FYI.

This story is over 5 years old.

Muziek

Een Interview Met Danny, Mijn Tienerheld

Danny Mommens is mijn held en hij speelt in het Atomium dit weekend.
08 mei 2012, 10:00pm

Laatst kreeg ik een persbericht waarin vermeld werd dat Vive La Fête een feest geeft op 11 mei in het Atomium. Dat trok mijn aandacht. Ik ben mij erg bewust van het feit dat een bezoek in de Belgische bollen als burger van dit land even noodzakelijk is als het verschil kennen tussen gewone en zoete mayonaise, maar vergeef me: ik ben er nog nooit binnen geweest. Schande. Ik ging in op de uitnodiging en de brave meneer die me de uitnodiging stuurde, repliceerde met: "de plaatsen zijn beperkt, ik zal zien wat ik kan doen". In mensentaal betekent dat: "als je wil feesten in een bol van het Atomium, ga je promo moeten maken, klootzak".

Doorwinterde Vice lezers weten dat wij als doel hebben om artiesten die niet in Humo of RifRaf verschijnen - ondanks hun kwaliteiten - toch een plaatsje te geven in de weelderige onderwaterwereld van de muziekpers. Ik heb het al eens vermeld in een artikel en ik herhaal het nogmaals: wij schuwen niet de bekendere muziekgroepen om arrogant en cool te zijn, wij willen gewoonweg niet in het vaarwater komen van andere magazines. Dat is toch nobel? Goed, met die gedachte in het achterhoofd, is een interview met Vive La Fête uit den boze. Het zijn de schatjes van de muziekpers. Als Els glimlacht, komt er een fotograaf aangelopen, dartelend als een manke honingbij die ondanks zijn doodsstrijd toch nog even die prachtige orchidee wil bestuiven.

Zie hier, een interview met Vive La Fête. Heb ik mijn principes overboord gegooid? Neen, maar ik heb wel een uitzondering gemaakt. Omdat het Danny is. Ah, Danny. Danny Danny Danny. Als 16-jarige knul droomde ik ervan hem te zijn. Niet omdat hij een blonde stoot aan zijn zijde heeft plakken, het ging mij vooral om zijn uiterlijk en zijn gedrag. Volledig in het zwart, lederen broek, lage stem, korte antwoorden, zonnebril, dikke middelvinger en een figuurlijke koelbox vol rock 'n roll. Ah, Danny. Een interview met mijn oude tienerheld moest toch even gebeuren.

We spraken af in de Vooruit. Mits ik daar geen deftige foto kon maken, heb ik later in de week afgesproken in de studio van de visagist van Els. Ik moest bijna giechelen. Ze luisterden toen ik mijn plan uitlegde voor de foto. Ik voelde me gedurende een uur erg belangrijk en rookte een sigaret.

Een Feest in het Atomium? Gaat dat zomaar?
Els Pynoo: Als je betaalt, kan alles. Het is een zaal zoals een ander die je kan huren.

In welke bol gaat het gebeuren?
Danny Mommens: De bol rechts. Niet de bovenste bol.
Els: Neen, daar zit het restaurant in.
Danny: Ik wilde al langer in het Atomium spelen en nu met de nieuwe plaat die de titel "produit de Belgique" draagt, dacht ik: nu moeten we daar spelen. Je zou denken dat die bollen steeds verhuurd zijn, maar dat is dus niet waar. Ze waren blij met onze interesse.

Is dat peperduur?
Danny: Neen. 2000 euro kost zo'n bol. Er kan wel maar 180 man binnen.

Hoe lang hebben jullie erover gedaan om de plaat te maken? De vorige platen kwamen sneller.
Els: We hebben er lang over gedaan. Ik denk bijna 2 jaar. Niet dat we er elke dag aan hebben gewerkt.
Danny: Geen inspiratie hé. (lacht) Het kwam niet. Vroeger dacht ik altijd dat een idee direct vorm moest krijgen en uitgebracht worden, of het is al gepasseerd. Deze plaat heeft meer tijdloze nummers. Vind ik hé. Maar wie ben ik.

Daarvoor was je als een kind dat opgewonden geraakt door nieuw speelgoed en het twee uur later weer weglegt.
Danny: Dat is perfect uitgedrukt. Een beetje te onnozel om waar te zijn maar zo is het. Het management zat ook altijd achter onze veren. Ik heb ze buiten gegooid. Nu kunnen we terug ons eigen ding doen.
Els: We hebben een koeienstal omgebouwd tot studio.
Danny: We hebben eerst een studio gebouwd en dan zijn we er de plaat in gaan opnemen. Je hoort dat. De studio is zo groot als deze ruimte hier.

Wat?! (interview ging door in het café van de Vooruit)
Els: Zoals deze ruimte, maar dan wat smaller.
Danny: Veel te groot in feite. Maar het stond er.

Ik heb de indruk dat je niet bezig bent geweest met het schrijven van een nieuwe hit.
Danny: Dit is een radio onvriendelijke plaat. Ik wilde het zo. Op een gegeven moment vroeg het management echt om nummers te maken voor de radio. Niet goed. Onze vorige plaat vond ik niet zo goed. Er was te weinig goesting. Ook door het overlijden van Els haar vader.
Els: Het klonk niet echt als Vive La Fête.
Danny: Bij deze hebben we terug meer onze zin gedaan.

