Waarom verliezen we onze interesse in oorlogsgebieden zodra er geen doden meer vallen?
Uit Everybody Needs a Good Neighbour, door Juan Arredondo. Angel, 12, en Daniel, 16, leden van het ELN Che Guevara Front poseren voor een foto bij hun kamp aan de Colombiaanse kust.
Photography

Waarom verliezen we onze interesse in oorlogsgebieden zodra er geen doden meer vallen?

We spraken de oprichter van het Aftermath Project over een nieuw fotoboek waarin de nasleep van oorlog wordt onderzocht.
01 maart 2018, 2:16pm

Alle foto’s komen uit 'War Is Only Half the Story'

Nadat ze zag hoe de internationale pers Bosnië de rug toe keerde, kort nadat de oorlog daar eindigde, besloot journalist Sara Terry dat verslaggeving in gebieden waar een conflict ten einde was gekomen meer steun verdiende. Ze begon het Aftermath Project, dat jaarlijks een bedrag uitkeert aan fotografen die de gevolgen van oorlog op mensen vastleggen, in plaats van de oorlog zelf.

In haar nieuwe boek War Is Only Half the Story wordt tien jaar aan werk gebundeld dat gaat over de nasleep van oorlogen. Het moet dienen als geheugensteun aan lezers dat het einde van een oorlog niet het einde van trauma’s, gevaar of moeilijkheden betekent.

Uit Refugees of Georgian Villages, door Natela Grigalashvili. Zusjes, Kaspi, Georgië, 2005

VICE: Je werk in Bosnië zorgde ervoor dat je het Aftermath Project begon. Kan je me vertellen wat je daar deed en hoe het je werk dat erop volgde beïnvloedde?
Sara Terry: Ik begon mijn project in Bosnië omdat ik echt boos werd van een artikel dat ik had gelezen. Daar stond in dat juist op het moment dat er meer Bosniërs dan ooit wilden proberen om weer naar huis te gaan, de internationale gemeenschap last kreeg van ‘Bosnië-vermoeidheid’ en doorgingen naar de volgende brandhaard. Dat was toen Oost-Timor.

Dat vond ik zo kortzichtig en zo veelzeggend over hoe we als maatschappij waren geworden. Mensen dachten dat vijf jaar genoeg tijd was om over een oorlog heen te komen die gold als de ergste genocide sinds de Tweede Wereldoorlog.

Ik denk dat het erg belangrijk is om te weten wat er in onze naam gedaan wordt in de wereld als het aankomt op oorlogen. Maar ik had ook het gevoel dat wat er na een oorlog gebeurt belangrijker is dan de oorlog zelf.

In de nasleep van een oorlog leren we onszelf kennen. Ik was verbaasd dat islamitische Bosniërs, die uit hun huizen werden gedreven tijdens etnische zuiveringen, weer terug wilden naar de plek waar hun buren ze hadden weggejaagd. Ik vond dat daarin een bijzondere kwaliteit van de mens te zien was. Daar wilde ik meer over weten.

Lakotas vieren hun traditionele leven in de nazomer met zonnedansen en paardenraces. Uit Surviving Wounded Knee, door Danny Wilcox Frazier

Hoe ontstond het Aftermath Project uit dat werk en uit die tijd?
Tijdens mijn werk in Bosnië nam ik deel aan een workshop met fotograaf Sam Abell en hij vroeg ons wat we wilden bereiken met ons werk. Ik had voordien prijzen ontvangen als journalist en had gezien welke impact mijn werk had, maar als fotograaf had ik er zo nog niet over nagedacht.

Ik herinner me dat ik zei: “Het zou zo gaaf zijn als andere fotografen geïnspireerd raken om ook de nasleep van een oorlog vast te gaan leggen.” Een dag later dacht ik: serieus? Niemand kent mij als fotograaf, de meeste mensen geven zelfs niet om Bosnië en dan denk ik dat mijn werk goed genoeg is om een discussie te laten ontstaan? Enfin, ik besloot om een gesubsidieerd programma op te zetten voor fotografen die de nasleep van oorlogen vastlegden. Ik weet niet waarom ik dacht dat ik dat zou kunnen. Ik had geen geld, geen steun, maar ik besloot dat ik het kon. Dat was in 2003. Het kostte me vier jaar om het op te bouwen. In 2007 gaven we de eerste beurzen uit.

