Drugs

Ik sprak de Belgische politiecommissaris die tegen het verbod op drugs strijdt

De broer van Peter Muyshondt overleed tien jaar geleden aan een overdosis. Nu is Peter een fervent actievoerder tegen de war on drugs.
30.12.16
Alle foto's met dank aan de geïnterviewde

Tom, de broer van Peter Muyshondt, overleed tien jaar geleden. Tom was 28, drugsverslaafd, en werd gevonden met een naald in zijn arm.

Nu is Peter een fervent actievoerder tegen de 'war on drugs'. Over Tom schreef hij het boek Broers waren we. Ook voert hij onophoudelijk campagne voor verandering in de manier waarop de wereld het drugsbeleid vormgeeft. Hij is actievoerder van de campagne Anyone's Child — een wereldwijd netwerk van gezinnen die leden hebben verloren aan drugs — en is voorbij zijn verdriet gestapt om te strijden tegen stringent anti-drugsbeleid. En o ja, hij is een politiecommissaris in België.

Advertentie

Om maar te zeggen: Het is een man met zware verantwoordelijkheden en een baan die menig mens slapeloze nachten zou bezorgen. Ondanks die positie knokt hij hard tegen het verbodsbeleid. Zo is hij bijvoorbeeld bezig aan een nieuw boek, over hoe de regulering van drugs beter kan worden geregeld.

Ik Skypete met Peter om te praten over zijn broer, zijn boeken, en de balans tussen zijn werk en zijn principes. Hij was verkouden en droeg een afgrijselijke muts die hij in Marokko had gekocht, wat niet verhinderde dat het een inspirerend gesprek was. Peter is een van die zeldzame mensen in de wereld die je naar jezelf laat kijken, en je aan het denken zet over hoe je een beter mens kan zijn. Hier volgt een klein deel van zijn verhaal.

Hey Peter, kan je iets over je baan vertellen?
Ik ben een plaatsvervangend hoofd van de politie in Voorkempen. Hiervoor zat ik in het commando in Antwerpen, wat met 2700 agenten de grootste politie-eenheid in België is.

Was je altijd al tegen het volledig verbieden van drugs?
Na Toms overlijden was ik er min of meer van overtuigd dat drugs de duivel was. In de tien jaar na zijn dood is mijn mening hierover compleet veranderd, voornamelijk omdat ik nu beter geïnformeerd ben. Wel was ik altijd al geïnteresseerd in linkse actiebewegingen, en punk als activisme. Het intrigeerde me, hoewel ik — gekleed in pak en studerend aan de militaire universiteit — nogal ver van de punkbeweging af stond.

Advertentie

Heb je altijd geweten dat Tom drugsverslaafd was?
In het begin waren we niet altijd op de hoogte van wat hij aan het doen was. Je denkt altijd van: verslavingen komen alleen voor in andere gezinnen. We wisten dat hij zo nu en dan blowde, maar toen ik zijn naalden vond bleek hij al een paar jaar te gebruiken.

Hoe voelde je je als politieagent toen je erachter kwam dat hij drugs gebruikte?
Toen hij ermee begon, zat ik nog op de opleiding. Ik werd daar echt woedend van. Ik dacht dat dit soort gedrag mij in de problemen zou kunnen brengen.

Waar woonde hij toen?
Hij woonde bij mijn ouders thuis, maar werd toen uit huis gegooid. Hij stal veel geld, en werd vaak agressief. We konden niet meer met hem samenwonen. Daardoor werd hij dakloos, en daarna is hij nog uit een paar appartementen gezet. Het was een typisch verhaal: een keurige jongen, begon met een jointje toen hij veertien was, en eindigde veertien jaar later met een naald in zijn arm. Hij gebruikte van alles. Hij stierf met heroïne, cocaïne, alcohol en medicatie in zijn bloed. Hij was eigenlijk het perfecte voorbeeld voor voorstanders van het drugsverbod — voor de mensen die willen zeggen: 'dit is wat er gebeurt als je zoon of dochter drugs gebruikt, het maakt ze van kant.'

