​Ik leefde een dag als gepensioneerde omdat ik later nooit met pensioen kan
Stuff

​Ik leefde een dag als gepensioneerde omdat ik later nooit met pensioen kan

Millennials denken niet aan later. Om erachter te komen of ik daar later spijt van ga krijgen deed ik een dagje alsof ik al met pensioen was.
13 mei 2016, 7:42amUpdated on 13 mei 2016, 3:55pm

Met pensioen zijn is vooral tijd doden. Alle foto's door Rebecca Camphens

Laat me één ding vooropstellen: we hebben weinig te klagen. Met we bedoel ik mezelf en alle andere millennials, kinderen van generatie Y – noem ons hoe je wil. We zijn net te jong om opgezadeld te zijn met een hypotheek die we eigenlijk niet kunnen betalen, en groeiden op in een wereld waarin het grootste leed bestond uit het feit dat je elk fucking jaar weer dat Thunderbirds-eiland niet voor je verjaardag kreeg.

Desondanks, of misschien juist wel precies daardoor, zijn we niet heel goed in vooruitdenken. YOLO is misschien een uitgemolken kreet, maar altijd als ik 'm hoor kan ik niet anders dan denken: maar het is wel waar, je leeft écht maar één keer. De millennial leeft in het moment, want het kan morgen zomaar voorbij zijn. En waarom zou je dan saaie oudemensendingen doen als een pensioen opbouwen?

Zelfs al zou je wel verstandig zijn, en nu al nadenken over later, is het opstellen van een pensioenplan niet meer wat het ooit is geweest. Vroeger stapte je na je opleiding frisgeschoren en vol goede moed de arbeidsmarkt op. Je vond een baan, kreeg na 25 jaar trouwe dienst een zilveren pen en een hand van de baas, en mocht op je 65 e gaan genieten van de laatste loodjes van je leven.

Nu gaat dat anders. Ondanks het afschaffen van de basisbeurs studeren we lang door, zodat we in godsnaam maar niet aan het echte leven hoeven te beginnen. Daarna gaan we werken als freelancer, en als we al een vaste baan hebben wisselen we om de paar jaar van werkgever. In plaats van te bouwen aan een pensioen werken we de eerste decennia van ons werkzame leven om die studieschuld weer af te lossen.

Ik heb een studieschuld van tienduizenden euro's, en ik weet niet eens of VICE een pensioenplan heeft. Toen ik een collega vroeg of zij wist hoe dat zat keek ze me onbegrijpend aan. Daarna vertelde ze me over haar laatste vakantie naar Sri Lanka.

De kans is vrij groot dat ik nooit met pensioen kan. Waarschijnlijk moet ik werken tot mijn tachtigste, als ik dan nog niet dood ben – ik rook een pakje per dag en fiets best vaak door rood. Omdat ik wel benieuwd was of het eigenlijk wat is, dat leven als gepensioneerde, besloot ik een dagje een voorschot te nemen op iets dat nooit ga komen. Ik bracht een dag door als gepensioneerde.

Bij gebrek aan eendjes voer ik een eenzame meerkoet

Gepensioneerde mensen zijn oud, en oude mensen staan vroeg op. Niemand weet precies waarom oude mensen vroeg opstaan, en ik denk ook niet dat ze het met veel plezier doen. Het is een soort wrede grap van het menselijk lichaam: "Oh, je hoeft niet meer te werken? Dan is dit het moment om je biologische klok een paar uur vooruit te zetten." Hoe dan ook, ik stond om half zeven naast mijn bed. Met dat vroege opstaan rijst meteen de vraag: wat de fuck doen oude mensen de hele dag? Thee zetten. Een boterham met marmelade eten. Nederland in Beweging kijken. Er is niks mis met een paar kniebuigingen en zijwaartse pasjes op de vroege ochtend, maar waarom praat die presentatrice alsof haar publiek bestaat uit geestelijk gehandicapten? Als je zo seniel bent dat je nog maar één lettergreep per vijf seconden tot je kunt nemen, lijkt het me niet dat je nog meekunt met "dribbelen op je plaats, en denk aan de zachte landing."

