We juichen voor de Oranje Leeuwinnen maar de Eredivisie is nog om te huilen

Zolang de KNVB, clubs en sponsoren de Eredivisie niet volpompen met geld, blijft vrouwenvoetbal onvolwassen.

|
11 juni 2019, 12:29pm

Het WK is begonnen! Lees, kijk en beluister hier de komende weken alles wat we maken over de Leeuwinnen en andere vrouwen die voetballen. In onze podcast Oranje Leeuwinnen de Podcast bespreken we alle wedstrijden na met vrouwen uit de voetbalwereld.


De Oranje Leeuwinnen spelen vandaag hun eerste poulewedstrijd op het WK in Frankrijk, tegen Nieuw-Zeeland. Door de EK-winst van 2017 staan de voetballende vrouwen behoorlijk op de kaart, al hebben nog heel veel Nederlanders geen idee waar je het over hebt als je ze vraagt of ze al een beetje klaar zijn voor het WK.

Vrouwenvoetbal wordt steeds populairder, vooral onder jonge meisjes, maar wat geld, spel en erkenning betreft blijft het in Nederland vaak nog steken op amateurniveau. Professionele en betaalde contracten hebben maar weinig spelers, en in de Eredivisie deden afgelopen seizoen maar negen clubs mee. En het gebrek aan erkenning was goed te zien toen Ajax vorige maand op het Museumplein werd gehuldigd.

Het vrouwenteam mocht ook even het podium op, want ze hadden een paar dagen daarvoor de beker gewonnen. Dat was voor de derde keer op rij, en voor menig eredivisieclub is dat reden tot groot feest. Gelukkig voor de voetballende vrouwen stond er al een huldiging gepland voor de mannen, anders was de erkenning van deze prestatie waarschijnlijk niet veel meer geweest dan een bosje bloemen direct na de gewonnen finale.

Je denkt nu misschien: zure vrouw die dit zegt, maar toen de Ajax-vrouwen in 2017 en in 2018 de landstitel wonnen, vonden de gemeente en de KNVB dat verder geen reden voor een publieke huldiging. De club dacht zelf dacht ook dat er “weinig animo” zou zijn, maar gaf haar vrouwen in 2017 wel een rondvaart cadeau om de dubbel te vieren. Alleen was daar verder geen Amsterdammer van op de hoogte.

Bij het podium op het Museumplein was het vorige maand natuurlijk een stuk drukker. De mannen van Ajax werden er ontzettend terecht gehuldigd voor hun fenomenale seizoen, en meer dan 100.000 mensen schreeuwden en zongen de spelers toe. Elke speler werd met naam en toenaam aangekondigd en toegejuicht, en ze mochten allemaal omstebeurt naar voren met de schaal en/of de beker voor een persoonlijk applaus. In totaal stonden ze een klein uur op het podium.

De Ajax-vrouwen stonden er zes minuten, en de enige die naar voren werd geroepen was aanvoerder Loïs Schenkel. De presentator van die middag, Wim Bohnen, had alleen geen idee wie ze was en las haar naam op van een spiekbriefje. “Zo jongens! Of zo meiden,” begon hij zijn toespraak. “Wie van jullie is…. Loïs, waar staat Loïs? Loïs kom naar voren!” Na een praatje van precies elf seconden vertelde de presentator dat de vrouwen vanaf hun plekje op het podium konden gaan genieten van een fantastisch lied van een zanger van tien jaar oud, van wie hij de naam maar al te goed wist. En toen was het feestje van de vrouwen wel weer klaar.

Natuurlijk heeft Silver een stem om nooit te vergeten, en natuurlijk lijken al die blonde paardenstaarten van de Ajax-vrouwen ontzettend op elkaar. Maar je zou als presentator best even van tevoren kunnen googelen welk hoofd hoort bij de naam Loïs – kleine moeite, veel erkenning.

Zo goed als de namen van mannelijke voetballers jarenlang worden onthouden door supporters – in het brein gebeiteld door een overvloed aan aandacht in vorm van praatprogramma’s op televisie, supermarkt-plakplaatjes, liedjes en miljoenen compilatiefilmpjes op YouTube – zo slecht kennen we de namen van vrouwelijke voetballers. Precies door een groot gebrek aan al het bovengenoemde.

Toevallig publiceerde het nationale vrouwenteam van Duitsland twee dagen voor de huldiging op het Museumplein een filmpje dat viral ging, waarin de spelers het ook hebben over die namenkwestie. De vrouwen vertellen met hun handen in hun zij dat niemand weet hoe ze heten, en dat niemand weet dat ze al acht keer Europees Kampioen zijn geweest. Ook vertellen ze dat ze bij de eerste keer, in 1989, een servies cadeau kregen.

In Duitsland krijgen de vrouwen dus ook nog weinig erkenning, vinden de spelers zelf. Wel gaat het daar beter met de professionalisering van vrouwenvoetbal dan in Nederland, want ‘onze’ beste vrouwelijke voetballers verdwenen de afgelopen jaren allemaal naar het buitenland. Vooral naar Spanje, Frankrijk, Engeland en Duitsland dus. Het gaat daar een stuk beter met de nationale competitie, en dat komt bijvoorbeeld doordat spelers daar wel een goed salaris krijgen.

