Sport

Het verhaal van de Bosnische reus die Badr en Rico wil slopen

“Als kind sloeg er een granaat in bij onze buren. Het had zomaar gekund dat ik daar aan het buitenspelen was.”

door Nedim Nuhanovic; zoals verteld aan Dave Aalbers
05 september 2019, 9:10am

Foto's door auteur.

Rico Verhoeven en Badr Hari hebben binnenkort een probleem. Althans, als het aan Nedim Nuhanovic (36) ligt. De Bosnische reus is pas een paar weken aan het trainen in Valkenswaard, maar met zijn lengte van 2.10 meter en gewicht van 165 kilo is hij niet zo snel ergens van onder de indruk. Op 2 november stapt ‘The Balkan Mountain’ in Antwerpen voor het eerst de ring in tijdens een gala van Enfusion.

Nuhanovic was tot een aantal weken geleden vooral bezig met krachtsporten, zoals powerliften en strongman-wedstrijden. Toch heeft Nuhanovic er alle vertrouwen in dat hij zijn tegenstander gaat slopen in Antwerpen. Hij heeft weleens voor hetere vuren gestaan: zo vluchtte hij in de jaren negentig als kind voor de Bosnische burgeroorlog.

Dit is zijn verhaal.


De Bosnische burgeroorlog begon toen ik tien was. Ik weet nog goed dat ik overal gedonder en het kabaal van schoten hoorde. Als ik uit het raam van ons huis naar buiten keek, zag ik alleen maar flitsen. Er vlogen granaten in het rond en ik hoopte maar een ding: dat zo’n granaat ons huis niet zou raken. Op een dag zaten we thuis en hoorde ik ineens een extreem harde knal, dat geluid vergeet ik nooit meer. Buiten zagen we dat er een granaat bij onze buren was ingeslagen.

Het had zomaar gekund dat ik daar aan het buitenspelen was.

The Balkan Mountain. Nedim Nuhanovic.

Ik ben nooit meer zo bang geweest zoals toen in Bosnië. Vaak vroeg ik me af of ik de volgende dag wel zou halen. Die gedachten stopten niet, ze spookten constant door mijn hoofd. Toen de oorlog drie maanden bezig was, werden mijn zusje en ik op een ochtend wakker geschud door mijn moeder. “Trek je kleren aan,” zei ze. “We moeten hier weg.” We kleedden ons aan, maar er was geen tijd om andere spullen te pakken. We werden opgepikt door een auto en binnen vijf minuten waren we onderweg richting het vliegveld.

De route van ons huis naar het vliegveld was niet makkelijk. Mijn vader had drie verschillende auto’s geregeld die ons steeds een stukje verder brachten. Iedere drie kilometer stapten we over in een andere auto. Bij zo’n overstap werd er om ons heen geschoten. Wij, de kinderen, moesten we ons steeds even achter een auto of een huis verstoppen, tot er werd geroepen dat we de volgende auto in mochten. We moesten de hele tijd bukken, want voor hetzelfde geld waren de schoten op ons gericht.

Eenmaal op het vliegveld moesten we samen met de andere reizigers op de grond liggen tot het vliegtuig er was. Als kind luister je op zo’n moment heel goed naar wat je ouders zeggen en voer je dat uit. Toen er even later een vliegtuig klaarstond, werd er keihard geroepen: “Iedereen moet nu naar de deur rennen.” Het was een transportvliegtuig, er waren geen stoelen en we zaten met driehonderd man in de laadruimte. De bestemming van onze vluchtroute zou Parijs zijn.

The Balkan Mountain. Nuhanovic.

Het beeld wat me het meest is bijgebleven aan de oorlog, is het moment is dat de klep van het vliegtuig dichtging. Terwijl die klep langzaam omhoog ging, zag ik mijn vader staan: hij bleef achter in Bosnië, omdat zijn eigen vader ziek was, en hij zijn ouders niet alleen wilde achterlaten. Tegelijk wilde hij ervoor zorgen dat zijn gezin in een veilig land terecht zou komen, dus dit was de beste oplossing. Mijn vader had een soort beschermde status, omdat hij als journalist werkte. Zijn beroep was onze redding: hij had door zijn werk veel internationale contacten, en er zo voor gezorgd dat wij konden vluchten. Niet veel mensen hebben zoveel geluk gehad.