Het is inmiddels kwart voor negen. Normaal zou ik nu zo'n beetje mijn bed uitrollen, maar de gepensioneerde versie van mezelf heeft er al een dagdeel opzitten. Ik loop naar de tabakszaak onder mijn huis om de krant te kopen en klaag tegen de meneer achter de toonbank over de hitte. Hij vindt dat ik niet zo moet zeuren, en daar heeft hij natuurlijk gelijk in. Ik lees de krant, en maak me druk over wat er in staat. Vooral een opiniestuk van iemand die vindt dat het collegegeld voor buitenlandse studenten omhoog moet raakt me diep in mijn gepensioneerde hart. Ik weet dat dit niet per se een onderwerp is dat pensionado's aangaat, maar ik moet ook aan mijn fictieve kleinkinderen denken. Om mijn woede te kanaliseren besluit ik een brief naar de krant te schrijven, want dat is wat oude mensen doen. Ik neem pen en papier en schrijf een vlammend weerwoord. Pas als ik de brief helemaal uitgeschreven heb, kom ik er achter dat de krant alleen ingezonden brieven per e-mail accepteert. Nadat ik daar hardop over geklaagd heb, ga ik achter mijn computer zitten en tik ik de brief met twee vingers over.

Mijn ingezonden brief, die de volgende dag in de krant stond

Als ik de e-mail heb verstuurd is het tijd om naar buiten te gaan. Bij de tramhalte bedenk ik hoe weinig ik eigenlijk weet over het leven van mensen die geen dingen meer hoeven te doen als werken voor hun geld of zich bewijzen tegenover de wereld. Ik pak de tram naar het café, ga op het terras zitten – in de schaduw – en bestel een jonge jenever. Het is 11 uur 's ochtends, maar wie doet me wat, ik hoef toch niets te doen. Voor de lunch jenever drinken is niet lekker, maar het vult mijn lichaam wel met het soort levensvreugde waarvan ik me kan voorstellen dat-ie bij oude mensen allang niet meer van nature aanwezig is.

Jenever om 11 uur 's ochtends. De meneer op de achtergrond is denk ik ook met pensioen.

Ik kijk uit over het plein, en verveel me een beetje. Er wordt vaak gezegd dat oude mensen eenzaam zijn, en dat ervaar ik nu ook wel. Bij oude mensen komt dat denk ik omdat al hun vrienden overleden zijn. Mijn vrienden zijn allemaal aan het werk – dat is ook erg voor ze. Om de tijd te doden maak ik een sudoku. Het is goed om de hersenen te blijven trainen. Ik voel me een beetje een sukkel omdat het me niet lukt om de cijfers op de juiste plek te krijgen, terwijl bejaarden deze shit aan de lopende band doen. Ik houd mezelf voor dat het door de jenever komt.

Wie weleens in een universiteitsbibliotheek is geweest kent zonder twijfel de oude meneertjes die daar hun dagen slijten door te doen alsof ze een ingewikkeld boek over de Spaanse burgeroorlog lezen, terwijl ze stiekem de hele tijd naar studentes zitten te gluren. Daarin verschillen ze trouwens niet zo veel van de meeste studenten. Het is lekker weer, er zijn weinig meisjes in de bibliotheek. Buiten schijnt de zon. Ik ga weer weg.

Het gedeelte van de dag waar ik me het meest op had verheugd breekt aan: het is tijd voor een dutje. Ik ben een groot fan van dutjes, en mocht ik ooit de lotto winnen en daardoor toch met pensioen kunnen, dan zou ik het doen van dutjes tot een kunstvorm verheffen. Ik zou meerdere dutjes per dag doen, in een aparte dutjespyjama. Ik twijfel tussen de bank en mijn bed, maar besluit toch in bed te gaan liggen. Dat besluit is ingegeven door het feit dat mijn grootouders hun middagdutjes ook altijd in bed doen. Of het komt doordat ik een glas jenever heb gedronken op een vrijwel nuchtere maag weet ik niet, maar ik slaap snel in.