Om hoeveel – of vooral hoe weinig – geld het precies gaat, blijft lastig om te achterhalen. Het salaris van sterspeler Lieke Martens bij Barcelona is wel bekend (200.000 euro per jaar), maar van de meeste spelers in Nederland niet. In 2017 schreef NOS dat vrouwen die voetballen in de Nederlandse Eredivisie vaak niets meer krijgen dan een onkostenvergoeding. De vrouwelijke spelers in Nederland die wel een salaris krijgen, kunnen volgens de NOS tussen de 700 en 2300 euro per maand op hun bankrekening bijschrijven. Niet gek dus dat spelers naar buitenlandse clubs vertrekken, waar ze een salaris verdienen waar ze in ieder geval van rond kunnen komen.

Vorige week kondigde de KNVB aan dat ze de ‘commerciële vergoedingen’ voor Oranjevrouwen in de komende vier jaar gelijk willen trekken met die voor de mannen, maar in de Eredivisie zijn de salarisverschillen nog altijd enorm. “Het gaat eigenlijk alleen maar over geld,” vertelt Annemarie Postma, journalist en schrijver van Samen Sterk, een boek over vrouwenvoetbal dat eerder dit jaar is uitgekomen (Atlas, mei 2019).

Het gebrek aan investeringen is volgens Postma een belangrijke reden dat het niveau van de Eredivisie achterblijft bij dat van het buitenland, en ook dat is voor spelers een reden om te vertrekken. De competitie van het vrouwenvoetbal bestond het afgelopen seizoen uit negen teams, maar vorige maand werd het voortbestaan van twee van die teams, SC Heerenveen en Achilles ‘29, onzeker door een gebrek aan geld. De Friezen kunnen nu met een lening van 150.000 euro van de gemeente toch blijven bestaan, maar Achilles stopt volgend seizoen definitief met het vrouwenteam.

“Als speler van het Ajax-vrouwenteam kan je terecht zeggen dat je aan topsport doet,” vertelt Postma. “Maar als je bij een club zit als Heerenveen en je moet opdraven voor alleen een reiskostenvergoeding, dan heb je sowieso een te groot verschil. De vrouwen van Ajax, Twente en PSV speelden dit seizoen tegen teams die te veel onder hun niveau zitten, zoals Achilles en Excelsior. Daar worden zij niet beter van, en dan krijg je dat niveauverschil met het buitenland.”

Postma denkt dat geld in ieder geval een deel van de oplossing is: “Clubs moeten zeggen: wij omarmen het vrouwenvoetbal en gaan erin investeren. Én de KNVB moet meer gaan helpen, én er moeten sponsors opstaan. In Engeland is Barclays bijvoorbeeld ingestapt als grote sponsor van de Premier League voor vrouwen, en dat scheelt enorm.” Het probleem is alleen dat iedereen naar elkaar blijft wijzen, gaat Postma verder: “Het is een cirkel die doorbroken moet worden, maar dat gebeurt nu niet. De KNVB, sponsors, clubs en publiek moeten elkaar allemaal gaan aansteken. Is er meer publiek, dan wil een club ook meer investeren – komt er een sponsor, dan heb je meteen meer geld en dus meer kwaliteit en meer publiek.”

Oranje Leeuwin Daniëlle van de Donk vertelde twee jaar terug aan Trouw dat ze bij haar nieuwe club Arsenal niet alleen een redelijk salaris kreeg, maar ook dat ze zich gelijk onderdeel voelde van de club – iets wat ze niet had in de jaren dat ze voor PSV/FC Eindhoven voetbalde. “Ik heb nooit gevoeld dat de vrouwen echt omarmd werden.”

Nadat de Leeuwinnen het EK wonnen in 2017, lijkt er wel wat veranderd wat betreft erkenning en salarissen. De commerciële vergoedingen dus bijvoorbeeld, en daarnaast springen merken als Albert Heijn en Heineken gretig in op het WK, worden er liedjes voor de Leeuwinnen gemaakt, maakt Fox Sports specials in Frankrijk en maakten Volkskrant Magazine en Hard Gras samen een themanummer over vrouwenvoetbal.

Maar het WK is over een maandje afgelopen, en daarna begint de Eredivisie weer. Zonder Achilles en met een noodlijdend Heerenveen, en een boel vrouwelijke spelers die door een gebrek aan geld gewoon nog moeten werken naast hun trainingen en wedstrijden. Dat levert natuurlijk een stuk minder aantrekkelijke wedstrijden op om naar te kijken dan een fonkelend WK-toernooi.

Postma is blij met alle aandacht die er nu is voor de Leeuwinnen, maar wil nog niet zeggen dat het definitief ‘op de kaart’ staat. “Het vrouwenvoetbal is nog zo kwetsbaar – als de Leeuwinnen gelijk verliezen en de groepsfase niet doorkomen, zullen heel veel mensen alsnog afhaken. Maar sinds het EK is er wel een basis van fans, die verdwijnen niet zomaar.”

Mensen die niet afhaken zijn dus de jonge jongens en vooral meisjes die fan zijn van voetballende vrouwen. Zij groeien op in een wereld waarin het in ieder geval een optie is om op voetbal te gaan, waarin steeds meer clubs ook meisjes- en vrouwenteams hebben, en waarin ze posters van Lieke Martens, Vivianne Miedema, Daniëlle van de Donk, Jackie Groenen en Shanice van de Sanden boven hun bed kunnen hangen – voetballers van wie ze de namen niet meer zullen vergeten.