De Luis Lopez begraafplaats in Socorro County in de Amerikaanse staat New Mexico. Luis Lopez is een stad in een van de vier gemeenten waar onderzoek wordt gedaan naar de volksgezondheid, naar aanleiding van kernproeven die er in 1945 werden gehouden. Volgens de inwoners van Luis Lopez stierven tientallen mensen die op het kerkhof liggen aan kanker, en ze vragen zich af of dat door de proeven komt. Mensen die in een straal van 200 kilometer rond de plaats van de proeven wonen hebben een verhoogde kans op kanker, zo bleek in 2017 uit een onderzoek. Uit Acknowledgement of Danger, door Nina Berman

Je werkt al tien jaar in dit vakgebied. Heb je het idee dat de nasleep van een oorlog vooral journalisten aantrekt die dieper graven dan degenen die de oorlog zelf verslaan?
Ik kom zelf uit de krantenjournalistiek, dus ik begrijp het nieuwscircuit. Maar ik wil het ook uitdagen. Ik wil zeggen: “Waarom zijn dingen als de dood, verwoesting, ziekte en hongersnood als enige nieuwswaardig?”

Ik denk dat de nasleep even nieuwswaardig is als oorlog. Misschien wel meer. Het is een krachtig verhaal over de mensheid. En ja, de nasleep vergt werk dat dieper graaft. Mijn werk in Bosnië kostte me vier jaar. Oorlogen zelf zijn uiteraard fysiek gevaarlijk. Ik heb veel respect voor mijn collega’s die daar verslaggeving doen en die het als iets meer zien dan een manier om naamsbekendheid te krijgen. Maar het is ook duidelijk dat je in een oorlog alleen maar plaatjes hoeft te schieten. Daar gaat de bom, daar rijdt de tank, die mensen zijn net vermoord...

Afgezien van de fysieke gevaren is een oorlog makkelijk om te fotograferen. Maar de nasleep is een ander verhaal. Hoe portretteer je dingen die je niet noodzakelijkerwijs kunt zien? Daarom hou ik ook van poëzie, en daarom is de verhaallijn in het boek ook poëtisch. Poëzie gaat in veel opzichten over wat je niet kunt zien.

Een van de aardigste dingen die iemand ooit over mijn werk in Bosnië heeft gezegd was: “Wow, je hebt op sommige plekken enorm lang moeten wachten.” Dat soort dingen gebeuren niet recht voor je gezicht. Het kost tijd om te zien wat er gebeurt op weg naar herstel van de maatschappij. Hoe het eruitziet om met verdriet om te gaan, hoe het eruitziet om waarschuwingssignalen te negeren die tot een nieuw conflict kunnen leiden…

Een vogelverschrikker en een waakhond kijken uit over het dorp Bamut, een van de laatste dorpen in de regio dat werd veroverd door de Russen. Het dorp werd door Russische militairen met de grond gelijk gemaakt. Bamut ligt aan de grens tussen Tjetjsenië en Ingoesjetië. Uit Open See, door Jim Goldberg

Hoe denk je dat het Aftermath Project in de bredere nieuwswereld past?
Het oorspronkelijke idee was om de manier waarop de media conflicten in beeld brengen te veranderen. Om de dialoog te verbreden, en de dingen die na een conflict gebeuren te begrijpen.

Ik denk dat er bij journalistiek gekeken wordt naar de laagste gemene deler. Hoe pak je iemand? Historisch gezien doe je dat het beste door ze te choqueren. Maar ik ben geïnteresseerd in dialogen op langere termijn. Steeds iemand choqueren leidt tot desinteresse.

Als journalist en fotograaf heb ik altijd gedacht dat je iemand ergens om kan laten geven als je ze kunt raken. En daar begin je. Sommige van die mensen die je raakt zullen ergens dieper over nadenken, het leidt tot intelligente gedachten over die zaken, en een klein percentage van die groep gaat er uiteindelijk iets aan proberen te doen.

Het draait in de media tegenwoordig om clicks. Niet alle media – er wordt genoeg goede journalistiek bedreven tegenwoordig – maar over het algemeen is de aanpak kortzichtig. Ik heb gemerkt dat mensen juist reageren op verhalen die dieper gaan, over een langere termijn. Het Aftermath Project is een buitenbeentje in de media, maar ja, het heeft zeker impact. Ik zie nu veel meer reportages over de nasleep van oorlog, en niet enkel omdat het dan tien jaar geleden is dat zoiets gebeurde.

Een demonstratie op SOFEX, de belangrijkste wapenbeurs ter wereld, die eens in de twee jaar wordt gehouden in de Jordaanse hoofdstad Amman. Uit United Colours of War, door Luca Locatelli.

