racisme

Wat ik leerde over racisme als de enige Chinees op een ‘Chinees’ festival in Duitsland

Ieder jaar hullen 20.000 Duitsers zich in kimono’s en eyeliner om massaal “Ni hao” naar elkaar te schreeuwen op een ‘Chinees’ festival in de Beierse stad Dietfurt.

door Marvin Xin Ku
31 maart 2019, 7:00am

Alle foto's door: Alexander Freundorfer

Als je op de hoogte wil blijven van onze beste stukken zonder je suf te scrollen, schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.

Werkelijk alles om me heen is Chinees. De plaatselijke slagerij is omgedoopt tot "China-Metzgerei" [Chinese slagerij] en de bakkerij verkoopt verse "Chinese donuts en pretzels.” Mensen drinken licht bier, zitten op donker eikenhouten meubilair en overal hangen rode, Chinese lantaarns. De woorden “Ni hao!” worden naar believen in het rond geschreeuwd.

Ondanks dit alles ben ik de enige echte Chinese persoon in de nabije omgeving.

1551787407667-unbenannt-89239
"De mensen uit Dietfurt genieten van een drankje, gekleed in “traditionele Aziatische klederdracht.”

Dit bizarre spektakel speelt zich af in Dietfurt, een kleine stad aan de rivier de Altmühl, in het zuidoosten van Duitsland. Elke donderdag vóór Aswoensdag wordt de stad omgevormd tot “Beiers China.” De inwoners verkleden zich als “Chinezen,” dragen “traditionele klederdracht” en smeren gele make-up op hun gezicht – ook wel bekend als ‘yellowface’. Dit jaarlijkse festival is niet zomaar iets wat onopgemerkt voorbijgaat – zo’n 20.000 mensen reizen ieder jaar opnieuw af naar Dietfurt om hieraan deel te nemen.

Ik groeide op in Noord-Duitsland, als kind van twee Chinese immigranten. Nog voordat ik wist wat racisme überhaupt was, werd ik er op de kleuterschool al aan blootgesteld. Ik besloot daarom niet alleen een bezoekje aan Dietfurt te brengen om deze bizarre traditie te begrijpen, maar ook om meer te weten te komen over de mensen erachter. Wat zet de inwoners van Dietfurt ertoe om dit schijnbaar racistische feest jaar in jaar uit te vieren? En is ‘traditie’ ooit een goed genoeg excuus om zoiets in stand te houden?

Het is 01.00 uur in de nacht voorafgaand aan het carnaval. Dertig plaatselijke bewoners – uitgedost in bontjassen, rode pruiken en kleurrijke schmink – hebben zich verzameld in een Chinees restaurant aan de rand van de stad. Hun luide, feestelijke gezang is al van buitenaf te horen. Dit is de traditionele wekdienst. Vanaf hier zal de groep clowns zich luidruchtig een weg banen door de stad, om iedereen wakker te maken en het carnaval officieel in te luiden.

Een van deze clowns is Franz. De in Dietfurt geboren en getogen Franz heeft een sterk lokaal accent, getatoeëerde armen en draagt een flitsende metalen ketting om zijn nek. Om zijn lichaam hangt een gele badjas met geborduurde bloemen, en op zijn hoofd staat een pruik die nog het meest lijkt op een gigantische suikerspin. In zijn baard zitten twee vlechtjes met kleurrijke kraaltjes. Franz is 56 jaar oud en heeft de laatste 38 jaar van zijn leven deelgenomen aan de wekdienst van het carnaval.

“In het verleden hebben we soms wel meer dan 24 kilometer per dag afgelegd,” vertelt hij me, waarna hij eraan toevoegt dat zijn mede-clowns en hij hun rollen heel serieus nemen. Ze beloven plechtig dat niets hen ervan zal weerhouden hun taken uit te voeren: “Zelfs niet als we worden geteisterd door ijs of 15 centimeter sneeuw.”

