Advertentie
oorlog

Het gevaarlijke leven van een vrouwelijke fixer in Irak

“Als mijn moeder vraagt wanneer ik ga trouwen, zeg ik: "Vind maar eens iemand die net zo sterk is als ik, dan beloof ik dat ik met hem zal trouwen.’”

door Rebecca Gibian
13 maart 2019, 2:10pm

Stella Martany loopt door de oude binnenstad van Mosul, in de buurt van de al-Nuri-moskee in november 2018. (Foto door Rebecca Gibian). Afbeelding via Stella Martany.

Als je op de hoogte wil blijven van onze beste stukken zonder je suf te scrollen, schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.

Stella Martany was pas 22 jaar toen ze voor het eerst naar Mosoel, een grote stad in het noorden van Irak, vertrok. Het was 2016, twee jaar nadat de stad werd bezet door IS. Het offensief dat de stad zou bevrijden was onderweg en Martany, een Irakees die in het nabijgelegen Erbil woont, had van een journalist de opdracht gekregen om hem naar het voormalige IS-bolwerk te brengen.

Het was de eerste keer dat Martany werkte als fixer – het beste en meest waardevolle hulpmiddel voor een oorlogsverslaggever. Een fixer is vaak een lokale journalist of medewerker van een non-profitorganisatie die door een verslaggever wordt ingehuurd om zijn of haar verhaal tot stand te laten komen. Zo treden fixers op als tolk, regelen ze vervoer en geven ze soms adviezen en begeleiding die van levensbelang kunnen zijn.

Om Mosoel binnen te komen, moesten Martany, de chauffeur die ze had ingehuurd en de journalist eerst een controlepost van Iraakse soldaten passeren. Een zelfmoordterrorist van IS had zichzelf hier zojuist nog opgeblazen, vlak voor de groep van Martany de post bereikte. Martany vertelt hoe een Iraakse soldaat de terrorist aan zag komen. Hij rende op hem af om hem tegen te houden, en offerde zijn eigen leven om te voorkomen dat er meer gewonden zouden vallen.

“Andere soldaten huilden. Bloed en lichaamsdelen lagen verspreid over de grond,” vertelt Martany me afgelopen november, terwijl we kebab eten in een restaurant in Erbil. “Ik herinner me nog hoe een van de soldaten naar een uiteengereten hand wees die op straat lag en tegen me zei: ‘Dat is de hand van mijn broer.’”

Het duurde niet lang voor het hele gebied onder vuur lag, gaat Martany verder. Drones van IS schoten granaten op de controlepost af, waarop de Iraakse soldaten terug begonnen te schieten.

“Ik heb vaak gezien hoe IS-strijders, gewonde soldaten en burgers om het leven kwamen. Maar die dag was de kans dat ik zelf gedood zou worden het grootst,” vertelt ze.

Twee jaar later lijkt Martany op het eerste gezicht een doorsnee jonge vrouw. Ze zit constant op haar telefoon, is ongelofelijk onhandig en heeft altijd zin in een potje bierpong. Desondanks heeft ze als een van de weinige vrouwelijke fixers in Erbil inmiddels de reputatie onverschrokken te zijn. Zelfs koelbloedige, vaak mannelijke buitenlandse correspondenten kijken tegen Martany op.

Een van de dingen die haar van de rest onderscheidt, is het feit dat ze gestopt is met het inhuren van chauffeurs. In plaats daarvan brengt ze journalisten nu zelf naar hun bestemming in een kleine, rode auto, terwijl ze sigaretten uit het raam rookt.

“Stella is een badass,” schrijft Louise Callaghan, een Sunday Times-correspondent die eerder met Martany in Irak heeft gewerkt, via Facebook Messenger. “Ze is ongekend goed in haar werk en ze blijft altijd kalm en objectief, wat er ook gebeurt. Ze krijgt in dit wereldje veel gezeik over zich heen omdat ze een vrouw is. Desondanks heeft ze doorgezet en al die idioten het tegendeel bewezen.”

In 2014 werd Mosoel bezet door IS. Het is de op twee na grootste stad van Irak en het grootste gebied dat ooit in handen is gevallen van de extremisten. Martany werkte destijds bij een non-profitorganisatie. Ze hielp toegang tot kampen regelen en deed psychosociaal werk met getraumatiseerde vrouwen. Nadat ze van vrienden hoorde wat het werk als fixer inhield, vermoedde ze dat ze daar best eens goed in kon zijn. Bovendien wilde ze graag naar Mosoel, een plek waar ze voor de oorlog nog nooit was geweest, om “te begrijpen wat er aan de hand was.”

In oktober 2016 begon het gevecht om Mosoel te bevrijden. Ondanks het gevaar ging Martany een paar maanden later als fixer aan de slag. De christelijke Martany, die destijds al vier talen sprak (Arabisch, Engels, Koerdisch en Assyrisch), bracht journalisten van en naar de stad en de frontlinie. Daar besefte ze al snel hoe gepassioneerd ze was over haar nieuwe werk.