Hoe staan je ouders tegenover drugs, en jouw huidige rol als woordvoerder van de pro-reguleringsbeweging?
Mijn vader is erg anti-drugs, maar hij steunt alles wat ik doe. Hij werd erg emotioneel toen ik mijn eerste boek had geschreven [Broers waren we], dat over twee broers ging. Ik denk dat de invalshoek van het boek interessant is: welk van de twee hoofdpersonages [Peter en Tom] verdient de sympathie van de lezer? Veel mensen zouden zeggen dat ze zich meer kunnen inleven met Peter omdat hij de slechte keuzes van Tom niet maakt — de keuzes die hij uiteindelijk met de dood moet bekopen. Maar ik hoop dat we erin zijn geslaagd sommige mensen te laten denken: 'die Tom was eigenlijk helemaal niet zo'n slechte gast.'

Advertentie

Op welke manier botst jouw rol binnen de pro-reguleringsbeweging met je baan als hooggeplaatste politieagent?
Ik denk dat ik altijd een voorbeeldige agent ben geweest, maar mensen zien me ook als een broer, en ik spreek met hen als een broer. Mensen verwachten van me dat ik zal zeggen dat drugs slecht zijn, vooral omdat ik een agent ben. Toevallig ben ik ook leidinggevende politieman, maar ik spreek me vooral uit als een broer omdat niemand me op die manier kan tegenspreken.

Ik denk niet dat ik kan worden ontslagen omdat ik mijn mening uitdruk; we hebben een code van ethiek en ik heb het recht mijn mening te uiten. De opbrengst van het boek gaat trouwens naar Transform, een Brits-Mexicaanse ngo die al jaren pleit voor een ander drugsbeleid. Ik wil zelf geen cent verdienen aan de dood van mijn broer. Maar ik denk niet dat ik dit los kan laten — ik denk niet dat ik mijn werk bij de politie zou kunnen hervatten en dan zwijgen. Dat is geen optie.

Is het je doel anderen te inspireren? Hoe spreek je ze concreet toe?
Als ik evenementen bezoek komen veel mensen naar me toe om te zeggen: 'In mijn familie heb ik ook problemen gehad zoals jij, met verslavingen.' En zodra ze mijn verhaal hebben gehoord, vinden ze het makkelijker voor hun problemen uit te komen. Ik ken veel mensen die soortgelijke problemen hebben gehad, maar door het politieke stigma waren ze bang zich uit te spreken.

Zie je dit werk nu als je levensmissie?
Ha, nou, dat is ietwat zwaar uitgedrukt. Maar als ik om mij heen kijk en dit netwerk en al deze activisten zo bezig zie voor goede doelen als Transform en Anyone's Child… Dat geeft me een heleboel energie.

Denk je dat een deel van je motivatie — waarmee je deze boeken schrijft en je strijd tegen het verbod op drugs voortzet — voortkomt uit de hoop dat je broer niet voor niets is gestorven?
In het begin was ik erg tegen de therapeutische aanpak. Mensen zeiden tegen me: 'Het schrijven van een boek is vast een goede manier van therapie'. Dat maakte me boos, het irriteerde me. Tom was al acht jaar dood toen ik het boek schreef; ik dacht dat ik er overheen was. Ik was er zeker van dat het niks met therapie te maken had. Maar nu weet ik dat niet zo zeker meer. Hij geeft me veel energie. Misschien wil ik hem wel weer op een bepaalde manier tot leven wekken. Ik weet dat als hij hier zou zijn hij keihard zou lachen omdat ik altijd een heel gemotiveerde politieagent was. Ik was een goeie jongen, en hij de slechterik; hier hadden we altijd veel lol om. Hij was een crimineel, en ik een agent. Als hij me nu bezig zou zien zou hij zeggen dat ik helemaal gek geworden was. Maar dat geeft me juist kracht.