Welk conflict viel op omdat het een groot publiek raakte, als het aankomt op reportages van de nasleep ervan?
We refereren vaak naar dingen die gebeurden terwijl we opgroeiden. Voor mij is dat Vietnam, maar ik denk dat oorlogen die lang duren veel impact hebben op ons. Ze grijpen de aandacht door aanhoudende media-aandacht. Dat geeft je de mogelijkheid om mensen te raken. Tegenwoordig zou dat de oorlog is Afghanistan zijn, of die in Irak. Het lijkt wel alsof die al eeuwig bezig zijn.

Toen Monika Bulaj een beurs kreeg om de impact van de oorlog in Afghanistan vast te leggen, schreef een andere fotograaf haar: “Hoezo nasleep? Die oorlog is nog steeds bezig.” Ik schreef terug en legde uit dat er ook tijdens een conflict sprake kan zijn van een nasleep, of meerdere. Welke nasleep in Afhanistan wil je het over hebben? Die nadat de Sovjets daar waren? De nasleep van de krijgsmannen? De nasleep van de geallieerde invasie?

Lorenzo Cuxil en Felicita Oligaria kijken naar een foto van een slachtoffer dat werd gedood door het Guatamalese leger op een voormalige militaire basis, op 80 kilometer van Guatemala-stad. Uit Reclaiming the Dead: Mass Graves in Guatemala, a Story Only Partially Told, door Rodrigo Abd.

Dus wat betekent ‘nasleep’ in jouw project?
We nemen een genuanceerde houding aan tegenover de nasleep van een oorlog. We zien de nasleep op plaatsen waar nog steeds oorlog woedt. We hebben het ook uitgebreid over werk zoals dat van Danny Wilcox Fraziers project in het Pine Ridge Indian gebied, Surviving Wounded Knee. Dat is de nasleep van een bloedbad dat 150 jaar geleden werd aangericht door het Amerikaanse leger bij Pine Ridge.

Ik denk niet dat er ooit een oorlog plaatsvond, in de tijd dat het Aftermath Project bestaat, waarvan je kan zeggen: “Ja, daar heb je je antwoord, die oorlog zorgde voor bewustzijn over de nasleep”

Aan het eind van 2011 werden Kwinanika Nigerian, 45, Abiya Gil, 45, en Nakambululo Torina, 30, verkracht door de troepen van de Rwandese FDLR, toen ze op weg waren naar hun werk op de akkers. Uit Raped Lives, door Gwenn Dubourthoumieu.

Ik wou je nog vragen naar je werk in Rwanda. Vaak wordt dat land gezien als een soort gids voor verzoening na een oorlog. Is die oorlog een voorbeeld van waar het Aftermath Project over gaat?
Ik wist dat Rwanda in het project moest, omdat mensen vaak zeggen: “Wow, kijk naar de Rwandezen. Kijk hoe ze hun land bij elkaar brachten, kijk naar hoe ze hun verleden vergeven.” Maar ik dacht: wacht eens even. Is dat het alles wat erbij komt kijken?

In het Westen waren we dol op Rwanda om dat ze daar meteen weer aan het werk gingen. Het was land waar je goed zaken kon doen. Paul Kagame had het idee om de economie te herstellen. Tegelijkertijd moesten er een miljoen rechtszaken worden uitgezocht die naar het Internationale Gerechtshof moesten. Rwanda ziet eruit zoals het Westen wil dat Rwanda eruitziet. We stopten er geld in en niemand controlleerde de macht van Kagame. Hij lacht nu als laatste.

Vrienden van me, expats uit Rwanda, vertelden me dat er rare dingen gebeurden. Er waren een hoop signalen onder de oppervlakte. Kagame is nu een dictator. Hij heeft het zo geregeld dat je niet kan praten over of je Hutu of Tutsi bent – iedereen is Rwandees. De pers is een instrument van de overheid en de mensen zijn doodsbang. We steunen de verkeerde ideeën.

De nasleep van de oorlog in Rwanda kun je zien als waarschuwing. Tito hield Joegoslavië bij elkaar na de Tweede Wereldoorlog met de slogan ‘eenheid en broederschap’ – je mocht niet over je etnische achtergrond praten. Onder de dagelijkse realiteit weet iedereen wie er wat heeft gedaan. Dat is gevaarlijk.

We moeten niet-westerse verhalen leren begrijpen, we moeten leren luisteren en we moeten ons realiseren dat we niet alle antwoorden hebben. Daar moet verslaggeving over de nasleep van een oorlog over gaan.

Bibi, Al Hussein, Mohamed, en Akli maken deel uit van een band die wordt gevormd door Toaregrebellen. Noord-Niger, 2008. Uit Sahel - The Dynamics of Dust, door Rodrigo Abd.