Sports

Joël is de beste persoon die ik ken

"Al die reizen brengen ons als vrouwengroep ook dichter bij elkaar."

door Naomi Veltman; zoals verteld aan Sam van Raalte
30 april 2019, 9:03am

Joël Veltman speelt nu lekker met Ajax in de Champions League, maar dat neemt niet weg dat hij een klotejaar achter de rug heeft. In april 2018 scheurde hij zijn kruisband af, waarna een lange revalidatie volgde. Zijn vrouw Naomi (27) hield hem daarin soms letterlijk op de been. We vroegen Naomi naar haar perspectief op die periode.

Dit is het verhaal van Naomi Veltman.


Ik moet eerlijk zeggen: eerst dacht ik dat er niet zoveel aan de hand was. Joël lag op het veld van de Arena en schreeuwde, maar voetballers schreeuwen wel vaker van de pijn. Daarna kunnen ze meestal weer gewoon voetballen. Vanaf de tribune kan je niet altijd alles goed zien, dus ik appte mijn moeder om te vragen wat zij ervan dacht. Zij kijkt Joëls wedstrijden altijd thuis op tv. “Het ziet er niet goed uit,” appte ze terug.

Ik liep naar de kleedkamer, waar Herman Pinkster, de teammanager van Ajax, me op kwam halen. Hij bracht me naar het kantoor van de dokter van Ajax. Daar lag Joël. Nou, die was helemaal van de kaart. In tranen, helemaal in zijn eigen wereld. Joël en ik zijn nu zes jaar samen, en zo had ik hem nog nooit gezien. Hij huilt nooit. Toen begon ik me pas echt zorgen te maken, want Joël weet wat hij voelt in zijn knie. Hij was zo van slag, ik kon niet eens met hem praten. Niks kwam binnen.

Het was even onduidelijk wat de schade was. Eerst dacht de dokter dat het om de binnenste band ging, dan zou de revalidatie drie maanden zijn. “Oké,” zei ik tegen Joël. “Dan sta je er volgend seizoen.” Maar de volgende dag kregen we het slechte nieuws te horen: de kruisband was afgescheurd, en Joël moest negen maanden revalideren. Ik weet nog heel goed dat we in dat kantoortje zaten en elkaar aankeken. Nog twee wedstrijden en het seizoen was klaar geweest. Waarom moest dit nou gebeuren?

Ik blijf daar dan heel erg in hangen. Waarom gebeurt zoiets? Is dit karma? Ik geloof daar heel erg in. Maar Joël is niet zo, die zet heel snel de knop om. We moesten meteen een plek kiezen waar Joël geopereerd zou worden. In Augsburg zit de Hessingpark-kliniek, waar heel de Bundesliga komt. Vaclav Cerny en Daley Sinkgraven waren daar ook geweest, en waren er enthousiast over. Joël kon daar binnen twee dagen terecht.

Dus ik mijn moeder meteen bellen, om te vragen of Sienna, onze dochter van een paar maanden oud, bij haar terecht kon. Dat klinkt misschien heel bot, je kind meteen achterlaten. Maar ik kon Joël niet alleen laten gaan. Hij kon niks, niet eens lopen, dus dat was een no-brainer. Mijn moeder en zus hebben ons in die tijd enorm geholpen met die kleine. De fysio van Ajax, Perry Augustine, ging met Joël en mij mee naar Augsburg. Ik kon niks anders doen dan er zijn, en ervoor zorgen dat Joël buiten die knie niks anders aan zorgen had. “Wat wil je eten? Hoe voel je je? Kan ik iets voor je pakken?” Dat waren de vragen die ik stelde die dagen.

De Hessingpark-kliniek is zó professioneel, het ademt sport. In de gangen hangen overal shirtjes van de bekendste Duitse spelers die je maar kunt bedenken. Shirts van Huntelaar en Robben hangen daar ook. Op 30 april werd Joël er geopereerd, en drie uur later moest hij al in een soort karretje proberen te lopen, terwijl er nog allemaal slangen in zijn knieën zaten. Dat vond ik heel naar om te zien. Het ergste wat ik ooit heb gehad is een gekneusde voet, en daar stond Joël ineens voor me in een soort kar, omdat hij anders niet kon lopen.

Daarna moesten we kiezen waar we de revalidatie in Nederland af wilden maken. Joël vond het lastig om bij Ajax te revalideren, omdat hij dan steeds de andere jongens zou zien trainen. Dat is te pijnlijk. Hij is vanwege het Nederlands elftal goed bekend met de fysio’s van de KNVB, dus het werd Zeist. Ik wilde niet dat Joël de hele tijd op en neer moesten rijden vanuit Amsterdam, dus we besloten ons gezinnetje naar Zeist te verhuizen. Voor mij gaat dat heel makkelijk, hoor. Ik weet hoe belangrijk die revalidatiemaanden zijn.

