FYI.

This story is over 5 years old.

Adios stabiele wereld: we zijn onherroepelijk voorbij het koolstofkantelpunt

We zijn de 400 ppm voor altijd voorbij.

Het is een belangrijke week in onze reis naar het einde van de wereld; we zijn nu officieel voorbij de gevreesde CO2-grens van 400 parts per million (ppm) gegaan.

Volgens een blog van de Scripps Institution of Oceanography, "lijkt het veilig om te concluderen dat we dit jaar niet meer onder de 400 ppm komen – of eigenlijk ooit meer." Hun bevindingen zijn gebaseerd op wekelijkse observaties van koolstofdioxideniveau's (CO2) bij het Mauna Loa Observatory op Hawaii. Daar meten wetenschappers de CO2-niveau's al sinds 1958.

Advertentie

Maar wat is er nou zo zorgwekkend aan dit getal? De afgelopen jaren waarschuwden wetenschappers dat als de atmosferische concentratie van CO2 boven de 400 ppm zou komen, het een serieuze 'tipping point' is richting onomkeerbare veranderingen in het klimaat. In 2012 steeg de concentratie in de poolgebieden voor het eerst boven deze lijn. Drie jaar later lag het niveau een hele maand boven de 400 ppm – dat was voor het eerst sinds wetenschappers de CO2-niveau's bijhouden.

Grafiek: National Oceanic and Atmospheric Administration.

Nu denken experts dat we voor altijd die grens gepasseerd zijn, gebaseerd op cyclische effecten van de CO2-curve bij Mauna Loa. Koolstofniveau's bereiken een jaarlijks dieptepunt rond het einde van september, maar dit jaar bleef dat dieptepunt hangen bij de 401 ppm. Er is een kans dat we het laagste koolstofniveau van 2016 nog niet gezien hebben, maar het Scripps-instituut denkt dat dat "vrijwel onmogelijk" is.

Als er iets van een lichtpuntje in dit nieuws zit, is het dat enge cijfers mensen kunnen aansporen om actie te ondernemen.

In het Klimaatakkoord van Parijs staan een aantal doelen rondom koolstofniveau's. Alle landen die het akkoord ondertekenen, moeten in principe helpen om wereldwijde temperatuurstijging onder het pre-industriële niveau van 1.5ºC te houden. Een van de voornaamste manieren om dat te doen is door onze uitstoot te verminderen, maar de 60 landen die het akkoord ondertekend hebben, vormen nog maar 47.76 procent van de wereldwijde uitstoot.

Advertentie

De grens die nu gepasseerd is, zou een extra schop onder de kont van de ontbrekende landen kunnen zijn, als de onderstaande redenen niet al eng genoeg zijn.

Uitsterving

Uitleg is overbodig. Hoewel het moeilijk te bepalen is, lijkt het uitsterven van soorten 1000 keer sneller te gaan dan voor het bestaan van Homo sapiens. Het Wereldnatuurfonds schat dat er elk jaar 10000 soorten uitsterven. Klimaatverandering zou tegen 2050 het einde kunnen betekenen van een kwart van de diersoorten op aarde.

Ontregeling van voedselketens

Voedselketens zijn zeer gevoelig voor uitsterving en raken permanent uit balans als roofdieren en hun prooi beginnen te verdwijnen. Rond de poolcirkel heeft de stijgende zeewatertemperatuur invloed op de groei van algen, wat weer invloed heeft op plankton, kabeljauw, zeehonden en ijsberen, die noodzakelijke voedingsstoffen niet meer binnenkrijgen.

Stijgende zeespiegel

In de nabije toekomst zullen mensen op catastrofale wijze te maken krijgen met veranderingen in de zeespiegel. Als millennia-oude gletsjers smelten, zullen kustlijnen overstromen. Er wordt geschat dat tegen 2100, 13 miljoen mensen hun huis zullen verliezen aan de stijgende zee. In sommige delen van de wereld, zoals in de Stille Oceaan, gebeurt dit al. Wetenschappers vermoeden dat zelfs als we de gemiddelde temperatuurstijging onder de 2ºC houden, eerdere stijging niet meer ongedaan gemaakt kan worden.

Oceaanverzuring

De zuurgraad van oceanen wordt gezien als een belangrijke barometer van milieugezondheid en zorgt nu al voor de verdwijning van hele ecosystemen. Onze oceanen absorberen constant overtollig CO2, waardoor de pH afneemt en het water zuurder wordt. Als gevolg daarvan zijn enorme koraalriffen, zoals het Groot Barrièrerif in Australië, aan het verbleken en sterven. Hoewel koraalpoliepen nog altijd elders tot koraalriffen kunnen uitgroeien, verwachten wetenschappers dat de verbleking van bestaande riffen langdurige gevolgen zullen hebben op ecosystemen.