Mijn favoriete nummer van de plaat is Titi. Waar gaat het over?
Els: Het is een afkorting en betekent prikkelen, kietelen. Ik vond dat zeer goed leuk om te zingen: "ti ti ti ti ti".
Danny: Voor mij klinkt het als tieten. (grijpt naar Els' borst)

Ik vind het vooral een leuk nummer omdat het ruwer is. ** **Danny: Het is een nummer dat ik helemaal zelf heb gemasterd, zonder Jo Bogaert (producer van de plaat). Dat nummer is heel radio onvriendelijk. De keyboard staat iets te luid. Normaal zou een producer zeggen: "dat is veel te luid voor de radio, dat kan je niet maken!", maar ik vond dat het zo moest zijn.

Het bonusnummer is ook niet meteen radiovriendelijk.
Danny: Ik heb eens een film gemaakt. Het was de saaiste en slechtste film ooit. Ons management wilde die niet uitbrengen. Het bonusnummer is de muziek ervan.
Els: Het ging over een dag in het leven van Vive La Fête en was eerder documentaire. We hebben ons gefilmd van het moment dat we ontwaakten tot 's avonds. Er gebeurt niet veel maar het is wel tof om naar te kijken. Ooit gaat dat een cultfilm worden. (lacht)

Op een gegeven moment hoor je natuurgeluiden en geroep.
Els: Hm, dat weet ik niet. Dat moet ik zelf eens beluisteren. Dat is wellicht toevallig.
Danny: Hij roept Peppi. Dat is onze tamme gans.

Danny, van waar in Limburg ben jij juist?
Danny: Ik ben van Bokrijk, op vijf honderd meter van het openluchtmuseum. Ik was de koning van de speeltuin vroeger (er is een grote speeltuin in het domein). Iedere dag kwamen er bussen vol grietjes vanuit heel België aan. Ik achtervolgde die meisjes dan in de speeltuin.

Gaan jullie vaak naar Limburg?
Danny: Ik ben vorige week nog op familiebezoek geweest.
Els: Dat was eergisteren. 
Danny: Isolatie gaan halen bij mijn zus.

Limburg heeft de allerbeste fastfood. Probeer maar eens Chinees in een andere provincie te eten. Je zal sterven.
Danny: Van waar ben je in Limburg?

Dilsen-Stokkem city.
Danny: Ah! Els: Daar zijn we een maand geleden nog geweest. Op café. 
Danny: We zijn eerst gaan wandelen aan de Maas. We hebben iets gedronken op zo'n toeristische plaats.

Ongetwijfeld De Wissen.
Els: We hebben ook nog gedronken bij een oud koppel dat al jaren een café heeft. Dichtbij een frituur. Ik vond het daar wel plezant.
Danny: gezellig.

Doen jullie nog andere dingen buiten muziek maken?
Els: Leven. (lacht) We zijn altijd met de muziek bezig.
Danny: Ik heb nu mijn eigen coverbandje waarmee ik mijn favoriete covers speel. Zoals The Shadows, A Forest van The Cure, Models van Kraftwerk, Motörhead, … Twee weken geleden hebben we nog gespeeld in een klein cafeetje bij ons in de buurt, gewoon voor de lol. Het is echt leuk om ZZ Top te spelen. (begint ZZ Top te zingen) Of Telstar van The Shadows. Dat gaat zo van: (pingelt). Dat is nog gebruikt in Star Trek vroeger. De bassist is 65 jaar. Hij is een buur van mij en is een erg klein terwijl de drummer een heel grote man is. Ik vind het grappige mannen om mee te spelen. De bassist kijkt nogal scheel.

Zie je jezelf nog op je zestigste touren?
Danny: Neen. Ik heb zin om achter drie jaar te stoppen met Vive La Fête en jonge muzikanten onze plaats laten innemen. Een jonge groep Danny's en een Els. Ik maak dan nog steeds de muziek en zij mogen optreden. Ze mogen op ons materiaal spelen. Ze moeten dan wel het geld delen.

Je bent het touren beu.
Danny: Ja, ik ben het beu aan't worden. Het is vermoeiend. In 2009 heb ik een motorongeluk gehad. Ik krijg nekpijn als ik lang op een podium sta. Ik ben met mijn Harley overkop gegaan.

Nu is dat een stoer verhaal.
Els: Dat is nu echt stoer, maar toen niet.
Danny: Echt man, ik lag daar op de afdeling intensieve zorgen met al die kabeltjes in mij.

Welke poster had je op je twaalfde in je kamer hangen?
Els: Eentje van Duran Duran.
Danny: Gary Glitter. Ik had alles van Gary Glitter. Hij heeft ook veel slechte dingen gedaan. Zijn pakken waren geweldig. En zijn nummers: "Come on, come on!!" Bij mij is het begonnen met Gary Glitter.

Hoe heette je allereerste band.
Danny: The Sex Machines. Een grunge trio. Tom Barman stond altijd op de eerste rij. En toen heeft hij me bij dEUS gevraagd. Ik had toen nog nooit bas gespeeld. Met Els haar stem kon ik meer new wave maken. Tetten vooraan op het podium, dat verdient beter. (lacht)

Gaan jullie veel festivals doen?
Els: Dat valt mee. De plaat is wat laat uitgekomen om aan de festivals mee te doen.
Danny: Brussels Summer Festival doen we. Iggy Pop komt er ook spelen. Hij is trouwens jarig op dezelfde dag als ik. Adolf Hitler ook. 20 april. Ik kwam Iggy tegen in New York en ik ging op hem af. Ik zei: " Do jou know Adolf Hitler?" Hij antwoordde: "So What?!!!", en liep weg. Verkeerd begonnen hé.
Els: Wie begint er nu zo een gesprek! Danny: Kans verkeken. Hij bolde het gewoon af. Hij was kwaad, man. Ik kreeg nog niet eens de kans om te zeggen ik ook jarig ben op die dag.

Foto's: Ringo Gomez-Jorge