Giulia Vittoria Hanke toont een niet rijpe olijf
Alle foto’s met dank aan Martina Valente, tenzij anders vermeld

Hoe je goede olijfolie herkent, volgens een Italiaanse olijfolie-expert

Tip 1: koop alleen maar extra vergine. Tip 2: is het geen donkere fles, dan is ie je geld niet waard.
Alice Caccamo
Rome, IT
21.11.20

Goede olijfolie is net als goede wijn: ze worden allebei gemaakt met traditionele methodes die door ambachtslieden tot in de puntjes zijn geperfectioneerd, en ze zijn ook beide een goede toevoeging voor elke maaltijd. Maar in tegenstelling tot wijn, boeit het vaak weinig mensen welke olijfolie je precies koopt. Afgezien van fanatiekelingen die elke zomer liters extra vergine inslaan bij een of andere Toscaanse olijfgaard, halen de meeste mensen gewoon een fles van vijf piek in huis en hebben ze het verder nergens meer over.

Advertentie

Het is natuurlijk ook best lastig om te bepalen waar je precies op moet letten, dus vroeg ik een echte olijfoliedeskundige om wat tips. Namelijk: Giulia Vittoria Hanke, een producent van biologische olijfolie in het Italiaanse stadje Spoleto, in de regio Umbrië. Ze werkte vroeger voor een start-up in Milaan, maar besloot haar oude leven achter zich te laten om samen met haar broer het hotel van haar familie te runnen, Hotel Gattapone. Eenmaal daar nam ze de ontzagwekkende taak op zich om de olijfgaarden van de familie te moderniseren en biologisch te maken.

The olive groves of the Santi-Hanke family.

De olijfgaarden van de familie Santi-Hanke

The olive groves of the Santi-Hanke family.

Hanke en de auteur praten onder een olijfboom

Hankes eerste tip is om alleen maar extra vergine te kopen. “Extra vergine olijfolie heeft een zeer lage zuurgraad,” zegt ze. “En hoe lager de zuurgraad, hoe beter de kwaliteit.” Extra vergine olijfolie heeft zelfs een eigen EU-wetgeving. De olie wordt gemaakt van rijpe olijven die met de hand geplukt zijn. Daarvan wordt een soort pulp gemaakt, die langzaam wordt geplet door machines, zodat de olie gewonnen kan worden.

Volgens Hanke moet je ook goed op het etiket letten. “Kijk of er BOB- en BGA-aanduidingen op staan,” zegt ze. BOB staat voor ‘beschermde oorsprongsbenaming’ en BGA voor ‘beschermde geografische aanduiding’. Dat zijn Europese verordeningen die je kunt verkrijgen als een product geheel of gedeeltelijk in een bepaald gebied wordt gemaakt. Ze duiden vaak op een kleinschalige productie, wat betekent dat je olijfolie niet over de hele wereld is verscheept en niet in verschillende fabrieken is gemaakt.

Advertentie

Op veel flessen olijfolie die je in de supermarkt kunt vinden staat dat het een mix is van olijfolie uit de Europese Unie en olijfolie die niet van origine uit de Europese Unie komt, of iets in die trant. Maar soms is het lettertype zo klein dat het moeilijk is om die informatie te vinden. Zulke olijfoliemengsels worden vaak gebruikt door grote merken, en daarom is het handiger om naar de BOB- of BGA-aanduidingen te zoeken dan naar een bepaald merk.

A bottle made of a "blend of olive oils of European Union origin".

Een fles olijfolie waar “een mix van olijfolies uit de Europese Unie” op staat. Foto door de auteur

Check ook of de olijfolie koudgeperst is. Dat betekent dat de temperatuur tijdens het persen niet te hoog is: voor extra vergine olijfolie mag de temperatuur dan maximaal 27 graden Celsius zijn.

“Voor echte extra vergine olijfolie is een koude persing karakteristiek,” zegt Hanke. “Daardoor worden de organoleptische eigenschappen (smaak, geur, consistentie en uiterlijk, red.) van de olie het beste bewaard.”

Ook de fles waar de olijfolie in zit geven je aanwijzingen over de kwaliteit. De olijfolie zou altijd in een fles van donker gekleurd glas moeten zitten, omdat licht het oxidatieproces van de olijfolie versnelt, waardoor die uiteindelijk ranzig wordt. Dus hoe donkerder de fles, hoe beter. En als je de olijfolie niet meteen gaat gebruiken – omdat je bijvoorbeeld in bulk hebt ingeslagen – bewaar de flessen dan in een donkere opslagruimte.

A good bottle of olive oil, conserved in a dark glass.

Goede olijfolie in een donkere fles. Foto door de auteur

Welnu, de prijs. Volgens Coldiretti, de grootste landbouwvereniging van Italië, zou je nooit minder dan 7 euro per liter voor olijfolie moeten betalen. Alles daaronder is volgens hen verdacht, omdat het dan de productiekosten niet kan dekken.

“Maar naar mijn mening is dat nog steeds te goedkoop,” zegt Hanke. Net als bij elk hoogwaardig voedselproduct zijn er veel verborgen kosten die de consument niet ziet. “Het land moet bijvoorbeeld het hele jaar door worden onderhouden, ongeacht de oogstperiode,” zegt ze. En als je biologische olijfolie wil, moeten de bomen ook gesnoeid en bemest worden zonder chemische producten – wat vaak leidt tot een kleinere oogst. Dus door slechts een paar euro per liter meer te betalen, steun je kleinere bedrijven en koop je ook nog eens een beter product.

Advertentie

Als je al een bepaalde soort olijfolie hebt die je altijd koopt, maar nooit echt hebt nagedacht over hoe goed die eigenlijk is, stelt Hanke voor om er even goed aan te ruiken en er dan een beetje van te proeven. “De olie zou naar groenten, vers gemaaid gras en verse olijven moeten ruiken,” zegt ze. En verder zou het een droog en schoon gevoel in je mond moeten geven, en niet al te vet – dat laatste krijg je vooral bij goedkopere olijfolie.

Unripe olives at the Santi-Hanke olive groves.

Onrijpe olijven in de olijfgaard van de familie Santi-Hanke

Tot slot moedigt Hanke aan om er echt even de tijd voor te nemen als je in de winkel bent. “Etiketten zijn ons enige hulpmiddel om erachter te kopen wat we kopen,” zegt ze. “Een paar minuten kunnen een groot verschil maken.”

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij VICE Italië

Volg VICE België en VICE Nederland ook op Instagram