1551787446274-unbenannt-89223
Franz.

In plaats van racistische grappen, delen ze vandaag zoetzure soep met roggebrood uit. Franz wenkt de Chinese chef-kok, Yuen, en bestelt nog een kop voor me. “Wil je nog wat brood, jongen?” vraagt hij me. Ik zit pas minder dan een half uur met Franz aan tafel, maar heb nu al het gevoel dat ik hier helemaal op mijn plek ben.

Om 02:00 uur gaan we op pad om de lokale beroemdheden – de burgemeester, de tandarts en het organisatiecomité van het carnaval – wakker te maken. Sommige clowns spelen op trompetten en trombones, twee andere mannen duwen een gigantisch antiek kanon voor zich uit. “Als deze afgaat, staan alle ogen uit het naburige dorp op ons gericht,” zegt Franz, terwijl we samen verder marcheren richting het stadscentrum.

Dietfurt heeft 6.000 inwoners, maar ziet er veel kleiner uit. Er zijn meer slagers dan supermarkten, en meer herbergen dan kebabwinkels. De enige hoofdstraat wordt Hauptstraße (‘Hoofdstraat’) genoemd en een andere straat is vernoemd naar het treinstation van de stad (ook al is er helemaal geen treinstation meer). Geen treinen dus, maar wel een bus die vijf keer per dag rijdt. De bewoners vertellen me dan ook vol enthousiasme dat het makkelijker is om Dietfurt uit te komen, dan erin.

Maar hoe is dit festival hier dan in hemelsnaam beland?

1551787467201-unbenannt-89195

De legende luidt dat de bisschop van het nabijgelegen stadje Eichstätt zijn penningmeester lang, lang geleden eens naar Dietfurt stuurde om belastingen te innen. Toen de inwoners van Dietfurt dit hoorden, barricadeerden ze de stadspoorten zodat de penningmeester niet binnen kon komen. Woedend stampte hij terug richting de bisschop, tegen wie hij klaagde dat de Dietfurters zich achter hun muren verborgen hielden “als een stel Chinezen.” Wanneer en of dit echt gebeurd zou zijn, is alleen niet helemaal duidelijk.

Hoe dan ook heeft Dietfurt er sindsdien voor gekozen om zich met de Chinese cultuur te identificeren. In 1928 verkleedde het stadsorkest van Dietfurt zich als eerst, met zestien mannen en vrouwen gehuld in rijstmutsen, Chinese vlechten en gewaden. In 1954 koos Dietfurt haar eerste keizer.

Vijfenzestig jaar later staart Manfred Koller in zijn badkamerspiegel en brengt hij voorzichtig zijn eyeliner aan. De 51-jarige metselaar leunt over de gootsteen, met in zijn hand een klein potje gouden glitters. Naast de wasbak staat een potje kohl en een eyelinerkwastje. Over een paar uur verandert Koller namelijk in “Keizer Fu-Gao-Di.”

1551787485019-unbenannt-89263
Koller maakt zichzelf op.

Ik vraag hem wat hij aan het doen is. “Ik probeer mijn ogen eruit te laten zien als spleetjes,” zegt hij. Aha.

Als hij het al ongemakkelijk vindt om spleetogen op zichzelf te tekenen terwijl ik vlak naast hem sta, weet hij dat behoorlijk goed te verbergen. “Heb je er ooit weleens bij stilgestaan dat je hier misschien mensen mee beledigt?” vraag ik hem. “Nee, absoluut niet. Het is gewoon een manier om de contouren van het gezicht te benadrukken. Zo erg is het dus niet,” antwoordt hij.

De keizer likt aan een wattenstaafje en vult de rest van zijn gezichtshaar – dat al de vorm heeft van een Fu Manchu-baard – in met zwarte make-up. Hij vindt dit “een nogal lastig” gespreksonderwerp. Zijn bedoelingen zijn niet kwaadaardig, legt hij uit. Integendeel zelfs. “We vinden de Chinese cultuur enorm interessant,” zegt hij. “Er is nog nooit een echte Chinees geweest die er een probleem mee had.”

