ‘hen’ een fijner voornaamwoord vind, gebruik ik ‘zij’ ook weleens. Dat ligt eraan hoe veilig of comfortabel ik me ergens voel.

Ik heb altijd van femme schoonheidsrituelen en persoonlijke verzorging gehouden, zoals gezichtsbehandelingen, nagels lakken, make-up opdoen of jurken dragen. Als schrijver en kunstenaar zie ik kleding als kunstvorm - het is alsof je een lopend canvas bent. Mode en make-up speelden een grote rol in de levens van mijn moeder en oma. Het is een belangrijk deel van mijn identiteit geworden, los van mijn gender.

Ik probeer niet te veel na te denken over mijn uiterlijk en laat me gewoon mezelf zijn. Over scheren verander ik constant mijn mening - soms vind ik mijn lichaamsbeharing heel fijn, en soms niet. Af en toe vind ik het moeilijk om te weten wat ik wil, ten opzichte van wat ik “zou moeten willen.” Hiermee heb ik veel geworsteld - vooral als mensen mijn genderidentiteit niet geloven. Maar ik leef als een derde gender, in beide ruimtes, in een neutraal gebied.

Atom Atkinson
Chautauqua, New York

Kijk, mensen hebben vragen over de manier waarop ik leef en wil leven. En daar willen ze antwoord op. Dan zeg ik dat ik een non-binair femme transpersoon ben. Ik vraag ze altijd of ze alsjeblieft ‘hen’ en ‘hun’ kunnen gebruiken als ze me aanspreken. Maar misschien ga ik wel verder dan alleen het gebruiken van voornaamwoorden die gender duiden. Misschien ben ik wel geen femme, maar juist zo’n verwijfde homo dat mensen het gewoon niet begrijpen. Ik ben een uit de hand gelopen lab-experiment! SLA ALARM! De wetenschappers vrezen voor hun leven! Gender is uit de klauwen gelopen!

Maar, ik bedoel, er zijn een hoop andere dingen waarover we kunnen praten. Dus ik probeer zo weinig mogelijk tijd te besteden aan het beantwoorden van vragen die het patriarchaat stelt. Ik probeer mijn tijd wel te besteden aan mijn geliefden en familie, aan mijn werk en het bedenken van sicke outfits. Dat is het meest vrouwelijke dat ik doe, denk ik.

jayy dodd schreef eens in het Los Angeles Review of Books dat ons antwoord op de grote gendervraag is: “Ik bén jouw vraag.” Het hielp me gek genoeg om me mooi en erkend te voelen in de verwarring en het ongemak dat anderen ervaren door de genderkwestie. “Ja,” dacht ik, “dat klopt.”