FYI.

This story is over 5 years old.

We spraken de vrouw die de Suske & Wiske-strips inkleurt

Omdat we het onterecht vinden dat alleen de tekenaars alle lof krijgen toegezwaaid.
26.6.15

Sabine De Meyer in haar studio in Kapellen. Alle foto’s door de auteur

Wie denkt dat meesterwerken het product zijn van een enkele briljante ingeving van een zelfstandig genie, heeft het mis. Meestal is het eindresultaat een bundeling van drijvende stille krachten, de anonieme helden die onterecht al het krediet opgesnoept zien worden door de hoofdauteur, de naam boven het werk. Hoog tijd dus om de nummers twee en drie, de underdogs, ook een keer in het zonnetje te zetten. Een luidruchtige ode aan de stille kracht, als je wilt. Daarom dit interview met Sabine DeMeyer, de vaste inkleurster van onder andere Suske & Wiske en De Grappen van Lambik. Zelf vindt ze de rol in de luwte stiekem wel prettig, zegt ze. “Wij zijn geen acteurs, heh. Dat vind ik zo fijn aan mijn beroep, dat ik op de achtergrond kan vertoeven.”

Alvorens ik naar het pittoreske Kapellen in België afreis om Sabine De Meyer (53 jaar) te ontmoeten in een bosrijke omgeving waar je door de villa’s de bomen niet meer ziet, wordt het contrast al duidelijk. “Ik wil zeker tijd vrijmaken voor een interview. Maar ik ben alleen nog nooit eerder geïnterviewd, dus ik weet niet zo goed hoe dat in zijn werk gaat,” laat ze in een email weten. Niet dat de limelight nooit schijnt in huize Meyer; haar man, Luc Cromheecke, werd onlangs nog gehuldigd als winnaar van de Bronzen Adhemar, de meest prestigieuze Belgische prijs voor striptekenaars, voor zijn stripboekenreeks Tom Carbon, Taco Zip en Roboboy.

Als ik aankom in de villa zit het stel wat met de pas ontvangen award te spelen. “Hij is best wel zwaar, eigenlijk,” zegt Sabine. Luc is het daarmee eens: “Volgens mij kun je het ook als moordwapen gebruiken, je kunt er zo iemands schedel mee inslaan.” Een oprecht, gelukkig, getrouwd en speels stel, dunkt me. Ik vind ze lief.

Sabine laat zien hoe ze schaduwen legt

Sabine geeft een korte rondleiding in haar optrek en laat me als laatst haar studio zien. Ze werkt vanuit huis, dat vindt ze zo prettig aan haar beroep. Haar studio is klein, het is een kamertje van zo’n 2 bij 2 meter groot. Ze excuseert zich voor het rommeltje dat er zou moeten liggen, maar dat is amper te bespeuren, of eigenlijk gewoon helemaal niet. Misschien ergens een verdwaalde pen. Tegen het raam, dat uitkijkt over de grote tuin, staat een tafel met daarop alleen een iMac en een Wacom-tekentablet. Tegen de wanden staan kasten en planken gevuld met boeken. En stripboeken, vooral heel veel stripboeken die ze, vertelt ze, van haar vader heeft geërfd. Haar tomeloze liefde voor strips is er zogezegd met de paplepel ingegoten. Vroeger, toen ze nog een klein meisje was, las haar vader op zaterdag altijd strips aan haar voor; Lucky Luke, Robbedoes & Kwabbernoot, Kuifje. Daarna eiste de kleine Sabine ze op. “Luc grapt weleens dat hij met mij is getrouwd vanwege mijn immense stripboekencollectie,” lacht Sabine.

In 2006 begon Sabine als inkleurster bij Studio Vandersteen, waar ze eerst begon aan De Grappen van Lambik maar zich al snel opwerkte tot vaste inkleurster van Suske & Wiske. Ze is er nooit meer weggegaan. Haar inkleurstijl? Je zou kunnen stellen dat ze als een soort improviserende jazzartiest aan de slag gaat, de Haruki Murakami onder de inkleursters. “Eigenlijk doe ik maar wat. Ik denk er totaal niet bij na, want als ik erbij ga nadenken dan gaat het fout. Als ik achter de computer plaatsneem om in te kleuren, dan vliegen de uren voorbij.” Ze kan het ontspannen doen, zegt ze, ze voelt zich vrij. Het inkleuren voelt als een ontspannen, haast meditatieve bezigheid, alsof ze achteloos zonder een vinger te lichten de lege vlakken inkleurt. “[De stripboeken van] Suske en Wiske zijn eigenlijk best eenvoudig om in te kleuren. Technisch gezien valt dat wel mee om te doen. Wel moet ik regelmatig effectjes toevoegen of schaduwen maken, maar ik heb nog gehad dat ik dacht: ‘ooeeeh, hoe moet ik hier nu aan beginnen?’”