1551787501674-unbenannt-89274
De keizer is er klaar voor.

De keizer vertelt me dat hij oprecht moeite doet om de Chinese cultuur eer aan te doen, doordat hij zijn kostuums uit China laat importeren. Wanneer hij, om welke reden dan ook, niet in staat is om dat te doen, draagt hij op maat gemaakte replica’s.

In zijn “carnavalshoekje” – een soort Chinees altaartje – staat een stenen standbeeld van Guan Yu, met daaromheen drie samoeraizwaarden. Guan Yu was een oude generaal die tegenwoordig wordt gezien als een symbool van kracht. In eerste instantie beweert de keizer dat het beeld en de zwaarden "een geschenk uit China" waren. Pas later geeft hij toe dat ze niet echt uit China komen, “maar ze zien er wel degelijk zo uit.”

De keizer vertelt dat hij het belangrijk vond om een “authentieke” naam voor zichzelf uit te kiezen. Een Chinese vriend hielp Manfred zoeken, en kwam zo bij de naam Fu-Gao-Di terecht. “Dat is helemaal top, dacht ik toen. Dat kan ik in ieder geval uitspreken!” lacht de keizer.

1551787526395-unbenannt-89332
De schoolkinderen van Dietfurt treden op in een gymzaal.

Twee uur later wordt de naam luid door een gymzaal gebruld. "Fu-Gao-Di! Fu-Gao-Di!" De gymzaal staat vol met clowns, de Hulk en ook een prinses Elsa.

“Ik groet jullie, mijn nageslacht!” brult de keizer in een microfoon. "Fu-Gao-Di! Fu-Gao-Di!" schreeuwen de kinderen extatisch, terwijl ze met hun voeten op de vloer stampen. Naast de ingang staan twee Chinese cameraploegen die iedere seconde van dit tafereel vastleggen.

1551788208916-unbenannt-89298

Het is inmiddels elf uur ’s morgens en een journalist van een lokaal Beiers televisiestation stormt op iedereen af die er ook maar een beetje Aziatisch uitziet, om ze te vragen wat zij van dit hele gebeuren vinden.

Vervolgens is het tijd voor een ochtendpilsje. De Scheippl-kroeg is afgeladen, en ruikt naar bier en verse pretzels. Ik wurm mezelf aan de tafel van de keizer en groet hem met een hartelijk “Ni hao.” Hij draagt een gouden gewaad en een langwerpig hoedje met parels, waardoor hij eruitziet als een Beierse versie van de keizer in Mulan. Hij bestelt witte worst met mosterd, wat we delen met een man die is verkleed als boeddhistische monnik.

1551787573220-unbenannt-89488
Braadworst eten met de keizer.

Dit voelt niet echt goed, maar het voelt ook niet helemaal verkeerd. Oké, de straten staan vol met bezoekers die racistische make-up dragen en als Chinese karikaturen verkleed zijn. En ja, dit hele gebeuren slaat natuurlijk nergens op, net zoals de rechtvaardiging dat ze het allemaal hartstikke goed bedoelen. Maar tegelijkertijd zijn er ook mensen in Dietfurt die wel proberen hun best te doen. Zoals Pia, die bij het toeristenbureau werkt en echte Chinese sprekers laat deelnemen aan het festival. Of Horst, die een changshan draagt, een traditionele herentuniek die hij in 1996 in Beijing kocht. En Max, die wel 110 uur aan de drakenkroon van de keizer heeft gewerkt.

Dietfurt heeft een cultureel partnerschap met de stad Nanjing, die elke zomer een Beiers-Chinees vriendschapsfestival organiseert. En de Chinese consul-generaal wordt elk jaar uitgenodigd op het carnaval van Dietfurt. Natuurlijk is dit geen excuus om yellowface te dragen, maar ergens diep van binnen lijkt er in sommige delen van Dietfurt een oprechte waardering voor de Chinese cultuur te bestaan.