“Wat ik en mijn collega’s gemeen hebben, is dat we allemaal dol zijn op ons werk,” vertelt ze. “We houden van wat we doen en we weten dat er verder niemand anders is die dit kan doen.”

In de twee jaar dat ze dit werk doet, kreeg ze veel sceptische opmerkingen naar haar hoofd geslingerd, simpelweg omdat ze een vrouw is in deze branche. Hoewel ze op den duur meer respect en connecties kreeg in Mosoel, Erbil en de omliggende gebieden, bleef de argwaan van anderen aanhouden. Ze is zelfs journalisten tegengekomen die schrikken van haar vastberadenheid. Martany vertelt me hoe ze eens door een verslaggever werd ingehuurd die uiteindelijk besloot dat ze zich niet veilig voelde bij een vrouwelijke fixer. De journalist huurde daarom een man in om haar naar Mosoel te brengen. Toen Martany de journalist later die dag tegenkwam in de oude stad, was ze zichtbaar geschokt om Martany daar te zien.

“Het is belachelijk,” zegt ze. “Mensen vragen me weleens waarom ik naar Mosoel ga. ‘Ik durf daar niet heen. Ik zou daar geen minuut kunnen zijn zonder gedood te worden,’ zeggen ze dan.”

Dat betekent echter niet dat iedereen aan haar twijfelt. Neem bijvoorbeeld Christian Stephen, een schrijver, journalist en filmmaker die me over Martany vertelde. “Een van de beste dingen aan Stella is dat ze zich staande weet te houden in de kleine fixer-gemeenschap in Irak, ondanks het feit dat het een behoorlijk masculien wereldje is. Hoewel haar geslacht geen invloed heeft op haar bekwaamheid of competentie, geeft het haar wel een bepaalde intuïtieve en meelevende kracht die voor ons van onschatbare waarde is.”

“Ze wordt in deze gemeenschap niet minder gerespecteerd dan mannen. En terecht,” voegt Stephen eraan toe.

Claire Thomas, een fotojournalist gevestigd in Erbil, vertelt me via Facebook Messenger dat ze “niet aarzelt” om Martany in te huren voor opdrachten. “Ik heb het volste vertrouwen in haar vermogen om journalisten niet alleen te helpen het verhaal te krijgen, maar ook om dit op een veilige, ontspannen en goed georganiseerde manier te doen," zegt ze.

Martany is geboren in Ankawa, een overwegend Assyrische buitenwijk van Erbil in de Koerdische regio van Irak, maar haar familie komt oorspronkelijk uit Shaqlawa. Ze heeft een goede band met haar gezin, en woont met haar ouders en zus in Erbil. Haar broer woont met zijn vrouw in Australië. De vader van Martany zat elf jaar lang in het leger, maar nu werkt hij samen met haar moeder in Koerdistan.

“Mijn vader wilde dat we zouden opgroeien tot sterke personen. Hij heeft zelf veel moeilijke tijden meegemaakt en was altijd bang dat wij dat niet aan zouden kunnen als het ook in onze tijd zou gebeuren,” vertelt Martany. “Mijn vader is trots op het werk dat ik doe. Als mijn moeder me vraagt wanneer ik ga trouwen, zeg ik tegen haar: ‘Vind maar iemand die net zo sterk is als ik, dan beloof ik dat ik met ze zal trouwen.’”

Martany heeft haar werkwijze enigszins veranderd sinds de spraakmakende moord op Tara Fares, een Irakees model en modeblogger die werd doodgeschoten in een straat in Bagdad. Ze vertelt me dat ze zich sindsdien niet langer veilig voelt, zelfs als ze niet aan het werk is, en liever niet ‘s avonds laat alleen naar huis rijdt.

Ik vraag haar of het gevaarlijke werk en de trauma’s die erbij komen kijken haar soms niet te veel wordt. Ze denkt even na voordat ze antwoordt dat al deze verhalen haar een andere kijk op haar eigen leven heeft gegeven.

“Ik ben enorm dankbaar voor alles wat ik heb. Dat gevoel heb ik telkens als ik naar Mosoel ga,” legt ze uit. “Ik voelde het toen ik er voor het eerst kwam, en ik voel het nog steeds als ik er ben. Ik beeld me in wat er allemaal is gebeurd en voel zoveel verdriet voor de mensen daar. Ik voel me schuldig, omdat ik weet dat ik niet iedereen kan helpen. Maar zodra ik weer in Erbil ben, denk ik: ‘O God, dankjewel, dankjewel dat je me zo’n goed leven hebt gegeven.’”

Martany kijkt me aan terwijl ze verder gaat: “Het heeft me zeker beïnvloed. Maar ik denk dat het me sterker heeft gemaakt, niet zwakker.”

Tagged:
journalistiek
fixer