De eerste tien minuten in de lucht waren nog vrij angstig, want iedereen besefte dat we uit de lucht konden worden geschoten. We zaten in een legervliegtuig van de NAVO, maar ook dat geeft geen garanties in oorlogstijd. Na een tijdje keerde de rust terug en ben ik in slaap gevallen. Toen ik weer wakker werd, waren we in Parijs.

Hier begon mijn nieuwe leven, zonder oorlog.

The Balkan Mountain. Nedim Nuhanovic.

We verbleven een paar maanden bij familie in Parijs, tot mijn ouders de volgende stap hadden bedacht. In Italië hadden we ook nog familie zitten, dus daar heb ik ook nog een jaar gewoond. Hierna zijn we nog een tijdje bij familie in Slovenië geweest. Contact met Bosnië was in die tijd bijna onmogelijk; mijn vader hebben we drieënhalf jaar niet gezien of gesproken. Twee keer hebben we een teken van leven gehad: mensen van de Bosnische radio stuurden gecodeerde berichten onze kant op, waarin ze brieven van mijn vader voorlazen. Mijn moeder bewaart die opnames tot op de dag van vandaag.

In 1995 was de oorlog eindelijk voorbij en sloot mijn vader zich bij ons aan in Slovenië. We waren zó blij. Er was opluchting, eindelijk weer rust in ons gezin. Ik hoefde me nergens meer zorgen over te maken, want mijn sterke, grote vader was weer bij ons. Die man had ons uit de oorlog gekregen, wie kon ons nu nog iets maken? Mijn vader had de volgende stap uitgedacht: we moesten naar Nederland, daar lag de beste toekomst voor zijn kinderen.

Na in al die warme landen te hebben gewoond, was Nederland wel even wennen. Het regende en er was veel modder toen we bij het asielzoekerscentrum in Zeewolde aankwamen. We woonden er met z’n vieren in een soort camper, die erg klein was voor een gezin. Maar we klaagden nooit. We kregen eten, drinken en kleding. We hadden alles wat we nodig hadden om te overleven. Over die kleine camper zei mijn vader altijd: “Het is maar voor even, hou vol. We krijgen uiteindelijk een huis hier.”

The Balkan Mountain. Nedim Nuhanovic.

Na een paar maanden verhuisden we naar een ander asielzoekerscentrum, in Roermond. Ik vond al makkelijk mijn draai in Nederland, ook omdat ik al snel de taal onder de knie kreeg. Mijn vader gaf me een woordenboek van 10.000 woorden en zei: “Leer deze maar uit je kop.” Een paar uur per dag was ik bezig om al die Nederlandse woorden in mijn hoofd te stampen. Later kregen we ook nog Nederlandse lessen, waardoor ik de grammatica kon koppelen aan de woorden. Binnen drie maanden sprak ik vloeiend Nederlands.

Uiteindelijk kwam de voorspelling van mijn vader uit en kregen we een huis in het Brabantse Mill. We hebben er jarenlang gewoond. Mijn moeder woont er nog steeds, terwijl mijn vader inmiddels helaas niet meer onder ons is. Als gezin gaan we nog bijna jaarlijks op vakantie naar Bosnië, om familie te bezoeken. Dat brengt verder geen negatieve lading met zich mee en ik probeer zo min mogelijk aan de oorlog te denken. Ik heb nu zelf een zoon, en ik wil niet dat hij meekrijgt wat ik heb meegemaakt. Waarom zou ik een jongen van acht daarmee belasten? Hij kan tenminste lekker buiten spelen, zonder zorgen.

Ik was altijd al gek op sport, maar in eerste instantie heb ik in Nederland carrière gemaakt als accountmanager. Daar reisde ik ook veel voor naar het buitenland. Inclusief het reizen was ik ongeveer honderd uur per week aan het werk. Ik had bijna geen tijd om te sporten, sliep maar vier uur per nacht en at vaak snel en ongezond. Ik vond het werk fantastisch, dus ik had niet in de gaten hoe slecht deze levensstijl voor mijn gezondheid was.