Rond het middaguur zijn de inwoners van Dietfurt niet meer te stoppen. Naast me staat een groepje Chinezen uit München, die vol verbazing foto’s nemen. “Hoe kan een hele stad zoveel van Chinese mensen houden?” vraagt een van hen aan mij.

Tegen de tijd dat de parade begint, is het zo druk op straat dat je je amper nog kunt bewegen. Al snel wordt mijn hoofd bekogeld met snoepjes, die vanaf de praalwagens naar de menigte worden gegooid. Het doet me niets – ik ga te erg in het spektakel op om me nog ergens druk over te kunnen maken. "FU-GAO-DI!" schreeuw ik nu ook. De keizer komt eraan.

Hij klimt van zijn drakenwagen, baant zich een weg naar zijn troon en begint voor te lezen uit een gouden boek. Hij vertelt de menigte over de eeuwenoude vriendschap tussen China en Duitsland. Heel Dietfurt is extatisch.

1551787595314-unbenannt-89544

De volgende dag herstelt de stad van een collectieve kater. De straten zijn bezaaid met noedels en gebroken glazen flessen. Ik loop een slagerij binnen, waar ik zes dronken mannen tegen het lijf loop die nog steeds feest aan het vieren zijn.

“Konnichiwaaa!" schreeuwt de een.

“Mijn god! Een echte Chinees, wat doet hij hier?” voegt een ander toe.

"Weet je, Chinees zijn is niet echt een goed kostuum," zegt de derde.

Helaas maken zulke opmerkingen me inmiddels niet meer boos. Ik ben eraan gewend – en dat is ook precies het probleem. Als je er anders uitziet dan de rest, zal racisme voor altijd een deel van je leven blijven. De vraag is alleen hoe je er zelf mee omgaat.

1551787638485-unbenannt-89811
20.000 mensen kwamen de keizer begroeten.
1551787687241-unbenannt-89763

Voor mij betekent racisme dat mensen op basis van hun afkomst of huidskleur niet worden geaccepteerd. Of wanneer mensen denken dat een “Chinees kostuum” bestaat uit een kimono en eetstokjes, “omdat het toch allemaal Aziatisch is.” Maar is het even beledigend als een hele stad hun kijk op de Chinese cultuur viert? Als zij zichzelf Chinees noemen, een Chinees monument hebben en regelmatig gasten uit China ontvangen?

Dietfurt heeft me geleerd dat intentie en waardering hier beiden een onmiskenbare rol in spelen. Naar mijn idee is er een groot verschil tussen mensen die yellowface dragen of een slecht kostuum aantrekken, en degenen die oprecht geïnteresseerd zijn in de Chinese cultuur. De qipao en changshan zijn traditionele Chinese kledingstukken die in het moderne China niet veel meer worden gedragen. Is dat culturele toe-eigening? Misschien. Maar het is ook enigszins ontroerend om te zien dat sommige mensen in Dietfurt meer bezig zijn met 'mijn cultuur' dan ikzelf.

Ja, een groot deel van het Chinese carnaval in Dietfurt is racistisch, maar dat slaat lang niet op iedereen die eraan deelneemt. Ik werd met open armen ontvangen tijdens de festiviteiten – zowel als Chinees, als mens in het algemeen. De racistische opmerkingen die ik hoorde, kwamen niet per se van de mensen die zich verkleedden in ongemakkelijke culturele clichés. In plaats daarvan kwamen ze van de mensen (vaak bezoekers van buiten de stad) die geen onderscheid konden of wilden maken tussen wat zogenaamd Chinees en wat echt Chinees is.

1551787711132-unbenannt-80007
De auteur in zijn natuurlijk habitat.