Noisey

Tads Thots vond een gat in de markt en alleen hij kan het vullen

Ruim anderhalf jaar na de releaseparty is ‘Anti Fu’ eindelijk uit. We spraken het Smib-enigma over uitstellen, saaie interviews en ervoor zorgen dat je niet vergeten wordt.

door Sander van Dalsum; foto's door Patrick Ebu-Mordi
11 februari 2019, 3:56pm

Bijna anderhalf jaar geleden stond Tads Thots op het punt Anti Fu, zijn eerste tape, uit te brengen. De releaseparty vond plaats in De School in Amsterdam, er werd een sick T-shirt gedrukt, maar de plaat kwam nooit tevoorschijn. Vorige week, net toen ik dacht dat Anti Fu een urban myth zou worden, gooide Tads de tape als verrassing online.

Het is precies wat je ervan hoopte: een compleet eigen wereld waarin hij zich traag en vaak onverstaanbaar over de beats van GRGY, FMNLAS, Styn en KC manoeuvreert. Zoals je van Tads gewend bent, bevat de tape onnavolgbare teksten, genoeg vreemde intonatie en hoorbaar zelfvertrouwen. Na het luisteren herinnerde ik me ineens weer waarom ik hem eigenlijk altijd al het meest interessante lid van Smib vond.

We ontmoeten elkaar een paar dagen later in een Thais restaurant om het te hebben over de vertraagde tape. Een dag voor het interview stuurde hij me nog een berichtje: ik mocht geen saaie vragen stellen.

Noisey: Een van de tracks op de tape heet Interviews. Ik dacht erin te verstaan: “Kom niet met die interviews.” Heb je er een hekel aan?
Tads Thots: Soort van. Het ligt eraan wat er gevraagd wordt. Wij zijn nu gewoon in gesprek, dit voelt niet als een interview. Ik wil geen vragenlijstje met boring dingen.

Je stuurde me een bericht waarin je me verzocht om geen saaie vragen te stellen: ik mocht niet vragen hoe oud je bent of hoe het was om op te groeien in de Bijlmer.
Die vragen krijgen we met Smib al jaren van mensen die niet de tijd of moeite nemen om te zien wat we allemaal doen. Het zijn vragen die je aan iedereen uit de Bijlmer kan stellen.

Heb je het gevoel dat mensen de Bijlmer nog steeds zien als een soort mythische plek? Iets wat niet bij Amsterdam hoort?
We weten dat er zo naar ons gekeken wordt, maar we hebben al twee jaar een eigen winkel [Zeedijk 60, red.] in het centrum van de stad. We zijn dat imago aan het omgooien. Ik weet dat grote media zich dat soort dingen nog steeds niet kunnen voorstellen. Mensen weten het wel, maar ze beseffen het niet, dat we vanuit Bims een fucking store op de Zeedijk hebben. Zelfs mensen in Bims snappen dat niet. Net als de Bijenkorf hebben wij ook een winkel in de stad. Niet veel mensen van onze leeftijd kunnen dat zeggen. En we gaan nergens heen, dit is ons paradepaardje.

Werd je in de winkel vaak lastiggevallen door mensen die vroegen waar Anti Fu bleef?
Haha, jarenlang! Tot op het punt dat ik me er soms niet eens meer wilde vertonen, omdat ik al wist waar het over zou gaan. Al mijn vrienden, mensen, chicks, whatever the fuck, iedereen om me heen zei: “Kill, waarom drop je die kankertape niet?” Mensen schreeuwden op straat: “Waar is die tape dan?”

Tads Thots.

Voelde je daardoor extra druk om te presteren? Dat je écht iets goeds moest maken?
Ja, maar dat wilde ik sowieso al. Ik ben een perfectionist, dat geeft al veel druk. Vooral met dit, met muziek, mijn clips. Ik ben kankerkoppig. De tape is nu uit, en alsnog is dit het niet voor mij. Het is nooit perfect. Ik kan je zo tien dingen aanwijzen die beter kunnen. Maar ja, dan was het volgend jaar nog niet uit.