Opdat wij niet vergeten

Een uur later word ik weer wakker. De zon schijnt nog steeds als een gek. Jonge mensen vinden het fijn als het warm is, maar hitte is de vijand van oude mensen. Ze gaan er namelijk dood door. De Europesehittegolf van 2003 eiste 70.000 slachtoffers, waaronder ongeveer 1.400 in Nederland – vrijwel allemaal broze bejaarden die de hitte niet aankonden. Die hittegolf wordt officieel erkend als natuurramp. Om te voorkomen dat ik op mijn zolderkamer doodgeroosterd word, ga ik weer naar buiten. De wind brengt verkoeling. Ik wandel een stukje door de buurt, en sta stil bij een oorlogsmonument. Als je gepensioneerd bent heb je tijd om ook op andere dagen dan 4 mei even stil te staan bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Dat is precies wat ik doe. Even denken aan die dappere jongens die voor onze vrijheid hebben gevochten. Opdat wij niet vergeten. Daarna ga ik op een bankje zitten. Ik heb een zak oud brood meegenomen om te voeren aan de eendjes. Bij gebrek aan eenden voer ik een eenzame meerkoet.

Ik wandel door de stad, vermijd de drukte, stop bij de bank. Ik loop het gebouw binnen. Oude mensen met een pensioen hebben wel geld maar geen verstand van computers. Daarom gaan ze naar de bank om "hun bankzaken te regelen". Ik heb geen idee wat dat betekent. Ik weet niet zo goed wat ik in de bank moet doen. Er zijn hier mensen die me aankijken. Ik pin een paar tientjes, voor in een sok onder mijn bed.

Omdat ik bang ben dat iemand mijn geld pikt ga ik weer richting huis. Ik krijg bovendien honger. Bij de supermarkt koop ik dingen die opa's kopen. Advocaat, iets dat tokkelroom heet en waarvan ik nog steeds niet weet wat het is omdat ik het niet durf te eten ­– of drinken, ik weet niet precies wat ik er mee moet doen – bokkenpootjes, ingeblikte groenten, een grote fles rode wijn en een paar flessen port. Ik haat port. Thuis eet ik boerenkool uit de magnetron. Als je oud bent proef je de dingen toch niet meer zo goed.

De eenzaamheid en verveling beginnen een beetje aan me te knagen. Ik denk dat je als je oud bent wel dingen kunt verzinnen om de verveling te verdrijven. Je kunt een hobby nemen ­– modeltreintjes, of golf – of varen op een cruiseschip. Ik wil heel graag een keer op cruise, maar morgen moet ik gewoon weer naar kantoor. Ik zou een stamboom van mijn familie kunnen maken. Oude mensen vinden dat tof, of ze doen alsof omdat ze verder van gekkigheid niet meer weten wat ze met hun tijd aanmoeten. Ik bedenk dat ik na vijf minuten niet meer zou weten hoe de stamboom verderloopt. Ik zou mijn moeder moeten bellen om het te vragen. Als ik oud ben is mijn moeder waarschijnlijk dood. Ik schenk nog maar een glas wijn in.

Ik speel een potje patience. Niet op de computer, maar met echte speelkaarten. Daarna zet ik de televisie aan en val op de bank in slaap. De volgende ochtend moet ik me gewoon weer melden op kantoor, zoals de komende vijftig jaar het geval zal zijn. Dat vooruitzicht is misschien geen pretje, maar ik geloof dat ik ook nog helemaal niet klaar ben om met pensioen te gaan. Misschien dat ik er tegen de tijd dat ik echt oud ben anders over denk, maar tot die tijd werk ik nog wel even door. Er zit ook niets anders op.

Lees ook:

Ik liet 24 uur lang mijn leven bepalen door Siri

Ik sliep een week in een budgethostel in Amsterdam

De overstap van boxershorts naar herenslips veranderde mijn leven

Like als de wiedeweerga VICE Nederland om niks te missen van alles wat we maken: