Op bezoek bij de Chinese man die al 30 jaar 'robotkinderen' maakt
Beeld: Aurelien Foucault

Op bezoek bij de Chinese man die al 30 jaar 'robotkinderen' maakt

“Op sommige gebieden betekenen ze meer voor me dan mijn echte kinderen.”
28.11.16

"Ik krijg vaak 's nachts inspiratie," zegt Wu Yulu, terwijl hij me wijst op een metalen schoenendoos met benen, een rattenstaart, en een ruw, schaamhaarachtig haarontwerp. Hij zet een schakelaar om en het robo-knaagdier begint luidruchtig naar voren te hobbelen. "Ik sta wel eens midden in de nacht, als mijn familie slaapt, op om rondjes te lopen in de tuin," gaat Wu verder. Zijn stem sterft weg als hij de schakelaar weer omzet en de creatie stil is.

Advertentie

Vorige week bezocht ik het huis van de 54-jarige Wu, die door Chinese media een bekendheid is geworden vanwege de grote familie die hij maakte. Voor de extreme analytici onder ons lijkt Wu een ultiem artistiek statement te maken tegen de pas afgeschafte Chinese eenkindpolitiek. Hij maakte namelijk 63 robots, vooral humanoïde, die hij beschrijft als zijn "kinderen." Ze vormen een aanvulling op de twee echte kinderen van vlees en bloed, die hij ook voortbracht.

Wu bewaart zijn bionische baby's in twee garageboxen in Ma Wu Village, in Peking, ongeveer een uur rijden vanaf het centrum. De eerste ruimte die ik bezocht was een soort kruising tussen een chaotische autogarage en het appartement van JF Sebastian, de genetische ingenieur in Blade Runner, die letterlijk "vrienden maakt" om zijn huis mee te delen.

Beeld: Aurelien Foucault

Binnen staan rijen aan licht verontrustende robots, zo groot als speelgoed, met poppenhoofden en getekende gezichtsuitdrukkingen. De poppen zijn zo opgesteld dat ze kijken naar een muur die wordt bedekt door krantenknipsels waarop Wu ook wel "Robodad" wordt genoemd. Uitgewerkte ontwerpen – een humanoïde die een insect berijdt; een hinkelende robot met een matje – hangen ook aan de muur: een kleine papieren inkijk in de geobsedeerde Wu.

De meeste robots kunnen alleen lopen, maar er zijn er ook een paar die andere dingen kunnen doen, hoewel het meeste vrij primitief is. Een gele robot met snor heeft een aansteker in zijn hand en allerlei buizen door het lichaam, zodat het ding kan 'roken.' Eentje heeft een bokshandschoen aan zijn rechterhand voor massages, en een ventilator in zijn linker. Een andere, met een permanente blik van verbazing op het vierkante gezicht, slaat bekken tegen elkaar aan met een oorverdovend volume.

Advertentie

Wu heeft alle robots naar zichzelf en de volgorde waarin het ding uitkwam vernoemd. Wu Nummer Één, een kleine lopende robot met een getekende baard en batterijen voor zijn kruis, was de eerste die hij maakte in 1986. "Nadat ik Wu Nummer Één maakte, raakte ik volledig in de ban van robots," zegt hij. "Mijn passie is zo groot dat woorden tekort schieten."

Wu vertelt dat zijn passie voor benen nog voor zijn passie voor robots kwam. Hij stopte met de middelbare school, werkte later als een fabriekstechnicus en vergaarde daar kennis over robotica, maar het was op school waar de basis van zijn roeping werd gelegd. "Ik weet nog dat mijn klasgenoten op het schoolplein elkaar achterna renden, dansten en rondsprongen," zegt hij. "Ik vroeg me af: 'Hoe kan het dat mensen met zoveel flexibiliteit en coördinatie kunnen rondlopen met twee benen? Is het mogelijk om het loopvermogen van mensen na te bootsen met een machine?'"