Tot ik drie jaar geleden bij mijn huisarts kwam voor een halfjaarlijkse check en alle alarmbellen afgingen. De huisarts belde waar ik bij zat direct naar het ziekenhuis met de vraag of er een patiënt kon worden opgenomen. Mijn suikers, cholesterol en bloeddruk waren veel te hoog. Ik moest zes dagen in het ziekenhuis blijven voor allerlei onderzoeken. Om al mijn waardes weer terug te krijgen op een normaal niveau kreeg ik een doos met ongeveer twintig medicijnen mee naar huis.

The Balkan Mountain. Nedim Nuhanovic.

Die medicatie heb ik uiteindelijk maar heel even gebruikt. In drie weken tijd kwam ik door die medicatie acht kilo aan. Op mijn allerzwaarst woog ik 185 kilo, en dat was in die tijd zeker niet alleen spier. Ik ben naar mijn huisarts gereden en heb die doos met pillen voor hem op tafel gezet: “Dit werkt niet voor mij. Ik ga het op mijn eigen manier doen.” Ik stopte met mijn werk en dook elke dag de gym in. Binnen zes maanden waren mijn bloedwaardes weer op een normaal niveau. Sinds die omslag zijn de lampjes bij de huisarts nooit meer op rood gegaan.

De afgelopen drie jaar ben ik bijna dagelijks in de sportschool te vinden. Sinds eind vorig jaar ben ik ook gaan trainen voor onderdelen van strongman-wedstrijden. Deze zomer heb ik hierin ook mijn eerste wedstrijden gedraaid. Bij mijn sportschool in Valkenswaard heb ik Robbie Hageman leren kennen. Hij geeft hier vechtsportlessen en maakte al snel grapjes dat ik kickbokser moest worden. “Met jouw kracht en jouw lichaam moet je de ring in, man,” zei hij steeds.

Sinds een aantal weken ben ik bij hem begonnen met trainen en blijkbaar ziet Robbie iets in me. Onlangs postte hij een foto van mij op zijn Instagram. Hij tagde Badr Hari en Rico Verhoeven in die foto en zette erbij dat de winnaar van hun partij het tegen mij mag proberen. Ondanks dat ik veel minder ervaring heb, zou ik ook best tegen dat soort gasten de ring in durven stappen. Waarom niet? Na alles wat ik heb meegemaakt, ben ik in elk geval nergens meer bang voor. Laat Badr of Rico maar komen.

Na een aantal weken trainen belde Robbie me op. Een organisator van Enfusion had hem opgebeld met de vraag of hij nog een zwaargewicht kende voor een nieuwelingenpartij in Antwerpen. Robbie had verschillende opties, maar besloot het eerst aan mij voor te leggen. Ik had vanaf dat moment nog maar tien weken om te trainen voor dat gala, maar ik twijfelde geen moment: “Schrijf me maar in.” Mijn moeder, zus, vrouw en zoontje komen kijken, en verschillende familieleden uit allerlei landen komen ook voor die partij deze kant op gevlogen.

Ik wil deze uitdaging graag aangaan, ook voor mijn trainer Robbie. Hij moest in maart per direct stoppen met kickboksen omdat er een gezwel werd ontdekt in zijn hoofd. Robbie zijn hele leven is op zijn kop gezet door die ziekte, maar toch blijft hij altijd positief. Andere mensen zouden allang de handdoek in de ring hebben gegooid, maar hij zoekt weer naar nieuwe kansen in het leven.

We zijn allebei sporters in hart en nieren en hebben op onze eigen manier heel veel meegemaakt. Hij door zijn jeugd in een achterstandswijk en zijn ziekte, ik doordat ik in een fucking oorlogssituatie heb gezeten. We zijn overlevers.

The Balkan Mountain. Nedim Nuhanovic.

Nedim Nuhanovic vecht in Antwerpen ook voor MS-patiënt Mohamed Zardoua, voor wie hij een crowdfundactie heeft opgezet om zijn behandeling in Rusland te kunnen bekostigen.