Ik ben blut dus bootste ik de ultieme festivalervaring thuis na
Alle foto's door Helen Weeres

Ik ben blut dus bootste ik de ultieme festivalervaring thuis na

Voor een weekend vol lauw bier, kleffe knakworsten en matige muziek hoef je echt geen honderden euro's uit te geven.

Als ik door social media scrol, zie ik schijnbaar zielsgelukkige vrienden, die dagenlang doorzakken in hun vale campingstoelen, knakworstjes verhitten op een gasstelletje, drinken uit plastic bekers en #lovemylife onder hun foto’s typen. Dat komt omdat al mijn #blessed vrienden op festivals zijn. Zonder mij. Op mijn spaarrekening staan slechts luttele, verdrietige euro’s, dus zit er voor mij niets anders op dan thuisblijven.

Advertentie

Maar, laten we wel wezen, in feite is een festival slechts een groot feest waar je eet, drinkt, leeft en al dan niet danst op muziek, toch? Hoe moeilijk kan het zijn om deze ervaring thuis na te bootsen en zo een paar honderd knaken te besparen?

De komende drie dagen zal ik net zo genieten als mijn vrienden dat doen. Ik ga lauw bier uit blik drinken om weer wat vocht in mijn lichaam te krijgen als ik uitgedroogd uit m’n bed rol, smaakloze instant noedels eten om een bodempje te leggen en geweldig goede muziek luisteren – althans, dat vind ik zelf. En dat allemaal in mijn huisje in Amsterdam-West. Welkom bij Maudfest 2018.

Dag 1

Ik heb van tevoren twee sixpacks, instant noedels, perenijsjes, witte bolletjes, vegaworstjes en voorgemengde pannenkoekenmix gehaald. Op Maudfest ben ik – organisator, programmeur, cateraar en bezoeker – de moeilijkste niet over het meenemen van eigen consumpties, en met deze inkopen is de voorpret officieel begonnen. Dit is voer voor winnaars, brandstof om de partykar tot aan het ochtendgloren te trekken. Het is vier uur ’s middags en ik heb er zin in.

Nog voordat ik mijn flat binnenstap, ros ik de eerste slok bier door mijn keel. Gelukkig hoef ik niet uren in een drukkende rij te staan, maar het festival vindt wel plaats op driehoog. Een blik later loop ik bezweet het campingterrein op. De boodschappen gooi ik op de grond, omdat ik eerst voorbereidingen wil treffen voor de nacht. Nadat ik alle broodkruimels van mijn bed heb geveegd en de kussens wat verleg onder de noemer ‘het bed opmaken’, is het tijd voor de soundcheck van de mainstage – slechts drie stapjes van me vandaan, aan de andere kant van mijn kamer.

Advertentie

De soundcheck gaat niet helemaal lekker, want mijn ‘soundsystem’ is een dockingstation van Logitech uit 2008. Voor het vuistpompen moet DJ iPod Nano gaan zorgen, maar die kan niets anders meer dan mijn 3678 nummers shuffelen. Ik heb dus niet de volledige controle over de muziek, maar op een echt festival heb je dat ook niet. Dat zorgt er wel voor dat ik opeens naar Mundian to bach ke van Panjabi MC luister. Toen dit bhangranummer in de vorige eeuw uitkwam was het misschien nog een banger, maar inmiddels doet het me denken aan alle jaren die voorbij zijn gegaan, alle jaren die ertoe hebben geleid dat ik wegens geldgebrek in mijn eentje bier drink op mijn kamertje en luister naar een sample uit Knight Rider.

Het begint al op een echt festival te lijken: m’n vrienden zijn nergens te bekennen, ik heb al een realitycheck gehad en de verwachtingen die ik van tevoren had zijn alweer iets getemperd. Ik loop weer terug naar mijn ‘tent’, gooi wat noedels in een steelpannetje en giet er kokend water over, terwijl ik begin te twijfelen of ik niet gewoon wat geld bij elkaar had moeten sparen voor een echt festival.

Goed, ik heb mijn slaapplek in orde gemaakt, wat gegeten en luister nog steeds naar fucking Panjabi MC. Ik voel een reuze-inkakker aankomen. Tijd voor shots. Ik haal mezelf over om de fles Jägermeister die al een halfjaar in de vriezer ligt aan te breken. Mijn maag zegt nee, mijn brein zegt nee, het universum zegt nee, maar ik zet door. Ik ga dit festival tot een succes maken. Geld maakt niet gelukkig. Ik ben ook #blessed. Maudfest 2018 daar gaan we!!! Ik giet het glas in één keer achterover en verdring de smaak met bier. Mijn gezicht trekt ineen van de bitters, waar mijn vrienden normaal om moeten lachen. Ik voel me alleen en treurig.

Advertentie

Na een kwartiertje beginnen mijn vingers licht te tintelen en merk ik dat ik aangeschoten raak. Ik moet even zitten en begeef me met mijn biertje naar de chill-area: het balkon. Daar gebruik ik mijn telefoon om op Spotify de playlist “CHILL” op te zetten. Laat die vibevlinders maar komen. Erykah Badu klinkt wat schel, hard en niet echt aangenaam door de telefoonspeakers, maar dat slechte geluid maakt het festivalgevoel wel een stuk echter. Ik accepteer dat het niet optimaal klinkt en ik voel mezelf tot rust komen. Acceptatie van ongemak is een belangrijk onderdeel van elk festival.

