FYI.

This story is over 5 years old.

Op deze kaart kun je zien hoe het internet van A naar B gaat

Binnen 25 jaar heeft de mensheid 85 miljard kilo aan kabels op de bodem van de oceaan gelegd om bijvoorbeeld flitshandel mogelijk te maken.
15.7.14

Bij het internet denk je misschien aan de cloud, wifi-verbindingen en andere onzichtbare technologieën die je in staat stellen om op het web te surfen. Maar er is een grote, fysieke constructie voor nodig om het internet 'in de lucht' te houden in de vorm van datacenters (die als W.C.'s klinken) en ontzettend dikke kabels die over de bodem van de zeven zeeën lopen.

Het internet is nog relatief jong en zoals je in het GIFje hieronder kan zien is er binnen 25 jaar veel veranderd: een verschil van 195 kilometer kabels die in 1989 op de bodem van de zeeën rond het Verenigd Koninkrijk lagen tegenover de meer dan 8.5 miljoen kilometer kabels die nu de aardbol lijken te omarmen. De verwachting is dat er in 2017 bijna 9 miljoen kilometer aan kabels over de bodem van de oceanen zullen liggen.

http://www.washingtonpost.com/blogs/the-switch/files/2014/07/Map-GIF.gif.gif

Op de kaart kun je individuele landen, kabels en jaartallen selecteren om precies te zien hoeveel er binnen een bepaald jaar is gebouwd, van wie de kabels zijn en welke kabels er naar bepaalde landen toelopen. Nederland was één van de eerste landen op het Europese continent dat in verbinding kwam te staan met onze Atlantische overburen in Noord-Amerika. De Atlantic Crossing 1, of de AC-1, verbond vanaf 1998 en 1999 het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, en Beverwijk met New York.

De keuze voor die landen is uiteraard niet willekeurig, en was bedoeld om een aantal van de grootste economieën van het westelijk halfrond met elkaar te verbinden. In  1998 en 1999 stond de VS namelijk op één in de wereldranglijst, Duitsland op drie, het VK op vier en Nederland op een respectabele vijftiende plaats.

Advertentie

De dataverbinding die door de bekabeling werd gefaciliteerd was niet alleen bedoeld om je familie in de Verenigde Staten te kunnen faxen. Vooral bedrijven en de beurs hadden, en hebben, er veel baat bij. Door het internet en snellere communicatie is de wereld gesynchroniseerder geworden.

Maar de het ene land is gesynchroniseerder dan de ander: doordat informatie door fysieke kabels heen moet lopen om zijn bestemming te bereiken komt vaak waardevolle informatie sneller op de ene plek aan dan op de andere. Het gaat hier om miliseconden, maar die beperkte tijd is genoeg om een hele beurshandel op te baseren. Het zogenaamde High Frequency Trading speelt in op minimale koersverschillen in een minimaal tijdsbestek die bijvoorbeeld ontstaan wanneer een grote handelaar miljoenen aandelen aan- of verkoopt.

Beurshandelaren maken hier handig gebruik van. Wanneer er een groot aandeel in één keer verkocht wordt zakt de beurslijn namelijk een heel kort moment, waarna de koers weer aantrekt. Het gaat om minimale prijsverschillen per aandeel, maar omdat er heel veel aandelen mee gemoeid zijn, is HFT een miljardenbusiness. Beurshandelaren hebben dus grote interesse in een internetverbinding die bovengemiddeld snel is zodat ze de concurrentie altijd een stapje voor zijn.

Het gaat hier dan niet om nerveuze mannen in pakken die achter hun laptop continue een beurspagina lopen te refreshen om vervolgens op het cruciale moment aandelen te kopen of te verkopen. Denk eerder aan algoritmes die de beurs tot op de kleinste fractie van de seconde in de gaten houden en er op in spelen.

Al met al is er behoorlijk wat energie, kosten en materiaal in de verspreiding en verbetering van het internet gegaan. Daar plukken we allemaal enigszins de vruchten van en sommige mensen in het bijzonder, maar een continent zoals Afrika, dat omringd is door het internet, heeft er vrijwel niets aan. Zij zijn door onregelmatige stroomvoorzieningen genoodzaakt om hun heil te zoeken in mobiele internetservices.

Je kan hier binnenkort trouwens hartstikke leuk stage komen lopen. Klik hier voor meer info of mail meteen naar alejandro.tauber@vice.com.