FYI.

This story is over 5 years old.

My First Club: Secret Cinema

De huisdealer van Parkzicht was de zwartepietendiscussie al ver vooruit.
31.12.15

Secret Cinema is een begrip in de Nederlandse technowereld en viert in 2016 zijn 25-jarige jubileum in het vak. De man die door het gewone leven gaat als Jeroen Verheij is technovader van Nederland en ontdekker van de jongen die nu misschien bijna zo bekend is als hijzelf: Egbert. Omdat Jeroen een doorgewinterde artiest is, moet het begin van zijn uitgaansleven vast een spectaculair begin hebben gehad, en daarom vroegen we hem naar zijn eerste clubervaringen.

Advertentie

THUMP: Waar ging jij altijd uit vroeger?
Jeroen: Toen ik zestien was ging ik met mijn vrienden naar Parkzicht, voor de tijd dat het echt een gabbertent werd. Ik kwam uit een dorpje en moest om twaalf uur thuis zijn van mijn ouders. Ik, als brave jongen, kwam vaak nog eerder thuis, maar daarna glipte ik gewoon weer de deur uit. Mijn slaapkamer was beneden dus ik kon gewoon via de voordeur naar binnen, dan zei ik mijn ouders gedag en ging ik 'in bed liggen' – om vervolgens gewoon het raam uit te klimmen en weer op pad te gaan.

Ik ging altijd met oudere gasten uit. Er werd nooit om mijn ID gevraagd, die bestonden toen nog niet eens. Alles was veel minder geregeld vroeger. De gasten waar ik mee uitging hebben jaren in de bak gezeten voor weet ik het allemaal, maar ze beschermden me wel altijd en bleven bij me in de buurt. Ze brachten me ook altijd thuis met de auto.

Dus zij beschermden je tegen vage figuren?
In Parkzicht liep alles door elkaar. Iedereen die nog wakker was in Rotterdam kwam naar Parkzicht om de avond af te sluiten. Je zag artiesten die een concert hadden gegeven ergens in een hoekje een lijn speed nemen, hoeren, Feyenoord-hooligans, cokesnuivers, alles. Het was chaos, maar omdat iedereen in Parkzicht kwam heerste er ook wel een saamhorigheidsgevoel, waardoor de mensen elkaar niet echt wat aandeden. In mijn gedachten was het echt heel groot daar, maar dat was het eigenlijk helemaal niet. De dansvloer was een cirkel in het midden die net zo groot was als mijn woonkamer nu is, dus dat stelde niet zo veel voor. Je had overal hoekjes waar je kon zitten in de club en dat maakte het heel erg avontuurlijk. Overal gebeurde wel weer wat spannends of geks. Ik wist natuurlijk wel dat er drugs werd gebruikt daar, maar ik was zestien en wat weet je nou als je zestien bent?

Parkzicht had, zoals veel tenten in die tijd, een vaste huisdealer en die heette Witte Piet. Hij had spierwit haar en een witte snor, echt superfout. Met die zwartepietendiscussie van tegenwoordig was hij de tijd al ver vooruit; door hem zal ik altijd kiezen voor Witte Piet. Zijn personage is voor mij echt typisch Parkzicht – waar haal je zo'n gast vandaan? Geen idee, maar Parkzicht had 'm. Op een gegeven moment werd het wel een soort gabberhol en vanaf dat moment trok ik het niet meer, dat was niet echt mijn stijl.

Waar hoorde jij dan bij? En naar welke club ging je toen?
Je had mellow en hardcore. In het begin maakte en draaide ik platen onder het mom van 'hoe harder hoe beter'. Ik denk dat dat wel zijn invloed heeft gehad op de gabberscene, want mijn plaat Sonar System, die ik maakte onder mijn alias Meng Syndicate, is zo vaak gesampeld. Ik ken al die hardcoregasten ook wel, maar je moet de muziek wel tof vinden om er iets van te maken. Ik trad op als dat alias in het voorprogramma van Paul Estak, maar op een gegeven moment werd het zo hard dat ik het niet meer leuk vond. Ik ben toen ook overgestapt naar Nighttown, het poppodium aan de West-Kruiskade, omdat Michel de Hey daar zijn technoavond had. Later had ik daar ook mijn eigen avond.

Heb je zelf ook wel eens in Parkzicht opgetreden?
Volgens mij niet, ik weet het eerlijk gezegd niet meer zo goed. Tegen de tijd dat ik goed live begon te spelen, kwam ik al een tijdje niet meer in Parkzicht omdat het zo'n gabbertent was geworden. Ik kende Michel de Hey en Paul Elstak wel, en ze draaiden mijn platen ook, maar als je je gezicht niet meer laat zien verwatert het contact uiteindelijk toch. Parkzicht bestaat niet meer, het is nu een fancy restaurant dat The Harbour Club heet, daar komen mensen met een jacht en er staan allemaal Porsche Cayennes voor de deur. Ik ben er wel eens geweest om iets te eten – het was wel grappig om te zien hoe het er nu uitziet terwijl ik heb meegemaakt wat er daarvoor allemaal gebeurde op die plek.

In 2016 zit Jeroen 25 jaar in het vak en dat wordt op 26 februari gevierd in de Melkweg. Tevens vindt daar de release van zijn jubileumbox SILVER plaats; deze kun je hier alvast bestellen.