Niet veel later komen mijn drie huisgenoten ook op mijn festival met twee vrienden, een pak wijn en een kersenvlaai. Eindelijk begint het feest los te komen, maar ik heb te vroeg gepiekt. Ik drink nog twee glazen lauwe wijn, werk een punt vlaai naar binnen en besluit tegen elf uur ‘s avonds dat het voor deze dag genoeg is geweest; ik moet ook mijn krachten sparen voor de andere dagen – zoveel zin in de headliner morgen. Ik vertrek naar mijn slaapplek en vertrouw erop dat mijn mede-festivalgangers ook veilig in hun bed belanden. Dat zal wel lukken, want het festivalterrein is amper 55 vierkante meter.

Dag 2

Rond twaalf uur ’s middags word ik wakker. Geheel in de festivaltraditie is mijn rug klam van het stinkende alcoholzweet, dus rol ik krampachtig mijn bed uit voor wat frisse lucht. Ik spuit wat deo over mijn hele lijf en begin een festivalklassieker te maken: bierpannenkoeken.

Advertentie

Ik houd niet van pannenkoeken, maar ze zijn wel goedkoop en geven je uitgescheten festivallijf het gevoel dat het nog iets fatsoenlijks binnenkrijgt. Het bier heeft festivalgetrouw buiten de koelkast staan broeien. Ik meng het door de pannenkoekenmix en de keuken vult zich met de geur van zichzelf sterk houdende corpsknapen in hun ontgroening.

Een huisgenoot ruikt het en gaat naast me zitten. Ik vraag mijn mede-festivalganger wat ze ervan vindt. Zij vindt het ook gortdroog, dus leg ik er plakjes banaan op, maar het is nog steeds niet binnen te houden. Dan krijg ik een ingeving. Ik pak een perenijsje uit de vriezer en wikkel er de inmiddels koude pannenkoek omheen. Nu smaken de pannenkoeken zowaar best lekker. Tevreden loop ik met twee pannenkoekenijsjes naar de main stage. Ik zet mijn iPod Nano op shuffle, luister naar Emotions van Mariah Carey en pak er een lauw biertje bij. Maudfest 2018, ik ben in je!

Ik heb zin om los te gaan. Ik loop met m’n ijsje de trap op naar de technotempel. Onze zolder is afgebakend met een hek van ijzerdraad, de grond is van beton en er zijn ongezellige, donkere hoekjes. Perfect. Maar als ik de deur opendoe, vliegen er woest twee duiven in het rond. Overal zit kak.

Een van de ongenodigde gasten vliegt uit, maar de andere blijft demonstratief voor mijn neus staan, terwijl hij me recht aankijkt met met z’n doorhaalogen – ondanks mijn herhaaldelijke hints dat hij moet oprotten. Langzaam loop ik naar hem toe en jaag hem naar buiten door mijn perenijsje wild boven mijn hoofd te zwaaien. Zelfs op mijn eigen festival is er beveiliging nodig. De technotempel kan me ineens gestolen worden.

Advertentie

Daarna zet ik het maar op een zuipen. Ik trek alles wat meer dan vijf procent alcohol bevat uit de koelkast en zwalk al morsend met mijn handen vol drank naar de mainstage. Ik dans op K-Liber en Truth Hurts en vergeet in mijn feestvreugde helemaal om te eten. Pas ’s nachts krijg ik een hongeraanval. Ik verlaat het festivalterrein en haal elders een pizza aubergine met twee bakjes knoflooksaus.

Terug op het festival ga ik mijn tanden poetsen. Als ik op de wc zit, kom ik erachter dat het toiletpapier op is. Gelukkig zijn mijn mede-festivallers zo netjes dat ik niet tussen de drollen hoef te hurken als in een dixie, maar ook hier wordt het toiletpapier/afveger-ratio niet goed ingeschat. Met de rok rond mijn enkels hup ik over het festivalterrein, op zoek naar een rol. Tevergeefs. Ik jat maar een pak tissues van een andere festivalganger. Daarna strompel ik naar mijn ‘tent’, die ik – oh wonder! – meteen vind.

Dag 3

Ik word wakker van mijn lever die het uitschreeuwt van de pijn. De hitte is zinderend en mijn knoflookmond probeert tevergeefs speeksel aan te maken. Ik sleep het vege lijf voort naar de chill-area waar ik in mijn shirt vol bier en campingbroek twee perenijsjes eet. Mijn maag borrelt, maar ik kan nog niet goed bewegen, dus staar ik maar doelloos in de verte. Mijn hoofd is leeg.

Gelukkig is op Maudfest 2018 alles maar een halve meter bij me vandaan. Ik gooi wat vegaworstjes in de pan en pak een zak witte bollen en een fikse fles ketchup erbij. Maar zelfs nadat ik dit bolletje ketchup met worst naar binnen heb gewerkt, merk ik dat ik de dag slechts horizontaal en kermend zal kunnen doorbrengen.

Advertentie

Eigenlijk moet ik even douchen: mijn lichaam plakt van het zweet en ik voel me intens vies van mijn opgeblazen alcoholbuik. Maar douchen is te veel moeite, dus duik ik smerig mijn bed in.

De afgelopen drie dagen waren heftig, bij vlagen best wel fun, maar vooral ook heel saai. Ik heb geen nieuwe vrienden gemaakt en moest zelfs op mijn eigen festival naar kutnummers luisteren en ongenodigde gasten van me af slaan. In je eentje plezier maken bleek moeilijker dan ik van tevoren had gedacht. Activiteiten als festivals bezoeken en drinken zijn gewoon echt beter als je de ervaring kunt delen met vrienden.

Het voordeel van thuis festivallen is dat ik niet meer dan tien euro heb uitgegeven. Toch ben ik er na dit experiment achter dat ik tien keer liever een fortuin uitgeef op een festival, dan dat ik thuisblijf om wat knaken te besparen. Dus eh, kan iemand please een crowdfundingsactie voor mijn Lowlands-kaartje beginnen?

Volg MUNCHIES op_ Facebook, Instagram en Flipboard._