Hoe zou je het leven na Anti Fu omschrijven in vergelijking met het leven ervoor?
Het leven erna? Damn. Het voelt nog steeds als het leven tijdens. Ik zit er al zolang in dat het een lifestyle is geworden. Maar het is nu van het publiek. Anti Fu is niet meer van mij. Wanneer die shit uit is, luister ik het niet meer. Dan ga ik dingen horen die ik achteraf anders had willen doen. Maar mensen gaan niet met je om omdat je perfect bent. Ze nemen je ook voor je fouten, en dat geldt ook voor je tunes.

Ik heb het gevoel dat je met deze plaat ongelofelijk in je eigen wereld zit. Ervaar jij dat ook zo?
Dat is de bedoeling. De beste reactie die ik kan krijgen is als iemand zegt dat-ie nog nooit zoiets heeft gehoord. Veel shit die ik jaren geleden heb gemaakt, vind ik nu nog steeds te futuristisch. Ik bewaar het voor volgend jaar, want niemand is er klaar voor.

Hoe kwam eigenlijk het dat het zo lang duurde voordat Anti Fu uit was?
In eerste instantie moest er gewoon nog een hoop gemixt worden en shit. Ik wilde het geluid op een bepaald niveau hebben. Ik hoorde wat mensen vonden van hoe onze shit klonk, van alles wat we met Smib hebben uitgebracht. Ze vonden het wel gaande, dit dat, maar de kwaliteit van die mix was niet daar. Nu hoor ik dat niet meer, nu zijn we op een niveau.

Dat krijg je als je alles zelf wil doen.
We hadden er wel mensen voor, maar niet per se pro’s.

Nu wel?
We hebben onze mensen pro gemaakt. Toen ik de tape in 2017 wilde droppen, vond ik het niveau nog niet hoog genoeg. Je kon het niet beseffen op de manier waarop het moest. Dan luisterde ik thuis en dacht ik: ja, man! En dan stond ik in de club en dacht ik: nee, man…

Was je weleens bang dat mensen je zouden vergeten?
Ik weet het niet. Niet écht. Ik dacht: het komt ooit wel goed. Het gat in de markt dat ik vul, vult niemand anders. Je kan mij niet vervangen. Als je mijn shit goed vindt, dan zal je erop moeten wachten, want niemand anders geeft het.

Wat heb je eigenlijk gedaan in de tussentijd?
Tunes maken, beter worden, maar dat was niet het belangrijkste voor mij. Ik moest dingen leren loslaten. Als je een perfectionist bent, ben je forever bezig met shit. Ik moest meer denken: kill, op een gegeven moment is het gewoon klaar. Klaar! Mensen zeggen dat het goed is, dus neem het van ze aan. Het is goed zo. Iemand zei laatst bij een clipshoot: “O, je bent tevreden? Wow, dat is zeldzaam!”

Ben je zo iemand die zich tijdens het filmen van een clip met andermans werk bemoeit?
Ja, man. Ik moet dat minder doen, maar tegelijkertijd regisseer ik alles zelf. Ik schrijf de scènes, ik bedenk de styling, de angles. Ik moet iemand vinden die ik vertrouw om dat allemaal van mij over te nemen.

Tads Thots

Klinkt als classic Smib.
Sowieso. Iedereen van ons heeft moeite gehad met hulp aannemen van anderen. Ook van elkaar. We hebben altijd alles zelf moeten doen. We vragen soms wel om hulp, al vanaf het begin, maar we beseffen nu pas hoe weinig we dat altijd deden. Nu snappen we dat we álles samen moeten delen. Al onze struggles. Het is nooit alleen jouw struggle.

Struggles zoals administratie.
Dat dus net niet. Dat is de shit die we wel door iemand anders laten doen, haha. We vragen minder snel hulp wanneer we een issue hebben die persoonlijk is. Je bent matties, brothers, én een bedrijf.

Ik had niet verwacht dat je Smib als een bedrijf zou zien.
Dat is het gewoon. Het is niets anders.

Ben jij een werknemer of een werkgever?
Allebei. Bij Smib heb je geen baas, maar er is wel een taakverdeling. Ik word ook soms op het matje geroepen als een van ons duidelijkheid nodig heeft over iets. Dat is écht nodig. Ik wilde bijna nog langer wachten met Anti Fu, maar mensen zeiden: “Kill, het kan niet langer.”

Wanneer komt de volgende tape uit? Of doe je geen beloftes meer?
Haha, dat gaan we niet doen nee. When the time is right.

Tads Thots

Volg Noisey op Facebook , Instagram en Twitter .