Toen Wu zijn bekendste creatie maakte, Wu Nummer 32, werd het duidelijk dat dit inderdaad kon, zelfs met een klein budget. De meeste robots maakte hij van schroot, of goedkoop metaal van een nabijgelegen staalfabriek.

Beeld: Aurelien Foucault

Beeld: Aurelien Foucault

Beeld: Aurelien Foucault

Beeld: Aurelien Foucault

Beeld: Aurelien Foucault

Wu gooit de garagedeur open en springt in een rode riksja met daarvoor een Simpson-gele humanoïde ter grootte van een mens. Hij zet het ding aan. De oren van de robot wiebelen terwijl het een schelle maar vriendelijke boodschap schreeuwt: "Hallo iedereen! Wu Yulu is mijn vader en ik neem mijn vader mee naar de winkels. Dankjewel!" Hij loopt naar voren en neemt Wu mee voor een wandeling.

Het absurde spektakel van de riksjarit en de vele aparte robots laten zien dat Wu een getalenteerde excentriekeling is, met misschien wel een beetje van het 'gekke genie' in zich. Maar in het echt kwam hij over als het introverte, ingetogen soort: een beetje vermoeid in zijn antwoorden, en het knorrige gemompel over zijn oplopende elektriciteitsrekening door mijn bezoek. "Veel boeren proberen dingen uit te vinden," zegt hij schouders ophalend. "Ze maken misschien niet zoveel dingen als ik, maar er zijn er veel in geïnteresseerd."

Advertentie

Hij heeft in zekere mate gelijk: voorbeelden van landelijke Chinezen met een neiging naar bouwen en uitvinden kom je vaak tegen in Chinese media. Een goed voorbeeld zijn de boeren uit de Shandong provincie die in 2014 het werk neerlegden om gigantische Transformer-robots van auto's te maken. Maar dan nog voelt de constante creativiteit van Wu – die al 30 jaar robots bouwt voor persoonlijk gebruik – uniek.

Ik vroeg me af wat de invloed van Wu's obsessie was op zijn familie. De Britse cabaretier Paul Merton bezocht hem in 2007 voor een documentaire over China. Daarin zei de vrouw van Wu dat ze erover had nagedacht om haar man te verlaten vanwege zijn allesomvattende hobby. Het feit dat hij het huis in 1999 in brand stak vanwege de onstabiele spanningsniveaus in zijn apparatuur, kan daarbij ook niet veel ten goede zijn gekomen.

De twee zonen van Wu zijn nu 28 en 29, en hij zegt dat zijn familie de interesse in robots ondersteunt. Het duurde alleen wel even voordat dit zover was.

Beeld: Aurelien Foucault

"Toen ik net begon noemden mijn familie, vrienden en buren me nutteloos, een zwart schaap, krankzinnig en dom," zegt Wu. "Ik deed niks aan onze boerderij, dus de landbouwgrond werd onbruikbaar. Ik kon geen geld verdienen – de eerste tien jaar leefde ik op krediet. Maar in 2004 werd ik uitgenodigd voor een uitvindingswedstrijd voor boeren waar ik de eerste prijs en 10,000 Yuan (€1,364) won. Vanaf dat moment begonnen ze het te begrijpen."

Nu verdient Wu geld door zijn landbouwgrond te verhuren en soms een robot op bestelling te maken. Maar hij houdt nog steeds het grootste deel van zijn creaties voor zichzelf. In de 30 jaar dat hij deze metalen kinderen al maakt, is hij niet minder gehecht geraakt.

"Op sommige gebieden betekenen ze meer voor me dan mijn echte kinderen," zei hij, terwijl hij staat naast een vreemd gebogen robot met golvende buizen als armen en een groezelig poppenhoofd. "De tijd en energie die ik heb geïnvesteerd in elke robot is reusachtig en elke keer als ik er eentje af heb, voel ik heel veel voldoening en ben ik de gelukkigste persoon op aarde."

En hoewel Wu niet een keer glimlachte tijdens onze ontmoeting, geloof ik hem van harte.