Er was alleen bijna geen woning beschikbaar in Zeist. Gewoon helemaal niks. Dus toen er voor het eerst een appartement vrijkwam, namen we dat meteen. “Dit wordt het, klaar,” zei ik. In Amsterdam wonen we in een drukke straat, nu zaten we opeens in een bejaardencomplex. Alleen maar mensen met rollators om ons heen. Alles ging er geautomatiseerd, hoe lekker is dat? Met de kinderwagen was dat heerlijk, alle deuren gingen zo open. Die bossen rond Zeist waren ook lekker om in te lopen voor onze honden, twee Cavalier King Charles-spaniëls.

Mijn hele webshop verhuisden we ook naar het appartement in Zeist. Vier jaar geleden heb ik mijn eigen zaakje opgericht op Instagram, een webshop met accessoires waar alles onder de 25 euro is. Het begon als een grap met een vriendin, maar ik heb het uitgebouwd tot een website en verkoop nu elke dag spullen. Joël denkt altijd mee over de posts op het instagramaccount. We waren bijvoorbeeld een keer in Dubai met Kostas Lamprou en zijn vriendin; gingen ze samen op de foto met de zonnebrillen die ik verkoop. En als ik even niet kan, brengt hij zelfs mijn pakketjes weg. Behalve tijdens de revalidatie natuurlijk.

Ik doe verder alles zelf voor die shop, dus als ik niks doe, ligt de boel stil. Alle spullen voor de webshop gingen, hup, mee naar Zeist. In het appartement in het bejaardencomplex zat een grote inbouwkast, waar ik alles in legde. Elke ochtend ging Joël naar het revalidatiecentrum. Dan runde ik mijn webshop of ging ik met onze kleine de stad in. Joël was altijd om half vier thuis, dan gingen we nog even wandelen of wat leuks doen. Zaten we elke keer bij het pannenkoekenhuis in Zeist.

Ik denk dat mijn domme grapjes en debiele dingen Joël wel hebben laten lachen, wanneer hij dat nodig had. Ik vind Singstar heel leuk. Dan zit ik in mijn eentje voor de PlayStation heel hard mee te zingen, en zie ik Joël lachen en denken: wat doet zij? Door die revalidatie hebben we ook mooie momenten mee kunnen maken. Joël heeft heel veel tijd met onze dochter doorgebracht. We hebben in de weekenden samen zoveel leuks kunnen doen. Dat konden we anders nooit.

Die maanden in Zeist vlogen voorbij, en we gingen terug naar Amsterdam. Vlak voor de winterstop trainde Joël weer mee met Ajax. Hij kon in januari zelfs mee op trainingskamp naar Florida. Ik heb de wekker toen om twee uur s’ nachts gezet om zijn terugkeer in het team te kunnen zien op tv. Het was een oefenwedstrijd tegen Flamengo, Joël viel in en speelde een prima helft. Toch voelde ik het niet helemaal. Op tv naar voetbal kijken is anders, dan lijkt het niet echt. Ik had daar heel graag bij willen zijn, samen met Sienna.

Een paar weken later konden we er wel bij zijn. Joël begon in de basis bij een oefenwedstrijd van Jong Ajax tegen PEC Zwolle, in de sneeuw. Zat ik daar in mijn eentje te kijken op de tribune van De Toekomst. Joël speelde negentig minuten en mijn hart liep over. Ik dacht: oh my god, hij kan weer voetballen! Tegelijkertijd was ik bang. Die tegenstanders moesten niet in de buurt van zijn knie komen. Joël liep zelf heel blij rond. Hij stond daar gewoon weer te voetballen, alsof er niks was gebeurd. Bizar.

Op dat moment maakte het ons niet uit tegen wie, of het nou FC Bal op het Dak 3 of Real Madrid was, als Joël maar minuten maakte. Maar doordat Ajax het dit seizoen zo goed doet in Nederland en Europa, en het programma dus vrij druk is, wist Joël dat er kansen zouden komen. Toen kwam die wedstrijd tegen Real Madrid, in Santiago Bernabéu. Als ik er nu aan terugdenk, word ik weer helemaal blij. Het was een zegen dat we überhaupt mee mochten. Daar gingen wij niet meer van uit na zo’n lange afwezigheid.

Het werd zo snel zo bizar in Madrid. Ik had al de hele dag niks gegeten, dus dan ben je al een beetje slap. Joël begon warm te lopen in de tweede helft. In het stadion zat ik tussen de andere familieleden van spelers, en iedereen om me heen leefde met Joël mee. Ik brak gewoon. Ik was zo hard aan het huilen van trots. Het was al zo’n zieke wedstrijd, ze gingen gewoon door naar de kwartfinale, en dan kwam hij er ook nog in op zo’n groot moment.