Naast de nog niet ingekleurde tekeningen krijgt Sabine ook heel veel archiefmateriaal opgestuurd om de kleuren waarheidsgetrouw te krijgen. In deze scene belanden Suske & Wiske in Parijs tijdens de Tweede Wereldoorlog. 

Het is een antwoord dat meer voortvloeit uit Belgische bescheidenheid dan een ik-doe-dit-zo-eventjes-uit-de-losse-pols mentaliteit, zo lijkt het. “Ik denk wel dat ik er een bepaald gevoel voor heb ontwikkeld. Ik zeg nu wel dat ik het zo eventjes doe, maar ik heb wel een kunstopleiding gevolgd [grafisch vormgeven aan het St.-Lucas Instituut in Antwerpen, red.]. Daardoor weet ik welke kleuren mooi contrasteren. Ik wil nu ook niet zeggen dat ik een aangeboren talent heb om in te kleuren, maar ietsje pietsje meer kleurgevoel dan een ieder ander die ze van de straat plukken misschien?” zegt ze. “Anders zouden ze mij ook niet verkiezen, denk ik dan.”

De inkleurster in haar natuurlijke habitat

Sabine graait in haar kast om een strip van Lucky Luke eruit te pikken en één van Suske & Wiske, De Royale Ruiter om precies te zijn. Dit doet ze om me te laten zien dat ze ook weleens buiten de lijntjes kleurt. Hoewel ze aan een aantal restricties verbonden is, geniet ze ook de vrijheid om te experimenteren. “Vanuit de studio sturen ze een aantal kleurindicaties op, een soort moodboard als je wilt, maar ik ben daar redelijk vrij in. Als ik nu iets wil veranderen omdat ik denk dat het daardoor beter wordt, dan kan dat.”

Sabine slaat een Lucky Luke open en laat me een illustratie laat zien die volledig in het rood is gekleurd. “Ik vond dat, tja, spannend.. erg onconventioneel. Toen dacht ik: ik wil dat ook. Dus toen heb ik dat gewoon een keer gedaan bij een plaatje van een ontploffing. Ik heb al die figuren rood ingekleurd met alleen een subtiele schijn van geel.” Die rode ontploffing maakte als eerste zijn opwachting in Suske & Wiske: De Royale Ruiter en is sindsdien vaste prik bij ontploffingen. “Het is helemaal niet spectaculair of iets dergelijks, maar het was wel een breuk met de klassieke manier,” zegt de inkleurster bescheiden.

Een voorbeeld van een rode ontploffing

Door een ontploffing met rood te accentueren wordt het een échte ontploffing. Het schept sfeer, en juist dat is voor haar één van de belangrijkste eigenschappen van een inkleurster. “Wij zijn sfeerscheppers. Ik krijg een kaal vlak aangeleverd en het is aan mij de taak om dat tot leven te brengen. Dat vind ik wel een uitdaging.”

Nu ze erover nadenkt vindt ze het best wel confronterend dat haar wereldbeeld zo doordrenkt is met kleur. En dat ze door die kleurenlens naar de wereld kijkt, terwijl ze ook beseft dat lang niet iedereen zo in elkaar steekt. “Ik denk soms, iedereen denkt zo, maar dat is helemaal niet zo. Wij bekijken alles heel visueel, we letten erg op detail.”

Denk daaraan als je deze zomer weer eens urenlang in een Suske & Wiske loopt te bladeren. Want het verhaal mag dan bedacht zijn door Willie Vandersteen, maar zonder Sabine had het nooit kleur gekregen.

Sabine is momenteel bezig met nieuw werk. Links is de bewerkte versie en rechts hoe ze de tekeningen aangeleverd krijgt.