FYI.

This story is over 5 years old.

Wetenschappers begrijpen humor nu iets beter

Grappig genoeg is humor een erg mysterieus begrip voor wetenschappers. Maar dankzij een nieuw onderzoek zijn een stukje verder bij een wetenschappelijk definitie van grappig.
2.12.15
Beeld via

Humor is een van die begrippen waar de wetenschap maar zijn vinger niet op kan leggen. Er zijn veel verschillende theorieën over wat humor is en beschrijven allemaal een bepaald onderdeel van het fenomeen humor. Maar geen enkele theorie omvat humor in zijn totaliteit. Er is simpelweg geen goede definitie van humor en daardoor is het lastig om er meer onderzoek naar te doen. Toch is een recent wetenschappelijk onderzoek erin geslaagd om wat dichter bij een definitie van een grap te komen.

Advertentie

De filosofie is in de loop van de geschiedenis sterk anders over humor gaan denken. In de oudheid concludeerden Plato en Aristoteles dat humor komt uit een gevoel van superioriteit. Volgens hen is iedere grap op een of andere manier altijd een belediging van een ander persoon of ding. Later namen Hobbes en Descartes dit idee over.

In de 18e eeuw werd deze theorie onderuitgehaald door twee tegenstrijdige ideeën over humor. Volgens de ene kant, waar Freud zich achter schaart, is humor gebaseerd op een gevoel van opluchting. Volgens Freud bouwt iedere grap eerst een spanning op, die vervolgens volledig ineenstort. Lachen is volgens Freud een manier waarop mensen die opluchting uiten.

Filosofen zoals Kant en Schopenhauer zijn het hier niet mee eens. Zij zeggen dat humor gebaseerd is op incongruentie, een dure term voor wanneer twee dingen die eigenlijk niet bij elkaar horen wel bij elkaar worden gezet. Volgens deze theorie vinden we dingen grappig wanneer onze verwachtingen worden verstoord. Bij grappen zie je vaak dat de context bepaalde verwachtingen creëert, maar dat er vervolgens iets gebeurt wat daar niet aan voldoet.

Die laatste theorie krijgt bijval van een recent wetenschappelijk onderzoek. Vier wiskundigen uit Duitsland en Canada hebben een experiment opgezet om de humortheorie van Schopenhauer te testen. Om hun experiment simpel te houden kozen zij ervoor om alleen te kijken naar niet bestaande woorden, die zij een computer automatisch hebben laten creëren. De onderzoekers geven toe dat grappen eindeloos complex kunnen zijn, maar om cijfermatig onderzoek mogelijk te maken moesten ze deze keuze maken.

Advertentie

De niet bestaande woorden die de wetenschappers voor het onderzoek gebruikten waren bijvoorbeeld quingel, groctsi en moutlem. In een online enquête vroegen ze aan 968 studenten van de University of Alberta om voor honderd van de in totaal 5928 niet bestaande woorden aan te geven hoe grappig ze die vonden, op een schaal van 1 tot 7. Een score van 1 staat voor "jezus, wat saai" en 7 voor "ik kom niet meer bij."

Dit zijn volgens het onderzoek de twintig grappigste woorden. Beeld: Westbury et al.

De wetenschappers concludeerden dat de grappigheid van de woorden kon worden voorspeld door naar de entropie van de woorden te kijken. In het kort staat entropie voor de mate van wanorde. Binnen dit onderzoek hebben de wetenschappers dit begrip gebruikt om te kunnen berekenen hoe weinig een niet bestaand woord lijkt op woorden die wel bestaan. Is de entropie van een woord hoog, dan lijkt het niet heel erg op woorden die we kennen. En zij kwamen erachter dat woorden met een lage entropie grappiger zijn, dan woorden met een hoge entropie. Dus, mensen vinden non-woorden die veel lijken op echte woorden grappiger dan woorden die helemaal niet lijken op woorden die we kennen. Bloepsies zou dus grappiger moeten zijn dan aebnaagnnn.

Volgens de wetenschappers bevestigt dit Schopenhauers theorie over humor. Want, voordat een grap de verwachtingen van de moppenconsument kan verstoren, moet er een herkenbaar element in zitten. Als dat niet zo is, dan schept het helemaal geen verwachtingen bij degene die jouw grap aanhoort. En als gevolg sta je te staren naar een ongemakkelijk stille gesprekspartner.

En dit de minst grappige.

De wetenschappers denken dat hun onderzoek goed gebruikt kan worden door bedrijven die hun producten van grappige namen willen voorzien. En iedereen is het waarschijnlijk met de onderzoekers eens dat productnamen soms echt volledig de plank misslaan. Denk bijvoorbeeld aan alle hippe winkels en cafe's met domme woordspelingen in hun naam. Enfin, wie weet heeft in de toekomst alles in de supermarkt dankzij dit onderzoek een belachelijk hilarische naam. Thanks, wetenschap.