Iedereen sloeg me op de schouders, ze zeiden dat Joël het verdiende. Dan besef je het allemaal. Ik denk dat ik op voetbalgebied nooit blijer voor Joël ben geweest dan toen. Na de wedstrijd kwam Joël naar me toe. Hij zag dat ik het niet droog had gehouden. “Hoezo heb jij gehuild?” zei hij lachend. Maar het was zó speciaal. Die avond was ik mijn stem helemaal kwijt, ik kon niet eens meer praten. We gingen met alle spelers en families naar het hotel om de overwinning te vieren. Ik geloof dat we pas om half vijf gingen slapen.

Toen moest Juventus nog komen. Vooraf maakten sommige media er een ding van: Joël tegen Ronaldo. We hebben het dan wel over Ronaldo, hè. En Joël had nog maar tweeënhalve wedstrijd gespeeld sinds zijn terugkeer. Ik wilde Joël niet laten merken dat ik gespannen was, want daar heeft hij niks aan. Joël heeft sowieso altijd minder zenuwen dan ik. Ik kon niet eten, niks, omdat ik zo graag voor hem wilde dat het goed ging. Iedereen wilde hem gek maken en stuurde berichtjes: spannend hè? Maar hij blijft dan zo kalm.

Vroeger had ik er veel last van als mensen kritiek op Joël hadden op social media. Als mensen op Twitter iets zeiden over Joël, ging ik los. Kijk, het eerste jaar dat wij samen waren was alles alleen maar leuk, toen werd Ajax kampioen. Maar daarna kwamen er jaren waarin het wat minder liep bij Ajax. Toen kwam de kritiek. Ik dacht dat het zou helpen om op die kritiek te reageren, maar dan weten mensen juist dat je te raken bent, en pikken media het op. Achteraf denk ik: hoe dom was dat?

Joël zit al achttien jaar bij Ajax en klaagt nooit. Als mensen zeiden dat hij geen aanvoerdersband waardig was, of zijn best niet deed, raakte dat me persoonlijk. Terwijl ze eigenlijk alleen wat zeggen over de voetballer, niet over de persoon. Ik vond dat onderscheid heel erg moeilijk. Hij is mijn man. Voor mij is hij niet Joël de voetballer, voor mij is hij Joël.

Mensen zeiden weleens tegen me: voetballers krijgen heel veel betaald, dan hoort dat soort kritiek erbij. Maar dat maakt het niet makkelijker. Moet ik dat geld in mijn oren stoppen dan? Joël is oprecht de beste persoon op de wereld. Niet alleen voor mij hè, voor iedereen om hem heen. Als je hem in je team hebt, hoe blij ben je dan? Maar goed, al ben je de lekkerste perzik, dan is er nog iemand die perziken niet wil. Dat besef ik nu. Het heeft Joël sowieso nooit geraakt. In een interview met het Algemeen Dagblad zei hij laatst dat zijn gezicht een woestijn is. Zo is het ook. Hij blijft kalm.

Die thuiswedstrijd tegen Juventus heeft me tien jaar van mijn leven gekost, terwijl Joël gewoon rustig bleef. En toen kwam de wedstrijd in Turijn. Met de spelersvrouwen reisden we de spelers weer achterna, samen met de sponsoren. We vertrokken een dag later en hadden flinke vertraging, maar dat maakte niet uit, want de sfeer was superleuk. Toen we aankwamen bij het stadion, moesten we 200 meter lopen van de bus naar het stadion. Bam, overal ME om ons heen, omdat wij Ajax-sjaaltjes om hadden. We werden langs iedereen begeleid en naar binnen gebracht.

De eerste twintig minuten van de wedstrijd keken we elkaar aan op de tribune. Dit gaat hem niet worden, dachten we. We voelden dat ze onder druk stonden. Maar toen veranderde er ineens iets, en kreeg Ajax heel veel kansen. En Joël, hij was echt een fucking baas. Zo trots was ik. Hij stond gewoon zijn mannetje en was superscherp. Alle jongens waren bazen, tuurlijk, maar dat hij daar zo stond... In de laatste minuten tackelde Ronaldo Joël vet hard, hij was gewoon gefrustreerd.

Al die reizen brengen ons als vrouwengroep ook dichter bij elkaar. Normaal zie je elkaar alleen bij de Arena, en is het “hoi” en “doei”. Nu leer je elkaar langer kennen. En bij ons is het ook chaos hoor. In Madrid en Turijn waren wij nog blijer dan die jongens. Wij schreeuwen, jongen, echt fantastisch. Nu gaat het allemaal zo goed, dan moet je ook echt even genieten. Dit kan niemand ons meer afpakken.

Tagged:
Sports
VICE Sports